Candid. Platform
for growth.

Werkt een platformorganisatie ook in marketing?

platform-marketing
Platformorganisaties als Amazon, Google, Airbnb, Uber en Facebook domineren...
Continue reading
  4845 Hits
  0 Comments
4845 Hits
0 Comments

Booking.com gaat gevecht aan met Airbnb

Airbnb_Booking
Tot nu toe zijn de machtsverhoudingen in de accommodatiebranche vrij overzi...
Continue reading
  3584 Hits
  0 Comments
3584 Hits
0 Comments

Komt er ook circulaire marketing?

circulairemarketing
Nieuw is uit, gebruikt is in. Dat is geen reclameslogan voor Marktplaats, m...
Continue reading
  2458 Hits
  0 Comments
2458 Hits
0 Comments

Waarom Booking.com de grootste kon worden

Bookingcom_CRO
Wat is het geheim achter de groei van Booking.com tot grootste hotelboeking...
Continue reading
  4079 Hits
  0 Comments
4079 Hits
0 Comments

Airbnb cancelt na kritiek competitie nachtje slapen op de Chinese Muur

airbnbcanceltchinesemuur
Airbnb ziet af van plannen om deelnemers een nachtje te laten doorbren...
Continue reading
  2531 Hits
  0 Comments
2531 Hits
0 Comments

De commercie van Airbnb of het idealisme van HuizenRuil?

usa_california_33998
Een vriend van mij vertelt altijd enthousiast over zijn vakanties. Dat hij ...
Continue reading
  2902 Hits
  0 Comments
2902 Hits
0 Comments

Maakt ‘melkboer’ Picnic de stenen supermarkten van AH en Jumbo overbodig?

Maakt ‘melkboer’ Picnic de stenen supermarkten van AH en Jumbo overbodig?
The battle of the retailers, deel 3
In the battle of the retailers plaatsen we grote retailers tegenover elkaar. In deel 3 de vraag: zijn Nederlandse supermarkten als Albert Heijn en Jumbo bestand tegen de online concurrentie van Picnic?

Over tien jaar worden de meeste boodschappen in Nederland online besteld. Nog een paar jaar verder en er bestaan geen stenen supermarkten zoals die van Albert Heijn of Jumbo  meer. ‘Dit wordt veel groter dan wij allemaal denken’, voorspelt medeoprichter Joris Beckers van online supermarkt Picnic.

 
De man van 100 miljoen wordt Joris Beckers genoemd. Niet omdat Picnic in twee jaar tijd van nul naar 100 miljoen omzet groeide, maar omdat hij vorig jaar 100 miljoen ophaalde bij investeerders om te kunnen uitbreiden. Dat is meer dan Uber en Airbnb in deze fase van hun bestaan ophaalden.

 
Picnic voorpaginanieuws
Sinds de start in 2015 is de online supermarkt trending topic. Toen Picnic in oktober in de stad Amersfoort begon, was het bedrijf voorpaginanieuws en zaten de oprichters in alle talkshows. Heel Nederland downloadde de app, terwijl je die alleen nog in Amersfoort kon gebruiken. Inmiddels zit Picnic in 30 steden, bedient het 90.000 klanten en heeft het bedrijf 5 procent van de online boodschappenmarkt in handen. Volgens Beckers is dat nog niks en zal dat marktaandeel elk jaar verdubbelen, vertelde hij tijdens de Webwinkel Vakdagen in de Utrechtse Jaarbeurs.

 
Melkboer 2.0 
Eigenlijk is Picnic geen online supermarkt. ,,Het is een vermenging van een foodsysteem met technologie,” stelt Beckers. Een melkboer 2.0. De moderne versie van de SRV-man. Ook die bracht alle boodschappen thuis, net zoals de bezorger van Picnic op gezette momenten met zijn elektrische wagentje de straat binnenrijdt. Die sfeer van vroeger draagt het bedrijf ook uit in zijn commercial, waarin in vijf stappen wordt uitgelegd hoe het werkt.

 
https://www.youtube.com/watch?v=urss5lzvZ8I

 
Boodschappen doen op de app
Je doet je boodschappen op de app, via mobiel of tablet. Niet op de computer of laptop. Picnic neemt je bestelling aan, verzamelt alle boodschappen in een groot distributiecentrum, verpakt ze in plastic zakken in kratten en levert ze aan de voordeur af als je thuiskomt van werk of school. Dat is volgens Beckers een radicaal andere manier van boodschappen doen. ,,We doen nog steeds boodschappen zoals we dat vijftig jaar geleden deden,” vertelt hij. ,,We rijden allemaal twee keer per week met de auto naar de supermarkt en besteden daar ongelooflijk veel tijd. Gemiddeld anderhalf tot twee uur in de week. Dat vinden we allemaal normaal. Het is eigenlijk heel knap dat we onszelf hebben opgevoed om ergens naar een magazijn te rijden, zelf een orderpik-rondje te lopen, in de rij te gaan staan, uit te checken en alles mee naar huis te nemen. Misschien kunnen we dat verbeteren. Vanuit die gedachte zijn we aan de slag gaan en hebben we een ander systeem voor de zelfbediening-supermarkt ontworpen.”

 
Niet zo nieuw 
Volgens hem is het is van alle tijden dat mensen graag spullen thuisbezorgd krijgen. Maar goed, dat is niet zo nieuw. Ook via Albert Heijn.nl kunnen mensen online boodschappen bestellen. Die worden zelfs op elk gewenst moment thuisbezorgd, terwijl de bezorger van Picnic één keer per dag op een vaste tijd langs komt. Jumbo biedt nagenoeg dezelfde service en brengt boodschappen zes dagen per week tot in de keuken. Beide supers hebben ook pick-up points waar klanten bestelde boodschappen kunnen ophalen.
"Daardoor is het systeem efficiënter dan supermarkten ooit kunnen zijn. Bovendien is het de bezorger die het verschil maakt."

 
Techniek en menselijke gevoel
Wel nieuw is het distributiemodel van Picnic. Het bedrijf heeft geen winkels, alleen distributiecentra en bezorgers. De lijnen zijn kort. Producten gaan direct van producent naar consument. Daar zitten geen winkels meer tussen. Klanten hoeven niet meer in rijen voor de kassa te staan om te betalen, maar betalen via de app of IDEAL.

Daardoor is het systeem efficiënter dan supermarkten ooit kunnen zijn. Bovendien is het de bezorger die het verschil maakt. Hij vormt de combinatie tussen technologie en het menselijk gevoel en zorgt voor de hoge rapportcijfers van klanten. Die sturen regelmatig selfies met hun Picnic-bezorger. Beckers: ,,Er zit een enorme merkdimensie aan. Het heeft iets losgemaakt bij klanten. Tot nu toe was de bezorgervaring in Nederland mager. Het gaat ook niet om het aantal bezorgmomenten. Albert Heijn heeft wel honderd bezorgmomenten. Wij zes. Het is een heel andere manier van denken. Het gaat om ervaring en kwaliteit van het bezorgmoment. Coolblue doet daar ook geweldige dingen in.”

 
Niet duurzaam 
Het distributiesysteem van Picnic zorgt ook voor minder verspilling. ,,Het huidige systeem is niet duurzaam,” stelt Beckers. ,,We kopen allemaal graag vers brood, maar al het brood dat na sluitingstijd nog in de winkel ligt wordt weggegooid. Dat gebeurt ook bij andere versproducten. Bij Picnic wordt brood pas gebakken als het besteld wordt. Er wordt dus niets weggegooid.”

 
Einde supermarkt 
Volgens Beckers is dit hét model om in de toekomst boodschappen te doen. ,,Als je ziet hoe groot dit wordt. Ik denk dat binnen tien jaar de meerderheid of minimaal de helft van alle boodschappen via internet wordt thuisbezorgd. Dat klinkt nu heel ongelooflijk, maar dit wordt veel groter dan wij allemaal denken,” stelt hij. Waarom denkt hij de concurrentie aan te kunnen met AH of Jumbo? ,,Albert Heijn is een winkel. Wij zijn een online dienstverlener. Een bezorger. Het is heel erg lastig om twee heren te dienen. De dienst die wij verlenen vereist een heel andere type skills. Daar is een heel ander type aandacht voor nodig.”

Beckers kwam eind jaren ’90 in de internetwereld terecht, toen Amazon en Bol.com nog webwinkels voor boeken waren. Nu verkopen die alles online. ,,Waarom zou het bij boodschappen anders zijn dan bij boeken?,” vraag hij zich af.
"Onze ambitie is: wij willen de beste melkboer ter wereld worden, niet de grootste. Ik zou het geweldig vinden als we over tien jaar een nieuw distributiesysteem hebben gecreëerd."

 
Langzame groei 
Met de 100 miljoen investeringsgeld zou Picnic snel kunnen groeien. De vraag is groot en in de steden waar Picnic zit, bestaan zelfs wachtlijsten. Daar laat Beckers zich niet door opjagen.

,,We groeien zo snel als we kunnen en gaan van stad naar stad. We proberen ieder jaar half zo groot te worden met behoud van kwaliteit. De concurrentie zal de komende jaren groot zijn. Alle grote supermarkten en bedrijven als Amazon zullen zich op dit soort systemen storten.

Onze ambitie is: wij willen de beste melkboer ter wereld worden, niet de grootste. Ik zou het geweldig vinden als we over tien jaar een nieuw distributiesysteem hebben gecreëerd. Als inderdaad op heel veel plekken in de wereld een melkboerachtige functie op een digitale manier opnieuw ontstaat.”

 
Andere bezorgdiensten
Het concept is ook in het buitenland toepasbaar, maar Picnic heeft geen plannen om de grens over te gaan. Wel om ook andere bezorgdiensten te combineren met de boodschappen. Bijvoorbeeld pakjes van Zalando, Wehkamp of welke webwinkel dan ook. Zo brengen en halen bezorgers lokaal al boeken van de bibliotheek. Beckers: ,,Als je een heel prettige bezorgervaring hebt. Als je bijna verliefd wordt op je bezorger, dan wil je het liefst dat die alles voor je doet. Op die manier kijken we ook naar de plannen van gemeentes voor smart city’s om logistieke processen beter te organiseren. E-commerce is geweldig, maar het zorgt ook voor heel veel business in de straat. Daar kunnen onze elektrische auto’s een rol in spelen.”
LEES HIER DEEL 2 VAN THE BATTLE OF THE RETAILERS:
 
https://www.frank.news/2018/01/30/moet-bol-com-bang-alibaba/

 
LEES HIER DEEL 1 VAN THE BATTLE OF THE RETAILERS:
https://www.frank.news/2018/01/26/hoe-wehkamp-denkt-amazon-weerstaan/

 
  3015 Hits
  2 Comments
3015 Hits
2 Comments

Aart van Veller: Wat zou je doen als je niet kán falen?

