Candid. Platform
for growth.

Qmusic nadert de top

Door Linda Haring

 

De nieuwe luistercijfers over de periode maart-april 2016 laten zien dat Qmusic aan een geweldige opmars bezig is. Vorig jaar prijkte de radiozender in deze periode op een zesde plaats met een marktaandeel van 8,7 procent. Dit jaar staat Qmusic op een gedeelde tweede plaats, de hoogste notering ooit, en is het marktaandeel gegroeid naar 10,1 procent.

 
Ondanks een dalend marktaandeel blijft Radio 538 marktleider, maar de zender begint de hete adem van Qmusic in de nek te voelen. Qmusic groeit fors ten opzichte van de laatste meting (+7 procent), maar zeker ten aanzien van dezelfde meting vorig jaar (+16 procent). De tweede plaats wordt nu gedeeld met de regionale publieke omroepen van ORN. Qmusic is de laatste maanden veelvuldig in de publiciteit terug te vinden. Naast de programmering lijkt ook dit een positief effect te hebben op de luistercijfers.

 
Sky Radio blijft gelijk in aandeel (9,4 procent) en levert iets in ten opzichte van vorig jaar. NPO 3FM heeft zijn dieptepunt nog niet bereikt. De zender verloor opnieuw marktaandeel.

Waar 3FM vorig jaar nog een aandeel van 9,1 procent had, is het aandeel nu gekelderd naar 7 procent.

 
Waar Radio Veronica ook lange tijd te maken had met een dalend aandeel, lijkt daar het tij gekeerd. De zender zag zijn aandeel weer groeien naar 4,7 procent. Keren de luisteraars weer terug door de jaarlijkse hitlijsten (80's en 00's) die weer te beluisteren waren, vanwege de nieuwe programmering of hebben ze een tijdelijke uitstap naar een andere zender gemaakt en keren ze weer terug op het oude nest? Hoe dan ook groeit het aandeel weer.

 
De cijfers van de april-mei-meting zullen op 21 juni gepubliceerd worden.  Zie hieronder maart-april.

Waarom VIVA’s AnyBody al 25 jaar succesvol is

Eén van de bekendste rubrieken in magazineland bestaat alweer een kwart eeuw. Hoe komt het dat de rubriek AnyBody in de VIVA zo succesvol blijft?

 
,,VIVA, dat is toch dat blad met die naakte mensen zonder hoofd?!” De spraakmakende rubriek is beeldend voor het weekblad dat sinds 1972 in de schappen ligt. Dat beaamt VIVA’s Content Manager Sabine Brusse ook als we haar naar een uitleg voor dit succes vragen: ,,Onze pay-off is ‘Niets te verbergen’. De rubriek past hier dus perfect bij,” zegt ze

 
Portret van het lichaam
 
Een rubriek kan natuurlijk perfect bij je bladformule passen, maar ook de doelgroep moet er niet op uitgekeken raken. En dat is hier precies het geval. Brusse: ,,Voor de lezer is het een mogelijkheid om ongestoord naar een portret van het lichaam te kijken. De fotograaf Elisabeth van Dorp, die de rubriek al vanaf de eerste foto schiet en inmiddels zo’n 1500 blote lijven voorbij heeft zien komen, ziet het ook precies zo: als een portret van het lichaam. De deelnemers worden allemaal gefotografeerd in een pose waarin ze zich het prettigst voelen. En daar ligt ook de kracht van AnyBody. De rubriek laat zien hoe echte mensen eruitzien, zonder filter. Het gaat niet alleen om prachtige lichamen van mooie modellen. Het zijn echte lijven van vrouwen met een verhaal. Ze geven zich bijvoorbeeld op om een heftige periode af te sluiten, als overwinning na schaamte of omdat ze juist trots zijn op hun lichaam. Doordat er echte verhalen achter schuilen, zorgt dit voor herkenning bij de lezer. En nee, we maken dus geen gebruik van fake modellen uit Polen.”

 
Hoe het ooit begon
 
In 1991 zag toenmalig hoofdredacteur Rob van Vuure een reportage in de Engelse Marie Claire waarin tien vrouwen naakt te zien waren. Hij gebruikte dit als inspiratie voor de nieuwe VIVA-rubriek, toen nog onder de naam Body Talk. Brusse: ,,Het was eigenlijk bedoeld als eenmalige reportage met zes vrouwen, maar de aanmeldingen bleven binnenstromen. En dat gebeurt dus nog steeds.”

Het is trouwens niet zo dat AnyBody in de loop van de jaren alleen qua naam is veranderd. ,,De rubriek begon ooit als halve pagina, en is uiteindelijk een hele pagina geworden. In 2006 verschenen de eerste foto’s in kleur, waarna we uiteindelijk toch weer terug gingen naar het subtiele zwart-wit,” vertelt Brusse. ,Niet alleen qua vorm, maar ook inhoudelijk is het interessant om de veranderingen terug te zien en dan vooral in de vorm van de trends door de jaren heen. Dit werd nog eens extra duidelijk toen we de AnyBody-tijdlijn maakten voor ons jubileumnummer dat nu in de winkels ligt. Van de eerste vrouw zonder schaamhaar in 1993 tot steeds meer lijven met piercings en tatoeages vanaf 2005. En in 1996 meldde voor het eerst een homoseksueel stel zich aan voor AnyBody en een mannelijke transseksueel sierde in 1999 de rubriek.”

 
Kracht van een goede rubriek
 
Zoals dat gaat bij goedlopende rubrieken, werd ook AnyBody door verschillende bladen als Flair en LINDA gebruikt als inspiratiebron. Bij beide overigens wel ‘mét hoofd’. Volgens VIVA-brand director Joyce Nieuwenhuijs is dat juist een groot compliment. ,,Het is heel positief als je als je merk de positie van inspiratiebron kunt innemen. Het item is zo één op één VIVA en geeft de essentie van de bladformule, ‘Niets te verbergen’, perfect weer.”

Wat is eigenlijk de kracht van een goede magazinerubriek? Brusse: ,,Een rubriek die herkenbaar is, met simpele insteek. Eén waarin je de lezer tegemoet komt en met een kleine optimalisatie gedurende de tijd.”

Volgens Nieuwenhuijs is het daarnaast ook van belang dat een vast item een verslavende werking heeft. ,,Je moet er als lezer als eerste naartoe worden getrokken. De kracht van de verrassing is ook erg belangrijk. En daar is AnyBody met elke keer weer een ander lijf en verhaal heel sterk in,” stelt ze vast.

 
VIVA toekomstproof
 
Een VIVA zonder AnyBody is niet alleen voor de lezers, maar ook voor de makers niet voor te stellen. ,,We zijn op dit moment druk bezig met nieuwe ontwikkelingen als het om de bladformule gaat. AnyBody hoort hier zeker bij. Het is nog steeds een krachtig podium voor de kandidaten en sluit perfect aan op de behoefte van onze lezers.”, stelt Brusse.

Ook in deze tijd waarin de focus niet meer alleen op print, maar steeds meer op video en online komt te liggen, heeft dit print gerelateerde product bestaansrecht. Nieuwenhuijs: ,,We maken VIVA toekomstproof door meerdere kanalen in te zetten. Voor sommige items is video meer geschikt en voor AnyBody blijft dit het magazine. Dat is ook het mooie van deze tijd: wat je boodschap ook is, je kunt het via meerdere kanalen overbrengen.”

Hoe gaat Ster dalende omzet te lijf?

De omzet van de Ster liep terug in 2015, een jaar zonder grote sportevenementen. Maar ook 2016 ziet er tot nu toe niet al te best uit. De tv-markt staat zwaar onder druk. Het is de vraag hoe de Ster zich hieraan gaat ontworstelen.

 
In het jaar van zijn 50-jarig jubileum behaalden de reclameverkopers van de publiek omroep een omzet van 211 miljoen euro, zo blijkt uit het jaarverslag 2015. Dat was in 2014 nog 232 miljoen euro. Een omzetdaling dus van 21 miljoen euro. Niet vreemd, want in 2014 was er het WK voetbal waarin de Ster bovendien nog met speciale Super Bowl-achtige reclameblokken kwam rond de voetbalwedstrijden.

In het sportevenement-loze jaar 2013 was de omzet 208 miljoen euro, dus heeft de Ster het in 2015 drie miljoen beter gedaan. Van de omzet wordt 197 miljoen euro bij wordt gedragen aan de mediabegroting van OCW. De directie spreekt in het jaarverslag van een ‘effectievere GRP’.

 
Lineair tv-kijken daaltMaar 2016 is niet zo goed begonnen voor de Ster. Het gaat bergafwaarts met de kijktijd naar traditionele tv en de Ster was daar in het eerste kwartaal het grootste slachtoffer van. Want er was een daling in GRP-aandeel van ruim 18 naar ruim 16 procent. Grootste oorzaak: de programma’s op NPO 1 zijn minder populair. Boer Zoekt Vrouw was bijvoorbeeld traditioneel niet te zien in januari en dat scheelt veel kijkers en dus adverteerders. NPO 3 is wat opgekrabbeld, maar spectaculair is het nauwelijks te noemen. Bovendien heeft de publieke omroep in het algemeen een ouder profiel.

 
Opkrabbelen door sportevenementenIn het tweede kwartaal zal de Ster opkrabbelen als het EK Voetbal begint, maar zonder het Nederlands Elftal scheelt dat toch ook ettelijke miljoenen. In de zomermaanden zullen de Olympische Spelen met Nederlandse successen in het verschiet mogelijk extra reclame-euro’s genereren. Maar het blijft voor een groot deel dag-tv, omdat de uitzendingen vanuit Rio de Janeiro komen, waar het vijf uur vroeger is.

