Candid. Platform
for growth.

Waarom zijn meeste persberichten slecht en overbodig?

Waarom zijn meeste persberichten slecht en overbodig?

Elk dag worden er duizenden persberichten naar media en journalisten gestuurd. De meesten belanden in de prullenbak. Waarom? Omdat veel pr-mensen en marketeers niet begrijpen waar ze mee bezig zijn en broddelwerk afleveren. Wat gaat er zoal mis?

 
Wie op Google ‘Hoe schrijf ik een persbericht?’ intikt krijgt genoeg tips. Dat de kop in één zin de boodschap moet overbrengen. Dat het nieuws vooraan moet staan. Dat de vragen ‘wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe?’ beantwoord moeten worden. Dat je geen woorden als ‘uniek’ of superlatieven moet gebruiken. Geen jargon, maar begrijpelijke taal moet schrijven. Kortom: alle wijze lessen uit de eerste klas van de School voor Journalistiek passeren de revue.

 
Relevantie 
Veel mensen op marketing- en pr-afdelingen denken dat ze met zo’n online snelcursusje een persbericht kunnen schrijven. En dat is ook zo. In feite kan iedereen dat. De vrijwilliger van de bingoclub hoeft alleen op te schrijven hoe laat en waar het evenement begint en het staat die week in de plaatselijke krant. Net als het liveoptreden van een band, de opening van een tentoonstelling of de eerste paal van de nieuwe woonwijk. Waarom? Het is relevante informatie voor een krant of medium. Nieuws dus.

 
In de prullenbak
Maar de lancering van een nieuw product of de verbeterde versie ervan - of nog erger: de commercial over dat product - is geen relevante informatie voor journalisten. Tenzij je Apple heet. In de meeste gevallen is dat geen nieuws maar reclame. En reclame hoort thuis in advertenties. Persberichten met reclame belanden daar waar ze thuishoren: in de prullenbak. Toch stromen de mailboxen van redacties en journalisten dagelijks vol met persberichten die vooral reclame bevatten. Mijn advies: stop daarmee.

 
Hoogmoedswaanzin
En waarom denken marketeers en pr-mensen dat de aanstelling van een nieuwe directeur, COO, CFO of CMO voor een klein of middelgroot bedrijf nieuws is? Je bent geen Akzo of Shell, waar een topman de werkgelegenheid van 10.000’en mensen bepaalt. Voor bedrijven onder de 100 werknemers zijn dergelijke persberichten totaal overbodig. Hou daar dus mee op, want dit lijkt op een soort hoogmoedswaanzin.

 
Geen nieuws
Dan zijn er nog de persberichten die gewoon geen nieuws bevatten, hoe goed de pr-mensen dat ook proberen te verbergen. Heb je een nieuwe applicatie voor je software ontwikkeld? Stuur je klanten een mailtje. Bied je kortingen aan? Zet een advertentie. Ga je de boekhouding doen voor een ander bedrijf? Val ons journalisten er niet mee lastig.

 
Juiste postbus
Het persbericht naar het juiste medium sturen lijkt een logische stap. Maar toch gaat dit dagelijks mis. Een voorbeeld: bij frank.news schrijven we over media, marketing en reclame. Waarom zou je ons dan een persbericht sturen over het verjagen van ganzen in de landbouw,  het opzetten van buurtcampings, online daten voor ouderen, een concert op een vliegveld, de Buma Awards voor musici of vakanties in Turkije? En dat is nog maar de opsomming van een halve dag. Die persberichten zijn voor frank.news totaal irrelevant. Of luidt het credo: we schieten zo breed mogelijk met hagel en zien wel waar ons persbericht gepubliceerd wordt? Succes ermee. Gelukkig kost dat tegenwoordig geen dode bomen meer.

 
Onkunde regeert
Bij het schrijven en versturen van persberichten regeert de onkunde. In plaats van professionele journalisten en persbureaus in te schakelen bij het bedenken, schrijven en verspreiden van persberichten, knutselen we zelf wel wat in elkaar. Daarna scharrelen we een zo groot mogelijke medialijst bij elkaar. Niet geschoten is altijd mis toch? Mis. Mis is gewoon mis. Brievenbusvervuiling, dat is het. Zonde van alle tijd en geld.

 
Ieder zijn vak 
Als verslaggever en voormalig redactiechef bij de krant, als hoofdredacteur en redacteur bij frank.news en als redacteur en journalist bij diverse andere media zit ik al 25 jaar aan de andere kant van die brievenbus. In die tijd heb ik al heel wat baggerpersberichten geopend en gelezen om ze meteen daarna weer weg te kieperen. Nog steeds lukt het ons journalisten maar niet om marketeers en pr-mensen duidelijk te maken waarom een persbericht slecht of overbodig is. Mijn collega Bas vindt dat journalisten en marketeers vaker bij elkaar op de koffie moeten. Elkaar moeten leren begrijpen en respecteren. Ieder zijn vak en zo. Ik heb soms het idee dat pr-mensen en marketeers eigenzinnig, eigenwijs en doof zijn. Wars van goed advies. Gelukkig wordt die houding bij het schrijven en verspreiden van slechte persberichten meteen afgestraft. Die belanden namelijk precies waar ze thuis horen: in het postvak verwijderde items. Niemand die er ooit iets van zal horen of zien.
  2811 Hits
  2 Comments
2811 Hits
2 Comments

Hoe Ryanne van Dorst het pad richting Chaos TV effende

Hoe Ryanne van Dorst het pad richting Chaos TV effende

In de laatste week van DWDD, dat alweer een tijdje met winterstop is, gebeurde er iets bijzonders. Iets dat veel meer impact heeft dan je zou verwachten. Op die dag was namelijk Ryanne van Dorst tafeldame van Matthijs en haar optreden zou wel eens een blauwdruk kunnen vormen voor de manier waarop wij naar televisie kijken de komende jaren. Toen Matthijs in de introductie vertelde over schrijver Henk van Straten (lees die gast trouwens) en hij lovend was over zijn nieuwe boek, zei Van Dorst: heb je hem gelezen? of zeg je dat omdat het moet?ia

 
Niet vasthouden aan tv-wetten
Volgens de tv-wetten deed Ryanne raar; ze zwaaide in de introductie naar de gasten en tegen Cruijffbiograaf Auke Kok zei ze: ,,ik wist helemaal niet dat je zou komen, je schuift ineens aan.’’ Bij een eerder optreden zei ze al opeens: ‘zijn we eigenlijk live?’ en ‘ik zit hier voor het geld’. Het zou te makkelijk zijn om Van Dorst als een soort naïeve Chauncey Gardiner uit Being There weg te zetten, maar haar optreden werkte wel verfrissend en dat kwam doordat zij zich niet hield aan de tv-wetten. In de tv-wereld, zeker in een strak format als DWDD, houdt immers iedereen zich immers keurig aan zijn of haar rol. Het moet allemaal in een strak keurslijf passen van onuitgesproken tv-wetten (lief zijn voor elkaar, niet te opstandig, geen lange gesprekken, net niet diepzinnig genoeg, filmpjes tussendoor) en met die vorm van tv zijn we inmiddels een beetje klaar volgens mij. We willen af van de talkshows waar mensen op een voorgeprogrammeerde manier hun spulletjes verkopen (of dat nu een mening is of een product). We moeten stoppen met die acht minuten interviews die zijn bedacht door mensen die alles weten van de kijkcijfers. We willen chaos, maar georganiseerde chaos, denk buiten de lijnen zonder dat het onbegrijpelijk is voor de massa. Daar is het grote publiek aan toe en dat komt door YouTube en podcasts.

 
YouTube kills the tv-show
Die eerlijkheid, die echtheid, komt vanuit de YouTube-wereld die nog niet zo geformatteerd is en waar ‘echtheid’ gelukkig nog scoort, zelfs een voorwaarde is. Kijk maar eens naar Nienke Plas die gewoon zegt wat ze denkt, ook als het even niet zo lekker uitkomt. Natuurlijk is de tv-werkelijkheid altijd een ingeblikte versie van de werkelijkheid, daar kun je hele studies voor volgen, maar waar het omgaat is dat benaderde ‘echtheid’ een trend is waar we de komende jaren veel over zullen horen. En dat bedenk ik niet alleen zelf, maar in iemand als mijn collega Bram heb ik daarin een groot medestander. Je ziet het aan het succes van Voetbal Inside, waar de mannen aan tafel gewoon vertellen wat ze vinden zonder dat ze rekening houden met allerlei tere zieltjes. John de Mol begint die trend te ontwaren dus, niet voor niks gaat Utopia nog even door.

 
Ook in podcasts is echtheid de norm
Je ziet het ook in de wereld van podcasts waar ‘echtheid’ de norm is. Over het algemeen doen de podcasts het goed waarin niemand een rol speelt zoals je op tv wel ziet. Alexander Klöpping en Ernst-Jan Pfauth zijn gewoon echt twee nerds die de hele dag over media praten en dat doen ze ook op hun podcast. Klöpping is zelfs geïrriteerd als Pfauth probeert om zich aan de onderwerpen te houden. Dat aspect zie je bijvoorbeeld misgaan bij Paul de Leeuw en Marc-Marie Huijbregts in ‘Als je alles hebt gehad’ die duidelijk bij elkaar gezocht zijn. In de YouTube- en podcastwereld zouden dat twee vrienden moeten zijn die sowieso veel over het leven, media en nieuws praten en daar toevallig een microfoon bij en/of een camera op zetten. Het is het oude denken.
Afgelopen week zag ik een stukje van de retro retroversie van Wie Ben Ik en dan zie je dat dit soort tv echt gedateerd is; de flauwe grapjes, dezelfde RTL-koppen. Natuurlijk is het smaak dat ik veel liever naar broers en zus Van Rossem kijk, maar dat zijn ook in het echte leven grappige mopperaars die met liefde over hun vak praten.

 
Van Dorst TV
Hoe zou je die Van Dorst-achtige aanpak kunnen vertalen in concrete tv-programma’s voor het grote publiek? Je zou bijvoorbeeld de tv-wetten kunnen loslaten en elke avond van 19 tot 20 uur reserveren voor ‘iets’. De presentator en het tijdstip staan vast, maar verder begin je elke dag opnieuw. De inleiding is altijd weer het filmpje over hoe de presentator tot zijn onderwerp gekomen is. Wel een format dus, maar niet teveel invullen. Het mag een uur met één kenner gaan over euthanasie, media of uitstervende dieren, maar de presentator kan ook op bezoek gaan bij een hospice. Geen muziek, geen filmpjes, maar elke dag iets nieuws; Talk TV dus. De ideale man of vrouw? Beau van Ervens Dorens zou het kunnen, maar ook verbaal lenige mensen als Jeroen van Koningsbrugge, Wilfred Genee of Patrick Lodiers. Of Ryanne zelf natuurlijk.
  4512 Hits
  0 Comments
4512 Hits
0 Comments

De toekomst is aan audio

De toekomst is aan audio
SPONSORED STORY

Tijdens de lunchsessie bij Stroom mediacommunicatie vertelden Stroom-directeur Rutger Mackenbach en Joris van der Pol van Talpa Media Solutions over de kansen die radio kan bieden voor adverteerders.

 
Los van de vraag of je als adverteerder voor radio moet gaan, is het wel een interessant gebied natuurlijk. Net als de tv-wereld is radio - je kan het onderwerp beter verbreden naar ‘audio’ -  volop in ontwikkeling. Mackenbach legt in zijn introductie inderdaad uit dat de luistertijd van lineaire radio is teruggelopen; sinds 2012 met 12 procent. Die teruggang betekent in zijn ogen niet dat we het hier over een ‘zinkend schip’ hebben. Mackenbach schaart zich daarmee achter iemand als Gary Vaynerchuk die helemaal gelooft in de toekomst van audio. De directeur van het Rotterdamse bureau noemt vier ontwikkelingen die kunnen duiden op een vrolijke toekomst voor radio.

 
  1. Radio is minder afhankelijk van klassieke dragers (dan bijvoorbeeld tv)In tegenstelling tot tv-kijken is radio kijken niet zo afhankelijk van klassieke dragers. Natuurlijk luisteren de meeste mensen nog steeds in de auto naar radio, maar 25 procent van de radioconsumptie vindt plaats via niet-klassieke dragers en de smartphone is daarvan een groeiende variant.
  2. Er is meer dan lineaire radioWe luisteren nog steeds driekwart van de luistertijd naar lineaire radio, maar er is meer: 13 procent van de luistertijd vindt plaats naar luisterdiensten zoals Spotify, 5 procent naar eigen muziek en 4 procent naar YouTube. Interessant is misschien dat van de Spotifygebruikers 27 procent te bereiken is via commercials, dat zijn de mensen die luisteren zonder dat ze een maandelijkse bijdrage betalen.
  3. Jongeren en audio een goede combinatieDaar zit iets in natuurlijk, jongeren zijn grote muziekliefhebbers; 60 procent van de jongeren van 13-24 jaar zegt regelmatig naar muziek te luisteren, tien procent meer dan mensen van 35 tot 49 jaar. Het handige is misschien dat die 13-34 jarigen niet zo hoeven ‘afkicken’ van de lineaire radio, ze luisteren immers al veel via YouTube en Spotify. ,,Er is dus een sterke relatie tussen online smartphonegebruik en online radio luisteren en die maakt het medium toekomstgericht.’’
  4. Revival podcastYes, daar ‘is tie dan’, hét medium van de toekomst. Mackenbach is zelf een groot liefhebber van podcasts en ziet ook de mogelijkheden voor adverteerders hoewel het commerciële terrein nog onontgonnen is. In Nederland is er nog geen onderzoek naar gedaan, maar in de VS wel; daar zegt 40 procent van de mensen wel eens naar podcast geluisterd te hebben. Het profiel van de mensen die in de VS naar Tim Ferriss en Joe Rogan luisteren? Jong, man, hoger opgeleid en met een hoger inkomen. ,,In Nederland zie je dat podcast ook veel via bestaande distributiekanalen media worden verspreid; NU.nl heeft de podcasts over Willem Holleeder en BNR veel zakelijk podcasts. Dat maakt het voor adverteerders iets makkelijker.’’
Mackenbach vertelt ook iets over adverteren via de verschillende vormen van radio; lineaire radio gaat natuurlijk gewoon via GRP’s, online via CPM (kosten per duizend luisteraars), maar het wordt interessant bij podcasts dat - ook qua adverteren - in de kinderschoenen staat. Je kan wat spots inkopen van 20 seconden in het begin, midden en eind van de show (dynamic inserted add), maar je kan ook een stukje dat de presentator vertelt inkopen (integrated edited). ,,Let wel op de duur, Ik heb ze ook wel eens gehoord van 5 minuten en dan haken mensen echt af.’’