Aart van Veller: Wat zou je doen als je niet kán falen?

Ondernemers met idealen. Ze zijn er genoeg. Maar de praktijk leert dat het niet altijd haalbaar is om die idealen om te zetten in een goed lopende business. Aart van Veller bewijst met Vandebron dat het wel degelijk kan. Het bedrijf dat de traditionele energiemarkt open wil breken, maakte van Van Veller één van de meest veelbelovende jonge ondernemers van dit moment.

Het idee
In 2013 bedacht Van Veller samen met zijn compagnons Remco Wilcke en Matthijs Guichelaar het idee achter Vandebron: traditionele energiebedrijven overbodig maken door de consument in staat te stellen zijn energie direct in te komen bij een duurzame producent. En die producent is ook blij, want die hoeft vervolgens niet een groot percentage van zijn winst af te staan aan een energiebedrijf. Vandebron fungeert als energiedienstverlener en brengt consument en producent bij elkaar.

Het resultaat
Het resultaat: een snel groeiend bedrijf dat daadwerkelijk bijdraagt aan een fundamentele verandering in de energiemarkt. En Van Veller is er nog niet. Hij wil met Vandebron zo snel mogelijk naar een wereld met 100 procent duurzame energie. Tijdens het ING Business Boost event, vertelde Van Veller dat hij vroeger andere plannen voor zichzelf had. ,,Ik wilde bankier worden, maar het is net even anders gelopen. Toen ik zeventien was kreeg ik van mijn aardrijkskundeleraar een boekje over de Club van Rome en daar werd ik door getriggerd. Ik voelde dat ik daar iets mee moest doen, maar ik wist niet precies wat. Vijf jaar later ging ik naar de Noordpool om daar onderzoek te doen naar klimaatverandering en dat was voor mij echt het moment waarop ik dacht: ‘ik kan niet meer terug. Ik moet hier iets mee doen’. Maar wel anders dan dat hele geitenwollensokken-idee. Dus op een ondernemersmanier, oplossingen bieden. Zo is het allemaal begonnen en dat maatpak en die secretaresse aan de Zuidas moest ik dus aan de kant schuiven.’’
,,Ik wilde bankier worden, maar het is net even anders gelopen.’’
Airbnb als inspiratiebron
Maar dan? Hoe begin je als jonge idealistische ondernemer in een keiharde zakelijke wereld? Van Veller keek naar een industrie die al bestaat en wist die op succesvolle wijze anders aan te pakken. ,,De kern zit ‘m er in dat wij transparantie brengen in een oude, vastgeroeste markt,” legt Van Veller uit. ,,In de nabije toekomst gaat iedereen zelf energie opwekken en daarbij is het heel onlogisch dat een energiebedrijf geld verdient aan jou. Het energiebedrijf van de toekomst moet jou juist helpen om zelf energie op te wekken en dat misschien weer te verhandelen naar anderen.’’
Het principe achter Airbnb bracht Van Veller en zijn compagnons op het idee om deze strategie in praktijk te brengen. ,,We zagen heel veel boeren die een windmolen in de tuin hebben of mevrouw De Vries met zonnepanelen op het dak die wat over heeft en we dachten waarom kun je dat niet direct kopen? Net als bij Airbnb, zonder tussenkomst van grote bedrijven. Dat basisidee is eigenlijk heel eenvoudig”.
,,Net als bij Airbnb, zonder tussenkomst van grote bedrijven. Dat basisidee is eigenlijk heel eenvoudig”.
Publiciteitsstunt
Vervolgens is het natuurlijk de kunst om deze duurzame bedrijfsvoering goed in de markt te zetten. Een klein publiciteitsstuntje  kan dan natuurlijk nooit kwaad. Afgelopen maart deed Vandebron een bod van een miljoen euro op de kolencentrale van Nuon in Amsterdam met de bedoeling de centrale zo snel mogelijk te sluiten en om te bouwen tot ‘iets waar iedereen iets aan heeft’, een binnenspeeltuin bijvoorbeeld. Nuon accepteerde het bod niet en beschouwde de actie als een publiciteitsstunt van Vandebron.

Bloedserieus,,Nee, we waren echt bloedserieus,’’ zegt Van Veller. ,,Nuon had in de media aangegeven dat ze wel van dat ding af wilden, maar ze waren de overheid echt een beetje aan het chanteren door te zeggen: betalen jullie dat sluiten van de centrale dan maar, anders verkopen we het aan iemand anders die er mee doorgaat. Dat zagen wij absoluut niet zitten, dus we hebben de stoute schoenen aangetrokken en een miljoen geboden. We kregen de hele media over ons heen. We wisten natuurlijk wel van te voren dat dit een te laag bedrag was. Maar wat we hoopten was dat andere partijen zouden zeggen oké we chippen ook een beetje in. En dat was precies wat er gebeurde. De dag nadat wij dat bod hadden uitgebracht, deed de gemeente Amsterdam er een miljoen bij. En weer een dag later volgden bijvoorbeeld Triodos Bank en nog een aantal partijen. In drie dagen hadden we 5 miljoen bij elkaar. Daarna deden we er nog een crowdfunding-campagne overheen waar nog eens 40.000 mensen aan meededen. Maar helaas staat de centrale nog steeds te koop omdat Nuon heeft gezegd we willen niet meer met Vandebron praten, maar alleen nog maar met de overheid”.
,,Maar helaas staat de centrale nog steeds te koop omdat Nuon heeft gezegd we willen niet meer met Vandebron praten, maar alleen nog maar met de overheid”.
Wat zou je doen als je niet kan falen?
Publiciteitsstunt of niet, met enkel deze actie kom je er niet. Wat doet Van Veller om zichzelf en zijn bedrijf aan de top te houden? ,,Ik heb twee tips. Ten eerste de grootste problemen van de komende eeuw zijn ook meteen de grootste kansen voor ondernemers. Denk aan klimaatverandering, gezondheidszorg, inkomensongelijkheid. Die problemen hebben écht ondernemers nodig. En mijn tweede tip is: stel jezelf eens de vraag wat je zou doen als je niet kan falen. Die vraag stelde ik pas aan mijn vriendin en die nam de volgende dag ontslag. Wees dus voorbereid op ene onverwacht antwoord, maar stel jezelf die vraag om scherp te blijven.
,,Stel jezelf eens de vraag wat je zou doen als je niet kan falen. Die vraag stelde ik pas aan mijn vriendin en die nam de volgende dag ontslag”.
Lees hier ook het verhaal over John de Mol.
https://www.frank.news/2017/12/01/john-mol-apple-google-en-facebook-worden-deels-traditionele-tv-zenders/
  3669 Hits
  0 Comments
3669 Hits
0 Comments

De succesvolle rebranding van TUI

De succesvolle rebranding van TUI

Negen bekende merken in de reiswereld samenvoegen tot één nieuw merk, dat net zo bekend moet worden. TUI slaagde glansrijk voor deze vuurproef en rondde afgelopen maand officieel een drie jaar durende rebranding af.

 
In Nederland waren Arke en Holland International oeroude merken en een begrip voor de consument. Net als Falcon voor de Ieren, Thomson voor de Engelsen, Jetair voor de Belgen of Finnmatkat voor de Finnen. Ga deze merken nu maar eens zoeken op internet. Je komt ze niet meer tegen. Ze zijn de afgelopen jaren allemaal opgeslokt door de van oorsprong Duitse TUI Group (Touristik Union International) en door overnames en fusies onderdeel geworden van de grootste toerismegroep ter wereld.

 
Duizelingwekkende cijfers
De cijfers die het megabedrijf kan overhandigen zijn duizelingwekkend. 67.000 werknemers in 130 landen, een omzet van 20 miljard, een brutowinst van 1 miljard en 30 miljoen klanten per jaar. TUI heeft zelf zes luchtvaartmaatschappijen, de grootse vakantievloot van Europa, 300 hotels en - in het digitale tijdperk - nog steeds 1800 reiswinkels in Europa.

 
Drie jaar rebranding
Toch kende het grote publiek de naam TUI drie jaar geleden nog nauwelijks. Daarvoor was een drie jaar durende rebranding-operatie nodig die in 2014 van start ging. In november werd het laatste reismerk omgedoopt tot TUI en was de klus officieel geklaard. Voor het slagen waren interne samenwerking en een omnichannel-strategie doorslaggevend, vertelde Naomi Schnuck, Manager Digital Business Development bij TUI Nederland, tijdens het congres How To Make It Work 2017. Tot een paar jaar geleden was TUI bekend als bedrijf, maar niet als merknaam. ,,We wilden een geïntegreerde touroperator worden en dan moet je één groot reismerk neerzetten. Want Airbnb of Uber zijn ook overal hetzelfde,” legt ze uit.

 
Nieuwe kpi’s
Ga er echter maar aan staan. Het merk TUI lanceren terwijl de onderliggende merken veel bekender zijn. Het werd een heel proces waarbij de organisatie met vallen en opstaan leerde. ,,We zijn bijvoorbeeld nieuwe technieken gaan adopteren zoals programmatic marketing,’’  vertelt Schnuck. ,,We hebben nieuwe meetmodellen en kpi’s ontwikkeld. Niet alleen sales kpi’s, maar ook digital branding kpi’s. Bijvoorbeeld eentje voor nieuwe geïnteresseerde bezoekers op de website. We hebben een betere mobiele website gebouwd en zijn op een andere manier reclame gaan maken met video-advertenties en storytelling. Ook zijn we met blockchain technologie bezig één bedrijfssysteem voor alle landen te bouwen en één reserveringssysteem voor alle vluchten in alle landen.”