Interim-directeur Cees van Steijn heeft goede hoop, lezen we in het jaarverslag. ,,In 2016 blijven wij ons richten op datgene waarmee we onze klanten kunnen versterken: het bieden van kwaliteit. Kwaliteit waar adverteerders, te midden van kwantiteit, hun voordeel mee kunnen doen. En met tachtig legendarische sportdagen en vele prachtige kijk- en luistermomenten biedt 2016 legio mogelijkheden.”

Onzekere marktMaar de Ster zit wel in een spagaat. Het eerste kwartaal van 2016 was op tv niet makkelijk. Op radio is NPO Radio 2 aan een opmars bezig, maar krijgt 3FM gevoelige tikken. Daar is het lek nog niet boven.
Volgens tv-reclame-inkopers is onzeker hoe de markt zich de komende tijd gaat ontwikkelen. De Ster zou daarom moeten gaan kijken naar andere inkomsten en dat is een lastig verhaal. Want volgens de mediaplannen van staatssecretaris Sander Dekker mag de Ster meer gaan verdienen, maar krijgt de publieke omroep ondertussen ook veel minder geld. Investeringen in bijvoorbeeld online (kanalen) zijn dus lastig en bovendien is de publieke omroep aan allerlei restricties gebonden. Ook krijgt de Ster helemaal niets uit de non-spot of branded content markt die 100 miljoen euro groot is. Het is voor de Ster een moeilijke weg om binnen het publieke domein, waar Den Haag over de schouder meekijkt, nieuwe commerciële activiteiten te ontplooien.

 

De zwakte van de herhaling

RUBRIEK FRANKY
 

In de rubriek Franky beschrijven redacteuren van Frank.news hun eigen, persoonlijke media-ervaring of -ergernis. Vandaag: Lianne Kooistra over oneindig herhaalde online advertenties, de beste reclame voor adblockers.

 
Een brakke zondagmiddag wil ik eens in de zoveel tijd nog wel eens verkwanselen aan het online terugkijken van een complete MTV-serie, waar je normaliter liever niet in gezelschap voor uitkomt. Maar soms zijn alle omstandigheden daar: even geen zin in het lineaire tv-aanbod en in een ‘in between Netflix-series’–status. Dan ontstaat de behoefte aan een dosis makkelijke wegkijk digitale diarree. Zo zou je het misschien het beste kunnen omschrijven. Met beschaamrode kaken geef ik ruiterlijk toe: ik geniet op zo’n dag van de excessen van de zonnebankoranje Georgies uit ‘Georgie Shore’, de bitch fights in ‘Ex on the Beach’ en de queeste van de bicurious Amy in ‘Faking it’.

 
Laatst besloot ik weer eens zo’n lazy sunday te houden. Hangend met de laptop op schoot, tunede ik in op de videosectie van MTV. De afleveringen zijn op de site van MTV helaas alleen opgesplitst in soms wel 8 losse video’s van 5 minuten te bekijken. Bij de eerste video startte ook gelijk ‘ad 1 of 1’.  Concertbeelden van Lukas Graham die delen van zijn hit ‘7 years’ zingt. Een hit die ik na een middag ‘MTV-bingen’ niet meer kan horen. Want voorafgaand aan bijna elke losse video was daar weer de pre-roll, waarin ik de zanger weer datzelfde nummer moest horen zingen. Na 4 afleveringen Geordie Shore heb ik die advertentie welgeteld 23 keer(!) bekeken.  Geen verdere toelichting waaróm ik dit telkens te zien krijg. Aan het einde van de advertentie verscheen bij wijze van call-to-action een URL in beeld van een website die ook onderdeel is van MTV. Toen ik de site mtv.push.tv (bij het schrijven van dit stukje) bezocht, ontdekte ik dat ze daar een hele maand hebben gewijd aan deze artiest. Oké, nou, gefeliciteerd. Waarvan akte.

 
Het zijn dit soort achterhaalde, irritatie-opwekkende online advertentiepraktijken die ervoor zorgen dat kijkers massaal aan de adblockers gaan. Wat hier overigens niks uithaalde. Waarom geen afwisseling? De pre-rolls van MTV zijn weliswaar kort en bevatten maar 1 enkele advertentie, maar als ik dan toch reclame moet kijken, zie ik liever telkens wat anders. Waarom ook niet hier een skipable pre-roll met wisselende content,  zoals YouTube inmiddels al jaren doet? Ik ben er in elk geval klaar mee, terug naar Netflix dan maar weer. Tv-kijken doe ik wel voor mijn lol, hoor.

Hoverbord uit Back to the Future bestaat wel

Niet alle voorspellingen uit de film Back to the Future waren in 2015 uitgekomen, meldden verschillende media vorig jaar. In de film uit 1989 reisde Marty McFly naar het jaar 2015 waar videoconferences en vliegende auto’s heel gewoon waren.

 
Het Hoverboard, het zwevende skateboard waar hij op rondvloog, bestond nu echter niet. Hooguit een door water aangedreven jetboard en goede grap met eentje die op een luchtkussentje voortbewoog.

Toch werd onlangs een echt vliegend hoveboard gedemonstreerd door Zapate Racing, al bleek er nog wel wat behendigheid voor nodig om ermee om te gaan. Bekijk net als een miljoen anderen de video en oordeel zelf: is dit echt of niet?

https://www.youtube.com/watch?v=rNKRxsNyOho

 

Antwerpen goes Efteling met jukebox vuilnisbakken

In de strijd tegen zwerfvuil plaatste de stad Antwerpen vuilnisbakken in de vorm van vintage jukeboxen.

 
Een beetje afgekeken van De Efteling, maar in plaats van Holle Bolle Gijs die ‘dankjewel’ roept, klinkt er muziek van Britney Spears, Tina Turner, Snoop Dogg, K3 en The Pointer Sisters uit de speaker als iemand er iets in gooit.

 
Met het ludieke initiatief hoopt het stadsbestuur bewoners en bezoekers te motiveren de stad schoon te houden. Voorlopig gaat het om twintig trash tunes, zoals de vuilnisbakken zijn gedoopt. Na een maand worden ze elders in de stad geplaatst.

Klik hier voor de video

Waarom Huffington Post het voorbeeld voor alle newssites is

Meer dan tweehonderd miljoen unieke bezoekers per maand. De newssite Huffington Post is een successtory. Drijvende kracht is de Grieks-Amerikaanse Arianna Huffington. Ze wil het debat aanvuren. Naast initiatiefnemer van de Huffington Post is ze ook nog bestsellerauteur. En sinds kort maakt ze deel uit van de board of directors van Uber. Tijd voor een portret.

 
Terwijl veel media het hoofd nauwelijks boven water kunnen houden, begint Huffington in 2005 een newssite, die een ongekend succes wordt. Het begint klein, natuurlijk, maar uiteindelijk weet ze zelfs Hillary Clinton en Barrack Obama voor bijdragen te strikken.

Naast nieuws bevat de site vooral visies, scherp en prikkelend geformuleerd. Arianna kan rekenen op haar netwerk, maar het is haar brede interesse en persoonlijke charme waarmee ze nieuwe prominenten weet aan te trekken.

 
Trump als entertainment
 
De Huffington Post is van progressieve signatuur. Dat leidt tot opvallende, soms provocerende keuzes. Zoals haar besluit om Trump niet op de politieke pagina’s te behandelen, maar bij entertainment. Want dat is waar hij hoort, vindt ze. Later komt ze in een blog ‘We are no longer entertained’ op dat besluit terug, omdat de politiek niet meer om Trump heen kan.

In 2005, toen  Arianna haar newssite vanuit haar huis in Los Angeles begon, was Facebook een jaar oud en moest Twitter nog beginnen. Op het web stonden stukken van bloggers, traditionele nieuwsredacties en verslaggevers. Huffington wilde die bij elkaar brengen. „Het doel was een hybride,” zegt ze in Adweek. „Het moest een journalistieke onderneming zijn en een platform waar mensen – bekenden en onbekenden - zich konden laten horen.”

 
Bloggers krijgen enorm publiek
 
De bijdrage van opiniemakers leidt aanvankelijk tot forse kritiek, omdat zij als auteurs geen vergoeding krijgen. Maar Huffington heeft haar repliek klaar. De Huffington Post is een ‘media-democracy machine’, die bloggers een enorm publiek geeft en wiens brede mix van content – van nieuws, politiek tot sport – het beste van het web laat zien.

Haar eerste ervaring met debatten doet ze op als ze uit haar geboorteland Griekenland vertrekt en economie gaat studeren aan de Universiteit van Cambridge. Ze is niet weg te slaan bij de debating club en wordt er later voorzitter van. „Ik was bij elk debat,” zegt ze in The New Yorker. „Ik was zo gegrepen door het spektakel van grootse sprekers en de mensen die bewogen waren door hun woorden.”

 
Geen gouverneurschap
 
Haar loopbaan kent een grillig verloop. In Cambridge wordt ze bekend als conservatief commentator. Na haar verhuizing naar Amerika trouwt ze met een Republikeins politicus. Ze publiceert boeken over operazangeres Maria Callas en Pablo Picasso. Ze blogt en wordt een bekende gast bij televisieshows, zoals bij Larry King Live. Maar als ze zich kandidaat stelt voor het gouverneurschap van Calfornië, loopt dat op een fiasco uit.

Aanvankelijk geldt ze als een boegbeeld voor conservatieven. Maar ze schuift op. Ze neemt standpunten over van de milieubeweging in Californië, kiest steeds meer de progressieve lijn. Ze is inmiddels gescheiden. Critici noemen haar opportunistisch, ze zou standpunten kiezen die vooral voor haar carrière goed uitkomen.