 
Slechts één procent omzet uit ‘digitaal’
Joris van der Pol van Talpa Media Solutions gaat over de commerciële exploitatie van alle Talpa radiozenders zoals Radio 538 en Veronica. Slechts één procent van de 100 miljoen euro omzet bij de radiotak van Talpa Media Solutions komt nu uit digitaal.
Aardig om Van der Pols visie op radio te horen want ook daar is de transformatie van analoog naar digitaal natuurlijk in volle gang. Hij kwam met een paar stellingen (die natuurlijk wel een beetje in de richting van de radio opvielen). Zoals de vraag welk kanaal groter bereik heeft in de wereld: radio of YouTube? Hij wil er maar mee zeggen: ,,vaak wordt gezegd dat radio een oud medium is, maar radio is het meest digitale medium dat er is. Alleen we percipiëren dat nog niet zo en daar moeten we iets aan doen.’’

 
Ook zelfkritiek
Toch was er ook (zelf-)kritiek op een sector die te lang heeft gewacht met het introduceren van vernieuwing. ,,De manier waarop je bij Facebook advertenties kan plannen is een echte verbetering in ons vak. Realtime gegevens, volledig zelf bestuurbare campagnes en verrijkt met data om zeer effectieve campagnes te boeken. Te lang hebben we op onze bestaande modellen en workflow vertrouwd.’’
Van der Pol vertelt dat er de afgelopen twintig jaar weinig is veranderd aan het ecosysteem om spotjes in te kopen, maar ook dat de radio-industrie die analoge wereld heel goed aan de digitale wereld kan koppelen. ,,Dat komt doordat 20 procent van het luisteren naar radio al digitaal plaatsvindt; via apps bijvoorbeeld. Dat kan je dus weten wie er luisteren en met die gegevens kan je je offline campagne optimaliseren. Die wens zijn we nu aan het bouwen zodat we naar een systeem gaan waarbij we campagnes realtime optimaliseren. We gaan nu een test doen om - op basis van luisterprofielen - een commercial realtime de spot aan te passen. Je maakt de commercial dus relevant voor de doelgroep.’’

 
Adverteerders koppelen aan podcastmarkt
Een voorname uitdaging is om adverteerders te koppelen aan de podcastmarkt. ,,In de VS heb je het over een advertentiemarkt van 200 miljoen dollar op een totale radiomarkt van 17 miljard dus die markt bestaat nog niet, in Nederland praat je dan over iets van 2 miljoen euro. Consumenten gebruiken het echter wel en dus is het aan ons om daar de commercie bij te zoeken. Er wordt meer audio geluisterd dan ooit en wij moeten een commerciële oplossing zoeken.’’

 
60 Dollar per 1000 luisteraars
Er wordt op dit moment in de VS gemiddeld 60 dollar betaalt per bereik van duizend mensen om te adverteren via podcast. Van der Pol legt uit dat in de VS maar 1 procent van de podcasts wordt gemaakt door grote broadcasters. Dat wil dus zeggen dat er allerlei nieuwe grote namen zijn ontstaan met veel luisteraars (zoals Joe Rogan, BH); het is een niet gecontroleerde wereld zonder grote spelers (te vergelijken met de wereld van influencers vijf jaar geleden). ,,Daar is dus de macht aan de makers. Het zijn echte liefhebbers en die hebben een publiek; er zijn wel wat grote distributiemogelijkheden zoals iTunes.’’ Toch maar even vragen nog hoe Talpa dan precies de podcasttrend kan omarmen, ze hebben immers (nog) geen ‘podcasters’ onder contract. ,,Je kan het op meerdere manieren doen en het lijkt inderdaad op de manier waarop je met influencers samenwerkt; je kan een platform bieden, de content optimaliseren en je kan helpen met geld verdienen. Talpa heeft bijvoorbeeld Juke gelanceerd, dat werd gepresenteerd als Spotifykiller, maar het is vooral een plek waar je muziek, radiostations en ook podcasts kan luisteren.’’ Dus je gaat ook helpen met adverteren? ,,Sterker nog, je merkt dat er veel interesse is bij adverteerders in audio. We zijn - as we speak - bezig met het bedenken van een groot instore radiostation voor een retailer waar je van alles mee kan doen.’’
  4963 Hits
  0 Comments
4963 Hits
0 Comments

De beste contentmarketingtip ooit: volg Gary Vaynerchuk

De beste contentmarketingtip ooit: volg Gary Vaynerchuk

Je kunt 200 boeken lezen over contentmarketing, maar het beste wat je kunt doen is: volg de content van Gary Vaynerchuk. De man weet veel, komt lekker uit zijn woorden en is vooral heel erg praktisch.

 
Vorige week werd bekend dat Gary Vaynerchuk toetreedt tot de adviesraad van Juramy, het moederbedrijf van Wannahaves, BALR en 433, waar we eerder over schreven. Dat lijkt een klein berichtje, maar ongetwijfeld denken de mannen na over intensieve samenwerking in de toekomst. Vaynerchuk en Wannahaves, BALR en 433 zijn namelijk alledrie koningen van het inzetten van contentmarketingprincipes voor het opbouwen van miljoenenbedrijven.

Vaynerchuk komt dus een kleine beetje naar Nederland (en andersom), en hoe die samenwerking verder verloopt zullen we zien. Met zijn ‘komst’ is het misschien goed om eens te vertellen waarom iedere ‘marketeer’ Vaynerchuk wat intensiever zou moeten volgen. Ikzelf heb er inmiddels een uurtje of 200 Gary-content opzitten dus ik neem jullie even mee in mijn ‘learnings’ van dé contentmaster der contentmasters.

 
1. Alles gaat om content
Alles wat Vaynerchuk doet draait om content koppelen aan ondernemerschap. Hij begon in de drankwinkel van zijn vader. Daar verkocht hij wijn aan een groot publiek doordat hij vanaf 2006 filmpjes op YouTube plaatste over wijn. Hij besprak de wijn, deed dat op een grappige manier, en naarmate dat publiek groter werd, vlogen de flessen wijn uit de winkel. Hij werd een icoon in zijn vakgebied en als Gary iets adviseerde - via video, maar ook via zijn nieuwsbrieven - dan bestelden de liefhebbers dat gretig.

Vandaag de dag maakt Gary Vaynerchuk nog steeds een ongelooflijke stroom content. In The Ask GaryVee show beantwoordt hij vragen, in DailyVee volgen we Vaynerchuk een hele dag en in de podcast worden alle speeches en interviews geplaatst die hij gaf. Het mechanisme? Iedereen moet denken: hé, die Gary heeft er verstand van dus laten we hem eens bekijken. En als je veel bekeken heb van zijn ‘stuff’ en je hebt wat te besteden, moet je denken: ik vraag hem voor een lezing of word klant van VaynerMedia.

 
https://www.youtube.com/watch?v=r0aJuRTRgrw

 
2. GaryVee is praktisch
Gary is geen professor met ingewikkelde theorietjes over media. Hij haalt al zijn kennis uit de praktijk. Dus als hij vertelt over hoe je miljoenen followers krijgt op Instagram dan kan hij uit eigen ervaring putten. Of als hij uiteenzet hoe je moet beginnen met content voor nul mensen dan vertelt hij over zijn eerste YouTube-films. Zijn motto is: gewoon beginnen. Niet teveel plannen schrijven of allerlei excuses, maar snel beginnen met je content. Daarvan leren, kritisch zijn en weer verder gaan.
 
3. Gary is heel uitgesproken
Het is natuurlijk een ideale eigenschap voor een mediamaker om een helder, scherpe mening te hebben. Een van zijn vele wetmatigheden is bijvoorbeeld dat je niet in alle media goed kan zijn. Video, audio en tekst gaan een beslissende rol spelen de komende jaren, maar volgens Vaynerchuk moet je keuzes maken. Hijzelf schreef zijn bestsellers met ghostwriters bijvoorbeeld en hij focust op audio en video. De laatste tijd praat hij veel over ondernemerschap en dat iedereen maar denkt hij de perfecte ondernemer is terwijl dat niet het geval is. ,,Ik heb van mijn 20-ste tot dertigste keihard gewerkt, ook op de zaterdagen. Dus ik vraag altijd aan mensen met grote ambities: zijn jullie ook bereid om hele zaterdagen te werken?’’

 
4. Vayenerchuck is eerlijk en openhartig
Een belangrijk verschil tussen de personal brands van vroeger - Michael Jackson, Madonna, Michael Jordan - en die van nu is dat het helpt als je eerlijk bent over je eigen situatie. Vaynerchuk weet dat openhartigheid werkt in de media en vertelt altijd over zijn bescheiden achtergrond als zoon van een immigrant die vanuit Wit-Rusland naar de VS trok. Het mooiste is als hij vertelt over zijn moeder die hem, ondanks dat hij altijd lage cijfers haalde, altijd de hemel in prees. Ze heeft hem daardoor enorm veel zelfvertrouwen gegeven en dat is heel belangrijk als je vanuit het niets iets moet maken zoals ondernemers doen.

 
5. Gary Vaynerchuk is 42 jaar
Dat klinkt een beetje flauw, maar het is wel heel belangrijk. In tegenstelling tot veel hele jonge zakelijke ‘goeroes’ kan hij iets vertellen over de tijd waarin massamarketing en massamedia een grote rol speelden en hoe dat ‘spel’ veranderd is de afgelopen jaren door de komst van social media. Hij kan uitleggen hoe je als kleine ondernemer vroeger kansloos was omdat de kosten voor het bereik van grote groepen mensen veel te hoog waren en hoe anders dat nu is. Zijn motto: Facebook en Instagram zijn CBS en CNN ineen, maar dan veel goedkoper. Dat principe van long-tail waarbij kleine ondernemers toegang hebben tot een groot publiek maakt zijn verhaal ook heel optimistisch, het is hoopgevend. Vaynerchuk slaat trouwens niet door in Amerikaanse hosannateksten; hij is ook wel realistisch. Niet iedereen zou het moeten nastreven om de grootste ondernemer op aarde te worden, simpelweg omdat niet iedereen daar de aanleg voor heeft..

 
Conclusie
Ik luister veel naar Vaynerchuk omdat ik vrolijk word van zijn oerverhaal wat neerkomt op het volgende: we leven in een geweldig tijd waarin je als ondernemer veel kansen krijgt; bestudeer goed hoe social media werken, ga er vervolgens mee aan de slag, werk keihard en je maakt een goede kans om het te maken. En treur niet als het een keertje niet lukt, het gaat uiteindelijk helemaal niet om bergen geld verdienen, maar om geluk! Dat laatste hoor je ook terug als hij over zijn kinderen praat; hij wil absoluut niet dat ze op hem gaan lijken, maar dat ze zelf goede keuzes maken. Gary Vaynerchuk, het is een mooie vent waar je veel van kan leren.
  8926 Hits
  0 Comments
8926 Hits
0 Comments

Waarom Angela de Jong zoveel impact heeft in de mediawereld

Waarom Angela de Jong zoveel impact heeft in de mediawereld

Analyse (toegegeven, gestolen van iemand): er is nog nooit een columniste geweest met zoveel impact als Angela de Jong van AD. Hoe komt het dat de mediawereld zo bezig is met haar visie op tv?

 
Weten jullie het nog? Naar de eerste aflevering van De Luizenmoeder keken 844.000 mensen. Veel voor een comedy op NPO3, maar ook weer niet revolutionair. De volgende ochtend kwam echter de tv-recensie van Angela de Jong van AD naar buiten, de cast van de serie zat bij DWDD en een paar weken later keken er 3,5 miljoen mensen. Blijkbaar heeft het heel veel impact wat de mediachef van AD zegt:

 
‘Ik heb in tijden niet zó hard gelachen. Zo bevrijdend en tegelijk ongemakkelijk. Want je realiseert je als kijker tussen twee lachbuien door: hierom lachen, dat kan écht niet meer. En dat maakt De Luizenmoeder honderd keer interessanter en effectiever dan al het gedram van de Sylvana’s van deze wereld.’
 
Er is inderdaad nog nooit een recensente geweest met zóveel invloed als De Jong. Natuurlijk lazen media- en marketingmensen wel eens de recensie van Jean Pierre Geelen van De Volkskrant, maar zijn visie bleef altijd een beetje tussen de optrekkende condens van de grachtengordel hangen. Bovendien focuste hij, vanwege de achterban en eigen interesse, altijd wat meer op de highbrow documentaires terwijl mensen in de mediawereld ook alles willen weten over wat er gebeurt bij Talpa, RTL en SBS. Die maken wat minder onderscheid tussen de nieuwste Johnny de Mol en een ingewikkelde docu van Frans Bromet. Je had ook Marcel Peereboom Voller van De Telegraaf, maar die was eigenlijk iets te genuanceerd om echt veel impact te hebben.

 
 
Net een gewone kijker
Wat maakt dat de recensies van De Jong zo enorm veel impact hebben? Dat heeft vooral te maken met dat ze precies opschrijft wat ze denkt en daarmee is ze eigenlijk een gewone kijker (maar wel extra goed geïnformeerd). Ze spaart, net zoals wij allemaal op de bank, niemand en daarmee schat ze de kijker op waarde, op tv-gebied zijn we immers allemaal een beetje kenner en zo’n miljoenenindustrie mag best kritisch beoordeeld worden. Wij kijkers wisten al een jaar lang dat de show van Humberto niet goed genoeg was, dat hij gasten te weinig journalistiek aanpakt en dat er altijd vederlichte RTL-sterren aanschoven. Wij zien dat als kijker en tv-recensenten (een beroepsgroep die bijna volledig was wegbezuinigd, maar mede door De Jong weer aan populariteit wint onder hoofdredacteuren) moeten dat - desnoods - keihard opschrijven.

 
‘Het wordt tijd dat de zender zich een goed werkgever toont en de lijdensweg van Humberto en zijn redactie beëindigt. Natuurlijk is het niet leuk om toe te moeten geven dat het over is, maar je mag uit misplaatste trots en bovenmaatse ego’s je werknemers niet zo laten bungelen. Als je het dan vertikt om écht grote ingrepen te doen in het format - andere onderwerpkeuze, wisselende presentator - dan rest geen andere optie om de stekker eruit te trekken. Dat is slikken voor iedereen, dat snap ik best, maar wel het meest menselijk.’
 
Zij is de recensente van het volk, van ons dus. Genuanceerde tv-bazen kunnen vinden dat de vermeende affaire van Humberto met Dionne Stax geen invloed heeft op de kijkcijfers, maar De Jong weet dat mensen in normale gezinnen tegen elkaar zeggen: ‘als hij daarover liegt, zal hij wel vaker liegen als dat uitkomt’. De Jong benoemt dat, ze schrijft op wat 80 procent van ons vindt, maar dan goed verwoord.

Het prettige aan De Jong is dat ze het anti-grachtengordel gevoel heeft dat iedereen binnen AD zou moeten hebben (en wat columnisten als Paul de Leeuw of Halina Reijn ontberen). De Jong is een beetje provinciaals en daarmee associëren wij - normale mensen die blij zijn met hun boerenlullengezinnen - ons graag. Dat anti-grachtengordelgevoel zou AD veel meer moeten exploiteren.