 
Publiek kennen
Al doende werd duidelijk dat TUI de data van zijn eigen klanten niet goed kon analyseren. Schnuck: ,,We konden bijvoorbeeld niet zien of een klant één keer per jaar of één keer per vijf jaar bij ons boekte. Dat werd een van de focuspunten in het nieuwe DMP (Data Management Platform) waar we mee bezig zijn en waarin we klantenprofielen opbouwen. Je moet gewoon opnieuw beginnen. Je publiek is belangrijker dan keywords. Qua performance zijn we te lang bij de laatste klik blijven hangen. Dat werkt niet meer. Ook in de digitale wereld gaat het om beleving. Daarom hebben we de Travellr-webapp gelanceerd (een soort Tinder voor vakantiegangers, red). Dat gaan we door ontwikkelen op onze andere platformen. Via bekende en onbekende niche-influencers die we op reis sturen, bieden we klanten meer inspiratie. Ook wordt het gewaardeerd als we onze eigen reisexperts laten vloggen.”

 
Snel resultaat
De rebranding had ongekend snel resultaat. Op grafieken toont Schnuck dat zowel de ‘brand search’ als de ‘brand popularity’ van de onderliggende merken snel wegzakte en TUI het roer overnam. Na de lancering van het merk TUI was het na een week al de meest gezochte touroperator op Google. Het aantal bezoekers op de website was na een dag hoger dan het jaar daarvoor en na een paar weken was ook de conversie hoger dan het jaar daarvoor.

 
Retail versus digitaal
Opmerkelijk daarbij is het hoge aandeel van retail in die conversie. Een derde tot 45 procent van alle reizen bij TUI worden nog steeds in de winkel verkocht. Toch is ook TUI bezig met een digitale transformatie. De website trok in 2016 in totaal 24 miljoen bezoekers, twee miljoen per maand. Sinds een jaar worden er meer reizen gekocht via mobiele devices dan via de desktop, al boeken mensen nog steeds het liefst via hun desktop.

 
Geef mensen de vrijheid
Interne samenwerking was cruciaal in de hele operatie. ,,Voorheen was iedereen bezig met zijn eigen merk. Nu werken mensen voor meerdere merken in meerdere landen. Iedereen gaat er in mee en maakt er het beste van,” aldus Schnuck.

De beste tip die Schnuck heeft voor grote merken die voor dezelfde uitdaging staan: ,,Geef mensen de vrijheid om met nieuwe dingen aan de haal te gaan en te implementeren. Sommige lukken en sommige niet. Zorg dat dit een plek krijgt in je organisatie. Dat is nodig als bedrijven die al langer bestaan relevant willen blijven in de digitale wereld.”
  4742 Hits
  0 Comments
4742 Hits
0 Comments

Voor P&G en Unilever wordt innoveren belangrijker dan adverteren

Voor P&G en Unilever wordt innoveren belangrijker dan adverteren

Merken als Procter & Gamble, Unilever of Coca Cola zijn groot geworden door adverteren. In het tijdperk van de Vierde Industriële Revolutie draait het echter vooral om innoveren. Anders kunnen ze nooit de strijd aangaan met tech-bedrijven als Google, Facebook, Airbnb, Tesla, Alibaba of Uber. Veel bedrijven hebben moeite met deze cultuuromslag. Ook omdat er een groot tekort is aan ervaren, goede digitale-, tech- en data-specialisten.

Dat stelt award-winnend marketing strateeg en media- en innovatie-expert Igor Beuker aan de vooravond van het congres How To Make It Work, dat IAB Nederland op 7 november houdt in Amsterdam. Thema is de digitale transformatie van merken en marketeers.

 
Nieuwe en oude wereld
,,Digitale transformatie is meer dan je advertentiebudgetten op internet verhogen of verschuiven van tv naar online. Het is een andere mindset. Een cultuuromslag,” stelt Beuker. ,,Sterke merken uit de oude wereld hebben daar veel moeite mee. Bedrijven als Coca Cola, Unilever en Procter & Gamble zijn de grootste in hun markt geworden doordat ze de grootste advertentiebudgetten hadden. Ze innoveren wel, maar te weinig en te traag. Ze zijn verslaafd aan advertising. De bedrijven van de 21e eeuw - de nieuwe wereld - zijn niet groot geworden door advertenties, maar door innovatie en hun trend-gedreven cultuur. Die zeggen gewoon: we gaan het doen. Ieder merk kan trends en technologie verzilveren en groeien, maar de een ziet de kansen niet en de ander wel. De enige constante in de komende twintig of dertig jaar is verandering. De vraag die een bedrijf zich moet stellen is dus: ben je klaar om steeds te innoveren. Ben je klaar voor AI, nieuwe technologie en andere trends? Dat zijn veel oude bedrijven niet.”

 
Mad Men en Math Men 
Beuker deelt merken en marketeers in twee kampen in. De Mad Men - naar de populaire tv-serie - zijn de marketeers en merken die volledig afhankelijk zijn van reclame en in hun oude businessmodel zijn blijven hangen. De Math Men zoeken succes in innovatie en technologie.

Hun succesformule is niet adverteren. Ze verzilveren trend na trend en investeren een groot deel van hun winst in hun platform, innovatie en martech, digitaal talent en slimme acquisities.

 
CIO, CTO en CDO 
Beuker weet waar hij over praat. Hij was een van de oprichters van IAB in 1997, werkte bij WPP voor de grootste merken en bedrijven en is trendwatcher voor Fortune 500’s. Eerder schreef hij al op frank.news dat de digitale transformatie van merken en mediabedrijven te traag gaat. Veel van de grote bedrijven zien daar volgens hem de noodzaak niet van in. Bovendien missen ze de skills en de juiste mensen. Beuker: ,,Voor succes en groei in de 21e heb je CIO’s (Chief Innovation Offficers), CTO’s (Chief Technology Officers) en CDO’s (Chief Data Officers) nodig. Of een CMO die expert is op het gebied van trends, digitalisering en data. Als je die nu nog niet in huis hebt, wordt het lastig, want echte toppers werken nu allemaal voor bedrijven als Google, Airbnb en Amazon.”

 
Tekort groeit 
Het probleem is: mensen met die specifieke skills zijn niet meer beschikbaar. ,,Die willen vaak niet eens voor Mercedes of P&G werken,” stelt Beuker. ,,Er is een groeiend tekort aan mensen met ervaring en de juiste skills. Voor de top 500 van bedrijven in Nederland zijn er slechts 100 mensen beschikbaar die die digitale transformatie op C-level al succesvol gedaan hebben. Terwijl de markt om 100 goede, ervaren data-analisten vraagt, zijn er maar een stuk of tien beschikbaar. Dat is een groot probleem. Ga ze maar eens vinden, zorg dat ze voor jou willen werken en ga ze maar eens betalen. De meesten zijn al lang ingelijfd door de Math Men-bedrijven.”

 
Klanten kennen 
Volgens Beuker hebben sterke merken en mediabedrijven een nieuwe mindset nodig. ,,Retailers hebben e-commerce te lang onderschat en het gros kent slechts 30 procent van zijn klanten. Dan is een Omnichannel strategie mooi in PowerPoint, maar de winst blijft dalen. Amazon en Netflix kennen 100 procent van hun klanten en kijker, maar tv-netwerken hebben kijkers die ze amper kennen en zijn volledig afhankelijk van advertentie-inkomsten. Facebook en Google switchen hybride businessmodellen om nog harder te kunnen groeien. Ze kennen hun klanten inmiddels beter dan de klanten zichzelf denken te kennen”, vertelt hij.

 
Trends verzilveren 
Digitale transformatie en innovatie gaat volgens hem veel verder dan advertising. Beuker: ,,Ik lees meewarig dat P&G en Unilever 100 miljoen euro gaan schuiven van digitaal naar offline kanalen. Alsof dat het verschil maakt. Feit is dat P&G en Unilever in 2016 respectievelijk 7 en 6 miljard uitgaven aan global advertising, maar Unilever moest wel startup Dollar Shave Club kopen voor 1 miljard Dollar om nog een plek te verdienen in male grooming en subscription commerce. Deze eeuw vraagt simpelweg om een andere mindset en aanpak. Je moet nu een ster zijn in digitale marketing innovatie, trends tijdig verzilveren en je klanten kennen en op maat bedienen. Natuurlijk kan adverteren daarbij helpen, maar om te overleven of te groeien komende decennia is innovatie key.”

 
TV wordt ook programmatic en addressable 
IAB Nederland meldde onlangs opnieuw een groei van de online bestedingen. Volgens de meest recente Online Ad Spend Study van Deloitte stegen die in het eerste half jaar van 2017 met 13 procent naar een omzet van 954 miljoen euro. Volgens Beuker zal de groei ook de komende jaren aanhouden. Zeker als grote merken mobile commerce echt gaan omarmen.

Ook voorspelt hij dat de scheidslijn tussen bijvoorbeeld online en tv zal vervagen. ,,Was tv 60 jaar lang een medium dat alleen geschikt was voor one-size-fits-all campagnes, komende jaren krijgt tv ook de kracht van het internet. Tv wordt net zo targetable, programmatic en addressable als internet en online video,” zegt hij. ,,Maar ook voor tv content op maat en personalisatie is specifieke kennis van onder andere data, digitalisering, CRM en AI nodig.”
  3848 Hits
  0 Comments
3848 Hits
0 Comments

Amerikaanse bedrijven bieden hulp in Houston

Amerikaanse bedrijven bieden hulp in Houston

Grote en kleine Amerikaanse merken verlenen op hun eigen manier hulp aan de mensen in Houston die getroffen zijn door de zware regenval en orkaan Harvey. Bedrijven als Apple, Amazon, Walmart, PepsiCo, JP Morgan en Home Depot hebben allemaal een miljoen dollar gedoneerd. The Drum houdt een complete lijst bij van tweets van bedrijven waarin ze melding maken van een donatie of actie.

Ook andere bedrijven verleenden op hun eigen manier hulp. Airbnb heeft de lokale gemeenschap opgeroepen om hun huizen gratis ter beschikking te stellen en T-Mobile heeft haar netwerk voor een periode gratis ter beschikking gesteld in de regio. Ook heeft Duracell gratis batterijen geleverd. Supermarktketen Walmart heeft zelfs een eigen crisiscentrum ingericht om te onderzoek waar de meeste behoefte aan is.