Mensen die haar goed kennen, roemen haar vermogen om nieuwe contacten te leggen. Ze is een warme persoonlijkheid, oprecht in mensen geïnteresseerd. Zo wint ze prominenten voor de Huffington Post. Als ze een keer door een bekende chirurg wordt behandeld, schrijft hij kort daarna een bijdrage voor de HuffPost. En al doende groeit de site.

 
Onverzadigbare content machine
 
De Huffington Post wordt vaak gezien als het liberale antwoord op het conservatieve Drudge Report. Maar de HuffPost stijgt daar ver bovenuit. Het succes is vooral toe te schrijven aan Huffington zelf, haar doortastendheid en volhardendheid. Ook in andere landen, waar aangepaste versies verschijnen, doet de HuffPost het goed.

Huffington is een ‘onverzadigbare content machine’, schreef The New York Times Magazine vorig jaar. Volgens de krant heeft ze ‘meer gedaan dan wie dan ook voor de internet news business en bepaalt ze nog steeds het tempo’.

De Huffington Post geldt nu als voorbeeld van hoe je een goede site met nieuws en blogs kunt maken. De site viel ook investeerders op. In 2011 nam internetaanbieder AOL de Huffington Post over voor 315 miljoen dollar.

 
Virtual reality op de site
 
Telecommunicatieconcern Verizon nam vorig jaar voor 4,4 miljard dollar AOL weer over, waarmee de HuffPost lijkt te kunnen rekenen op nieuwe investeringen. Afgelopen april kocht de Huffington Post virtual reality studio RYOT, die content moet gaan maken voor de site.
De inkomsten van de site komen vooral uit advertenties. Maar daar tegenover staan hoge kosten, vooral door de internationale expansie. De HuffPost opereert momenteel in vijftien landen. Er komen lanceringen aan in Mexico en China. „Het doel is,” zegt Huffington, „om er in de hele wereld te zijn.”

 
Arianna’s Sleep Revolution
 
Ze werkt zo hard dat het ook een keer moest misgaan. Enkele jaren geleden kampte ze met verschijnselen van een burn-out. Enige tijd was ze uit de running. Om er vervolgens een draai aan te geven die precies in haar stijl past. Ze schrijft een boek over slaaptekort, waar de media niet over uitgepraat raken. ‘Arianna Huffington’s Sleep Revolution Starts at Home’, kopt The New York Times in april 2016 als het boek uitkomt. Ze gaat met haar verhaal langs colleges, eerder hield ze al een speech bij TED Talk.

 
In het bestuur van Uber
 
Maar het werk is nog lang niet voorbij. Arianna Huffington neemt in april 2016 plaats in het bestuur (board of directors) van tech- en taxibedrijf Uber , niet te verwarren met de adviesraad van Uber waarin Neelie Kroes zit.

Huffington’s  ‘emotionele intelligentie’ vormt een goede aanvulling op onze datagedreven benaderingen, vindt Uber-CEO Travis Kalanick. Ze blijft voor de Huffington Post schrijven, maar zal berichten over Uber aan anderen overlaten. In een video zet Uber de samenwerking tussen Kalanick en Huffington groots neer.

https://www.youtube.com/watch?v=e-0II2ESntk

 
 

MWG AMMA 2016: DE WINNAARS

- PERSBERICHT -

Amsterdam, 19 mei 2016 - Op donderdag 19 mei 2016 zijn de jaarlijkse AMMA Awards uitgereikt. Tijdens een feestelijke uitreiking in een uitverkocht Theater Amsterdam namen de winnaars van de 15e editie van de AMMA Awards hun bokalen in ontvangst.

 
YIM Mediatalent van het Jaar
  • Brigit Moens, M2Media
  • Iris de Vries, TMG
  • Marriette van Tuyl, MediaCom
  • Tijmen van der Meer, Performics
 
Carl Lipp-prijs (beste mediavertegenwoordiger)
  • Didi van Doggenaar, Exterion Media
  • Maaike van Vorstenbos, Exterion Media
  • Michiel Schot, TMG
 
Beste engagementstrategie
  • Crimediggers (Politie) ZIGT, Steam
  • Nee, jij trekt volle zalen (Glenfiddich) Maxxium, Mediaxplain*
 
Beste gebruik van een medium
  • Coke FrisChicks UM
  • Het oudste medium herondekt (Glenfiddich) Maxxium, Mediaxplain*
  • World, here I come (ING) ING Bank, Schiphol Media, United State of Fans, Twofish
Beste mediaperformance
  • Fernandes #NoSpang UM
  • Maybelline 'Get-the-WOW-Brow!' ZenithOptimedia, L'Oréal, Moxie,
McCann, Performics
  • Microsoft Azure: In de wolken met het resultaat Carat
 
Beste media-innovatie
  • Introductie Vodafone YOU: Power to the Prepaid People, MEC
  • PON Videology MediaCom, Videology
  • Quest Test Nederland Quest (G+J Media Nederland)
  • Vodafone Thuis – ISP targeting Blue Mango Interactive
Hans du Chatinier-prijs (onderzoek)
  • Dagelijks Online Kijkcijfers, Hybride aanpak uniek in de wereld, SKO, Kantar Media/TNS
  • Digital Out of Home wordt accountable-Innovatieve zoektocht naar methoden en technieken, Kinetic, blowUP Media
 
Beste mediastrategie
  • Fernandes #NoSpang UM
  • Introductie Vodafone YOU: Power to the Prepaid People, MEC
  • Ontdek ‘Late Rembrandt online’ (KPN) Mindshare, Rijksmuseum, N=5, Born05, TOC, Digined
  • PHD versnelt groei voor Domino's PHD
 
 
Media-adverteerder van het jaar
  • KPN Mindshare
  • Nederlandse Staatsloterij UM
  • Unilever Mindshare
 
Media-exploitant van het jaar
  • BrandDeli
  • Exterion Media
  • RTL Nederland
 
Mediabureau van het jaar
  • MediaCom
  • Mediaxplain*
  • Zigt
 
De nominaties en winnaar in de categorie Carl Lipp-prijs (mediavertegenwoordiger van het jaar) zijn bepaald door een online enquête onder adverteerders en mediabureaus.
Het YIM Mediatalent van het jaar is door een jury gekozen aan de hand van een workshop waarin een case moest worden uitgewerkt en gepresenteerd.

De overige negen categorieën werden gejureerd door een vakjury.

 
Over de AMMA
De MWG AMMA Awards (Annual Masters of Media Awards) is een initiatief van MWG en zijn dé mediaprijzen in de Nederlandse communicatiebranche. De AMMA awards belonen de beste mediaprestaties van een jaar. De awards werden in 2001 voor het eerst uitgereikt.

 
 

Wereldprimeur: robots die zich voortplanten

‘Parende’ robots die via een 3D-printer een baby scheppen. Deze wereldprimeur van robots die zich voortplanten komt op rekening van hoogleraar kunstmatige intelligentie Guszti Eiben en zijn team aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

 
Zij presenteren donderdag 26 mei hun baanbrekend experiment op de Campus Party in de Jaarbeurs aan het Jaarbeursplein in Utrecht. Daar wordt de eerste robotbaby onthuld.

 
Kolonisatie Mars
 
Volgens Eiben is deze doorbraak een belangrijke eerste stap in de Industriële Evolutie en kunnen zich voortplantende robots in de toekomst een grote rol spelen bij onder andere het koloniseren van Mars.

Samen met wetenschappers van andere universiteiten ontwikkelde Eiben de afgelopen jaren al een globaal systeemplan bestaande uit een ‘geboortekliniek’, een ‘kleuterschool’ en de ‘arena’, waar robots worden geboren, leren lopen, leven en werken, en zich uiteindelijk voortplanten. Na een ontwikkeling van ruim een jaar is het Eiben en zijn team aan de VU als eerste gelukt deze volledige levenscyclus daadwerkelijk te ontwikkelen.

Zij voltooiden een proof-of-concept en creëerden een aantal fysieke robots die hun eigen ‘DNA’ hebben, en via een 3D-printer een baby kunnen krijgen. Hierbij worden de eigenschappen van de ouders willekeurig gecombineerd, inclusief de software (het brein) en de hardware (het lichaam).

Na de geboorte begint de nieuwe robot aan een leerproces om na een succesvol leertraject volwassen te worden, een partner te zoeken die sterk nageslacht zal leveren, en dan zelf kinderen te krijgen.

 
Industriële Evolutie
 
Met deze doorbraak breekt een nieuw tijdperk aan: de Industriële Evolutie. Hierin zijn zelfstandig opererende en zich voortplantende groepen van machines niet langer fictie.

Eiben: ,,Evolutie is een geweldige ontwerper. De Evolutie van Dingen is een nieuwe technologie die de kracht van selectie en reproductie benut om robotdesigns te kweken, die met klassieke methoden niet of moeilijk te verkrijgen zijn. Evoluerende robots kunnen zich automatisch aanpassen aan hun omgeving en zijn dus in staat onvoorziene obstakels te overwinnen. De lichamen, breinen en gedragspatronen worden voortdurend getest door de omgeving en de nuttige eigenschappen worden versterkt in de nieuwe generaties. Deze technologie opent nieuwe perspectieven voor robotica, kunstmatige intelligentie, ruimteonderzoek en zelfs biologie.”

Internal branding: wat kunnen we leren van Coolblue?

Het veelgeprezen Coolblue kreeg onlangs een award voor het sterke beleid op het gebied van internal branding. Heeft de webshop de interne communicatie zó goed op orde? En wat kunnen collega-merken hiervan leren? Frank.news laat zien hoe merk en bedrijfscultuur elkaar raken.