 
 
Winst De Slimste Mens
Haar impact heeft trouwens nog een andere reden. De Jong heeft, mede door haar winst van De Slimste Mens, een podium gekregen. TV-makers zagen haar, wisten: ‘die heeft een mening en kan die goed verwoorden’ en dan ben je goud volgens Hilversumse begrippen. En nu vertelt ze bij WNL, Jinek en Pauw regelmatig wat ze al heeft opgeschreven in haar column en dat geeft haar een miljoenenpubliek.

Is dit een holadijéverhaal voor De Jong van iemand die een tijdje verhalen voor haar heeft geschreven (haar focus lijkt trouwens op de columns te liggen)? Nee helemaal niet want haar succes heeft ook een andere kant. Ze zit immers nu in de fase dat ze er zelf een beetje in gaat geloven. De remedie daartegen is heel overzichtelijk; niet teveel aanschuiven bij de egostrelende tv-programma’s die je bovendien zelf kritisch moet beoordelen. Dus Pauw/Jinek is prima, maar verder gewoon lekker je mediaclubje bij AD leiden. De Jong moet zichzelf op een zeer strikt mediadieet zetten en weet dat zelf ook prima. En oh ja, je kan echt niet langer alleen focussen op alleen lineaire televisie in je recensies; YouTubers en Netflix horen er echt bij want straks zijn anders al je lezers dood.

 
  23165 Hits
  0 Comments
23165 Hits
0 Comments

Madelon Fortuin (NRC): wij doen aan kwaliteitsjournalistiek en Google en Facebook niet

Madelon Fortuin (NRC): wij doen aan kwaliteitsjournalistiek en Google en Facebook niet
Mediamensen, deel 3

De nieuwsmedia zitten nog steeds middenin de transitie van analoog naar digitaal nieuws. Met commercieel directeur van NRC, Madelon Fortuin, praten we over de businessmodellen die bij deze transitie horen.

 
Het blijven interessante tijden voor de nieuwsmedia die we vroeger de kranten zouden noemen. Oplages van de ouderwetse papieren kranten worden lager, mensen consumeren hun nieuws steeds vaker digitaal en advertentie-inkomsten lopen terug. Uit het gezaghebbende trendrapport van de Rabobank over de uitgeverijsector van vorig jaar: ,,Uitgeverijen hebben te maken met een structurele verandering van de markt. Als gevolg van de digitalisering en internet veranderen de behoeftes van de lezer en adverteerder. Adverteerders verschuiven hun budgetten van print naar online en lezers kunnen op internet bijvoorbeeld veel gratis nieuws en informatie vinden. De advertentie-inkomsten en oplages dalen. Uitgeverijen zullen op zoek moeten naar alternatieve inkomstenbronnen en tegelijkertijd de kosten moeten verlagen. Het sentiment voor uitgevers is negatief.’’ En verder: ,,Ook voor de komende jaren verwacht Rabobank geen groei bij uitgeverijen. Dat komt door de verder dalende oplages en advertentie inkomsten. Daarnaast zorgen digitale abonnementen voor een lagere omzetbijdrage dan printabonnementen. Veel uitgeverijen moeten hun traditionele verdienmodellen en strategie herzien.’’

 

Papier is niet dood
Over dit onderwerp praat ik met Madelon Fortuin, commercieel directeur van NRC. ,,Je hoort overal: papier is dood, maar dat is feitelijk onjuist. Ons bereik is doordeweeks gestegen met 5,1  procent en NRC Weekend met 4,4 procent. Ons totale abonneebestand stijgt, het aantal digitale abonnees neemt immers toe, maar ook het aantal gecombineerde abonnementen.’’ Ze heeft er wel een verklaring voor. ,,In een wereld die steeds complexer wordt, waarin het nieuws steeds gefragmenteerder op ons afkomt en er sprake is van ‘alternative facts’, wordt de behoefte aan duiding steeds groter. Er is één wezenlijk verschil tussen bedrijven als Google en Facebook en het onze: wij doen aan kwaliteitsjournalistiek.’’


 

,,Je hoort overal: papier is dood, maar dat is feitelijk onjuist. Ons bereik is doordeweeks gestegen met 5,1  procent en NRC Weekend met 4,4 procent.’’

 

Continue reading
  16352 Hits
  2 Comments
16352 Hits
2 Comments

Heeft BuzzFeed Facebook keihard nodig?

Heeft BuzzFeed Facebook keihard nodig?

Uitgevers in de hele wereld kijken met interesse naar de plannen van het Amerikaanse BuzzFeed. Maar het gaat niet goed bij deze uitgever van gratis nieuws en entertainment; 100 man kwamen op straat te staan omdat de omzet tegenviel in 2017. Voor CEO Jonah Peretti blijft het zoeken naar hét businessmodel voor gratis content.

 
De inkrimping van BuzzFeed heeft natuurlijk te maken met de dominantie van Google en Facebook op de digitale markt die alleen maar groter lijkt te worden de komende jaren. De omzet van BuzzFeed (via advertenties en branded content) kwam volgens LA Times 15 tot 20 procent lager uit dan de ingeschaalde 350 miljoen dollar. Facebook, dat zeer belangrijk is in het distributiemodel van BuzzFeed, kondigde onlangs aan dat het zich gaat focussen op de content van particulieren en niet van grote uitgevers. Het businessmodel van de ‘lijstjeswebsite’ is echter juist gebaseerd op het bereiken van zoveel mogelijk mensen via social media. Mediakenners waarschuwen al jaren voor de kwetsbaarheid van dit model, je probeert immers geld te verdienen op het ‘landje’ van een ander.

 
Content aanbieden waar mensen iets mee dóén
BuzzFeed is in 2006 opgericht door The Huffington Post-bedenker Jonah Peretti en John S Johnson III. De basis van het bedrijf is helder; analyseren waar mensen graag naar kijken en deze content in een prettige vorm aanbieden. De uitgever maakte natuurlijk vooral furore door de quiz- en lijstjesverhalen in de categorie 26 geweldige acteurs en de 26 ‘echte mensen’ die ze speelden.

 
Nieuwstak
We schreven er al eerder over. Vanaf 2011 bezit het bedrijf een serieuze nieuwstak genaamd BuzzFeednews waarmee het onderzoeksjournalistieke verhalen publiceert. In oktober publiceerde BuzzFeednews bijvoorbeeld een interview met acteur Anthony Rapp over de avances die Kevin Spacey maakte toen hij nog maar 14 jaar was (en Spacey 26!). Ook zeer belangrijk is de videotak BuzzFeedVideo waar bijvoorbeeld de webserie BuzzFeed Unsolved wordt gemaakt, inderdaad; in de serie staan onopgeloste zaken centraal. Steeds vaker maakt BuzzFeed online series voor contentpartners waaronder een nieuwsshow voor Twitter (Twitter betaalt hiervoor) genaamd AM to DM en veel kookshows onder de noemer ‘Tasty’.

 
Omzet te laag
Bij BuzzFeed werkten eind vorig jaar 1700 mensen in de hele wereld. De omzet in 2015 was naar verluidt 167 miljoen dollar en in 2017 rond de 280 miljoen, te weinig blijkbaar om al die mensen aan het werk te houden. NBC investeerde de afgelopen jaren voor 400 miljoen dollar in BuzzFeed, samen lanceren ze het Facebook-kanaal ‘Playfull’ voor millennial-ouders. De inkomsten van BuzzFeed worden van oudsher vooral binnengehaald door ‘native advertising’ wat erop neerkomt dat het bedrijf ‘advertenties’ maakt in BuzzFeedstijl. Ook de contentpartners betalen dus voor de webseries. Dat werkt allemaal prima zolang het bereik op niveau is, maar als Zuckerberg dat persoonlijk terugdraait dan lopen je inkomsten terug.

CEO en oprichter Peretti schreef een brief aan alle werknemers om toe te lichten waarom 100 mensen ontslagen gaan worden. Interessant is dat hij veel focus legt op de ontwikkelingen bij Tasty, de noemer dus waaronder de kookvideo’s van BuzzFeed vallen (een ander kanaal is BuzzFeed Nifty, hier kun je alles leren over handige dingen die je zelf kan maken). Onlangs kwam naar buiten dat BuzzFeed een exclusieve deal sloot met Wallmart om keukentools met de merknaam ‘Tasty’ te verkopen. Er is blijkbaar veel geloof in de sterke combinatie tussen retail en content.

 
Oproep aan Facebook; betaal voor goede content
Tegelijk is zo’n samenwerking niet voldoende om de omzet op niveau te brengen/houden, zo legt CEO Peretti uit tijdens een sterk interview op Recode met de prettig kritische interviewer Peter Kafka. Inzet van het interview: de memo van Peretti waarin hij Facebook oproept om goede content te belonen. In het interview: ,,We verdienen geld door samenwerking met Amazon, YouTube en Facebook Instant Articles en dat neemt toe. Maar het probleem is dat Facebook geen inkomsten deelt uit de newsfeed. Ze moeten via de newsfeed uitgevers niet alleen belonen met traffic, maar ook met inkomsten.’’

 
Samen nieuwe contentmodellen bedenken
Maar wat wil je precies van Facebook?, vraagt de interviewer terecht. ,,Veel uitgevers willen gewoon een rekening naar Facebook sturen voor hetzelfde wat ze al doen, maar ik samen zou aan nieuwe contentmodellen willen werken die echt ‘social’ zijn. Dat past bij ons, wij hebben altijd content gemaakt waar mensen iets mee dóén; delen met vrienden lachen, een maaltijd koken via Tasty. Datzelfde willen we ook nog meer voor Facebook gaan doen.’’ De interviewer vraagt door: waarom heb je dit model, dat YouTube allang heeft, niet besproken met de mensen bij Facebook? ,,Het ligt eraan wie je spreekt, maar er zijn verschillende meningen en ik heb er wel vertrouwen in dat ze met een werkbaar model komen. Sommige mensen zullen vinden dat die verdienmodellen bij ‘Facebook Watch’ en ‘Facebook Instant Articles’ thuishoren, maar er zijn er ook die denken dat zo’n betaalmodel een goede manier is om controle te houden op de newsfeed.’’
Kafka gaat nog even door op het onderwerp. Maar je hebt toch voor Tasty ook een deal gemaakt met Facebook zodat je er geld aan verdient? Jij hebt toch een goede relatie met ze, waarom moest je dan zo’n memo schrijven? ,,Ze kunnen het bij Facebook goed oplossen, maar ze zien niet altijd het perspectief van de mediamakers. Er is nog wel eens wat miscommunicatie tussen techcompanies en een mediabedrijf.’’

 
Andere distributiestrategie
Diezelfde interviewer sprak de CEO drie jaar daarvoor op een podcast en destijds had hij een duidelijke visie op het kapitaliseren van de content via Twitter, Google en Facebook, met andere woorden: het maakt niet uit waar mensen BuzzFeed verhalen lezen. In welk opzicht zat hij verkeerd met die distributiestrategie? ,,We geloofden in de manier van distribueren, maar beseften niet hoe de inkomstenstromen voor dat model zouden zijn. Je kan geld vragen aan de platforms, je kan branded content maken, je kan geld verdienen door producten te verkopen in de supermarkt. Maar wat we niet helemaal beseften is dat we moesten groeien naar een combinatie van deze inkomstenstromen.’’ De interviewer vraagt ook naar een lidmaatschapmodel, maar de CEO vindt dat dit model vooral werkt voor kwaliteitsmedia en niet voor een mediabedrijf dat focust op populaire cultuur.

 
Heel veel inkomstenstromen managen
Interessant inderdaad, met dank weer aan de prima mannen van de Medianieuwsbrief.nl, is het verhaal van Max Willens op Digiday. Hij onderstreept immers wat de BuzzfFeed-eigenaar zegt waarbij uitgevers vooral veel verschillende businessmodellen moeten beheersen om te overleven. Hij refereert aan een interview van Jim Norton, de voormalig chief businss officer van uitgever Condé Nast. ,,Je kunt allerlei nieuwe inkomstenstromen bedenken, maar daarmee maak je het verlies aan inkomsten aan advertenties nooit goed.’’ Volgens Willens heeft de gemiddelde uitgever zes verschillende inkomstenstromen waaronder branded content, deel-lidmaatschappen (bijvoorbeeld New York Times Cooking voor 1,25 dollar per week) en evenementen. Het blijkt niet altijd makkelijk voor uitgevers om die switch naar ‘alleskunner’ te maken, maar dat is wel nodig. Hearst Magazines Digital Media President Troy Young: ,,Ik wil dat branded content, licensing en retail tweederde van mijn inkomstenstromen is, maar het is niet makkelijk dat elke advertentie die je verkoopt ook in dienst moet staan van een van deze drie.’’
,,Je kunt allerlei nieuwe inkomstenstromen bedenken, maar daarmee maak je het verlies aan inkomsten aan advertenties nooit goed.’’
 
Ballen in de lucht houden
Je moet dus als uitgever allerlei ballen in de lucht kunnen houden; lidmaatschap (als geheel of via deeldiensten), branded content, licensing én retail. Er is nog geen model voorhanden waarmee je het definitief gaat maken. Dat zie je bijvoorbeeld aan hét Nederlandse uitgeefvoorbeeld LINDA dat veel experimenteert met de verschillende businessmodellen; even was het de bedoeling om LINDA TV betaald te maken, maar uit onderzoek bleek dat dit niet zou werken. Centraal in zo’n ideale ‘dans’ van businessmodellen is natuurlijk altijd je publiek dat prima kan bepalen waarvoor het wél en waarvoor het niet wil betalen. Ook lijkt het goed om een duidelijk vertrekpunt te hebben in alles wat je maakt, zoals BuzzFeed content maakt waarmee je daadwerkelijk iets doet.

 
Geen holy grail
Terug naar BuzzFeed, een bedrijf waar veel uitgevers ongetwijfeld met veel jaloezie naar kijken, vooral omdat het millennials weet te bereiken. Ook Peretti heeft blijkbaar niet de holy grail in handen: hij gaat in gesprek met Facebook, wil de overige inkomstenstromen perfectioneren, maar toch moet hij 100 mensen ontslaan. Of had hij in de overige 20 minuten van het interview nog iets waar de Sanoma’s van deze wereld iets aan hebben?
Aan het eind stelt iemand uit het publiek de vraag of Peretti nog tips heeft voor wat meer traditionele uitgevers die zoeken naar succesvolle businessmodellen in de digitale wereld. Zijn antwoord komt ongeveer hierop neer: ,,Je ziet nu dat traditionele uitgevers zich terugtrekken uit digitale experimenten en focussen op business waar ze van oudsher goed in waren. Ik zou zeggen: trek je digitale inspanningen los van je traditionele business en koester elke vorm van progressie die je daar maakt.’’