Een beetje vroeg misschien was de reactie in het FD van het Nederlandse Arcadis en Royal HaskoningDHV dat kansen ziet voor watermanagementprojecten in de getroffen stad. ,,Je kunt voetbalvelden als waterbuffer gebruiken,’’ zei Nanco Dolman die zich bij ingenieursbedrijf Royal HaskoningDHV bezighoudt met stedelijk watermanagement.
  1041 Hits
  0 Comments
1041 Hits
0 Comments

Leren van Facebook, Airbnb en LinkedIn

Leren van Facebook, Airbnb en LinkedIn

Van een grote podcastliefhebber kreeg ik de tip voor Masters of Scale Podcast en het is inderdaad een geweldige serie. Basis van het format is hoe je als bedrijf van helemaal niks tot een miljardenbedrijf kan uitgroeien. En het mooie is dat alle grote mannen en vrouwen van - bijvoorbeeld - Facebook en Airbnb hun ondernemersgeheimen onthullen.

 
Op zich is het idee voor een podcast over het opschalen van groeiende bedrijven al goed, maar zoals alles in het leven gaat het om de uitvoering. En ook dat gedeelte is prima verzorgd. Er zijn bij deze podcast namelijk allemaal mensen betrokken die je ook echt over dit onderwerp wil horen, de grote meneren in de online wereld dus. Als eerste host Reid Hoffman, een van de oprichters van LinkedIn en vandaag de dag een grote investeerder in startups. Het idee voor de podcast is dat hij tijdens zijn periode bij LinkedIn en daarna allerlei kennis opdeed over het succes van online bedrijven die groot werden en deze theorieën is hij verder gaan onderzoeken. Elke week bespreekt hij dus een thema waarbij één persoon de hoofdrol speelt die vertelt over deze thematiek zoals bijvoorbeeld het pitchen van ideeën bij investeerders waarbij de les is: focus op het ombuigen van een ‘nee’ in een ‘ja’.

 
Grote mannen en vrouwenHet aardige natuurlijk is dat de grote mannen en vrouwen in de online wereld elkaar allemaal kennen, van congressen of van bezoekjes aan een of andere president en dus levert redactionele zoektocht van Hoffman een paar aardige namen op. Zo zijn er afleveringen met Googles Eric Schmidt, Facebooks Mark Zuckerberg en Airbnb’s Brian Chesky die allemaal zeer openhartig vertellen over de manier waarop ze hun bedrijven zo lieten groeien in een relatief korte periode.

 
Chaos bij Google
Interessant bijvoorbeeld is het verhaal van Schmidt die vertelt hoe hij de chaos bij Google managede die nodig is om goede plannen te laten ontstaan. Hoffman: ,,Het gaat erom dat de beste managers hun medewerkers niet gaan voorschrijven hoe ze moeten innoveren. Als je een innovatief bedrijf wil dan is het jouw taak om de chaos te managen. Dat lijkt een contradictie, maar dat is niet het geval. Jouw medewerkers moeten met wilde ideeën komen en het is niet aan jou om die in te dammen.’’ Schmidt vertelt in de podcast over de manier waarop je innovatie een eerlijke kans kan geven. Door het geven van vrijheid om ideeën te bedenken, snel beslissingen te nemen over de implementatie en de timing om snel op te schalen als het nodig is. Hij vertelt bijvoorbeeld dat de beslissing om YouTube te kopen in tien dagen is genomen.

 
Beginfase van AirbnbInteressant is ook de aflevering met Brian Chesky die vertelt over de beginfase van Airbnb. Hij vertelt over zijn bezoekje aan durfkapitaalverstrekker ‘Y Combinator’ waar het destijds een heleboel geld ophaalde. Paul Graham, founder van Y Combinator vroeg aan Chesky waar zijn klanten woonden. Hij antwoordde dat er in New York wel aardig wat zaten waarop Graham vroeg wat hij dan in Mountain View deed met zijn kantoor. Chesky murmelde iets over de schaalbaarheid waarop Graham zei dat dit het enige moment was dat ze tijd hadden voor die klanten. Hij nam het advies ter harte en ging samen met zijn partner huizen fotograferen om de eerste klanten te leren kennen. Hij kreeg letterlijk complete ‘roadmaps’ met tips tijdens die sessies. Ze stelden vragen als: ‘wat zouden wij kunnen doen om een onvergetelijke ervaring te krijgen die je tegen iedereen doorvertelt’. Hij ontwikkelde zelfs een compleet sterrensysteem waarbij de ervaring steeds exclusiever zou zijn… tot niveau 11 waarbij je als een soort Beatle op het vliegveld wordt ontvangen terwijl er 5000 mensen naar je zwaaien.

 
Een host die zelf iets verteltDeze podcast had als ambitie om echt iets te leren van de allergrootsten en dat is natuurlijk een mooi uitgangspunt. Het is ook leuk dat Hoffman de autoriteit en ervaring heeft om zelf ook iets te vertellen over de thematiek en zo’n prominente host werkt goed op een podcast. Tegelijk ga je tijdens het luisteren hunkeren naar een Engelse variant van deze opzet waarbij de businesshelden ook iets vertellen over hun mislukkingen en daar met verve over vertellen.

 
  2474 Hits
  1 Comment
2474 Hits
1 Comment

5 Sterren-review schrikt kopers juist af

5 Sterren-review schrikt kopers juist af

Een goede review op internet leidt niet altijd tot meer aankopen. Sterker nog: een merk of een product dat vijf sterren krijgt wordt juist minder verkocht, omdat consumenten denken dat zo’n beoordeling te mooi is om waar te zijn.

 
Eigenlijk leiden alle reviews met meer dan 4,5 sterren tot minder aankopen. Alleen beoordelingen tussen de 4,2 en 4,5 sterren leiden tot stijgende verkoopcijfers. Deze opvallende conclusies uit het onderzoek ‘Too good to be true: the role of online reviews’ features in probability to buy’ van Ewa Maslowska, Edward C. Malthouse en Stefan F. Bernritter, zullen voor menig marketeer een klap in het gezicht zijn. Niet zo gek dus dat het SWOCC het onderzoek dit kwartaal heeft geselecteerd.

 
Krachtige marketingtool 
Of het nu gaat om online reputatiemanagement, Word Of Mouth (WOM) of beoordelingen van vergelijkingssites; online reviews zijn een krachtige marketingtool. Consumenten vertrouwen erop bij het boeken van reizen of hotels, hun aankopen bij webshops, het kijken van films, het luisteren van muziek of het aangaan van abonnementen. Een kamer bij Airbnb, een taxi van Uber, een nieuwe dvd; met een slechte review kunnen ze het schudden. Daarom besteden wetenschappelijke onderzoeken veel aandacht aan de effecten  van online reviews op het gedrag van consumenten en hun aankoopbeslissingen. Vaak wordt echter alleen de aankoopintentie en niet het daadwerkelijke aankoopgedrag onderzocht. Daardoor was tot nu toe niet duidelijk of goede reviews wel tot meer omzet leiden.

 
Non-lineair verband 
Dat verband hebben deze onderzoekers wel onderzocht. De drie hebben de effecten van reviews op de verkoopcijfers van drie online webshops geanalyseerd voor gloeilampen, damessportschoenen, haarverzorgingsproducten en geneeskrachtige kruiden. Ze keken daarbij zowel naar het aantal reviews als de score die klanten uitdeelden.

De uitkomsten zijn verrassend: het effect is non-lineair. Oftewel: betere reviews leiden niet meteen tot meer omzet. Een goede beoordeling leidt wel tot een hogere kans op aankoop - dat wisten we al - , maar extreem hoge waarderingen wekken juist wantrouwen op bij consumenten.

 
Geloofwaardigheid 
Zoals we eerder al schreven is bijvoorbeeld bij vergelijkingssites geloofwaardigheid een belangrijk thema als het gaat om online reviews. En juist daar hebben de onderzoekers opmerkelijke effecten ontdekt. Terwijl een gemiddelde waardering van tussen de 4,2 en 4,5 sterren zorgt voor hogere verkoopcijfers, leiden hogere waarderingen juist tot een daling. Producten en merken die steeds vijf sterren krijgen worden ongeloofwaardig. Negatieve reviews weghalen om het gemiddelde cijfer op te krikken heeft dus geen zin. Zo af en toe een negatieve review ertussen verhoogt juist de geloofwaardigheid.

 
Niet teveel 
Ook teveel reviews op een website kunnen nadelig uitpakken. Meestal leiden die niet tot meer verkoop. Volgens de onderzoekers heeft een groot volume aan reviews alleen een positief effect bij de verkoop van damessportschoenen. Bij gloeilampen vonden ze dat effect niet. Bij natuurlijke haarverzorgingsproducten en geneeskrachtige kruiden leiden te veel reviews zelfs tot dalende verkopen. Het hangt een beetje af van het product, maar mogelijk willen consumenten dus niet overvoerd worden met reviews, waardoor ze geen beslissing meer kunnen nemen.

 
De SWOCC Selectie lees je op SWOCC.nl.
 
  5924 Hits
  0 Comments
5924 Hits
0 Comments

Consultants nemen reclamewereld over

Consultants nemen reclamewereld over

Sterke combinatie toch? Consumentenbureaus hebben de creativiteit om doelgroepen te bereiken en consultants de wereldwijde markten, de kennis en de onderbouwde researchmogelijkheden. De consultantwereld omarmt de creatieve industrie; grote consultancybureaus als Deloitte en Accenture kopen creatieve bureaus. Deze nieuwe concurrentie lijkt een nieuwe slag voor de reclamebureaubranche of is het juist een zegen?

 
Onlangs stipten we al vier grote gevaren voor reclamebureaus aan. Een van de feiten waar de bureaus en hun holdings mee moeten dealen, is dat er steeds meer concurrentie komt uit allerlei hoeken. Adverteerders, mediabureaus en ook exploitanten zetten zelf stappen. Ze weten dat ze tegenwoordig direct moeten anticiperen op wat de consument wil.