 
Tijdens de recente uitreiking van de Dutch Marketing Awards werd Coolblue uitgeroepen tot Internal Branding Company of the Year. De webshop kreeg de prijs voor de manier waarop het intern met medewerkers communiceert; namelijk op de grappige, ontspannen manier die helemaal past bij het merk dat een omzet heeft van 555 miljoen euro per jaar, een stijging van 55 procent in 2015.

 
Verkocht aan Sinterklaas
 
Belangrijk voor het toekennen van de prijs was de stunt van Coolblue-eigenaar Pieter Zwart die zijn medewerkers eind november vorig jaar optrommelde voor een bijzondere mededeling; hij had het bedrijf namelijk verkocht. Het bleek een grote stunt te zijn want de koper was Sinterklaas, die het voor een substantieel aantal pepernoten had weten te bemachtigen. PR-man (bij het bedrijf ‘praatjesmaker’ genoemd) Gert Jan Lasterie in Adformatie over de stunt die eigenaar Pieter Zwart had bedacht: ,,Het mooiste van de hele stunt waren de vier minuten in de kantine op het hoofdkantoor. In de propvolle kantine hing iedereen aan Pieters lippen; iedereen wilde weten wat hij ging aankondigen. De spanning was van de gezichten te lezen. De ontlading toen Sinterklaas in beeld kwam was dan ook enorm. Uiteindelijk liepen alle Coolblue’ers met een enorme glimlach en tot in hun tenen gemotiveerd de kantine weer uit.”

 
Merkmoeders en praatjesmakers
 Het leverde in ieder geval veel free publicity op en meer dan 100.000 views op YouTube. Kenmerkend voor de positieve vibe waarin Coolblue op dit moment zit zijn de - tikkie happy de peppy-achtige - opmerkingen van mensen die het filmpje bekeken. Simon Bos: ,,wees trots op zo’n leuke baas en natuurlijk de leuke werknemers.” Merkmoeder Eva Nooitgedacht legde in het interviewtje na afloop van de prijsuitreiking kernachtig uit wat het sterke is van het bedrijf: ,,Het geheim is vooral de consistentie; alles wat wij doen heeft iets met het merk te maken.”. Over internal branding gesproken: bij Coolblue zijn er dus geen functies als ‘brand-’ en ‘PR-manager’, maar heten zij dus ‘merkmoeder’ en ‘praatjesmaker’.

De stunt is overigens niet het enige voorbeeld van signalen die wijzen op een vrolijke bedrijfscultuur waarin ruimte is voor een  - tikkie flauwe - grap die opvallend conflicteert met de serieuze manier waarop de meeste andere bedrijven over het algemeen communiceren. Zo bleek er rond 1 april vorig jaar een heuse vacature te zijn voor een pakjesknuffelaar; iemand die voordat de pakjes naar klanten gingen even een kleine hug toevoegde aan de pakjes.

 
Geheim is consistentie
 ,,Dat heeft Coolblue heel knap gedaan,” legt Marc van Eck uit. Van Eck is medeoprichter van Business Openers en schrijver van Het succes van internal branding. ,,Het geheim is inderdaad de consistentie; zij hebben een merk dat staat voor de ‘volledige toewijding voor de klant’, ‘echtheid’ en voor ‘humor’. Die basis voeren zij ook door in hun interne bedrijfscultuur. Blijkbaar worden er daar vooral mensen aangenomen die passen bij een bedrijfscultuur waarin deze waarden centraal staan. Dat lijkt misschien volkomen logisch, maar ik weet uit ervaring dat het maar heel sporadisch voorkomt om de identiteit, dus de binnenkant van een bedrijf en de buitenkant, het merk, zo dichtbij elkaar te brengen. Dat lukt alleen als die merkwaarden niet op lucht zijn gebaseerd, maar echt kloppen. Ik geef veel presentaties en dan vragen mensen of ik iets meer over een bepaalde bedrijfscultuur kan vertellen zodat zij die cultuur kunnen overnemen, maar zo werkt het niet. Coolblue lijkt dat wel goed voor elkaar te hebben.”

 
Niet bereikbaar
 
Intern kan Coolblue het allemaal prima op orde hebben, maar qua PR zijn er nog wel wat stapjes te maken. Frank.news wilde de overzichtelijke en inhoudelijke vraag stellen hoe merk en interne communicatie bij elkaar komen, maar er was geen merkmoeder, -zus of -neef te vinden die wilde meewerken. De DM via twitter naar de merkmoeder kreeg een reactie met een verwijzing naar de al aangehaalde praatjesmaker. Die reageerde helemaal niet en vervolgens belde er na een paar dagen opeens een groot PR-bureau met de mededeling dat het allemaal niet zou lukken. Ach, het kan ook aan ons liggen hoor, sorry voor de lastige vraagjes…En dat terwijl wij toch grote fans zijn van die vrolijk stemmende blauwe doosjes.

 
Geen geheimen
 
Gelukkig kent de bedrijfscultuur van Coolblue geen geheimen. Alles staat gewoon netjes op de website en deze cultuur lijkt inderdaad volledig samen te vallen met het merk. De basis van die cultuur is: ‘gewoon verwonderen’ met daaromheen de waarden: ‘eigenzinnig’, ‘vrienden’, ‘flexibel’ en ‘gewoon doen’. Dat lijken op het eerste gezicht prachtige woorden, maar je kunt dat vrij gemakkelijk doorvertalen als: Coolblue is een grote, eigenzinnige groep vrienden die met zijn allen keihard werken voor klanten, terwijl ze normaal blijven doen met zijn allen. Bij Coolblue werken mensen die zich kunnen aanpassen, die een mening hebben en vooral die het naar hun zin hebben met elkaar. Een zinnetje uit dit merkdocument; ‘Vriendschap ontstaat alleen bij gelijkwaardigheid. Daarom kom je bij Coolblue niet snel iemand tegen met een stropdas. Drink je gewoon een biertje met de directeur. En spreken we klanten persoonlijk aan.’ Van Eck kan het wel waarderen. ,,Die norm van ‘gewoon doen’ leggen ze op alles wat ze doen in de binnen- en buitenwereld en dan blijkt dus dat merk en bedrijfscultuur bij elkaar passen. Je zult nooit iets als een Coolblue Milieuweek zien of een reclame met een bekende Nederlander, want dat past simpelweg niet bij dat merk en dat bewaken ze met hart en ziel. En het mooie is dat die waarden van binnenuit komen. Dat is de spirit van de oprichters. Precies dát kunnen andere merken leren; definieer je cultuur op basis van wat je echt voelt en bewaak dat vervolgens intern met hart en ziel,” zegt hij

 
Iedereen is positief
 Coolblue is loeiheet op dit moment, iedereen praat positief over het bedrijf en de immer gretig trends omarmende marketingwereld staat in de rij om de ‘normale’ aanpak van de webshop te roemen. Maar toch even een mespuntje kritiek; als je goed naar het Sinterklaas-filmpje kijkt, kun je ook een beetje jeuk krijgen van zoveel blijheid, van zóveel betrokkenheid. Dat hele harde klappen als de grap bekend wordt, dat héle enthousiaste….Het is ook gewoon een bedrijf dat de mensen die er werken in staat stelt hun boodschappen te betalen We hebben het in de basis over een bedrijf en niet over Justin Bieber die je misschien op een ongezonde manier kunt adoreren. Als je een bedrijfscultuur indeelt op een Y-as van ‘cynisch, zwartgallig’ tot ‘totale blijheid’ dan lijkt het bij Coolblue op het eerste gezicht de laatstgenoemde kant op te gaan.

 
Perpetuum mobile
 
Van Eck snapt het voorbehoud wel een beetje. Ook hij wordt een tikkie argwanend als hij al dat positieve rond het merk beschouwt. Soms is dat terecht, maar soms is het ook heel trendgevoelig om te zeggen dat je zo’n enorme fan bent van Coolblue. Toch bekijkt hij het van de positieve kant. ,,Dat ongemakkelijke gevoel wat jij krijgt is juist een goede zaak, want blijkbaar hangt daar een bedrijfscultuur die echt eigen is. Het is een vriendengroep waar je niet zo makkelijk tussenkomt, met eigen wetten en regels die deze cultuur in stand houden en dat maakt het juist sterker. Daardoor is het misschien wel inmiddels zó sterk geworden dat de cultuur niet meer afhankelijk is van de eigenaars die er zaten.

 
Profiel maken voor werknemers
 
Hij gelooft in een heel eigen bedrijfscultuur die zo eigen is dat hij bepalend is voor de aantrekkingskracht op eventuele medewerkers. Van Eck: ,,Ik ken iemand die dolgraag bij Coolblue wilde werken, maar toen hij er eenmaal zat, bleek het helemaal niet te passen bij zijn karakter. Veel meer bedrijven zouden zo’n profiel moeten hebben. En dan bedoel ik niet van die generieke waarden zoals ‘we zijn zo ontzettend duurzaam’, maar een echte bedrijfscultuur met een eigen taal en een manier waarop ze daar met elkaar omgaan. Ik vind dat je die cultuur ook veel meer moet inzetten om nieuwe mensen aan te nemen; van hoog tot laag. Je moet dat heel nadrukkelijk teruglezen in een vacaturetekst.”

 
Deel bedrijf toch verkocht
 
Overigens ziet Van Eck nog wel een tweede laag in de Sinterklaas-stunt. ,,Ik zei direct al: dit is ook een manier om de verkoop een zachte landing te geven en inderdaad is een gedeelte van het bedrijf een paar maanden later verkocht.” Onlangs kwam naar buiten dat investeerders HAL Holding 20 procent van de aandelen heeft verworven. Van Eck: ,,Dat hoort er ook bij.”