Peretti, die in 2011 315 miljoen dollar cashte door zijn aandelen in de Huffington Post te verkopen, wil maar zeggen: geld verdienen met digitale nieuwsvoorziening is een kwestie van experimenteren, je moet verschillende businessmodellen beheersen en die flexibiliteit is essentieel. Wat er uiteindelijk werkt blijft vooralsnog een kwestie van proberen. En ja, totdat die heilige graal ontdekt is, heeft BuzzfFeed Facebook eigenlijk keihard nodig.
  2069 Hits
  1 Comment
2069 Hits
1 Comment

PODCAST: Filmmaker Bas Welling over de wetten van een maatschappelijke commercial

PODCAST: Filmmaker Bas Welling over de wetten van een maatschappelijke commercial
PODCAST: De Vakmanschap is Meesterschap Tapes deel 2

Wij wilden weten hoe je zo’n maatschappelijk verantwoorde tv-commercial maakt. Welke lessen zijn er te trekken uit de ‘debacles’ van Pepsi en Rabobank? We vroegen het Bas Welling van WeFilm die regelmatig soortgelijke films produceert.

 
[iframe height="100" width="100%" frameborder="0" scrolling="no" data-link="https://www.podbean.com/media/player/54wbf-8840ac" src="https://www.podbean.com/media/player/54wbf-8840ac"]

 
Waar we de familie Welling ook alweer van kennen? Bas Welling en zijn broer Roel maakten ooit Max de Hacker, de gast die de snelwegboorden in de war stuurde toen YouTube nog maar net in Nederland was. Die filmpjes werden meer dan 35 miljoen keer bekeken. Bas Welling: ,,Als je iets maakt dat spraakmakend is en relevant voor een opdrachtgever dan werkt het goed.’’

 
‘Maak een leuk bedrijfsfilmpje’
De meeste briefings die binnenkwamen in die beginfase waren maar saai. ,,Of zoals mijn broer zegt: daar ben ik geen regisseur voor geworden.’’ Heb je ze wel eens weggegooid? ,,Zeker en dan vragen we aan de opdrachtgever: vind je het goed als we binnen diezelfde doelstelling iets beter bedenken? Het is nu beter dan in onze beginjaren, maar toen stond er wel eens: maak een leuk bedrijfsfilmpje en dan komt onze CEO iets vertellen(…..) Online video is booming, maar 95 procent heeft maar een paar duizend views dus is een waste of money. Het moet echt het onderwerp van gesprek zijn en als het niet gedeeld wordt, is het niet goed genoeg. ’’

 
Maatschappelijke films
Twee jaar geleden had WeFilm volgens Welling veel van haar doelstellingen bereikt. ,,Toen spraken we over onze volgende stap. Hoe mooi zou het zijn als we door onze films op maatschappelijk gebied iets bij kunnen dragen? Film kan dat effect hebben.’’ Het is logisch om dat voor goede doelen te doen, maar is het geen vak apart om dat voor bedrijven te maken? ,,Ja, je begeeft je op glad ijs in dat geval. Kijk maar eens naar Pepsi dat iets pakte wat leefde in de samenleving om daar het merk achter te plakken.’’ Wat ging daar mis? ,,Kendall Jenner probeerde met het openen van een blikje een politiedemonstratie de goede kant op te sturen. In die periode kwamen etnische groepen tegen de politie in verweer en deze commercial zou dat allemaal wel even oplossen. Hiermee trek je het onderwerp naar het belachelijke; het is gebrek aan verschillende voelsprieten voor het feit dat je die claim niet kunt maken. Het is oogkleppen op en denken dat het allemaal goed komt als je meevaart op zo’n maatschappelijke tendens.’’
 ,,Het is oogkleppen op en denken dat het allemaal goed komt als je meevaart op zo’n maatschappelijke tendens.’’

 
Lekker maatschappelijk bezig
Is het een gevaar om te denken: het is hot om maatschappelijk bezig te zijn en dus doen wij dat ook? ,,Zeker, wij noemen dat wel eens: is het een gimmick of iets dat werkelijk uit het hart van het bedrijf komt? Daar proberen wij in de aanvragen doorheen te prikken, alleen als er serieus werk van wordt gemaakt, heeft het kans van slagen. Dat is een kwestie van veel vragen stellen en van daaruit zoeken naar de creativiteit.’’

 
Interpolis-commercial
WeFilm maakte een commercial voor Interpolis over de gevaren van appen en bellen in de auto. Wist je vooraf of Interpolis ook daadwerkelijk met dat thema bezig was? ,,Er kwam een app die gebruik van de telefoon moet tegengaan en het bedrijf stelde serieus budget ter beschikking om in 2020 een significante vermindering te bewerkstelligen van het aantal verkeersdoden. Alleen als je het zo serieus aanpakt heeft het zin.’’

Bij Rabobank ging het mis met de claim in de tv-commercial. Letten jullie altijd op dat je een claim moet kunnen waarmaken? ,,Je moet altijd kunnen uitleggen dat je een claim kan waarmaken anders zullen mensen het als leeg ervaren. Ik waardeer de Rabobank ambitie om te zeggen: wij willen graag een bijdrage leveren aan het honger de wereld uithelpen. Dat past heel goed bij hen, maar de bewijsvoering om dat voor elkaar te krijgen was te verborgen.’’

 
Boxen
Het gaat bij WeFilm niet alleen om de wereld vooruit helpen trouwens. Er is net een serie gemaakt samen met Vice….en Dumpert over een boksschool genaamd Boxing ‘82. ,,Onze regisseur Jan Boon heeft zich daar helemaal in vastgebeten. Twee van de mannen die daar werken zijn een soort held op Dumpert. Die mannen zijn dus al omarmd en ze verdienen een ode.’’
Luister hier ook deel 3
https://www.frank.news/2018/04/03/nu-nl-hoofdredacteur-gert-jaap-in-de-podcast-ik-had-van-nieuwe-revu-het-nieuwe-vice-moeten-maken/

 
Luister hier ook deel 1
https://www.frank.news/2017/11/10/oude-mensen-zonder-instagramaccount-begrijpen-deze-wereld-niet/
  3248 Hits
  1 Comment
3248 Hits
1 Comment

MediaMarkt: die sliepen toch in het digitale tijdperk?

MediaMarkt: die sliepen toch in het digitale tijdperk?
THE BATTLE OF THE RETAILERS, DEEL 4
In the battle of the retailers plaatsen we grote retailers tegenover elkaar. In deel 4 de vraag: Gaat MediaMarkt naast de stenen elektronicawinkels ook zijn online concurrenten verslaan? 

MediaMarkt drukte de afgelopen decennia al zijn concurrenten in de winkelstraat uit de markt en werd Europees marktleider in consumentenelektronica. Nu de reus ook op digitaal gebied ontwaakt, kunnen de laatste concurrenten en webwinkels zich schrap zetten.

 
,,Het wordt een hevige strijd met partijen als Amazon, Alibaba en eBay,” voorspelt de Duitse Chief Innovation Officer Martin Wild van de MediaMarktSaturn Retail Group. ,,Wij focussen op één categorie en willen de bovenliggende partij zijn in consumentenelektronica. Daar willen we in het hele ecosysteem zitten, van productie tot service.”

Dan noemt hij nog niet eens Nederlandse concurrenten als Coolblue, Wehkamp en Bol.com, die een groot deel van de online markt in wit-, bruin- en grijsgoed in handen hebben. Vast staat dat ook zij de concurrentie van MediaMarkt gaan voelen.

 
Marktleider 
Sinds de start in 1979 is het concept van MediaMarkt en zijn blauwe zusje Saturn nagenoeg ongewijzigd: supergrote winkels met lage prijzen. De keten is al dertig jaar prijsleider en mede daardoor Europees marktleider op het gebied van consumentenelektronica geworden.

Het heeft inmiddels 1150 winkels in 15 landen, 65.000 werknemers en een jaaromzet van 22 miljard euro. Het bedrijf telt dagelijks 6 miljoen klantencontacten.

Met zijn grootschalige aanpak drukt MediaMarkt in elke stad of dorp kleine zelfstandigen van de markt. Ook concurrerende ketens als It’s, De Harense Smid en Mikro-Elektro konden de strijd niet langer volhouden en gingen failliet. Enkele winkels werden overgenomen door BCC. Die winkelketen lijkt als enige nog tegenwicht te kunnen bieden, maar werd vorig jaar deels overgenomen door MediaMarkt's moederbedrijf Metro. Andere elektronicaketens die de afgelopen jaren failliet gingen waren Dynabyte, Dixons, MyCom, Paradigit, Block, Kijkshop en Scheer & Foppen.

 
Slapen in digitale tijdperk 
Toch heeft MediaMarkt in Nederland volgens eigen cijfers ‘slechts’ een marktaandeel van 18,7 procent. De meeste concurrentie zit namelijk online en daar had de keten, tot enkele jaren terug, geen kaas van gegeten. ,,Iedereen zei altijd: MediaMarkt, dat zijn toch die gasten die hebben zitten slapen toen het digitale tijdperk begon? Ze vonden ons dinosaurussen,” vertelde Wild tijdens de Webwinkel Vakdagen in de Utrechtse Jaarbeurs. ,,We hadden winkels waar mensen naartoe komen. Waarom zou je dat veranderen? Toen veranderde alles en realiseerden we ons dat er een nieuwe consument is. Door de komst van online winkelen kun je geen prijsleider meer zijn, want er is altijd iemand ergens anders goedkoper. De eerste reactie was: dit is slechts een trend. Het gaat voorbij. Maar dat was geen goede reactie.”

 
Inhaalrace 
Ook MediaMarkt besefte dat het mee moest in de digitale strijd en lanceerde in 2011 zijn Nederlandse webshop. Dat was het jaar dat Martin Wild toetrad tot de directie. Hij had in 1997 op achttienjarige leeftijd al zijn eigen elektronica webshop, die hij in 2007 verkocht. Hij lanceerde de Duitse webshop van Saturn en werd Chief Digital Officer van de hele retail groep. Onder zijn leiding is MediaMarkt bezig aan een inhaalrace. Vorig jaar bijvoorbeeld namen de online verkopen met 23 procent toe tot een totaal 455 miljoen euro. Dat is 11 procent van de totale omzet.

 
Omnichannel 
,,We willen een offline en een online speler zijn. We moeten ons bedrijf transformeren, zodat we future proof zijn. We blijven innoveren. We proberen voortaan iets in de beginfase uit, niet meer als laatste. We staan open voor experimenten,” zegt Wild.
Wie denkt dat MediaMarkt stopt bij het opzetten van een eigen webshop heeft het mis. Die is slechts onderdeel van een omnichannel-strategie die verder de winkels, mobiele shops, service points, content platforms en online community’s omvat. ,,We willen een offline en een online speler zijn. We moeten ons bedrijf transformeren, zodat we future proof zijn,” zegt Wild. ,,We blijven innoveren. We proberen voortaan iets in de beginfase uit, niet meer als laatste. We staan open voor experimenten.” Vandaar ook dat zijn functie dit jaar veranderd is in Chief Innovation Officer.

 
Experimenteren 
Hoe doet MediaMarkt dat? Het bedrijf monitort continu welke trends disruptief kunnen zijn. Op het gebied van mobiel, AI, Internet of Things en de opkomst van de voice assistants van Google en Amazon. In de winkels zelf wordt al geëxperimenteerd met robots die klanten helpen en VR- en AR-ervaringen. In de megastores zijn alle prijskaartjes gedigitaliseerd zodat prijzen snel aangepast kunnen worden. Via sensoren worden klanten gevolgd in hun bewegingen door de winkel en kan MediaMarkt zien welke producten ze bekijken, zodat gepersonaliseerde aanbiedingen gedaan kunnen worden. In Barcelona heeft MediaMarkt een winkel die lijkt op de Kijkshop. Klanten kiezen hun producten op grote schermen waarna die vanuit een naburig magazijn worden aangevoerd. In Innsbruck draait een pilot waarbij klanten zelf hun producten scannen en via een Mishi Pay app afrekenen. Het concern heeft zelfs zijn eigen Retailtech Hub in München gelanceerd om te leren van startups en samen het retail landschap te veranderen. Wild: ,,Zo innoveer je retail. Bij ons geldt het motto: digitaal (webshops en robots etcetera) plus analoog (mensen) is dialoog.”

 
Lees hier ook deel 3
https://www.frank.news/2018/02/02/maakt-melkboer-picnic-stenen-supermarkten-ah-en-jumbo-overbodig/

 
Lees hier ook deel 2
https://www.frank.news/2018/01/30/moet-bol-com-bang-alibaba/

 
Lees hier ook deel 1
https://www.frank.news/2018/01/26/hoe-wehkamp-denkt-amazon-weerstaan/

 
  11381 Hits
  0 Comments
11381 Hits
0 Comments

Het verschil tussen gewone content & content experience in ‘Beeld & Geluid’

Het verschil tussen gewone content & content experience in ‘Beeld & Geluid’
IEDEREEN HEEFT RECHT OP GOEDE CONTENT DEEL 2

Jullie willen meer verhalen over contentmarketing? Dan krijgen jullie….Natuurlijk zullen we contentgoeroes blijven spreken en cases behandelen, maar vanaf nu zullen we ook regelmatig iets vertellen over onze visie op content. Met in deel 2: De content experience van het Instituut voor Beeld & Geluid.

 

Als je wilt ontdekken wat het verschil is tussen de oude wereld van advertorials, sponsored magazines en branded content én de nieuwe van ‘content experience’ dan moet je een keertje langs bij Beeld & Geluid in Hilversum met twee jongens van 7 en 10 jaar. Je loopt gewoon achter die gasten aan en checkt wat ze leuk vinden.

 

Omroeppromotie totaal genegeerd
Totaal genegeerd worden een stuk of zes beeldschermen ergens in een hoek op een trap waar de verschillende omroepen iets vertellen over hun eigen historie. Voor dit verhaaltje ben ik daar natuurlijk even gaan kijken en je moet wel een enorme medialiefhebber zijn om die filmpjes helemaal uit te kijken (voor mij geen probleem). De altijd leuke - tikkie opstandige - Jan Slagter vertelt bijvoorbeeld in een soort minidocumentaire over de historie van Omroep Max en datzelfde geldt voor de andere omroepen. Het lijkt op een tegenprestatie. Zo van: natuurlijk betalen we als Max mee aan het museum, maar dan willen we wel ons verhaal ergens kwijt.


Content Experience
Laat daar trouwens geen misverstanden over bestaan. Beeld & Geluid is echt een geweldig museum waar bijna alles klopt, er zijn meerdere dingen te doen die je met gemak een ‘content experience’ mag noemen. Kinderen varen daarbij gelukkig volledig op hun intuïtie dus die detecteren het verschil tussen ‘sponsored dingetjes’ en ‘geweldige belevenissen’ moeiteloos. Mijn kinderen zijn bijvoorbeeld een groot fan van de ‘achtervolgingsauto’. Dat is een auto waar je met twee mensen in gaat zitten en na afloop krijg je per e-mail een filmpje binnen waarbij het lijkt alsof je in een achtervolging van Flikken zit.