 
Consultants flirten met reclamebureaus
We kunnen daar nog wel een paar belangrijke spelers aan toevoegen: de grote managementconsultancyfirma’s als Deloitte, Accenture, KPMG, PwC en McKinsey, maar ook technologiebedrijven als IBM, Oracle en Adobe. Deze, op het eerste gezicht branchevreemde, partijen zijn de afgelopen jaren reclamebureaus begonnen, of hebben deze overgenomen. Ze hebben vooral naar bureaus gekeken die gespecialiseerd zijn in kennis over gebruikerservaringen, digitale marketing, design, web en mobiel. Daarmee concurreren ze nu met de grote jongens in de reclame-industrie, zoals het Britse WPP (bekend van bureaus als JWT en Ogilvy & Mather), de Amerikaanse holdings Omicom (TBWA en DDB), Interpublic (McCann) en het Franse Publicis (Leo Burnett). En dat gaat om miljarden. IBM acquireerde vorig jaar bijvoorbeeld het Amerikaanse creatieve bureau Resource/Ammirati over, Deloitte kocht Heat uit San Francisco en Accenture Karmarama, een groot creatief Brits bureau.

Volgens het Amerikaanse communicatievakblad Advertising Age zijn in de top-10 van grootste reclamefirma’s wereldwijd inmiddels ook Accenture, PwC, IBM en Deloitte binnengekomen. Met stip. Samen zijn ze goed voor een ‘inkomen’ van 13,2 miljard dollar en staan ze net onder de traditionele top-5 bestaande uit WPP, Omnicom, Publicis Groupe, Interpublic and Dentsu. De namen van de bureaus die zij onder hun hoede hebben, we noemden al Ogilvy & Mather of Leo Burnett, stammen nog uit de tijd van de ‘mad men’ die hun bureaus nog naar zichzelf noemden. Dergelijke bureaus zagen de laatste jaren hun business afbrokkelen en de marketingbudgetten die ze toegeschoven kregen afnemen.

 
Wel nieuwe realiteit, niet verrassend
Het is de nieuwe realiteit, maar heel verrassend is het ook weer niet. In de disruptieve marketingbranche heerst er grote onrust. Een fenomeen als ad blockers en de trend van teruglopende traditionele tv-kijktijd betekenen dat je als adverteerder moeilijker de grote massa kunt bereiken. Ondertussen hebben de afgelopen jaren ontstane bedrijven als Uber en Airbnb merken kunnen bouwen zonder grote marketingbudgetten. Marketeers zien dus dat ze hun marketingstrategie moeten transformeren en meer moeten investeren in technologie en mobiel, om directer bij de consument te komen. Ze hebben schaalgrootte nodig en partners die direct inzichten kunnen bieden in data, analytics en resultaten uit klantenservice. Het gaat tegenwoordig om businessdoelstellingen in plaats van merkvraagstukken.

 
Marketeers staan open voor hulp consultants
Volgens een recent onderzoek van Forrester staan marketeers open voor de hulp van consultancy’s voor (digitale) marketing. Bijna driekwart omarmt de consultancy’s en 15 procent zegt zelfs dat deze partijen zeer welkom zijn. Een woordvoerder van Accenture legt in het artikel in Adage scherp uit hoe sterk de markt is veranderd. In 2009 begon de consultancy Accenture Interactive om grote en moeilijke wereldwijde digitale vraagstukken op te kunnen lossen. Daar kwam op een gegeven moment ook marketing bij, dus dat nam men ook op in de business.  ,,We zijn van het klassieke zenden van boodschappen naar interactie met de klant gegaan en daar worden merken nu op gebouwd. Van ervaringen met e-commerce tot hoe men consumenten in fysieke winkels het beste kan bedienen.”

De (traditionele) reclamebureaus en grote adviesfirma’s verschillen nogal in uitstraling en manier van werken. Ze komen elkaar bijvoorbeeld niet tegen in marketingpitches en het werk van de consultancy- of technologiebedrijven is eigenlijk minder zichtbaar of tastbaar. Maar ze werken in feite voor dezelfde klanten en daar kruisen ze elkaar dus wel. En waarom zou je als klant dan niet ook je marketingactiviteiten neerleggen bij PwC of Deloitte? Nu ze ook creativiteit in huis halen, lijkt er geen houden meer aan. Een ander voordeel is dat het al wereldwijde conglomeraten zijn en dus dat ze snel kunnen schakelen. Het is niet ondenkbaar dat er ook dit jaar weer acquisities zullen plaatsvinden van creatieve (digitale) bureaus.

 
Creativiteit combineren met data, research en analyse
Daar ligt nog steeds het voordeel voor de meer traditionele reclamebureaus: de creativiteit is een belangrijke asset. Die heeft altijd centraal gestaan in hun business. Maar bij de meer klassieke reclamebureaus staan de marges onder druk, waardoor ze moeilijker kunnen investeren in innovatie en nieuw talent. Toch zullen ze wel moeten. Het is voor deze bureaus hoog tijd dat ze creativiteit gaan combineren met inzichten uit data, research, analyse, CRM en digitale innovatie. Het zou logisch zijn als de grote communicatiebedrijven als WPP en Omnicom daar de komende tijd fors in gaan investeren. Een andere optie voor de toch niet onvermogende communicatienetwerken is dat ze eens informeren naar een samenwerking of misschien zelfs wel fusie met één van de consultancybedrijven of technologiefirma’s.

 
  6046 Hits
  0 Comments
6046 Hits
0 Comments

Het marketingwonder van Airbnb verklaard

Het marketingwonder van Airbnb verklaard

Airbnb verhuurt geen kamers, maar biedt ervaringen. Met persoonlijke trailers van hosts verspreid over zo’n 190 landen, democratiseert Airbnb de marketing. Storytelling door de gebruikers zelf. En het slaat aan, bij jongeren en ouderen. Influencers als Beyoncé en Lady Gaga helpen een handje mee. Maar Airbnb moest van ver komen.

 
Het appartement in de Trump Tower is sinds ruim een week helaas van de lijst van Airbnb geschrapt. Het was een buitenkansje, maar de veiligheid van de familie Trump gaat voor. Tijdens de Olympische Spelen in Rio de Janeiro kon je een kamer huren binnen een stadion met uitzicht op het speelveld. Een kasteeltje in Frankrijk kan ook. Publiciteit over bijzondere locaties gaat bij Airbnb bijna vanzelf.

 
Van Gogh in Chicago 
Neem de nagebouwde slaapkamer van Van Gogh, een initiatief van het Art Institute in Chicago dat bij Airbnb aanklopte. De ticketverkoop voor het museum sprong omhoog en Airbnb was niet uit de media weg te slaan. „Het is de grootste marketing story uit Airbnb’s geschiedenis,” zegt CMO Jonathan Mildenhall, die van een topbaan bij Coca Cola overstapte naar Airbnb.

„We hebben een online tool gemaakt waarmee brands voorstellen kunnen doen zoals met Van Gogh. We gaan graag met andere bedrijven in zee,” zegt Mildenhall in een interview met de krant The Globe and Mail. Hij ziet Airbnb steeds professioneler worden. „We zijn niet langer de disrupter, maar maken deel uit van het travel establishment. ‘Living like a local’ is een groots idee vanuit marketingperspecief, daar kunnen we mee vooruit.”

 
Community Centric Storytelling 
Lange tijd was de kritiek op de organisatie niet mis: van oneerlijke concurrentie met hotels tot het verstoren van de leefbaarheid van buurten. Maar successtories krijgen steeds meer de overhand. Airbnb biedt mensen een inkomen door (een deel van) hun huis te verhuren en brengt mensen bij elkaar. Reizigers ontmoeten locals en dat kan voor beiden een rijke ervaring zijn. Die ervaringen laat Airbnb terugkomen in de marketing. De methode, zoals marketingsite Contently het noemt: rich community centric storytelling. Het gaat om het vertrouwen tussen de hosts en de gasten. En de buurt moet meeprofiteren.

De persoonlijke stories lijken te werken. Ze gaan samen met speelse foto’s en pakkende titels als ‘Brazilian Style: from host to hero’ of ‘Sandy’s impact: opening doors in a time of need’. Authenticiteit is het sleutelwoord en Airbnb hoeft er bijna niks voor te doen. Wie de verhalen leest, krijgt zin om op reis te gaan. De hosts kunnen je – als je dat zou willen – meenemen naar het café om de hoek, je een experience geven die bij een hotel ontbreekt. „Het idee is dat hosts zelf hun verhaal vastleggen,” zegt Mildenhall. Naast verhalen staan er op Facebook ook video’s.

 
Marketingbrein Blecharczyk 
De huidige professionele aanpak staat bijna haaks op de marketing van het begin. Toen Airbnb de crisis uit de begintijd te boven kwam, groeide de organisatie uitzonderlijk snel. Harde en slimme marketingtechnieken, soms op de rand van de illegaliteit, deden hun werk.

Medeoprichter, programmeur en huidig CTO Nathan Blecharczyk was het brein achter de marketing. Vorig jaar nog werd hij als held binnengehaald bij het Startup Fest Europe in Amsterdam, maar weinigen kenden zijn geschiedenis als grootschalig verspreider van spam, zoals Bloomberg-journalist Brad Stone beschrijft in zijn nieuwe boek The Upstarts.

Marketeers in Silicon Valley zijn vaak programmeurs. Ze gaan zover dat ze inbreken op andere sites en klanten van concurrenten rechtstreeks benaderen. Blecharczyk is als tiener al gefascineerd door computers. Hij schrijft een spelprogramma dat hij op internet plaatst en een bedrijf benadert hem voor een opdracht. Dan begint hij een softwarebedrijfje dat hem een miljoen dollar oplevert. Hij betaalt er onder meer zijn studie computer sciences aan Harvard University mee.

 
Strijd met Craigslist 
Blecharczyk geldt als de ‘growth hacker’ bij Airbnb en gebruikt zijn programmeurskwaliteiten om diens product in de markt te zetten. Voornaamste concurrent is advertentiesite Craigslist, waar ook veel appartementen te huur staan. Blecharczyk bedenkt een systeem dat automatisch een email stuurt naar iedereen die een huis of kamer op Craigslist aanbiedt. Zo’n mail ziet er als volgt uit: „We hebben gezien dat je een appartement aanbiedt in plaats A. We bevelen aan het ook te plaatsen op de een van de grootste huizensites in A, dat is Airbnb. Die site heeft drie miljoen bezoekers per maand.” Alle mails zijn hetzelfde, maar toegespitst op de stad. De afzender is altijd een vrouw met een gmail-account.