 
Uit het hart
 
Concluderend is Coolblue - los van de blijheid, de flauwe grappen en de tikkie overdreven grappige functienamen (zeker voor makers zonder praatjes) - natuurlijk een voorbeeld voor veel andere bedrijven met ambities op het gebied van internal branding. Dat heeft met twee zaken te maken; de bedrijfscultuur van Coolblue lijkt niet bedacht door een hip bureau, maar komt echt uit het hart van de organisatie. Daarnaast wordt het interne beleid strak bewaakt door de mensen die gaan over het merk en daardoor valt alles in elkaar. Nu maar hopen dat die bedrijfscultuur sterk genoeg is om de ambities van al die nieuwe Sinterklazen te weerstaan.

Loze reclame is dood, merken willen verhalen

Door Jan Verheul

Klaar. Uitgewerkt. We zijn als bureau VRHL gestopt met zomaar reclame maken. Met promotionele prietpraat. Heel simpel, omdat wij daar niet langer in geloven. Klinkt misschien tikkie vreemd uit mijn pen. Ik ben van huis uit reclameman. Maar juist daarom weet ik dat loze reclame is uitgeblust.

 
Merken willen goede verhalen, heel simpel, omdat mensen verhalen willen. Dit ervaren we zelf als VRHL en horen we steeds vaker van onze klanten.

 
Een klakkeloos billboard
Reclame zonder verhaal is als een klakkeloos billboard langs een drukke snelweg. Je rijdt er langs zonder dat op te merken. Misschien zie je het wel, maar echt opmerken doe je het niet. Omdat het voor jou op dat moment totaal niet relevant is. Omdat het niet zorgt voor een verhaal dat het waard is om te delen. En omdat jij als automobilist wel iets anders hebt te doen dan naar storende reclame te turen.

 Merken willen aandacht
Merken willen geen doods billboard. Ze willen aandacht. Dat mensen over hun producten en diensten gaan praten. Opdat ze nieuwe relaties kunnen aangaan en bestaande contacten behouden en versterken. Dat doe je niet door lukraak overal billboards te plaatsen, en vanaf grote hoogte willekeurige voorbijgangers toe te spreken, maar door toegevoegde waarde te bieden in de vorm van opmerkelijke verhalen. Zowel offline als online. Verspreid via het juiste kanaal en op het juiste moment.

 
Mensen kopen geen productfeatures of gebruikskenmerken, zij kopen verhalen.
Een product zonder verhaal is een commodity. Een product met een verhaal is een merk. Maar ga vooral niet roepen dat je de beste of anders bent. Mensen kiezen voor merken die het verschil maken. Die hun leven veraangenamen en iets voor hen betekenen. Wie zou jij als merk liever zijn. Een pc of Apple? Airbnb of Holiday Inn? Opel of Tesla?

 
Old skool advertising niet langer in de lead
O ja, ik maak me geen illusies. Old skool advertising, gemaakt met veel creatieve zorg en aandacht, zal heus wel bestaan, maar is niet langer in de lead. Want mensen komen sneller voor jou in beweging als je voor hen van betekenis bent. Als je hen op onderhoudende manier weet te inspireren en te informeren. Als je hen iets leert. Als je hen helpt. Als je oplossingen biedt. Op een moment als zij daaraan behoefte hebben.

 
Bouw aan een fanbase
Sta daarom ongoing voor hen klaar. Bouw aan een fanbase. Geen klapvee dat twee tellen later zijn duimpje omhoog steekt voor weer iemand anders en dan weer voor iemand anders en jou al lang weer is vergeten. Maak abonnees van die af en toe-bezoekers van je platform, blog of YouTube-kanaal. Bezie je merk als een tijdschrift, krant of programma. Met rubrieken en merkeigen formats.

 
Content kan niet zonder creatie
Uiteraard moet jouw verhaal er wel goed uitzien. Een mooie verpakking, een net jasje. Al heb je nog zo’n goed verhaal, zonder goede creatie val je niet op. Trek de aandacht! Met een scorende video bijvoorbeeld. Of een opvallend en herkenbaar logo. Het oog wil immers ook wat.

 Relevantie is het nieuwe reclame
Wanneer je mensen met relevante verhalen weet te raken en beraken, wanneer mensen je vertrouwen, wanneer je kunt zorgen voor plezier en loyaliteit, dan ook zullen ze je product of dienst gebruiken.

 Verwijder die poster van Don Draper
Daarom mijn advies aan directeuren van reclamebureaus. Verwijder die poster van Don Draper boven je bed. Ga het anders doen. Durf verder te kijken dan 30 seconden. Sluit die doos van Pandora. Geef die old skool reclamedenkers uit je bureau een plaatsje in de kelder tussen die ene al lang weer vergeten reclameprijs. Neem journalisten en andere storytellers in dienst. Doe en denk als een uitgever en ga verhalen maken, geen opgepoetste plaatjes en glimmende promopraatjes. Maar echte verhalen die het waard zijn om te delen.

Wat is jouw verhaal?

 
Jan Verheul is accountmanager, directeur en partner van VRHL. Deze blog verscheen eerder op de website van VRHL.

Na Nederland ook in Europa: online advertenties groter dan tv-reclame

Wat in Nederland al sinds 2011 de trend is, gebeurde in 2015 in heel Europa: De bestedingen aan online advertenties overtroffen de uitgaven aan tv-reclame. Op tv werd vorig jaar voor 33,3 miljard euro geadverteerd en online voor 36,2 miljard, een groei van 13 procent ten opzichte van 2014.

 
Dat is bekend gemaakt tijdens de tiende editie van het jaarlijkse Interact congres van IAB Europe. Na online en tv volgen printreclame – dat licht daalde naar een omzet van 25,5 miljard -, out of home reclame - waarvan de omzet op 7,5 miljard bleef steken -, radioreclame - dat stabiel bleef op een omzet van 5,2 miljard – en de bioscoopreclame - ook met een vaste omzet van 0,7 miljard euro.

 
Vijfde plaats in Europa
Nederland staat met een omzet van 1,5 miljard euro aan online advertenties op een vijfde plaats in Europa, achter Groot-Brittannië, Duitsland, Frankrijk en Italië. Met een groei van slechts 8,4 procent staat Nederland bijna onderaan. De grootste stijging in omzet was te zien in Ierland (29 % groei), Bulgarije (22,3 % groei) en Polen ( 21,8 % groei).



Omzet tv-reclame stabiel sinds 2010
De omzet van tv-reclame in Nederland is al jaren tanende. De lichte stijging in 2015 naar een totaal van 965 miljoen euro, was eigenlijk een terugkeer naar het niveau van 2010, toen 975 miljoen werd uitgegeven. Na een stijging in 2011 is de omzet daar de afgelopen vier jaar nooit meer boven gekomen, zo blijkt uit onderstaande tabel van de Stichting ter Promotie en Optimalisatie van Televisiereclame (SPOT).



Snelle groei verklaard
In 2011 kwam de online omzet met 1068 miljoen euro voor het eerst boven die van tv-reclame uit. In 2012 was online met 1158 miljoen euro al fors groter en in de jaren daarna groeide de voorsprong.

De snelle groei komt mede door de opkomst van programmatic advertising, waarvan in Nederland overigens de groei weer aan het afkalven is. Volgens het rapport van IAB en Adex zorgen online video’s, advertenties van betere kwaliteit, de mogelijkheden op social media en de focus op mobile-first voor verdere groei. Die wordt echter tegengehouden door het toenemend gebruik van adblockers en misbruik van data. Ook fraude met de viewability van online advertenties is een obstakel voor verdere groei.

 

Facebook in VS nog meer onder vuur vanwege partijdigheid

In Nederland ligt Facebook onder vuur omdat het profiel van PvdA-Kamerlid Kelk Yücel na kritische uitlatingen over de Turkse president Erdogan enkele uren offline werd gehaald. In Amerika vegen media de vloer aan met partijdigheid van Facebook en stelt de senaat zelfs een onderzoek in.
 
Facebook is vooringenomen en CEO Zuckerberg is hypocriet, aldus de media in Amerika. Uitlatingen van oud-curators hebben geleid tot vragen vanuit de senaat. De algoritmen die Facebook gebruikt, zouden alles behalve neutraal zijn. En Facebook mist elke transparantie. Het is één grote black box waar mensen maar mee akkoord moeten gaan.

 
Politieke visies geweerd
De senaat wil weten of Facebook bepaalde politieke visies uit de trending topics houdt. John Thune, voorzitter van de Senate Commerce Committee, heeft CEO Mark Zuckerberg daarover een brief gestuurd.

Hij wil weten hoe Facebook stories kiest voor de trending topics, welke training de curators krijgen en wie verantwoordelijk is voor hun beslissingen. De Senaat wil ook details zien over welke stories niet in de trending topics eindigden ondanks dat ze erg populair waren op Facebook.

 
Conservatieve posts krijgen lage plek
Aanleiding voor het onderzoek is een publicatie op gizmodo.com waarin voormalige curators van Facebook een boekje open doen over de subjectiviteit bij het samenstellen van de trending topics. Vooral posts met conservatieve standpunten zouden systematisch worden geweerd.

De ophef in Amerika is groot. Maar veel analisten vinden dat er op zich niet zoveel mis is met subjectieve keuzes, mits het maar open en transparant gebeurt. Elke mediaorganisatie - of het nu een krant of tv is – maakt zulke keuzes. Maar bij Facebook gebeurt dat in het geheim.