 

Showdeuren
Mijn jongste zoon, die een beetje van theater houdt, gaat altijd helemaal los op de showdeuren waar je - denk Ron Brandsteder - achter moet staan. Op een gegeven moment zegt zo’n typische showbizzstem ‘dames en heren, het absolute nieuwe talent van Hilversum’…En daarna gaat de showdeur open en maak je je entree op de studiovloer. Achteraf krijg je daarvan weer een geweldig filmpje binnen. Oh ja, zijn absolute lievelingsitem (hij is een keer of zes geweest inmiddels) is ‘Big Brother’. Hier moet je op een van de vier stoelen plaatsnemen en dan kunnen mensen je wegstemmen als het dansje of het liedje dat je zingt niet helemaal bevalt.

  

Continue reading
  1883 Hits
  2 Comments
1883 Hits
2 Comments

Vijvenhalve contenttip van de makers van De Luizenmoeder

Luizenmoeder

Iedereen heeft recht op goede content, deel 1

 

Jullie willen meer verhalen over contentmarketing? Dan krijgen jullie….Natuurlijk zullen we contentgoeroes blijven spreken en contentcases behandelen, maar vanaf nu zullen we ook regelmatig iets vertellen over onze visie op content. Niet omdat we zo geweldig zijn, maar omdat we oprecht vinden dat de content die bedrijven en merken maken stukken beter kan. Sterker nog, wij hebben een slogan: iedereen heeft recht op goede content!

 

Niet aan de zijkant van de danszaal
Prima dat je zegt dat het beter kan, hoor ik jullie zeggen. Maar dan moet je dus niet aan de zijkant van de danszaal blijven rondhangen met je grote waffel. Zullen we aftrappen met het beantwoorden van een hele belangrijke vraag? Wat is goede content? Oh sááái, dus jullie komen met een lijstje met de zes punten van goede content? Niet helemaal, we kennen jullie een beetje. We pakken de beste serie van de afgelopen tien jaar, De Luizenmoeder en bespreken aan de hand daarvan wat goede content is.



Continue reading
  7558 Hits
  1 Comment
7558 Hits
1 Comment

Het Taylor Swift-gevoel van Alexander Klöpping over ‘stoppen’ NRC en Telegraaf

Het Taylor Swift-gevoel van Alexander Klöpping over ‘stoppen’ NRC en Telegraaf

Het was wat onrustig rond Blendle het afgelopen jaar. Uit de jaarrekening over 2016 bleek een verlies van 2,4 miljoen euro en NRC en Telegraaf besloten te stoppen met de start up. Aan de vooravond van een nieuwe innovatie - gesproken journalistieke verhalen genaamd ‘Blendle Audio’ - praat eigenaar Alexander Klöpping ons even bij. 

Het is een mooi nieuwtje natuurlijk. Via Blendle Audio kun je luisteren naar een selectie van journalistieke verhalen. Professionele stemmen lezen artikelen voor uit de kranten en bladen die aangesloten zijn bij Bendle, dus je kan tijdens de afwas of het stofzuigen lekker een Volkskrantje doornemen. Het past helemaal in de ‘podcasttrend’ waarbij we allemaal graag op de fiets of in de auto naar onze informatieve ‘helden’ luisteren.

Verliesgevend jaarPrima natuurlijk. Maar er kwam stevig nieuws naar buiten de afgelopen weken over Blendle. In het boekjaar 2016 leed Blendle een verlies van 2,411.045 miljoen euro. Klöpping: ,,Het was vrij shocking hoe weinig mensen van startups snappen, maar dat leg ik dan met alle plezier even uit.’’ Want dat soort rode cijfers zijn normaal te noemen? ,,Het grote verschil tussen startups en andere bedrijven is dat je meer risico neemt. Je gaat eerder de grens over, investeert meer en dat doen we aan de hand van durfinvesteerders. Als je zo iemand kan vinden die erin gelooft dan neem je samen de gok.’’ En het bedrijf groeit nog steeds, zo legt hij uit. ,,We zijn de grootste bron van pure digitale lezersinkomsten.’’

 
Klöpping: ,,Het was vrij shocking hoe weinig mensen van startups snappen, maar dat leg ik dan met alle plezier even uit.’’
 
Kan hij niks meer over omzetten zeggen? Dat zou het allemaal iets scherper, duidelijker maken. ,,Omzetten hebben niet zoveel zin want soms kies je ervoor om wat meer te investeren om op de lange termijn te oogsten, dus dat geeft alleen maar onrust.’’

Ambitie nog overeindMaar toch even. De ambitie waarmee hij Blendle in 2013 is begonnen, samen met zijn vertrokken partner Marten Blankesteijn, staat nog steeds overeind? ,,Wij hebben een helder doel, namelijk dat jonge mensen gaan betalen voor journalistiek, waardoor makers mooie dingen kunnen blijven doen. Maar we komen met veel bochtjes uit bij dat grote doel en daarom plannen we slechts per kwartaal en luisteren we goed naar onze gebruikers. Als we nu hét verdienmodel paraat hadden, zouden we al over de hele wereld zitten. Maar het is niet voor niks dat partijen als New York Times of Axel Springer in ons investeren.’’

Concreet voordeelKan hij vertellen hoe ver Blendle is in die zoektocht naar een werkend businessmodel? ,,Een van de belangrijkste bevindingen is dat de verhalen waar mensen écht iets aan hebben goed lopen. Bijvoorbeeld: hoe word ik productiever op mijn werk of welke vitaminen werken wel? Of hoe slaap je beter?’’ Daarnaast werkt de combinatie van iemand met autoriteit en een originele opinie goed. ,,Maarten van Rossem bijvoorbeeld, die een alternatieve troonrede schrijft. En wat níét werkt is de overschrijfjournalistiek die je veel op internet ziet.’’

 
,,Een van de belangrijkste bevindingen is dat de verhalen waar mensen écht iets aan hebben goed lopen. Bijvoorbeeld: hoe word ik productiever op mijn werk of welke vitaminen werken wel? Of hoe slaap je beter?’’
 
Niches werken ook primaOok werken niches goed in de online wereld. In zijn ‘Podcast over Media’ (samen met Ernst-Jan Pfauth) was een tijdje terug Derk Sauer te gast. De ex-hoofdredacteur van Nieuwe Revu verwacht dat het alleen nog om niches gaat de komende jaren. Mensen gaan zich steeds meer helemaal onderdompelen in onderwerp X. ,,Ik geloof ook enorm in de niches,’’ zegt Klöpping. ,,Als je helemaal gek bent van voetbal dan moet je niet bij de kranten zijn, maar heb je andere bronnen. Ik kan bijvoorbeeld zelf niet zoveel met de Nederlandse tech-journalistiek, want dat heb ik allemaal al op Amerikaanse sites gelezen. Maar ik lees wel veel over de politiek, want dat is niet mijn niche en je kunt de voorkennis van mensen mooi gebruiken voor je aanbod. Want alleen dan gaan mensen vooruit en dat willen we toch?’’

Afspraken met uitgeversDan komen we op een interessant gebied uit in het businessmodel van Blendle. Het bedrijf maakt immers altijd eerst afspraken met uitgevers, ‘verkoopt’ de verhalen vervolgens per stuk of per premium abonnement aan de lezer en betaalt een gedeelte aan de uitgevers. ,,Met Psychologie Magazine praten we over onderwerpen die het goed gaan doen. Vrij Nederland maakt zelfs stukken die eerst op Blendle verschijnen en later pas in het blad.’’

Verkopen van verhalenWerken ze eigenlijk ook met de grote kranten op die manier samen? Die houden er vast niet van als Blendle hun redactionele agenda gaat bepalen. ,,Bij grote kranten gaat het minder om de onderwerpkeuze, maar over het verkopen van de stukken dus over goede koppen en inleidingen. Wij hebben een systeem dat aangeeft of een kop het in potentie goed gaat doen. Dat je vraagtekens moet toevoegen of bijvoorbeeld dat je het beter in de avond kan plaatsen. Daar hebben uitgevers dan weer wél interesse in.’’

Afhaken NRC en Telegraaf
Daarover gesproken. De hoofdredacteuren van NRC en Telegraaf beëindigden hun relatie met Blendle. Een van de argumenten is dat ze vinden dat Blendle zich te nadrukkelijk met de redactie bemoeit. Snapte Klöpping die analyse? Dagbladen willen gewoon zelf via digitale abonnementen hun geld gaan verdienen en dat niet aan Blendle laten. ,,Ik moet heel erg denken aan Taylor Swift die wegging bij Spotify, maar ze keerde terug omdat haar publiek nu eenmaal op Spotify zit. Wij hebben een enorme groep lezers die wij bedienen en of ze mee willen doen dat is aan de kranten zelf.’’ Hij heeft uitgevers toch wel nodig? ,,Zonder uitgevers hadden we een leeg winkeltje, maar we hebben ook geweldige titels als de New York Times in de kiosk. Het is alsof AH vreest dat het Coca-Cola niet meer in de winkel mag leggen, maar vooralsnog verdient Coca-Cola daar goed geld. We maakten miljoenen over aan de grootste uitgevers en nu gaat dat geld een andere kant op.’’

 
,,Ik moet heel erg denken aan Taylor Swift die wegging bij Spotify, maar ze keerde terug omdat haar publiek nu eenmaal op Spotify zit.

 
Zelf geld verdienenKranten willen natuurlijk zelf geld verdienen met hun merk, geen onlogische gedachte. ,,Ik weet wat ik overmaak aan uitgevers en dat zijn significante bedragen. Taylor Swift kan aan haar eigen Spotify werken, maar er is ook een reden dat Spotify goed werkt. Dat komt niet alleen door de goede artiesten, maar ook door de playlist en de interface. Taylor Swift wil fans bereiken en datzelfde geldt voor een krant. Dat doe je door op zoveel mogelijk plekken aanwezig te zijn. Uitgevers zoeken juist naar heel veel verschillende plekken waar ze hun spullen kwijt kunnen.’’

VS en DuitslandHoe is het eigenlijk met de plannen in Duitsland en de VS? ,,We beginnen, net zoals John de Mol doet, altijd alle projecten in Nederland en gaan dit jaar ook in meer landen uitbreiden dan alleen in de VS en Duitsland. We leren steeds meer iets over de behoeftes van mensen. We zullen dit jaar ook zichtbaarder zijn, bijvoorbeeld op tv. Onze naamsbekendheid kan nog wel iets omhoog en als we mensen eenmaal aan boord hebben dan kunnen we mensen ook het product laten gebruiken.’’

Klöpping gelooft oprecht dat er geen bedrijf ter wereld is dat zoveel lessen leerde over hoe je jongeren kan interesseren voor kwaliteitsjournalistiek. ,,Zonder mezelf op de borst te slaan, begrijp ik wel waarom die investeerders op de eerste rij willen zitten. We doen experimenten met machine learning en met journalistiek gericht op individuen, teveel om op te noemen. Er gebeurt op de achtergrond heel veel waar mensen in die industrie met respect naar kijken.’’

 
,,Zonder mezelf op de borst te slaan, begrijp ik wel waarom die investeerders op de eerste rij willen zitten.

 
Blendle Audio omdat ‘het gesproken woord’ hot isEn één van die innovaties is dus Blendle Audio, voorgelezen verhalen. Uit het persbericht: ,,Het is zo simpel dat we ons afvroegen waarom het nog niet bestond.’’(..) Er is een enorme opmars van podcasts, audioboeken zijn inmiddels een miljardenindustrie en met de komst van Android Auto en Apple CarPlay luisteren steeds meer mensen naar on demand radio in de auto.’’ Oftewel, Gary Vaynerchuk zegt het altijd: Audio is hot. Het concept is op zich vrij overzichtelijk, legt Klöpping uit. ,,We beginnen met een kleine selectie als onderdeel van je Blendle Premium account. We willen die wereld van podcasts koppelen aan de krantenwereld en geloven dus in die combinatie.’’
  2516 Hits
  0 Comments
2516 Hits
0 Comments

ROTA heft zichzelf op

ROTA heft zichzelf op

De Stichting ROTA (Raad van Orde en Toezicht op het Advertentiewezen) zal vanaf 1 januari worden ontbonden. Dat heeft directeur Ron Rijntjes laten weten in een mededeling aan zijn leden. De ROTA is een club die een keurmerk verstrekt aan (media-)bureaus waardoor zij de zekerheid krijgen dat zij aan hun financiële verplichtingen kunnen voldoen. Bovendien hield de stichting toezicht op de (print-)advertentiemarkt.

Vroeger betekende zo’n erkenning ook dat je als bureau ook vanzelf de 15 procent bureaucommissie kreeg, maar deze regel is alweer een tijdje komen te vervallen. Vandaag de dag hebben de meeste media-exploitanten precies deze regeling echter opgenomen in hun leveringsvoorwaarden om het gemis van de commissie te compenseren die dus jarenlang de norm was. De STER kondigde onlangs aan te stoppen met deze korting van 15 procent, Google en Facebook kennen deze regeling niet. In de praktijk geven de meeste mediabureaus deze korting trouwens terug aan hun klanten waarmee het dus een administratieve regeling is.

Exploitanten gaan zoeken naar andere financiële zekerheden
Voor de media-exploitanten bood het ROTA-keurmerk de zekerheid dat bureaus aan hun verplichtingen konden voldoen, belangrijk omdat ze vaak grote bedragen voorfinancieren. Zullen adverteerders en exploitanten nu met partijen zakendoen bij de grotere bureaus die niet langer afhankelijk zijn van de ROTA om solvabel te zijn?

Gérard Ghazarian, CEO van de Candid Group, is erg benieuwd naar hoe de media-exploitanten voortaan zullen omgaan met bureaus nu de zekerheid die de ROTA-regeling bood komt te vervallen. ,,In de praktijk zal dit gaan betekenen dat media exploitanten in hun leveringsvoorwaarden niet meer automatisch 15% zullen gaan verstrekken aan ROTA erkende bureaus. Daarnaast zullen de media, naar onze inschatting, meer aanvullende eisen aan bureaus gaan stellen opdat zij hun betalingsverplichtingen kunnen nakomen in de vorm van vooruitbetalingen, bankgaranties en kredietverzekeringen. Dit is voor de exploitant een enorme administratieve belasting. Betekent dit dan vervolgens dat de media uitsluitend zaken zullen gaan doen met die mediabureaus die voldoende solvabel zijn en niet voor hun honorering afhankelijk zijn van de 15% bureaucommissie? Dit zal ertoe leiden dat de kleine bureaus zich zullen moeten verenigen om de media inkoop van hun klanten te kunnen blijven waarborgen”.
,,In de praktijk zal dit gaan betekenen dat media-exploitanten in hun leveringsvoorwaarden niet meer automatisch 15% zullen gaan verstrekken aan ROTA erkende bureaus”, aldus Ghazarian.
De vraag naar controle blijft
Willem-Albert Bol, creative director bij De Persgroep vindt het ‘stoer’ dat de ROTA zichzelf opheft. ,,Zij hadden een prima functie, controleerden dat het er in onze wereld allemaal eerlijk aan toeging, maar er is nooit aansluiting gekomen met de digitale wereld. Juist omdat ze daar die functie niet hebben, is de stichting overbodig geworden.’’ Volgens Bol is het overigens wel jammer dat er geen instantie is die deze controlerende rol overneemt in het nieuwe (digitale) tijdperk. ,,Juist nu er zoveel vraag is naar transparantie is zo’n club heel hard nodig. Het kan toch niet zo zijn dat van elke advertentie-euro nu slechts 20 eurocent gaat naar de kunstenaar, de zanger of in ons geval ons mediamerk? Die 80 procent is allemaal ruis en er is helemaal niemand die daar iets aan verandert, iedereen beschouwt het als een gegeven. We zouden met adverteerders, exploitanten en bureaus toch tot afspraken moeten komen om weer de zekerheid te bieden die de ROTA in het verleden bood?’’