Ondernemer Dave Gooden verbaast zich in 2010 over de plotselinge populariteit van Airbnb. Hij ontdekt dat Airbnb op grote schaal gmail-accounts registreert en een systeem heeft opgezet om aanbieders op Craigslist te spammen. Blecharczyk legt later uit dat Airbnb buitenlandse contractors heeft ingehuurd die per lead worden betaald. Het systeem zou Airbnb overigens niet zo veel hebben opgeleverd.

Een andere strategie geeft meer resultaat. Airbnb biedt de eigen aanbieders aan hun advertentie op de Airbnb-site in één klik te kopiëren naar Craigslist. Aanbieders krijgen de voordelen voorgeschoteld: „Door te herposten op Craigslist krijg je meer aandacht, terwijl je je zaken via Airbnb kan blijven regelen.” In 2012 onderneemt Craigslist actie en verwijdert Airbnb de tool. Maar inmiddels hebben velen al de overstap gemaakt, ook door de visueel aantrekkelijker Airbnb-site.

 
Magical Trips op Facebook Live 
Airbnb heeft zulke wilde marketingtechnieken inmiddels achter zich gelaten. De organisatie is meer mainstream geworden. Bij de marketing staan nu storytelling en authenticiteit centraal. Zoals bij de ‘real-time magical trips’ in een aantal steden op Facebook Live. „We laten zien wat een trip bij Airbnb betekent,” zegt CMO Mildenhall in Adweek. „Onze strategie op Facebook is een live experience. Je ziet geen acteurs, maar echte hosts. Het is een avontuur dat zich voor je ontvouwt.”

Het streven is dat de hosts video’s uiteindelijk helemaal zelf kunnen maken. Nu gebeurt de editing vaak door Airbnb. De organisatie is bezig software te ontwikkelen waarmee mensen zelf aan de slag kunnen. Het idee blijft hetzelfde. „We hebben geen nieuwe strategie voor storytelling nodig om ons te onderscheiden. Het gaat ons om authenticiteit van connecties tussen mensen. Daarmee onderscheiden we ons, want weinig brands kunnen erop vertrouwen authentiek te zijn.”

 
Dit artikel is een vervolg op het eerdere verhaal over de begintijd van Airbnb: “Hoe Airbnb langs de langs de afgrond balanceerde”.
 
  5311 Hits
  0 Comments
5311 Hits
0 Comments

Wat als aantal likes alles gaat bepalen

Wat als aantal likes alles gaat bepalen

Dat veel tijd doorbrengen op social media niet bevorderlijk is voor je gemoedstoestand, rust en geluk wisten we natuurlijk al lang. Al is het maar omdat talloze studies dat telkens opnieuw uitwijzen. Maar niets zo overtuigend als visualisatie. En dat bewijst de Netflix-topper Black Mirror, de anthologieserie die in elke aflevering aandacht besteedt aan de bijwerkingen van moderne technologie en internet.

 
Met een grote belangstelling bekeek ik een paar weken geleden in ‘een poep en een zucht’ alle op Netflix verschenen seizoenen van Black Mirror uit. Op aanraden van een vriendin, die precies goed had ingeschat dat ook ik deze serie een verrassend pareltje zou vinden, het grensde aan serendipiteit. Voor mensen die ‘m al lang kennen: BM is inderdaad niet nieuw. De eerste aflevering van de Britse serie verscheen in 2011. Na de eerste twee seizoenen nam Netflix de uitzendrechten over van Channel 4. Het derde seizoen, bestaande uit zes afleveringen, verscheen pas eind oktober 2016 op Netflix.

 
Like, like, like 
Van alle afleveringen intrigeerde aflevering 1 van het derde seizoen ‘Nosedive’ me misschien wel het meeste. Geënt op het gegeven dat we leven in een wereld die draait om extreme online bevestiging. In de vorm van likes, hartjes, swipes, comments, endorsements and so on. In de aflevering geven mensen elkaar ratings door middel van een sterrensysteem à la Uber of Airbnb. Maar dan in real life. De ratings zijn direct zichtbaar voor de ontvanger en volgers op hun telefoon. Een vriendelijk praatje in de lift met die trien van vroeger? Goed voor 4 sterren. Een compliment over het gratis koekje bij de koffie (voor je ‘m in de prullenbak flikkert natuurlijk), 5 sterren in de pocket van de bakker!

 
Oopsy daisy 
Hoe meer likes je krijgt, des te meer deuren gaan er voor je open in de wereld die in Nosedive wordt beschreven: de beste tafel in je favoriete restaurant, korting op een exclusief appartement, de fast lane op het vliegveld… Het ligt allemaal binnen handbereik. Er is maar één voorwaarde: vergeet gewoon even wie je bent en wees niet langer jezelf, wil je? Je identiteit is volledig ondergeschikt aan sociaal wenselijk gedrag. Wees leuk tegen elke willekeurige voorbijganger, strooi met valse complimenten, negeer iedereen met een te lage ratingscore (slecht voor je imago!). En als je slachtoffer wordt van - ik noem maar iets - een auto die je door zijn ‘sportieve rijstijl’ in combinatie met een grote plas op de weg voorziet van een nat pak, dan zeg je ‘Oopsy daisy’ of iets in die trant. En dus niet ‘kutzooi!’, omdat die ‘k’ er zo lekker uit knalt. Ga vooral zelf kijken, maar in de serie mondt al dit onnatuurlijke gedrag en deze valse bescheidenheid uiteindelijk uit in haast psychotische razernijen.

 
Blote konten manie 
Een hyperbool? Een tikkeltje absurdistisch, noemde een vriendin het. Maar zo overtrokken komt de aflevering op mij helemaal niet over. Zeker niet als ik kijk naar Instagram en hoe veel twenty something meiden zich profileren en op zoek zijn naar die bevestiging. Vol verbazing scroll ik door een toenemend aantal profielen vol blote, bolle konten. Meiden die in een stringetje op de foto staan, de kont pront naar achter met de tekst ‘happy humpday’. Of – erger nog – een quote die compleet los staat van die kont. Maar bijvoorbeeld een quote die jou vertelt dat alles in het leven mogelijk is. De rating – ha, leuke woordspeling, ja – bestaat hier uit het geven van ‘perziksymbolen’, ten teken dat de bolle bips een ‘enorme inspiratie’ voor de liker is.

 
Behoefte aan bevestiging 
Vooral jonge meiden zijn op Instagram bezig met bevestiging. ,,Zij hebben behoefte aan herkenning en een like betekent: ik vind jou leuk,” zo zei kids- en jongerenmarketeer Angela Weghorst naar aanleiding van een groot onderzoek al eens in een interview met frank.news.

Was het eerder nog trend om jezelf alleen in het beste licht, met de beste filter, goed in de make-up en net nadat je gepoept had (want platte buik) te fotograferen. Tegenwoordig draait het om #bopo (body positivity). Licht hoeft niet meer flatterend te zijn, cellulitis wordt niet gephotoshopt en over een rolletje hier en daar wordt liefdevol gesproken… Dit zou echt een fantastische ontwikkeling zijn voor alle vooral jonge meiden die kampen met onzekerheid – dat meen ik! - ware het niet dat ook hier weer een druk vanuit gaat. Want nu doe je pas echt mee als je jezelf in vol ornaat laat zien. Moet je juist foto’s met ijsjes posten en is het een sport jezelf onflatteus neer te zetten…. Maar wat nou als je daar helemaal geen zin in hebt, maar je bent 20 en voelt de druk om vooral mee te doen?

 
Verkeerd signaal 
Het barst op Instagram onder deze jonge meiden van de ‘ED survivoris’ (eating disorder, red.) of ‘mental health advocates’ die daarmee laten zien dat een eetstoornis – overwonnen of niet – nog altijd een groot onderdeel van hun identiteit uitmaakt. Ze vertellen de valse boodschap ‘dat je er mag zijn’ en dat ‘je jezelf alleen met jezelf moeten vergelijken’, maar posten daarbij wel doodleuk dat plaatje waarin ze zelf met perfect lijf in de laatste mode of een bikini staren naar een stip op de horizon. ,,O, had ik maar zo’n lichaam teruggekregen na het genezen van mijn eetstoornis,” gonst het in de comments. Is dat dus echt het signaal dat je een meisje dat een eetstoornis had of heeft wilt geven? Ze gaan mee in de hype van fitnesswedstrijden, zetten zich er een paar maanden later weer tegen af en posten junkfood foto’s #girlslovecarbs. Bedenken dan dat ze meer zijn dan fitgirl en halen het woord uit hun accountnaam, om vervolgens de balans op te zoeken. We zien een truttige foto van 1 glaasje wijn of een stuk cheesecake #balanceiskey, waarmee ze anderen – onbedoeld? - laten zien hoe gedisciplineerd ze zijn. Ik zie namelijk nooit foto’s van een uit de hand gelopen avond met 2 flessen wijn of 4 keer in de week een stuk taart, omdat er nou eenmaal veel verjaardagen waren. De volgers vinden elke nieuwe richting weer even inspirerend voor hun eigen leven… En meestal tussen deze fases door zijn er wat periodes dat de populaire meiden even een break nemen op Instagram, omdat ze erachter kwamen dat er meer is in het leven. Maar gelukkig zijn daar de vele likes en warme reacties bij terugkomst.

 
Wolf in schaapsklerenhype 
En dan hebben we nog de transformatiehype. Wil je een paar K aan likes binnenhalen dan moet je transformeren. Dat hoeft niet heel schokkend te zijn hoor. Een nieuwe job is al voldoende. Als je het maar goed dik aanzet en het emotioneel maakt. Dan ben je direct een bron van inspiratie voor iedereen die ook best wat anders zou willen. ,,Eerst had ik een goede baan in het corporate bedrijfsleven. Nu werk ik voor een sportschool en ben ik professioneel fitgirl.” Ik maak geen grap, woorden van deze strekking komen voorbij. Geen ruimte voor grijs; bedrijfsleven: boeh, slecht! Fitgirl: goed. Wat volgt is een lading aan positieve reacties, waarna deze Instagrammer elke zoveel weken een variatie op de post over haar carrière switsch-verhaal doet. Want wat als de likes te lang uitblijven? ,,Jullie reacties zijn zo fijn. Zal ik anders een blog starten over ‘mijn verhaal’ om jullie te inspireren?’ Inspiratie mag van mij nu tot grootste, sleetste containerbegrip worden verklaard.”