 
Journalisten als curator
Zo’n twee jaar geleden nam Facebook een tiental jonge journalisten aan. Ze heten bij Facebook geen redacteur, maar ‘news curator’ en bemoeien zich onder meer met de trending topics. Ze selecteren de belangrijkste news stories en vatten die samen. Dat is per definitie, stelt Slate magazine vast, een vorm van journalistiek ‘waarmee Facebook de facto een nieuwsorganisatie is geworden.’

Er is nog een andere trend waardoor Facebook zich steeds meer van sociaal netwerk ontwikkelt tot een news portal. Mensen delen minder op Facebook over hun persoonlijke leven. Ze delen meer artikelen die ze elders op het web vinden. Ze blijven even actief, maar hun posts zijn minder persoonlijk.

 
Kranten en tv-stations afhankelijk
Facebook verliest de intimiteit waaraan we ooit verslaafd waren, schreef Slate al eerder, en daarvoor in de plaats komt iets anders en veel groters.

Nieuwsorganisaties plaatsen steeds meer content op Facebook. Want daar worden ze goed gelezen. De nieuwste stap in die trend zijn de live videos waar Facebook ruimte voor maakt. Gevestigde media als The New York Times maken daar graag gebruik van.

Kranten en televisiestations, die ooit de baas waren over hun eigen distributiekanalen, zijn deels afhankelijk geworden van social media, zoals Facebook. En niet meer de krant of het tv-station, maar de social media bepalen welke posts meer of minder aandacht krijgen.

 
Algoritmes zijn subjectief
Daarvoor heeft Facebook een algoritme ontwikkeld. Het lijkt alsof de techniek objectief bepaalt welke plek een post in een timeline krijgt. Maar niets is minder waar. Want algoritmen zijn door mensen gemaakt. De keuzes die algoritmen maken zijn vergelijkbaar met beslissingen die een hoofdredactie van een krant of tv-station neemt.

Je kunt algoritmen vergelijken met redacteuren, schrijft Farhad Manjoo in The New York Times. De ingenieurs van Facebook die aan die techniek werken, bepalen wat wij op de timeline te zien krijgen. Slate gaat nog verder: de mensen die zulke keuzes maken hebben net als iedereen hun eigen ambities. Dat is precies waarom die keuzes zo arbitrair en subjectief zijn.

 
Keuzes maken prima, maar wel transparant
Facebook is niet anders dan een traditionele nieuwsorganisatie, vindt gizmodo op basis van de interviews met oud-curatoren. Het is hoog tijd dat Facebook een hoofdredacteur aanstelt, schrijft Slate magazine. Met een team dat transparant is over de keuzes die het maakt.

Keuzes maken in de nieuwsvoorziening is prima. Het probleem is dat CEO Zuckerberg weigert in te zien dat zulke keuzes altijd subjectief zijn. Zijn medewerkers selecteren en ordenen het nieuws. Dat vraagt om openheid en transparantie. En dat is iets anders dan een dataset optimaliseren.

Zappen onmogelijk door reclamekartel

RUBRIEK FRANKY

 
In de rubriek Franky beschrijven redacteuren van Frank.news hun eigen, persoonlijke media-ervaring of -ergernis. Vandaag: André Oerlemans over reclameblokken die op concurrerende commerciële tv-zenders tegelijkertijd worden uitgezonden.
 
Wat doet u als er een reclameblok op televisie begint? Ik behoor tot de grote groep van 42 procent van de Nederlanders die weg zapt (onderzoek Vostradamus) en naar andere zenders surft om een stukje film, documentaire of serie mee te pakken. Begrijp me niet verkeerd: reclamespots bekijken en beoordelen is onderdeel van mijn werk, maar ’s avonds voor de buis zoek ik vooral ontspanning. Wat blijkt: waar ik ook heen zap, op de commerciële zenders is overal tegelijkertijd reclame.

Televisiebloggers die beroepsmatig zappen valt het al jaren op dat concurrerende zenders hun reclameblokken tegelijkertijd uitzenden. In 2010 ontkenden RTL en SBS nog dat ze die op elkaar afstemmen. Logisch, toegeven zou betekenen dat ze kartelafspraken maken en dat is verboden. De grote projectontwikkelaars in de bouwfraudezaak ontkenden aanvankelijk ook dat ze prijsafspraken maakten. Nu weten we beter. Wie op Google zoekt onder de term ‘kartelafspraken’, ziet dat het zowat in elke branche gebeurt.

 
Reclameregels geen vrijbrief
Volgens de commerciële omroepen is het echter puur toeval, te wijten aan de strenge reclameregels van de EU. Laten we die regels dus even onder de loep nemen. In de EU-richtlijn voor audiovisuele mediadiensten staat dat een televisiezender in Nederland per uur maximaal 12 minuten, oftewel 20 procent, reclame mag uitzenden. Uitzendingen en programma’s mogen één keer per geprogrammeerd tijdvak van 30 minuten worden onderbroken voor reclame. Omdat ook de EU inziet dat mensen steeds meer mogelijkheden krijgen om reclame te vermijden, zijn er verder geen gedetailleerde voorschriften. Maar dat is geen vrijbrief om onderling af te spreken dat elke zender zijn reclameblokken op hetzelfde tijdstip uitzendt.

 
Wie tipt kartelwaakhond
Hier lijkt duidelijk sprake van een kartel zoals de Autoriteit Consument & Markten (ACM) - na diverse veranderingen is dat de huidige naam van de Nederlandse kartelwaakhond – dat op zijn website verwoordt. Namelijk afspraken tussen bedrijven om niet in elkaars gebied - lees: reclamezendtijd - te werken.

,,Kartels zijn verboden volgens de Nederlandse concurrentieregels. Ze verstoren de concurrentie en dat is slecht voor consumenten,” stelt de ACM. Misschien moeten we dan maar de ACM tippen. Misschien grijpt de waakhond dan in en kunnen vier op de tien Nederlanders weer gaan zappen tijdens reclameblokken.

Weer bepalend voor lagere kijkcijfers songfestival Douwe Bob

Door Linda Haring

 
Er keken dinsdagavond 10 mei ruim 2,9 miljoen kijkers naar het optreden van Douwe Bob tijdens de halve finale van het Eurovisie Songfestival (ESF). Dit waren er minder dan er vorig jaar naar Trijntje keken. Zij wist ruim 3,3 miljoen kijkers aan de buis te kluisteren. Was het dan toch die jurk of lag het aan het weer?
 
Nederland is in de ban van het Eurovisie Songfestival (ESF). Gaat Douwe Bob hoge ogen gooien in Zweden? Wordt dit het jaar dat we de koppositie veroveren? Een teleurstellende aftocht, zoals Trijntje in haar scheurenjurk is hem in ieder geval bespaard gebleven, want Douwe Bob zong zichzelf met het nummer ‘Slow Down’ en zijn uitzonderlijke pauze van een aantal seconden binnen het nummer naar de finale! Was de knipoog na afloop van het nummer een voorbedachte, daar hij zelfverzekerd was van zijn zegetocht binnen deze halve finale?

 
400.000 Kijkers minder
Toch keken er 10 mei ruim 400.000 kijkers minder naar Douwe Bob dan een jaar geleden naar Trijntje. Wat was hiervan de oorzaak? Qua tegenprogrammering stonden er geen grote programma’s direct tegenover de halve finale. Er is geen programma wat boven een miljoen kijkers uitgekomen is binnen het tijdvak 21:00 uur – 23:05 uur. Wanneer we kijken naar het weer en de temperatuur is daar wellicht een verklaring te vinden. Vorig jaar toen Trijntje genadeloos ten onder ging in haar halve finale, op 19 mei 2015, lag de temperatuur op gemiddeld 10 graden Celsius. Dinsdagavond 10 mei was het gemiddeld circa 19 graden Celsius. Het lijkt erop dat het weer van invloed geweest is op de lagere kijkdichtheden van het Eurovisie Songfestival.

Hong Kong en Noord-Amerika hebben 's werelds beste 'connected' bevolking

Persbericht
10/05/2016

Nederland staat op plaats 15
De bevolking van Hong Kong en Noord Amerika zijn de best aangesloten ('connected') consumenten - maar de bevolking van de Verenigde Arabische Emiraten volgen op de voet. Nederland staat dit jaar op plaats 15 wat een lichte daling is ten opzichte van vorig jaar toen Nederland op plaats 13 stond. Dit blijkt uit de nieuwste GfK Connected Consumer Index, een ranglijst van 78 landen en 8 regio's in de wereld die snel en direct vergelijk biedt over de mate waarin de bevolking aansluiting heeft met Internet.

Deze index laat wereldwijd zien welke landen de meeste aangesloten consumenten hebben. Deze index biedt een totaal overzicht, en in detail, over elf verschillende apparaten (smartphone, tablet, mobile PC, desktop PC, wearables, smart TV, TV set-top box, videogame console, e-reader, connected car en smart home). Tevens biedt de index inzicht in de trends over de afgelopen vijf jaar.

De GfK Connected Consumer Index stelt bedrijven in staat om vergelijkingen te maken over hoe de individuele landen en regio's verbonden zijn met Internet om zodanig kansen te signaleren binnen verschillende industrieën. Hieronder valt zowel de verkoop en gebruik van digitale apparaten als het gebruik van digitale content.

Top tien meest 'verbonden' inwoners per landBinnen de GfK Connected Consumer Index laten Hong Kong en Noord Amerika (USA, Canada en Mexico) de afgelopen twee jaar zien dat ze een stabiele positie op 1 en 2 innemen als de twee landen met de hoogste mogelijk 'verbonden' bevolking.