Volgens Bol heeft het verdwijnen van de stichting niet zo veel gevolgen voor het dagelijks zakendoen tussen De Persgroep en adverteerders (via bureaus). ,,Wij deden niet alleen zaken met partijen die een ROTA-keurmerk hadden hoor, het was niet echt meer een thema.’’ Ook is het niet noodzakelijk om nieuwe afspraken te maken omdat de 15 procent regeling nog steeds een rol speelt. ,,Nee want in de praktijk stortte elk mediabureau dat percentage alweer terug op de rekening van adverteerders en maakte vervolgens nieuwe afspraken. Je ziet dat de STER dit percentage nu verdisconteert in de prijzen.’’
,,Wij deden niet alleen zaken met partijen die een ROTA-keurmerk hadden hoor, het was niet echt meer een thema’’, aldus Bol.
Bureaus zullen schrikken van opheffen ROTA
In de praktijk zullen iets kleinere bureaus met veel printklanten nog wel gebruikmaken van de ROTA-regeling die de 15 procent regeling tot gevolg had. Stefan van Hulten van Scheepens uit Tilburg denkt echter dat de gevolgen voor zijn bureau meevallen. ,,Het feit dat ik van jou hoor dat de ROTA verdwijnt wil wel iets zeggen over de relevantie. Maar toch hadden wij ook nog een aantal printklanten waarbij we de kortingregeling wel degelijk als een basis voor de afspraken hadden. We maakten dan wel afspraken over wat we exact deden als dienstverlening, maar de korting speelde wel mee in een aantal gevallen, was een soort fundament. Ik denk wel dat er ook bureaus zijn die hiervan meer schrikken dan wij. Pittig dat zij dan opeens in drie weken tijd andere afspraken moeten maken met hun klanten.’’ Ook Van Hulten vindt het wel degelijk jammer dat er geen nieuwe ROTA opstaat die zo’n functie in het huidige medialandschap kan overnemen. ,,Dat is echt nodig, maar het zal in de praktijk niet meevallen. Dan zouden Facebook en Google aan tafel moeten komen met de Nederlandse partijen.’’
  7936 Hits
  0 Comments
7936 Hits
0 Comments

BrandDeli wil samenwerken met Facebook, Google, Talpa, NPO én RTL

BrandDeli wil samenwerken met Facebook, Google, Talpa, NPO én RTL
Mediamensen deel 2

Allard Ruyl van BrandDeli gelooft niet zo in een strijd om het advertentiegeld met partijen als Facebook en Google. Sterker nog, hij is voorstander van samenwerking tussen de grote mediapartijen om de beste deal voor adverteerders te realiseren.

 
Het idee áchter BrandDeli is vrij overzichtelijk. Je bundelt verschillende zenders zoals Eurosport en TLC met een relatief beperkt bereik om opgeteld met een goed aanbod voor grote adverteerders te komen. Het bedrijf is opgezet vanuit drie grote exploitanten: Viacom International Media Networks, Discovery Networks Benelux en Fox Networks Group. Allard Ruyl was vier jaar geleden één van de grondleggers van het netwerk en staat aan het roer als CEO.

 
Ruimte voor een vierde grote speler
Ruyl zag destijds aardig dat er, naast NPO, Talpa en RTL, ruimte was voor een vierde grote speler waarmee adverteerders zaken konden doen. Een prima gedachte want met 11,2 procent marktaandeel in november (20-49 jaar) is BrandDeli een vrij grote meneer aan het worden. De reden van het succes volgens Ruyl?  ,,Wij kunnen natuurlijk een selectieve doelgroep aanbieden, de tijd van de focus op alleen mannen tussen 20 en 34 jaar als doelgroep ligt echt achter ons. Adverteerders willen meer keuzes, ook qua omgeving waarin ze adverteren. Voor ons is die brand safety discussie ook heel goed want een groot mediamerk is per definitie een veilige omgeving voor adverteerders. Bij Eurosport weet je wat je krijgt als adverteerder terwijl dat op YouTube minder duidelijk is.’’

 

,,Adverteerders willen meer keuzes, ook qua omgeving waarin ze adverteren.’’

 

Millennials aan het werk
Vóór het interview geeft de echte mediaman een enthousiaste rondleiding langs de verschillende ‘clubjes’ jonge mensen in het mooie pand in Amsterdam Noord. Zo’n negentig frisse types werken in deze trendy industriële omgeving hard om de doelen van adverteerders te realiseren. De avond ervoor is het trouwens laat geworden want tijdens het grote ‘strategendiner’ stond hij zelf achter het fornuis. Op zijn opgeruimde bureau ontbreekt het handboek ‘omgaan met millennials’ vooralsnog, maar termen als ‘quinoa’ en ‘bootcamp’ zitten stevig in Ruyls vocabulaire. De jongste ‘verovering’ is natuurlijk Twitter waarvoor ‘hij’ de commerciële exploitatie doet, het social media platform past perfect bij de verschillende tv-zenders want we doen niets liever dan twitteren als Sven straks tijdens De Spelen naar een toptijd knalt.

Ruyl relativeert het succes: ,,We hebben ook een beetje geluk gehad, de kijktijd naar onze zenders is toegenomen. Eurosport heeft bijvoorbeeld de rechten van de Olympische Spelen voor de komende jaren, ze zijn daar heel ambitieus. Het helpt ook dat wij met veel merken samenwerken die een internationale basis hebben waardoor ze lokaal heel gezond te exploiteren zijn.’’

 
 
Niches in de media
Zouden die gestegen marktaandelen ook iets te maken kunnen hebben met de opkomst van niches in de media? Met zenders als 24 Kitchen bij ‘de club’ kan het bedrijf aantrekkelijk zijn voor clubjes kookliefhebbers en datzelfde geldt voor de echte sportfans die naar Fox Sports kijken. ,,Natuurlijk zie je die ontwikkeling doorzetten de komende tijd, maar de massa is daarmee niet verdwenen. Rond grote sportwedstrijden of via The Voice kun je nog steeds hele grote groepen mensen tegelijk bereiken. Het blijft toch ongekend rond de miljoen mensen naar een programma als Bed & Breakfast kijken en er ook nog eens volop over twitteren?’’

Toch denkt hij niet dat het medialandschap volledig gemodelleerd zal worden rond een community van mensen met bepaalde interesses zoals bijvoorbeeld sportvissen of koken. ,,Direct targeten in je doelgroep is prima, maar je hebt ook nog steeds de massa nodig om echt te groeien als merk. Loop door de supermarkt, kijk naar de merken en je kan niet precies achterhalen waarvan je die merken allemaal kent. Daarom zal er altijd niche en massa naast elkaar blijven bestaan. Wij noemen dat gericht massabereik.’’

 

,,Het blijft toch ongekend rond de miljoen mensen naar een programma als Bed & Breakfast kijken en er ook nog eens volop over twitteren?’’

 

Continue reading
  5031 Hits
  5 Comments
5031 Hits
5 Comments

Baas van IDTV: ‘Wij zijn toevallig goed in storytelling’

Baas van IDTV: ‘Wij zijn toevallig goed in storytelling’
Mediamensen deel 1 

 

In de serie ‘mediamensen’ spreken we prominente mannen en vrouwen uit de mediawereld. We praten met ze over de toekomst van het mediavak en - vooral - over hun tactieken om in te spelen op die veranderingen. In deel 1 Taco Rijssemus van IDTV.

 
Tv-producenten hebben te maken met een ‘probleem’ dat lijkt op die van ons nationale postbedrijf in het begin van de eeuw. Jarenlang was er een verdienmodel waarmee goed geld verdiend werd - mensen stuurden elkaar massaal kaartjes - maar door de komst van internet werd die markt in korte tijd veel kleiner. Tegelijk ging iedereen steeds meer online shoppen dus er moesten busjes gekocht worden, postbodes omgeschoold en vooral veel service geleverd worden en het probleem was opgelost. Dat ging niet helemaal goed want het oude staatsbedrijf zag niet in dat het eigenlijk heel simpel was: van postbode naar pakketbezorgers in twee jaar. En weer door..

 
 
Het PTT-probleem van de mediawereld
Zo’n zelfde ontwikkeling is er in de wereld van tv-producenten aan de gang; er gaat iets weg - namelijk de grote budgetten bij omroepen - maar er komt ook iets voor terug; mensen blijven naar content kijken, maar dan toevallig online waar andere wetten gelden.  Of preciezer: mensen kijken steeds minder naar lineaire televisie dus omroepen hebben minder geld van adverteerders en de overheid te besteden voor aankopen. Maar hé, de behoefte aan content is niet vervangen voor het lezen van boeken en het bezoeken van musea; er wordt gewoon verder online gekeken waar we op televisie gebleven waren. Het is interessant om te bekijken in hoeverre grote tv-producenten die switch kunnen maken.

 
 
Verhalen maken voor bedrijven
Mooi dus dat Taco Rijssemus, ex mediadirecteur bij KRO-NCRV en ex-SBS, inmiddels acht maanden de baas is bij IDTV. En dat hij deze periode - ‘Guddelike’ - gebruikte om een strategie te bepalen voor de toekomst. In zijn analyse en strategie komt hij uit bij het maken van content voor de zakelijke markt, de producent wil meer verhalen maken voor bedrijven. ,,Vergeet niet dat wij veel ervaring hebben met branded content, bijvoorbeeld door het maken van VT Wonen,’’ zegt Rijssemus. ,,IDTV is eigenlijk een combinatie van drie bedrijven; events, online en een klassieke tv-producent. Ik denk dat die combinatie een hele sterke is waarbij je twee markten kan bedienen: de broadcastmarkt natuurlijk, maar we hebben ook veel ervaring op de zakelijke markt met het organiseren van events voor bedrijven als Heineken en KPMG waarbij we ook nog eens veel video maken.’’

,,Vergeet niet dat wij veel ervaring hebben met branded content, bijvoorbeeld door het maken van VT Wonen,’’ zegt Rijssemus.

 

Hoe bereik je de consument?
Okay, de interne analyse van de voormalig omroepman komt dus neer op de combinatie video, events en online. Ook interessant is dan zijn visie op de advertentiemarkt. ,,Je ziet dat adverteerders zoekende zijn om het oude tv-bereik te halen, vooral onder de doelgroep 20-49 is dat lastig, ga maar eens bij SBS of RTL langs en je krijgt er alles over te horen. Die doelgroep verplaatst zich naar andere kanalen, maar het geld om ze te bereiken is er nog steeds. Tv-zenders ontwikkelen branded content concepten voor bedrijven, maar die bedrijven hebben meer kanalen nodig dan waarop de zenders nu zicht hebben. Het gaat om het vertellen van verhalen en daar hebben wij toevallig veel ervaring mee..’’

 
 
Niet in het vaarwater van de bureaus
Okay dus IDTV gaat direct zakendoen met het bedrijfsleven op het gebied van content, maar hoe pakken ze dat in Amsterdam precies aan? Is daar een plan voor? ,,We hebben wat uitgangspunten geformuleerd en één daarvan is dat we niet in het vaarwater van bureaus gaan zitten; we gaan geen merkstrategie ontwikkelen.’’
Dat betekent dus automatisch dat ze wél zaken gaan doen met deze bureaus. ,,We gaan met wat preferred suppliers in de bureauwereld samenwerken waarbij we in een vroegtijdig stadium in beeld komen. Er komt immers een moment dat je uitkomt bij het vertellen van verhalen en dat kunnen wij goed. Het leuke is dat we dit dus al doen en we dus de organisatie hebben om dat zo aan te pakken.’’

 
 
Storytelling onontgonnen terrein
Klinkt logisch als strategie, maar de praktijk zit altijd iets anders in elkaar. Waar is er nog iets te winnen? ,,Ik denk dat als je ‘Wie is de Mol?’ of (twittertopper) ‘Bed & Breakfast’ maakt je verstand hebt van storytelling, maar we worden nog teveel gezien als alleen een tv-producent. Dus opdrachtgevers vergeten dat we ook voor de zakelijke markt werken. Bureaus zijn heel goed in het bereiken van mensen en wij zijn goed in verhalen vertellen over meerdere platforms. Er zijn maar weinig partijen die dat goed kunnen.’’ Okay prima, maar er zijn wel veel partijen die zéggen dat ze dit prima kunnen. ,,Dat is een probleem; storytelling is het onontgonnen terrein in de communicatiewereld en wij zijn daar al ver in.’’

 
 
Geen YouTube kanalen ontwikkelen
Het online gedeelte is dus essentieel want dáár is de doelgroep van 20 tot 34 jaar te vinden. Is het geen vreemde keuze om de YouTubers helemaal aan andere partijen over te laten? IDTV is toch goed in video en daar kijken jongeren toch (bijna uitsluitend) naar? ,,We laten YouTube zeker niet helemaal aan andere partijen over. Ik vind alleen dat wij niet zelf YouTube-kanalen moeten ontwikkelen om in de pure distributie te stappen. Al denken we bij onlinevideo en online concepten natuurlijk ook over de distributiekant na.’’

Nog even toch…YouTube is voor veel jongeren toch de enige plek waar ze nog te bereiken zijn? IDTV werkt dus wel voor LINDA.TV, maar niet voor YouTubers? Is dat niet…raaaaaaar? ,,Bij alles wat online gebeurt, moet je beslissen wat je niet doet en we gaan dus niet zelf YouTube-kanalen ontwikkelen en proberen adverteerders te zoeken. Natuurlijk kan je een bedrijf ontwikkelen met de intentie om allerlei YouTube kanalen te lanceren, maar daar zijn wij niet op ingericht.’’ IDT gaat ook geen ‘how to filmpjes’ maken. ,,We gaan dus ook niets voor de onderkant van de markt maken. We krijgen wel eens deze verzoeken, maar wij zijn daar te duur voor.’’