Noem me een azijnzeiker, maar deze ontwikkeling vind ik kwalijk! De ‘wolf in schaapsklerenhype’. Al die meiden die anderen online aanmoedigen zichzelf te zijn, terwijl ze ondertussen (onbewust) een heel ander geluid afgeven.

 
Seizoen 4
Nog even over Black Mirror dan! Seizoen 4 is in de maak en Jodie Foster schijnt director van een van de afleveringen te zijn. Waarschijnlijk is het seizoen in de herfst van dit jaar te zien op Netflix. Ik kan niet wachten.
  1561 Hits
  0 Comments
1561 Hits
0 Comments

Hoe Airbnb langs de afgrond balanceerde

Hoe Airbnb langs de afgrond balanceerde

Airbnb heeft een geschatte waarde van zo’n 30 miljard dollar, maar het heeft weinig gescheeld of het bedrijf had niet eens meer bestaan. De kersverse startup kreeg weinig klanten, investeerders zagen niets in homesharing en de schulden van de oprichters namen snel toe. Hoe kwam Airbnb de crisis te boven?

Oprichters Brian Chesky en Joe Gebbia kunnen op een gegeven moment hun appartement in San Francisco niet meer betalen. De Airbnb-website is in de lucht, maar er zijn niet meer dan enkele tientallen klanten. Het lukt niet investeerders te vinden en de twee hebben zich flink in de schulden gestoken. Er moet snel iets gebeuren.

Joe komt met een idee: een granenontbijt rond de presidentsverkiezingen tussen Obama en McCain (2008). Ze bedenken twee verschillende ontbijten die je in feestverpakking kunt bestellen. Ze kopen pakken cereals in een supermarkt, een vriend maakt de verpakkingen. „Toen ik dat hoorde, begon ik me echt zorgen te maken over Airbnb,” herinnert collega Michael Seibel van startup Justin.tv zich. „Waar waren ze in hemelsnaam mee bezig?”

 
Wie wil er nu bij iemand op de sofa slapen?
Dan besluiten Chesky en Gebbia zich op het laatste moment aan te melden voor de startupschool Y Combinator. Daar wordt het idee van Airbnb volkomen van tafel geveegd. „Geen enkele kans. Wie wil er nu bij iemand op de sofa slapen? Hoe wil je dat groots uitbouwen?,” vraagt men zich af. Vervolgens zet Joe een pak met een ontbijtje op tafel. Het heeft ze 30.000 dollar opgeleverd. Hoe klungelig het er ook uitziet, het maakt indruk. „Jullie zijn doorzetters,” zegt Paul Graham van Y Combinator. Ze worden toegelaten ondanks de grote twijfels over de startup. Het zal uiteindelijk de redding van Airbnb betekenen.

De passage is terug te lezen in het boek The Upstarts van Bloomberg-journalist Brad Stone. Ook bladen als The Atlantic en The Telegraph melden de tegenslagen, die Airbnb maar nauwelijks overleefde.

 
De eerste gast: een armlastige designstudent
Airbnb is ooit begonnen als een nevenproject. Chesky en Gebbia, twee afgestudeerde designers, zitten in geldnood. Ze bedenken een kamer te kunnen verhuren tijdens de World Design Conferentie in San Francisco en plaatsen een oproep op internet. Hun eerste gast is Amol Surve, een armlastige designstudent uit India. Ze maken hem wegwijs in de stad en zetten hem ook in om het idee van homesharing te promoten. Dan is al duidelijk dat Airbnb meer wil zijn dan alleen een verhuursite: het gaat om de ervaring en nieuwe vrienden maken. „Ik had geen idee wat voor iemand zou komen,” zegt Chesky tegen Mashable. ,,Toen ontmoette ik Amol, die me later uitnodigde voor zijn bruiloft in India.” In 2012 komt Amol opnieuw naar het kantoor van Airbnb en vertelt hij zijn verhaal, terug te zien op YouTube.

https://www.youtube.com/watch?v=jpxInV9es6M

Chesky en Gebbia wijken door hun design-achtergrond af in de wereld van techbedrijven. Om een goede app te maken gaat een vriend en programmeur het team versterken: Nathan Blecharczyk, die later ook de marketing gaat doen. Ook hij ziet aanvankelijk weinig in Airbnb, maar vooruit, hij wil de website er wel bij doen.

 
Investeerders vegen de vloer aan met Airbnb
Michael Seibel van Justin.tv wil het team wel helpen met de goede contacten die hij heeft in Silicon Valley. Hij introduceert zijn vrienden van Airbnb bij zeven investeerders. Van vijf krijgen ze direct een afwijzing; twee nemen niet eens de moeite om Airbnb een antwoord te sturen. Als Chesky en Gebbia in een café in Palo Alto een ontmoeting hebben met een directeur van Google loopt die halverwege het gesprek weg.

De investeerders twijfelen over de omvang van de markt en twijfelen vooral over de twee oprichters zelf: designers, die in niets lijken op innovators als Mark Zuckerberg of Steve Jobs. Designers vormen een risico, vinden ze. Je kunt beter programmeurs hebben. Daar hebben die investeerders in de loop der tijd grote spijt van gekregen. „We maakten een klassieke fout,” zegt een van. „We keken naar wat ze aan het doen waren, niet naar de toekomst, wat ze zouden kunnen bereiken.”

Hoe precair hun situatie ook is, enige verlichting komt er tijdens de Conventie van de Democraten in Denver, waar Airbnb handig inspeelt op het kamertekort. Zo’n tachtig mensen maken gebruik van Airbnb-accommodaties. Het leidt tot publiciteit in landelijke kranten en dat levert weer nieuwe aanmeldingen op van verhuurders. Maar Denver blijkt een tijdelijke opleving.

 
De ellende tussen oprichting en succes
Silicon Valley-watchers gebruiken een speciale term voor deze fase die een startup doormaakt:  trough of sorrow. Het is het vaak pijnlijke tijdsverloop tussen de vreugde van de oprichting van een startup tot het moment van de eerste successen. Airbnb leert als geen ander de trough of sorrow kennen.

Veel oprichters van startups houden het in die fase voor gezien. Niet het team van Airbnb. Maar net als veel anderen kiezen ze voor een onhandig idee, schrijft Brad Stone van Bloomberg. Zoals het granenontbijt om maar wat geld binnen te halen. Ze moeten wanhopig zijn geweest. „Het was logisch geweest als we toen gestopt waren,” kijkt Gebbia terug. De twee oprichters bellen nog met bedrijven als Kellogg’s om steun voor hun granenontbijt te krijgen, maar krijgen nul op hun request. Dus voeren ze het idee zelf maar uit. Het helpt hen uit de schulden.

 
Vanaf de startupschool gaat het hard
Uiteindelijk kunnen de oprichters bij de startupschool Y Combinator aan de slag. Daar krijgen ze goede adviezen en leren ze van teams van andere startups. Volgens Chesky zijn het de belangrijkste drie maanden in de geschiedenis van Airbnb. Ze gaan in New York aan de slag, waar Airbnb aanslaat. Ze breiden uit naar Europa, waar het snel gaat. Maar ze krijgen ook nieuwe tegenslagen: concurrenten waarmee ze harde strijd voeren en overheden die Airbnb aan banden leggen.

Wat kunnen andere bedrijven leren van de begintijd van Airbnb? Consultant Gijs van Wulfen noemt drie belangrijke lessen.

1: Treed in een vroege fase al in contact met klanten en experimenteer.

2: Pas je concept aan als het niet voldoet aan je normen.

3: Bovenal: persist. Blijf volhouden.

In dat laatste blinken de oprichters van Airbnb uit. Zo leuk is een startup de eerste tijd niet. Het is tegenslag na tegenslag en daar moet je overheen kunnen gaan.

Inmiddels is Airbnb een multinationale onderneming met wereldwijd 21 kantoren. Er werken meer dan 2000 mensen. De organisatie bemiddelt inmiddels in 65.000 steden in 191 landen. De geschatte waarde van Airbnb loopt op tot enkele tientallen miljarden.

Na de omslag lijkt de groei niet meer te stuiten. Maar hoe kon het ineens zo snel gaan? In een komend artikel meer over het marketingwonder van Airbnb.

 
 
 
  1534 Hits
  0 Comments
1534 Hits
0 Comments

Y Combinator: de startupschool achter Airbnb en Dropbox

Y Combinator: de startupschool achter Airbnb en Dropbox

Een stelletje ontregelde hackers richtten in 2005 in Californië een school op voor startups: Y Combinator. De aangenomen bedrijfjes krijgen elk ruim een ton om investeringen te doen en worden intensief begeleid. Het is het ongekende succes achter grote namen als Airbnb en Dropbox. Zonder Y Combinator had Airbnb waarschijnlijk niet eens meer bestaan.

 
Twee keer per jaar selecteert Y Combinator in het hart van Silicon Valley uit tal van aanvragen zo’n honderd beginnende startups. Die krijgen elk 120.000 dollar om te investeren en draaien drie maanden mee in een intensief programma. De jonge ondernemers leren vooral veel van elkaar. De belangrijkste voorwaarde: de deelnemers – of ze nu uit de VS, Europa of elders vandaan komen – moeten drie maanden in Silicon Valley komen wonen.

 
Demo Day met investeerders
Gedurende deze tijd verfijnen ze hun techproduct, leggen contact met klanten en leren hun product pitchen. De cursus komt op een hoogtepunt op Demo Day als de oprichters hun product presenteren voor een gehoor van meer dan honderd investeerders.

In Silicon Valley geldt niet elk nieuw bedrijf als een startup. Geen startup is bijvoorbeeld een bedrijfje dat anderen helpt om een website te bouwen. Wel tot de categorie startup behoort een bedrijf dat software verkoopt waarmee iedereen zelf een website kan bouwen. Een startup heeft de potentie wereldwijd klanten te bedienen en kan in een paar jaar uitgroeien tot een miljardenbedrijf.

 
Achtergrond als hackers
De oprichters van Y Combinator zijn hackers. Dat moet je vooral positief zien: programmeurs die zo goed zijn dat ze op belangrijke sites kunnen inbreken. Medeoprichter Robert Morris werd overigens ooit veroordeeld toen hij met zijn Morris-worm onbedoeld een deel van het internet platlegde. De drijvende kracht achter Y Combinator is Paul Graham, die de startups onvermoeibaar van adviezen voorziet. Hij schrijft ook essays die in 2015 alleen al ruim 30 miljoen keer werden aangeklikt.