Maar, de bevolking van de Verenigde Arabische Emiraten loopt snel in op de koplopers. De Verenigde Arabische Emiraten stonden in 2015 nog op plaats 8 en de voorspelling is een stijging dit jaar naar plaats 3. Hetzelfde geldt voor Zwitserland waarvan de verwachting is dat zij Denemarken en Zweden dit jaar achter zich zullen laten door op plaats 8 te eindigen.

 
GfK Connected Consumer Index

2015 ranking       2016 ranking                 Index score 2015                               Index score 2016
1                             1    Hong Kong               1,430                                                    1,486
2                            2    North America        952                                                        1,062
8                            3    UAE                          829                                                        995
3                            4    Norway                     939                                                        988
4                            5    Germany                  873                                                        940
6                            6    Saudi Arabia           836                                                        935
5                            7    Great Britain           856                                                        916
10                          8   Switzerland              801                                                        914
7                            9    Denmark                  835                                                        906
9                            10  Sweden                     807                                                        875
....
13                          15  Netherlands             732                                                         787

 
Chili en Jordanië maken grote sprongen voorwaartsAndere landen, die volgens deze Index dit jaar een significante sprong voorwaarts hebben laten zien op het gebied van 'aansluiting op Internet', zijn Chili en Jordanië.

Chili is zeven plaatsen opgeklommen van een 27e plaats in 2015 tot plaats 20 dit jaar en staat nu net achter Italië, Ierland en Australië. Jordanië is van de 31e plaats vorig jaar naar de 20e plaats dit jaar gestegen -  en laten hierbij landen zoals Cyprus, Oman, Nieuw Zeeland en België achter zich.

Belangrijke drijfveren voor de marktKevin Walsh, Director of Trends and Forecasting bij GfK, zegt: "Wij signaleren een groei in een aantal macro trends in connectiviteit over alle landen. In snelle groeimarkten, met name in het Midden Oosten, Afrika en opkomende landen in APAC blijft de adoptie van de smartphone de dominante trend. Dit is het primaire apparaat en vaak het eerste apparaat, waarmee consumenten hun aansluiting met data services zoeken. Deze trend lijkt voor de komende twee tot drie jaar dominant te blijven wanneer prijsverlaging ertoe leidt dat meer dan een miljard consumenten in staat zal zijn om voor het eerst een dergelijk persoonlijk digitaal apparaat aan te schaffen."

"Binnen de ontwikkelde markten, met name West Europa en Noord Amerika, zijn de drijfveren voor groei al in de volgende fase voor de 'aangesloten consument'. Wearables, samen met connected cars (auto's met Internet verbinding) nemen het voortouw. Beiden bieden nieuwe voordelen voor de consument. Smart Home technologie is ook een belangrijke kans. Hier verwachten wij dat de 'consumenten adoptie curve' zich langzamer maar stabieler zal ontwikkelen."

Per land zijn de drijfveren ook significant. Chili heeft, ondanks de zwakke economie, een relatief aangenaam klimaat voor investeringen, als ook een hoge breedband penetratie in vergelijk met de rest van Latijns Amerika. Dit zien we ook terug in de de verkopen van Smart TV die het afgelopen jaar gegroeid zijn met meer dan 20%. En GfK voorspelt eveneens een verdere groei dit jaar met 12 %.

Walsh gaat verder, "Wanneer technologie markten volwassen worden zien we dat lokale drijfveren een grotere impact op de groei hebben dan globale of regionale trends. Waarbij grotere aantallen consumenten verbonden zijn met Internet en op verschillende manieren."

Om de GfK Connected Consumer Index scores en de trends van de afgelopen vijf jaar voor iedere regio en land te zien, kijk op: http://connected-consumer.gfk.com/connected-consumer-index/Bij dit persbericht is een bijlage zichtbaar op www.perssupport.nl

Epke Zonderland draagt bij aan ontwikkeling kwark voor sporters

PERSBERICHT
10 mei 2016

Campina levert als enige Nederlandse merk aan TeamNL in Rio
Met nog 87 dagen te gaan tot de Olympische Spelen in Rio de Janeiro, zijn de voorbereidingen van de sporters in volle gang. Een belangrijk onderdeel van de voorbereiding is de juiste voeding. Campina is official supplier van TeamNL en levert op verzoek van NOC*NSF de komende Olympische Spelen yoghurt en kwark aan het Nederlands olympisch team in Rio. Vandaag presenteerde olympisch turnkampioen Epke Zonderland in Sportcentrum Papendal de nieuwe kwark van Campina, die hij samen met Erik te Velthuis, manager van topsportrestaurant Papendal, voor het zuivelmerk ontwikkelde. Vooralsnog zijn de producten van Campina de enige Nederlandse voedingsmiddelen die speciaal voor TeamNL worden geleverd in Rio.

"Voor een topsporter is gezonde voeding net zo belangrijk als hard trainen," aldus Maurits Hendriks, Chef de Mission van TeamNL. "Zuivel is een vast onderdeel van de maaltijden van een topsporter. Daarom ligt de samenwerking met het oer-Hollandse Campina voor de hand. Door de betrokkenheid van de experts op het gebied van sportvoeding van TeamNL en Campina, voldoet de kwark aan alle voorwaarden die topsporters stellen aan hun voeding."

De nieuwe Campina milde, magere kwark is van nature rijk aan proteïne, wat goed is voor de opbouw en het herstel van de spieren.

In de geest van de campagne 'Sterk met Campina', waarmee Campina en Epke Zonderland Nederland willen helpen om krachtig en fit te blijven, is de kwark vanaf deze week ook voor alle niet-olympische sporters verkrijgbaar in de supermarkt. Campina milde magere kwark is verkrijgbaar in een 500ml beker in naturel en twee smaakvarianten, met een vleugje kokos en met een vleugje vanille.

Traditioneel tv-kijken daalt dramatisch, ook al ontkennen we dat

Zeggen dat het wel meevalt met de daling van het traditionele tv-kijken - de lineaire kijktijd - is een beetje liegen. Roepen dat het allemaal wel meevalt, heeft geen zin. Nu je tv-bedrijf inrichten op de data-gedreven toekomst wél.
In deze meimaand filmmaand mogen we met zijn allen naar James Bondklassiekers kijken die onderbroken worden door reclame. SBS haalt alle Harry Potterfilms weer van stal in het najaar en op Eerste Kerstdag tref je Home Alone 1 tot en met 4 aan op RTL 4. Maar in het achterhoofd weten de programmeurs: de kijkende consument, of de consumerende kijker ben ik eigenlijk al lang kwijt. Die vermaakt zich op een ander platform met een film of serie die niet door reclame onderbroken wordt. De lineaire kijktijd - ofwel het traditioneel tv kijken, zappend langs de kanalen of met de tv-gids in de hand – loopt al enige jaren hard terug en die neerwaartse lijn wordt steeds scherper. Al zijn er nog instanties die ons anders willen doen geloven.

Onderzoek toont afnameHet is altijd goed om voor media naar de Amerikaanse ontwikkelingen te kijken, omdat die uiteindelijk ook trendsettend zijn voor de Nederlandse situatie. En die ontwikkelingen zeggen dat lineair televisiekijken nu écht aan erosie onderhevig is. Die informatie moeten we vooral halen uit losse marktonderzoeken, want uit de tv-data van de officiële kijkcijferinstanties is het moeilijker te destilleren.

Als we recent Amerikaans onderzoek van het gerenommeerde Forrester erbij pakken - van een jaar geleden inmiddels - dan ziet het er nog dramatischer uit voor ‘lineair’ dan we dachten. Want we weten inmiddels wel dat de Millennial steeds minder naar de gewone tv-programmering kijkt en de 11-18-jarigen binnen die jonge groep nóg veel minder. Maar volgens het onderzoek van Forrester is het traditioneel tv-kijken over de hele linie aan het afnemen. Ook de ouderen zetten hun tv-toestel uit. Of eigenlijk zetten ze hem wel aan, maar dan liever voor streaming diensten, online video en on demand.

Forrester ondervroeg 4.709 personen in Amerika, tussen de 18 en 88. En 46 procent zegt nog lineair te kijken. Ja, generatie X en de baby boomers kijken nog wel meer, maar ook zij kiezen toch steeds vaker voor andere manieren van ‘tv-consumptie’.

Dramatische dalingRecenter Amerikaans onderzoek van Marketing Charts van december vorig jaar bevestigt het beeld van scherp dalende kijktijd. In ruim vier jaar tijd daalde het aantal uren dat Amerikanen traditionele tv keken dramatisch. De 12-17-jarige keek maar liefst 30% minder, de 25-34-jarigen bijna 24%, de Gen-Xers (35-49) 10,7%. Daarboven valt de schade nog wel mee, waarmee bevestigd wordt dat 50-plussers en 65-plussers nog het liefst de programmering volgen die broadcasters ze aanbieden.

On demand grootste concurrent
In Amerika zorgen videocontent via YouTube en Facebook, maar vooral ook on demand diensten als Hulu, Amazon Prime en Netflix voor grote veranderingen in het tv-spectrum. Volgens onderzoek van MoffettNathanson was Netflix voor het grootste deel  - 50 procent -  verantwoordelijk voor de val in traditionele kijktijd. Maar we kunnen er vanuit gaan dat er de komende jaren steeds meer slimme on-demanddiensten komen en dat de kijktijd nog meer zal versnipperen.