 
 
CokeTV niet bedenken?
Maar even duidelijk om het scherp te hebben; zoiets als CokeTV, een YouTube kanaal van Coca-Cola zullen ze dus niet bedenken bij IDTV? ,,Juist wel. We kunnen het concept zeker ontwikkelen in opdracht van een klant, maar dat is iets heel anders dan zelf een kanaal ontwikkelen. We kunnen wel een contenstrategie neerleggen en adviseren over de manier waarop je het bij de doelgroep krijgt, maar dat wordt niet onze core business. Wij focussen op de storytelling.’’

 
 
Zaken met grote adverteerders
IDTV doet dus zaken met grote bedrijven uit de Top 100 van adverteerders; weten de mensen waarmee Rijssemus aan tafel zit eigenlijk al hoe ze doelgroepen kunnen bereiken in tijden dat de klassieke tv-commercial minder bereik oplevert? Zijn ze al bereid om op een nieuwe manier te denken? ,,Ik zie de transitie in de mediawereld als een domino-effect. De eerste groep die te maken heeft met het feit dat het bereik onder de doelgroep via tv afneemt is de adverteerder. Daarna volgen de mediabureaus en de broadcasters en als laatste de producent. De klassieke tv-producent wordt ofwel heel klein en niche of heel groot en internationaal zoals Talpa. Of hij maakt een slag naar de zakelijke markt zoals wij.’’

 

,,Ik zie de transitie in de mediawereld als een domino-effect.’’

Die fase waarin de mediawereld aan het veranderen is, hoe ver is het daar eigenlijk mee? ,,Het gaat nu heel hard. Onder de broadcasters die ik spreek, zijn hele grote zorgen omdat ze mensen tussen 20 en 34 jaar nauwelijks nog kunnen bereiken. Het gaat echt veel sneller dan we dachten vijf jaar geleden. De zekerheid van bepaalde inkomsten verdwijnt echt.’’ Heeft hij zelf een idee welke kant het op beweegt? ,,Dat is moeilijk te zeggen behalve dat de behoefte aan content altijd zal blijven bestaan. De vraag is echter of je daar een positie in zal verwerven.’’

  2868 Hits
  2 Comments
2868 Hits
2 Comments

Waarom ‘baggercijfers’ de tv-wereld niet gaan redden

Waarom ‘baggercijfers’ de tv-wereld niet gaan redden

Het aardige aan de marketinginitiatieven van de marketingwereld zelf is dat het altijd zo overduidelijk een lobby voor het eigen vakgebied is. Sterker nog, er wordt niet eens moeite gedaan om er een beetje vakkundig omheen te draaien dat het hier een welbekende sigaar uit eigen doos betreft.

Zo kwamen gisteren de ronkende cijfers naar buiten van het Global Tv Deck Initiative, een ‘rapport’ van de The Global TV Group, een club die volgens de eigen rapportage bestaat uit: ‘belangrijke spelers in de tv-industrie die erop gericht is om journalisten en het publiek te helpen herinneren aan de populariteit van tv met data’. Of zoiets. Vanuit Nederland maakt Screenforce daar onderdeel vanuit, de organisatie die op 13-11 nog het belangrijke rapport naar buiten bracht met de titel; ‘millennials vinden tv (reclame) belangrijker dan YouTube’.

Belachelijke analyseHet voorgaande zou collega media moeten behoeden om iets hierover te publiceren, maar de cijfers werden gretig overgenomen. De analyse is zo belachelijk dat een communicatieprofessor in lachen zou uitbarsten. Check maar…’Via de televisie is dagelijks 72 procent van de Nederlandse bevolking te bereiken, in een week 92 procent en in een maand 96 procent’. Hoezo bereiken? Of deze: ‘een gemiddelde tv campagne in Nederland krijgt 63 miljoen views’. Wat is een gemiddelde campagne? Of nog eentje, maar dan stop ik ermee: van de totale videotijd is 94 procent tv. Tja.

Helemaal niet zo erg allemaal, de statistieken naar je hand zetten, is van alle tijden, maar het is wel belangrijk om soortgelijke bij elkaar geharkte gegevens even in het juiste perspectief te plaatsen; het is gemaakt door een club van lobbyisten die financieel belang hebben bij het geloof door het grote publiek in het medium tv.

In werkelijkheid daalt de tv-kijktijdIn werkelijkheid daalt de kijktijd in Nederland al jaren. Gemiddeld keken we in 2016 183 minuten naar de tv, een daling van 3,7 procent ten opzichte van een jaar eerder, een teruggang die nog gecompenseerd werd door het uitgestelde kijken. Pijnlijk zijn de klappen onder de jongere doelgroep; 13-19 jaar ging met 18 procent terug en 20-34 jaar met 10 procent. Ruud de Langen van Mindshare destijds in Broadcast Magazine: ,,Je kan natuurlijk blijven roepen dat er helemaal niets aan de hand is en gewoon door blijven lopen. Vraag Kodak, Blackberry en Nokia maar wat er dan gebeurt. Op dit gebied hebben lokale publishers nog veel werk te verzetten. En we beseffen, dat dit niet makkelijk is.’’

Terwijl adverteerders experimenteren met influencers en andere online concepten maken de zenderbazen zich echt zorgen. Ze zeggen het niet hardop, maar in de wandelgangen klagen ze op grote schaal over de jongere kijker die ‘steeds minder goed’ tot ‘helemaal niet’ te bereiken is. Zij verdienden jarenlang relatief gemakkelijk geld, maar het spel is stevig aan het veranderen en vindt online plaats waar andere partijen de baas zijn (die Google en Facebook heten). Net zoals Rabobank eerst iets had moeten dóén voordat het reclame ging maken, geldt dat ook voor de omroepbazen van de bovengenoemde lobby. Zij moeten helemaal geen vaag lobbytraject beginnen met bij elkaar geharkte cijfers. Ze moeten gewoon met een goede analyse komen en handelen.

Het antwoord op YouTubeWaarom organiseren ze van dat PR-budget niet jaarlijks een hele gave Europese conferentie in het Ziggo Dome onder de noemer ‘ons antwoord op YouTube’. Het is een soort IDFA van hele kwalitatieve tv-programma’s die onmogelijk met YouTube budgetten tot stand kunnen komen (althans, op dit moment). Dat kan variëren van een retecommerciële talentenshow waar hele gezinnen veel plezier aan beleven op zaterdagavond (wij kijken dan de herhaling thuis, ik ben nogal voor Anouk) tot een belangrijke docu over Syrië of kinderen met kanker. En tussen al die mooie programma’s door organiseer je dan inhoudelijke bijeenkomsten over de toekomst van tv met vertegenwoordigers uit de politiek, wetenschap, journalistiek en mediawereld.

Stoppen met lineaire televisie Hoe die analyse er zo’n beetje uit zal zien? Als jongeren tegenwoordig, ook in de provincie, rond hun tiende een mobiele telefoon krijgen dan stoppen ze definitief met het kijken naar lineaire televisie omdat ze daar niets vinden dat aansluit bij hun interesses. Ze luisteren goed naar hun klasgenoten die in appgroepen alleen maar praten over games en dus kijken ze de hele dag naar YouTubers die deze gesprekken online voortzetten. We hebben een aantal stevige interesses en daar zoeken we onze mediawerelden op uit. En natuurlijk snap ik dat bovengenoemde cijfers worden ingezet om een antwoord te geven op de alomtegenwoordige lobby van hippe, grootstedelijke millennials die - onterecht - beweren dat tv morgen verdwijnt, maar waarom zou je daar niet iets goed tegenover zetten in plaats van een paar baggercijfers?
  1311 Hits
  1 Comment
1311 Hits
1 Comment

Reclame voor reclame

Reclame voor reclame

We zaten er toch een beetje mee op de redactie toen we een tijdje geleden op de website nutvanreclame.nl terecht kwamen. In een filmpje en vooral allerlei hele serieuze sheets valt daar te lezen dat reclame enorm belangrijk is. Het is goed voor de economie, 5,8 miljoen banen in de EU hebben iets met reclame te maken en sponsoring is goed voor de sportieve en culturele sector. En oh ja, door reclame is er een vrije pers mogelijk en het stimuleert de creativiteit. De site is een initiatief van allerlei brancheverenigingen zoals de BVA (adverteerders), VEA (communicatie-bureaus) en dus vrij breed gedragen.

Jezelf belangrijk makenZo’n site is natuurlijk precies wat veel mensen zo stoort aan de reclamesector, jezelf zo belangrijk maken met helemaal niks. Want natuurlijk zijn reclamebedrijven prima voor de economie en is het goed als ondernemers reclame maken voor hun spullen. Niks mis mee, maar je kan jezelf ook een beetje relativeren. Zo belangrijk is reclame toch ook weer niet? Tot onze verbazing stond er ook een quote van Dick van der Lecq, directeur van reclamebureau Etcetera, op de site die ook met een paar volzinnen onderbouwde dat reclame belangrijk is voor de economie. Dat was toch diezelfde man die op het MWG-congres een geweldig filmpje liet zien over het feit dat de marketingwereld zichzelf onnodig groter maakt dan het is? Een sector die allemaal vage termen bedenkt in de bullshitbingocategorie om zichzelf maar belangrijk te maken.

Quote van lang geledenEven bellen maar met Van der Lecq. ,,Ja, die site… Je geeft lang geleden een quote waarbij je op zich wel achter het doel staat, maar niet precies weet wat het eindproduct gaat worden. Reclame wordt nog weleens eendimensionaal geassocieerd met opdringerige herhalingen van maandverband met vleugels. Terwijl er zulke prachtige campagnes worden ontwikkeld met maatschappelijk nut ook. Campagnes die waarschuwen tegen vuurwerk en die fondsen werven voor goede doelen. In die zin juich ik de site nutvanreclame.nl toe.’’
Er mag wel wat meer aandacht mogen komen voor de inhoud van het marketingvak in zijn ogen. ,,Ik mag graag grappen maken over overdreven vakjargon en turbotaal. Wat nog een beetje mist, is de constatering dat ons vak met de mogelijkheden van online, data, mobiel zoveel complexer, breder en hiermee ook leuker is geworden. Het dwingt adverteerders om zich met hun bureaus te verbreden.’’

Als Van der Lecq echter één ding zou willen benadrukken over zijn sector dan is het dat ‘creativiteit’ altijd een centrale rol zal spelen. ,,Dat wilde ik ook zeggen met mijn quote. Techniek en data helpen bij het creëren van inzichten en slim bereik, maar als de consument is bereikt, geeft het merk de doorslag. Nike verkoopt het premium product niet met retargeting maar met creativiteit en consistente merkbouw.’’

Goed verhaal vertellenKijk, dat helpt misverstanden uit de lucht. En nog een tipje om het nut van reclame aan te tonen? Maak eens een goed verhaal van een kleine ondernemer of een stichting die bestaansrecht kreeg door allerlei marketingactiviteiten. Dat is toch veel sympathieker dan dat het weer over jezelf gaat als sector?
  3421 Hits
  0 Comments
3421 Hits
0 Comments

Hoe je meer dopsleutels verkoopt door ‘How to video’s’ van Rintje Ritsma

Hoe je meer dopsleutels verkoopt door ‘How to video’s’ van Rintje Ritsma
De Content & Sales Tapes deel 3

Ik had beloofd om met concrete ‘contentsalescases’ te komen en wat je beloofd hebt, moet je doen, zeggen mijn kinderen altijd. Info vooraf: Datona is een webshop waar sleutelaars uit Nederland en België hun autogereedschap, krikken en doppensets kunnen kopen. Bij de webshop hoort ook een winkel in het plaatsje Haulerwijk dat ligt op de plek waar de provincies Friesland, Groningen en Drenthe samenkomen.

Meervoudig wereldkampioen schaatsen en fanatiek motorrijder Rintje Ritsma gebruikt binnen zijn raceteam (genaamd ‘De Hollandsche Jongens’) al jaren gereedschap van deze zaak. Ikzelf kan nog geen lampje indraaien, maar volgens de webshopmensen hebben we het dan over ‘paddockstands’,  ‘momentsleutels’ en ‘heftafels’. Ook is hij al jaren een regelmatige bezoeker van de winkel.

Gezellige praatjesHet klikte blijkbaar met de mensen van het bedrijf en de gezellige praatjes van onze schaatsheld werden steeds een beetje langer. Mede doordat Rintje en Willem Holman (de eigenaar van Datona) beide liefhebber zijn van de motorsport. Datona ging spullen leveren voor het motorteam van Ritsma en zo werden de banden steeds intensiever. Na wat filmpjes in de winkel, besloten ze de samenwerking wat intensiever te maken: Ritsma ging vlogs maken over het sleutelen aan auto’s en motoren.

Logische klik tussen ‘influencer’ en merkEr was dus een hele logische klik tussen het merk en de oud-schaatser,’’ legt e-commerce manager Michel Tel uit. ,,Rintje is vrij nuchter en dat zijn wij ook. Bovendien komt hij uit het Noorden en wij natuurlijk ook. De klik zit vooral in het feit hij zelf ook racet en onze spullen kent. Wij hadden het gevoel dat Rintje ons iets meer bekendheid zou kunnen geven in de rest van Nederland omdat mensen hem overal graag mogen.’’ Dat klinkt logisch, een kind kan de was doen. Er werd een filmploeg geregeld en in de filmpjes vertelde de ex-schaatser iets over de producten van de webshop. Hij maakte bijvoorbeeld een soort rondleiding door de zaak en legde uit hoe handig de gereedschapkisten zijn.

Snel leren wat er beter kan
Het werkte op zich al snel vrij goed, mensen vroegen in de winkel naar de gereedschapskisten van de Rintje-filmpjes. Maar het kon nog wel iets beter, zo legt Tel uit. ,,We merken dat het vooral aanslaat als Rintje van A tot Z uitlegt hoe een bepaald apparaat werkt. We ontdekten dat deze ‘how to-video’s’ veel beter matchen bij de wensen van onze achterban. Dat is blijkbaar iets waar je graag naar kijkt op YouTube en dus hebben we de filmpjes de laatste weken compleet veranderd. Dat vergt nog wel een flinke inspanning hoor, maar dat gaat Rintje gemakkelijk af, hij komt perfect uit zijn woorden, zonder script, ondanks dat het soms echt een heel technisch verhaal is.’’

Het is interessant om te zien dat ook de oude testvideo’s onder de noemer ‘Rintje gaat het testen’ (Het is de wet van Aart Lensink: zorg voor een fomat) al richting de 5000 views schieten. En de verwachting is dat er nog meer mensen zullen kijken als dit ‘testen’ eenmaal veel meer ‘how to’ is geworden zoals in de laatste weken. ,,Onze doelgroep verlangt gewoon steengoede inhoud van ons omdat het echte kenners zijn. Dat merken we ook als we een klein foutje maken, daar zitten ze echt bovenop.’’