De gemiddelde leeftijd van de deelnemers ligt zo rond de 25 jaar. „Ze moeten volwassen genoeg zijn om verantwoordelijkheid te nemen, maar het liefst ongebonden zijn,” zegt Graham in het boek The Launchpad. ,,Wie een startup wil, moet er volledig voor gaan. Er is geen ruimte voor iets anders.”

Auteur Randall Stross beschrijft in The Launchpad hoe Y Combinator kandidaten selecteert, de tegenslagen die ze in drie maanden te verwerken krijgen, en de uiteindelijke afsluiting op Demo Day. Niet alle plannen halen het. Sommige veelbelovende deelnemers worden aangenomen met een slecht plan en moeten tijdens de drie maanden met een beter idee komen. Graham kan keihard zijn in zijn oordeel, het is soms huiveren voor de deelnemers. Maar succes is er ook als ze met een goed plan grote investeringen binnenhalen.

 
Cruciale hulp maakt broers miljardair 
Patrick Collison van betalingsdienst Stripe twijfelt of zijn bedrijf het zou hebben gered zonder Y Combinator. „Je eerste klanten werven, kiezen wie je in dienst neemt, deals sluiten met banken en fondsen werven. De partners van Y Combinator waren daar nauw bij betrokken en gaven cruciale hulp,” zegt Collison. Hij en zijn broer John (medeoprichter) zijn inmiddels beiden miljardair.

Airbnb had aanvankelijk moeite om investeerders te vinden. Weinigen zagen iets in het idee om privéhuizen tijdelijk te verhuren. Dat veranderde toen CEO Brian Chesky en twee medeoprichters van in de twintig meededen met het programma van Y Combinator. Al snel haalden ze zo’n zeven miljoen dollar binnen. Drie jaar later volgde nog eens ruim honderd miljoen van bekende investeerders als Andreessen Horrowitz.

 
Mark Zuckerberg komt langs
Tijdens de drie maanden werken de deelnemers vooral in hun appartement aan hun startup. Programmeren, de app testen en optimaliseren. Potentiële klanten benaderen, kijken wat wel en niet werkt. Eén keer per week is er gezamenlijke maaltijd in het kantoor in Mountain View, waarbij ondernemers als Mark Zuckerberg een presentatie geven. Maar de deelnemers praten vooral onderling. Daarnaast hebben ze individuele sessies met de experts van Y Combinator. Wat werkt wel en niet, hoeveel opbrengsten zijn er al, wie neem je aan als personneel, hoe gaat het benaderen van investeerders? De aanpak laat zien waarom buiten Silicon Valley startups moeilijk van de grond  komen: je hebt voorbeelden nodig in je naaste omgeving.

 
Silicon Valley-droom komt uit
Soms moet je een radicale stap zetten en komt een droom uit. De 23-jarige Haisha Chen uit Shanghai studeerde aan de University of Chicago. Tot grote schrik van zijn ouders kochten hij en zijn vriend Guo uit Hongkong een enkeltje San Francisco. De kosten voor hun appartement daar liepen snel op. Maar na vier maanden kregen ze een telefoontje van Y Combinator, die honderdduizend dollar bood in ruil voor 7 procent aandeel in hun beginnende startup, zoals The New York Times Magazine beschrijft. Hun startup Strikingly ontwerpt software waarmee je snel een mobiele website kan maken. Ze verhuisden meteen naar Mountain View. „Ik werd emotioneel geraakt door alle bekende bedrijven die er zitten, zegt Guo. „Ik had er als kind van gehoord. Ik had meteen het gevoel: hier hoor ik thuis.”

Y Combinator (de oorspronkelijke betekenis is een computerprogramma dat andere programma’s aanstuurt) heeft inmiddels concurrentie. In Boulder (Colorado) zit Techstars dat een vergelijkbaar programma aanbiedt. Voor Y Combinator is de concurrentie voorlopig geen probleem. „Het is goed voor de jonge ondernemers,” zegt Graham. „Als wij een fout maken en een goede startup afwijzen, hebben ze elders nog een kans.”

 
Te veel macht
Kritiek is er ook op de programma’s, want door de hoge investeringen zouden de jonge startup ondernemers veel te veel macht krijgen. Investeerders worden steeds meer naar hippe startups getrokken ten koste van andere bedrijven. Ook Y Combinator stimuleert dat. Graham zit er niet mee. Het is zijn business en als die floreert gaat het ook met hem goed.

Graham heeft nog wel een boodschap voor diegenen die een startup willen beginnen. „Negentig procent faalt de eerste keer. Probeer meerdere startups uit, daar leer je van, daarna kan je verder.”
  9817 Hits
  0 Comments
9817 Hits
0 Comments

Loze reclame is dood, merken willen verhalen

Loze reclame is dood, merken willen verhalen
Door Jan Verheul

Klaar. Uitgewerkt. We zijn als bureau VRHL gestopt met zomaar reclame maken. Met promotionele prietpraat. Heel simpel, omdat wij daar niet langer in geloven. Klinkt misschien tikkie vreemd uit mijn pen. Ik ben van huis uit reclameman. Maar juist daarom weet ik dat loze reclame is uitgeblust.

 
Merken willen goede verhalen, heel simpel, omdat mensen verhalen willen. Dit ervaren we zelf als VRHL en horen we steeds vaker van onze klanten.

 
Een klakkeloos billboard
Reclame zonder verhaal is als een klakkeloos billboard langs een drukke snelweg. Je rijdt er langs zonder dat op te merken. Misschien zie je het wel, maar echt opmerken doe je het niet. Omdat het voor jou op dat moment totaal niet relevant is. Omdat het niet zorgt voor een verhaal dat het waard is om te delen. En omdat jij als automobilist wel iets anders hebt te doen dan naar storende reclame te turen.

 Merken willen aandacht
Merken willen geen doods billboard. Ze willen aandacht. Dat mensen over hun producten en diensten gaan praten. Opdat ze nieuwe relaties kunnen aangaan en bestaande contacten behouden en versterken. Dat doe je niet door lukraak overal billboards te plaatsen, en vanaf grote hoogte willekeurige voorbijgangers toe te spreken, maar door toegevoegde waarde te bieden in de vorm van opmerkelijke verhalen. Zowel offline als online. Verspreid via het juiste kanaal en op het juiste moment.

 
Mensen kopen geen productfeatures of gebruikskenmerken, zij kopen verhalen.
Een product zonder verhaal is een commodity. Een product met een verhaal is een merk. Maar ga vooral niet roepen dat je de beste of anders bent. Mensen kiezen voor merken die het verschil maken. Die hun leven veraangenamen en iets voor hen betekenen. Wie zou jij als merk liever zijn. Een pc of Apple? Airbnb of Holiday Inn? Opel of Tesla?

 
Old skool advertising niet langer in de lead
O ja, ik maak me geen illusies. Old skool advertising, gemaakt met veel creatieve zorg en aandacht, zal heus wel bestaan, maar is niet langer in de lead. Want mensen komen sneller voor jou in beweging als je voor hen van betekenis bent. Als je hen op onderhoudende manier weet te inspireren en te informeren. Als je hen iets leert. Als je hen helpt. Als je oplossingen biedt. Op een moment als zij daaraan behoefte hebben.

 
Bouw aan een fanbase
Sta daarom ongoing voor hen klaar. Bouw aan een fanbase. Geen klapvee dat twee tellen later zijn duimpje omhoog steekt voor weer iemand anders en dan weer voor iemand anders en jou al lang weer is vergeten. Maak abonnees van die af en toe-bezoekers van je platform, blog of YouTube-kanaal. Bezie je merk als een tijdschrift, krant of programma. Met rubrieken en merkeigen formats.

 
Content kan niet zonder creatie
Uiteraard moet jouw verhaal er wel goed uitzien. Een mooie verpakking, een net jasje. Al heb je nog zo’n goed verhaal, zonder goede creatie val je niet op. Trek de aandacht! Met een scorende video bijvoorbeeld. Of een opvallend en herkenbaar logo. Het oog wil immers ook wat.

 Relevantie is het nieuwe reclame
Wanneer je mensen met relevante verhalen weet te raken en beraken, wanneer mensen je vertrouwen, wanneer je kunt zorgen voor plezier en loyaliteit, dan ook zullen ze je product of dienst gebruiken.

 Verwijder die poster van Don Draper
Daarom mijn advies aan directeuren van reclamebureaus. Verwijder die poster van Don Draper boven je bed. Ga het anders doen. Durf verder te kijken dan 30 seconden. Sluit die doos van Pandora. Geef die old skool reclamedenkers uit je bureau een plaatsje in de kelder tussen die ene al lang weer vergeten reclameprijs. Neem journalisten en andere storytellers in dienst. Doe en denk als een uitgever en ga verhalen maken, geen opgepoetste plaatjes en glimmende promopraatjes. Maar echte verhalen die het waard zijn om te delen.

Wat is jouw verhaal?

 
Jan Verheul is accountmanager, directeur en partner van VRHL. Deze blog verscheen eerder op de website van VRHL.
  4430 Hits
  0 Comments
4430 Hits
0 Comments

The Story of Things: de kracht van storytelling

The Story of Things: de kracht van storytelling
Door Juliette Piepers
 

Het Amsterdamse merk Scotch & Soda lanceerde afgelopen jaar een unieke video-serie in samenwerking met Airbnb.

 
In ‘The Story of Things’ volgen ze Oscar en zijn zus Lola. Oscar is op reis in Azië. Lola blijft achter in Amsterdam. Oscar vertelt haar over zijn reis door bijzondere souvenirs en objecten naar haar te sturen. Lola raakt hierdoor zo geïnspireerd dat ze besluit zelf ook op reis te gaan. Ze laat haar appartement in hartje Amsterdam achter. En hier komt de samenwerking met Airbnb kijken: je kan Lola’s appartement ook echt huren via Airbnb. Een fraai stukje storytelling.

 
https://www.youtube.com/watch?v=FYeY5chOts4

 
  1407 Hits
  0 Comments
1407 Hits
0 Comments

Be Candid,
it’s contagious.

Candidness is the quality of speaking with
honesty and authenticity. Our Candid editorial
team shares stories that matter on media, data,
marketing, creativeness and technology.

Our Candid editorial team
creates stories that matter.