Meer vraag naar productenGoede selectie, prima match en de views nemen toe dus ongetwijfeld wordt er veel geleerd en snel aangepast…zoals dat hoort in de online wereld. Maar hoe zit het met de effecten? Kan Tel daar iets over vertellen…eh zeggen? Het merk snapt in ieder geval hoe het werkt want onder de noemer ‘Rintje’s Favorieten’ zijn de items uit de films gemakkelijk te bestellen. De lijnen tussen de content en de verkoop zijn blijkbaar kort. Nee, cijfers krijg ik niet helaas, maar wie goed tussen de regels doorleest, weet genoeg. ,,Ik kan je vertellen dat we echt meer vragen krijgen naar de producten die Rintje heeft getest in de winkel en we zien ook online een stijging in de producten die besproken zijn.’’

Hoe denkt hij dat het verkoopproces precies werkt? ,,Er gaan twee waarden omhoog door de samenwerking met Ritsma: het vertrouwen in het merk én de bekendheid. Die twee beïnvloeden op hun beurt weer de verkoop.’’ Aha, content, mits goed gedaan, kan dus zomaar alle letters van het AIDA-model beïnvloeden…

Filmpjes zorgen voor vertrouwenDeze analyse doet denken aan de theorie die Slaven Mandic van WPK vorige week hier neerlegde. Terwijl je in het verleden tv nodig had om aan de bekendheid en het vertrouwen te werken, doe je dit nu allemaal online. Blijkbaar wekken de YouTube filmpjes met Ritsma vertrouwen op bij kijkers/kopers en besluiten ze daardoor om vaker hun digitale winkelmand vol te knallen. Okay, iets technischer; hoe verhouden de filmpjes zich tot de verkoopfunnel?

Op  twee manieren:

1. Vertrouwen (midfunnel)Mensen zien de relatie tussen Ritsma en Datona en vinden de webshop meer te vertrouwen, dat zou je midfunnel content kunnen noemen. Het geeft het gevoel van: als Ritsma met die mensen samenwerkt, zit het wel goed. Voorwaarde dan: de match tussen ‘influencer’ en merk moet kloppen.

2. Kopen (einde funnel)En door de how-to-video zitten kijkers ook direct dichter op de verkoopbeslissing. Je hebt het vertrouwen in de zaak en denkt ook: als Ritsma ermee werkt, moet ik dat product toch eens gaan gebruiken. Tel: ,,Dat klopt wel en het mooie met online content is natuurlijk dat je lekker snel kunt schakelen; je onderzoekt of het werkt en bekijkt direct of het beter zou kunnen. Die flexibiliteit moet je ook inbouwen, maar weet je wat misschien wel het echte geheim is? Rintje en wij hebben het echt naar ons zin als we een middagje aan het draaien zijn, hij kan gewoon zichzelf zijn en in een omgeving waar hij het naar zijn zin heeft. Dat plezier zie je terug in de filmpjes.’’
  1798 Hits
  0 Comments
1798 Hits
0 Comments

Podcast NU.nl goed beluisterd….maar kan nog beter

Podcast NU.nl goed beluisterd….maar kan nog beter

NU.nl lanceerde afgelopen week de nieuwspodcast 'Dit wordt het nieuws'. Even bellen met hoofdredacteur Gert-Jaap Hoekman over de plannen en de luistercijfers.

Leuke aanleiding voor een Frank.news-verhaaltje, dacht ik toen er een tweet van Alexander Klöpping voorbijkwam met de Top10 van meest populaire podcasts op dat moment. Terwijl zijn eigen 'Een podcast over media' op de tweede plaats stond, was de nieuwe podcast van NU.nl toen even de verse nummer 1 op het lijstje van iTunes. Ik tweette Gert-Jaap Hoekman, hoofdredacteur van NU.nl mijn plannetje en maakte me op voor een luistersessie en een soort recensie. ‘Bel me ff’, DM-de hij terug (goed idee, we kennen elkaar van Nieuwe Revu waar ik interviews deed en Gert-Jaap de ‘fresh and upcoming’ hoofdredacteur was).

Strakke tv-showEerst even luisteren naar de twaalf minuten lange podcast. Het programma zit vrij strak in elkaar, prima selectie van het nieuws ook, maar je mist een beetje het onderscheidende vermogen. Het is een - goed geproduceerde aflevering - in de categorie ‘nieuwsprogramma VARABNN’. Zo van: ‘We bellen even met dé specialist op dit gebied’. Dat werk.

En dat er dan zo’n frisse NU.nl-verslaggever iets vertelt over de Kardashians of over de kansen van Feyenoord. Je mist het eigen profiel dat zo kenmerkend is voor andere podcasts. Klöpping en Pfauth (geen gasten meer uitnodigen mannen, jullie zijn leuk genoeg) bijvoorbeeld kletsen gewoon een uur over media (en soms over het vrijgezellenfeestje van Pfauth) en dat maakt het programma heel authentiek. In marketingjargon zeggen ze ‘de mensen zijn het merk’.

Na twee afleveringen van de NU.nl-podcast, knal ik er even een The Daily tegenaan, de veelgeroemde podcast van New York Times waarin NYT-journalisten uitgebreid vertellen over de manier waarop ze hun werk doen. Een beetje ‘mediameta’ natuurlijk en in de VS is er van oudsher meer belangstelling voor dit soort ‘inside baseball verhalen’, maar wel origineel en verdiepend.

Geen moeite met analyseHoekman heeft trouwens geen moeite met deze analyse van de eerste paar uitzendingen (hoewel hij de verheerlijking van het grootstedelijke - quasi kosmopolitische - New York Times ongetwijfeld verschrikkelijk elitair vindt). Sterker nog, hij heeft zijn eigen tegenspraak al geregeld: ,,De mannen  van ‘Dag en nacht Media’ (producent van de show van Klöpping en Pfauth) zeiden: ‘het is eigenlijk té veel een echte radioshow..Zij misten de rafelige randjes. Maar weet je wat het is? We hebben twee weken geleden besloten om een podcast te maken en dan kun je daar maandenlang over vergaderen, maar ik hou van snelheid. We moeten snel leren, gaan iets doen met de opmerkingen van anderen en alweer snel aanpassen. Dat werkt online het beste.’’
Hij heeft wel al ideetjes. ,,Misschien moeten we één onderwerp wat meer uitdiepen met verschillende meningen en bespreken we de andere nieuwsonderwerpen kort als headline. Dat bijpraten over de dag van morgen is belangrijk voor onze lezers, maar ik kan me best voorstellen dat er één onderwerp is waar mensen alles over willen weten.’’

Goede luistercijfersHoekman is wel heel blij met de luistercijfers trouwens, de show van 17 oktober werd ongeveer 10.000 keer beluisterd en dat is extreem veel in de Nederlandse podcastwereld. ,,Ik geloof erin dat audio de komende jaren echt een vlucht gaat nemen waarbij de drempel om iets te beluisteren zo laag mogelijk moet zijn. Ik ben bijvoorbeeld een groot fan van het mediaforum van NPORadio1 en zou het goed vinden als dat half uurtje radio apart te beluisteren is. Dat soort audio gaat alleen maar toegankelijker worden. We zijn dus nog maar net begonnen..’’
  1673 Hits
  1 Comment
1673 Hits
1 Comment

Wat Google kan leren van Ben & Jerry’s

Wat Google kan leren van Ben & Jerry’s

Tijdens het congres OnBrand17 spraken twee mannen over de manier waarop je als bedrijf ‘goed kan doen’. Wat kan Steve Vranakis van Google Creative Lab leren van Jay Curley van ijsproducent Ben & Jerry’s?

Vranakis vertelt over het jongensboekachtige clubje genaamd ‘Google Creative Lab’. Deze groep knappe koppen neemt grote problemen als uitgangspunt en gebruikt de modernste technologie om daar iets voor te bedenken. De bekwame spreker legt uit hoe Google zo innovatieve techniek inzet om de wereld een beetje beter te maken. ,,Toen ik voor Google in Engeland werkte, had ik heimwee. Ik keek dan altijd via Google Earth naar mijn oude buurt in Vancouver waar ik opgroeide.’’ Om dat gevoel gaat het dus; er is iets concreets dat de techniek kan oplossen. Hij heeft ook nog twee oneliners paraat om het werk van Google Creative Lab samen te vatten. ‘Know the user, know the magic, connect the two’ en ‘we are more powerfull then we think’

Een slimme jasOp basis van dit principe bedenken ze in het creatieve lab allerlei innovatieve diensten of producten die overigens niet altijd maatschappelijk van aard zijn. Zo vertelt Vranakis over The Smart Jacket genaamd ‘Jacquard’ die Google samen ontwikkelde met Levi’s. Het is een geavanceerde jas waarbij je zonder op je smartphone te bekijken allerlei apps kan checken. Ook aardig is het project ‘blocks’ waarbij Google op een soort LEGO-achtige manier aan kinderen leert om te programmeren.

Kinderen in ontwikkelinglanden koppelen aan regeringsleidersMaar goed, we hadden het over de maatschappelijke projecten en daarvan geeft de spreker meerdere voorbeelden. Een daarvan is de samenwerking tussen UNICEF en Google in het Assembly of Youth project. Uitgangspunt is dat Google vragen van kinderen in ontwikkelingslanden direct wilde koppelen aan de grote regeringsleiders, mensen die dus concreet iets kunnen doen aan de problemen. Er werden elektronische zuilen neergezet in het hoofdkantoor van de UN in New York die allemaal staan voor een bepaald land. Kinderen stuurden berichten naar die zuilen en de wereldleiders zouden deze ‘roep om hulp’ kunnen lezen. Oud-voetballer David Beckham opende de bijzondere installatie en al snel verschenen berichten als ‘still afraid off Ebola’ en ‘afraid off walking home at night’.

Vluchtelingencrisis & GoogleEen ander project is de betrokkenheid van Google bij de Vluchtelingencrisis in Syrië, in 2015 zochten vluchtelingen op grote schaal hun heil elders. Vranakis kreeg de vraag vanuit Google om naar Europa te gaan. ,,Ik zag met eigen ogen de vluchtelingen, hun mobiele telefoons en tegelijk het onvermogen om te weten waar ze naartoe moesten.’’ Met een groep mensen van Google in samenwerking met het International Rescue Comitee werd vervolgens binnen 36 uur een site opgezet, een plek waar je concrete informatie krijgt over waar je als vluchteling heen moet en wat je kan verwachten. Alles was gemaakt in de eigen taal en met behulp van handige kaartjes van Google Maps en bovendien werd er gezorgd voor stroom en WIFI. Op die manier heeft Google 100.000 mensen geholpen.

Democratie is in je eigen handenOok Jay Curley komt met een paar geweldige cases op het podium van OnBrand17. Zo vertelt hij over de Democracy is in your hands-campagne in 2016. Via participatie aan actiegroepen en een heuse nieuwe smaak (Empowerment Mint) liet de ijsproducent weten dat het belangrijk is dat iedereen kan stemmen op dezelfde voorwaarden. Ook werd er opgeroepen om de the Voting Rights Act uit 1965 opnieuw te autoriseren. Het bedrijf maakt gebruikt van een sterke analogie in dit filmpje waarbij we verschillende lepels in beeld zien die een beker ijs leegscheppen. Normaal gesproken krijgt iedereen dezelfde lepels, maar de democratie loopt gevaar als sommige een grote ijzeren lepel krijgen waarmee je de beker ijs zo leegschept en een ander een plastic variant heeft die gemakkelijk breekt.

Curley vertelt het - op zich bekende - verhaal dat Ben & Jerry’s zich simpelweg uitspreekt als het dat nodig vindt. Zo maakte het bedrijf een cynisch filmpje toen de VS/Trump besloot zich terug te trekken uit de klimaatakkoorden van Parijs. In de film zien we hoe een bak ijs langzaam smelt als de aarde opwarmt. Onder het motto ‘Save our Swirled’ werd er weer campagne gevoerd en - onder die noemer - een nieuwe smaak gelanceerd.

Vergelijking tussen Google en Ben & Jerry’sOkay, even terug naar Google dat dus technologie inzet om de wereld een beetje beter te maken. En kijk dan naar Ben & Jerry’s dat duidelijk ook een maatschappelijke missie heeft. Het grote verschil tussen de twee wereldmerken is dat Ben & Jerry’s haar maatschappelijke betrokkenheid in haar kernwaarden heeft en Google in mindere mate. Dat lijkt niet zo belangrijk - Google doet natuurlijk wel degelijk veel aan goede doelen - maar dat heeft wel hele grote gevolgen. Alles wat Ben & Jerry’s doet ademt die maatschappelijke waarden uit terwijl dat bij Google fragmentarisch gebeurt. Stel dat Google de missie om via technologie de wereld beter te maken écht zou omarmen, dan zouden er misschien wel hele andere keuzes volgen? Niet wat losstaande projecten, maar structureel de wereld beter maken. Het moederbedrijf van Google, Alphabet, maakte in 2016 een omzet van 90 miljard Dollar en een winst van bijna 20 miljard dollar. Stel nu dat CEO-Larry Page zou zeggen: het is onze plicht om 90 procent van die winst in te zetten om de wereld beter te maken en daar hebben we concrete plannen voor?

Geen leuke jassen makenIn dat geval zouden die knappe, hoogopgeleide mensen bij Google niet bezig zijn met het maken van leuke, handige jassen, maar met het verbeteren van de wereld. Veel leuker toch? Elke vijf jaar zou er een nieuw thema gekozen worden en dat thema zou in alles wat Google doet omarmd worden. Op de site van Google zou staan: van 2018-2023  gaan wij ‘kindersterfte’ aanpakken en daar zetten wij alles voor in wat binnen ons vermogen ligt. Hoe het dat moet aanpakken? Nou, bij Ben & Jerry’s ligt een mooi businessplan klaar dat je zo kan implementeren. Curly maakt er heel handig een paar klassieke P’s van zodat iedere marketeers het direct kan herkennen:

1. Purpose (zet je maatschappelijke missie in je missie statement);
2. Policy (bijvoorbeeld je samen inzetten voor vluchtelingen);
3. People (die moeten er allemaal in geloven);
4. Power (werk samen met andere groepen mensen);
5. Publising (maak verhalen over je activiteiten in de media);
6. Pop culture (omarm populaire trends).

Als Google die P’s zou implementeren zou dat de wereld toch een beetje mooier maken? Bovendien zou het Google duizend keer sympathieker maken en dus goed zijn voor het merk. Ze hebben daarvoor trouwens niet alleen een goed plan nodig, maar ook hele goede mensen. Mensen die - net zoals Curley op het podium zouden zeggen – ‘als ze bij Ben & Jerry’s alleen ijsjes zouden verkopen dan was ik allang vertrokken’.

 
  1646 Hits
  0 Comments
1646 Hits
0 Comments

Be Candid,
it’s contagious.

Candidness is the quality of speaking with
honesty and authenticity. Our Candid editorial
team shares stories that matter on media, data,
marketing, creativeness and technology.

Our Candid editorial team
creates stories that matter.