SPOT verhult daling NLTerug naar de Nederlandse situatie. Ook hier zijn de dalingen messcherp, al wil SPOT, de marketingorganisatie voor de televisiebranche, ons nog wel anders doen geloven. In het Jaarrapport 2015 van SPOT staat dat de gemiddelde daling van de lineaire kijktijd 5 procent was ten opzichte van het jaar ervoor. Bij jongeren tussen 13 en 19 jaar was dat 18 procent. Maar die 5 procent die SPOT noemt, zal nog wel een stuk hoger liggen.
Dat blijkt namelijk ook uit cijfers die Telecompaper vorig haar september publiceerde. Nederlanders kijken volgens het Telecompaper-panelonderzoek gemiddeld twee uur per dag naar lineaire tv en dus niet 3 uur en 10 minuten, zoals SPOT beweert. Een uur en tien minuten: dat scheelt nogal in de reclame-inkomsten.
Inmiddels besteedt men zelfs 61 procent van de totale kijktijd aan het niet-lineair kijken naar videocontent, zoals on demand, online video, etc.

Daling zet door in 2016De dalende trend zette in het eerste kwartaal van dit jaar nog eens extra door. Reclame-inkoper GroupM schrok zelfs van de ‘dramatische daling’ van de lineaire kijktijd van bijna 10 procent, in vergelijking met dezelfde periode een jaar eerder. In de groep 13-19 daalde de kijktijd het meest: 13,1 procent. En in die groep daalde de traditionele kijktijd over geheel 2015 al bijna 20 procent.

Omroepen ontkennen realiteitDus roepen dat het wel meevalt met de dalingen, is natuurlijk een beetje liegen. NPO, RTL en SBS weten maar al te goed dat hun voorgekookte programmering steeds minder in trek is. Maar de ‘grote drie’ van Nederland zijn er bij gebaat dat men beweert dat het allemaal wel meevalt, omdat ze nog vele miljoenen uit de reclamemarkt halen onder het traditionele grp-systeem. Ondertussen leveren hun eigen aangekochte on demand diensten als Videoland nog te weinig geld en abonnees op om er een winnend businessmodel van te maken. Maar partijen als RTL dienen wel met dit soort initiatieven door te gaan, want daar ligt de sleutel naar de toekomst. Omroepen zouden hun zenders eens tegen het licht moeten houden en zwaarder dan nu moeten investeren in unieke content. Nu leveren die paar procent marktaandelen van SBS 9 en RTL 8 met B-categorie films en herhalingen van series nog reclamegeld op. Hetzelfde geldt nog voor NPO 3 dat geforceerde pogingen blijft doen om jongeren te bereiken. Maar straks is dat model eindig en worden de realtime tv-data van partijen al KPN en Ziggo en een hele hoop nieuwkomers leidend. Daar kijkt stiekem de hele markt naar uit.

Hoe zelfrijdende auto’s de marketing veranderen

Zelfsturende auto’s komen er aan en wat gaat dat voor marketing betekenen? Zullen radioreclame en billboards verdwijnen? In de VS zien ze onbegrensde mogelijkheden. In de auto van de toekomst ga je in een zelfgekozen design op de persoon afgestemde ervaringen krijgen. Inmiddels is de strijd tussen tech- en automerken losgebarsten. Apple, Google en Tesla wedijveren op dezelfde markt als Audi en Mercedes.
Marketing bij Apple gaat vaak met geheimzinnigheid gepaard en dat maakt het verlangen bij consumenten alleen maar groter. De afgelopen weken kwam iets naar buiten: Apple is bezig met de ontwikkeling van een zelfrijdende auto op een geheime locatie in Berlijn: de iCar. De berichten geven de consument een stille hint: wacht even met het kopen van een Tesla, want de iCar van Apple komt eraan.

Over twee jaar moet de iCar op de weg zijn. Een van de topmensen van Tesla is naar Apple overgestapt. Er waren ook gesprekken over samenwerking tussen Apple en Audi, maar dat leidde niet tot een doorbraak. Apple zou te veel controle over de data willen houden.

 
Digitale stad van Google
Concurrent Google laat weten een stad te gaan bouwen voor een grootschalig experiment met zelfrijdende auto’s. In de digitale stad zullen apparaten op grote schaal via internet verbonden zijn en op elkaar reageren. Er worden locaties voor de nieuwe stad genoemd bij Denver of Detroit. Google werkt onder meer samen met Ford.

 
Mercedes toont toekomst
Mercedes adverteert inmiddels met zelfsturende auto’s. Het is een futuristische clip. In de praktijk kan je op de weg je auto nog nauwelijks zelf laten rijden, maar de boodschap is duidelijk: het zal niet lang meer duren.

https://www.youtube.com/watch?v=kwsLsS7_XkY

 
Marketing gaat veranderen
Naast de methoden om zelfrijdende auto’s aan de man te brengen, is er het verhaal over hoe zulke auto’s in de toekomst de marketing gaan veranderen. Amerikaanse tech- en marketingsites zijn er vol van. Het wordt een compleet nieuw type marketing, voorspelt bijvoorbeeld marketeer Loni Stark op de site techcrunch.
Stark ziet veel kansen, omdat de nieuwe auto’s niet alleen het vervoer veranderen, maar ook het gedrag van mensen. „Dit biedt een nieuwe manier om target audiences te bereiken met gepersonaliseerde services die een toegevoegde waarde bieden.”

 
Creatie van belevingen
In de auto van de toekomst gaan media belevingen creëren. Daarbij kunnen ads die op de persoon zijn afgestemd een plek krijgen. Vergelijk de zelfrijdende auto met een smartphone die gepersonaliseerd is, alleen in dit geval zit je er middenin.

Tijdschrift Adweek verwacht dat radioreclame in het tijdperk van zelfsturende auto’s fors zal afnemen. Want alternatieven met ad-mogelijkheden nemen het over. Even je favoriete Netflix-serie op het scherm als je op de snelweg bent. Of je favoriete Youtube-kanaal bekijken terwijl je op weg bent naar een sportwedstrijd. Het kan.
Geen losstaande reclames, dat wil de consument niet meer. Ads moeten de experience in de zelfrijdende auto mooier maken. Zoals neonlichten iets kunnen toevoegen aan de sfeer in een stad. Of in de woorden van een Amerikaanse marketeer: the ads moeten gebouwd worden in de organic experience van de auto, bijvoorbeeld via een tablet of tv-scherm waarop de reiziger entertainment of zakelijke content kan bekijken.

Omdat de auto voortdurend in verbinding staat met de omgeving kan de content – net zoals op de smartphone – perfect aansluiten bij de route. Wie met z’n kinderen op weg is naar een pretpark krijgt iets anders te zien dan iemand die naar een winkelcentrum rijdt.

 
Verdwijnt out-of-home reclame?
Over de toekomst van out-of-home reclame zijn de meningen verdeeld. Sommige analisten denken dat billboards langs de weg zullen verdwijnen, omdat passagiers vooral bezig zijn met beeldschermen in de auto. Vergelijk het met de trein: veel passagiers kijken nauwelijks meer naar buiten, maar vooral op hun smartphone.
Andere marketeers zien juist extra mogelijkheden. Nu mogen billboards langs de weg bestuurders niet te veel afleiden want die moeten op het verkeer letten. In de toekomst mag digitale reclame langs de weg zo inventief worden als je maar wilt. Geef de reiziger een ervaring die hij nooit meer vergeet.

 
Cookies van een ton
Om meer informatie over de klant en zijn bestemming te krijgen, houden bedrijven contact met de zelfrijdende auto’s. Data kunnen informatie geven over reisgewoonten of muziekvoorkeuren, die kan worden gebruikt om passende content voor te schotelen. „Het is zo rijk,” zegt marketeer Fred Sattler in Adweek. „Je kunt de auto zien als een cookie met een gewicht van een ton.”

Onderzoek van Ericsson laat zien dat potentiële kopers van een zelfrijdende auto geïnteresseerd zijn in connected services van hun favoriete merken. Maar consumenten willen meer zeggenschap. Ze willen steeds vaker zelf bepalen van welke bedrijven ze advertenties toestaan. Daar komen adblockers in beeld. „De auto van de toekomst kan zomaar uitgroeien tot een content-blocking machine,” zegt analist David Deal, die er meteen aan toevoegt dat de auto een uitstekende marketingplek kan zijn voor ‘useful, entertaining content’.

 
Duitse autofabrikanten in de verdediging
Hoe snel zelfsturende auto’s daadwerkelijk door de straten zullen rijden is nog onzeker. Veel merken zijn ermee bezig. Enige tijd geleden konden de Duitse autofabrikanten nog lachen om Elon Musk van Tesla.
Voormalig Daimler-topman Edzard Reuter noemde afgelopen november Tesla nog ‘een grap die niet serieus te nemen is vergeleken met de grote autobedrijven in Duitsland’. Inmiddels zijn ook de autofabrikanten in Duitsland om. Sommige proberen allianties aan te gaan met techbedrijven als Apple, Tesla of Google. Het zit grotendeels nog in de proeffase, maar het kan snel gaan.

 
Even Apeldoorn bellen
Sceptici laten ook van zich horen. Dat heeft geleid tot verrassende commercials, relativerend en met humor, zoals deze van Centraal Beheer Achmea.

https://www.youtube.com/watch?v=eu2ewxZ9IbY

Populaire presentator verdient salaris dubbel en dwars terug

Door Theo Nieveen

 
Volgens ‘De krant van wakker Nederland’ heeft een bekende presentator laatst 10.000 euro salarisverhoging gekregen. Een golf aan reacties in de vox populi kolommen volgde. Zelfs, Business not as usual, RTLZ meldde het nieuws over het salaris in een tickertape berichtje. Hoe sneu is dat overigens voor een businesszender?
 
Ik vermoed dat de presentator in kwestie die 10K niet eens op z’n loonstrookje heeft bemerkt - en in ons belastingklimaat al helemaal niet - maar los daarvan: de onderliggende vraag is of ambtenaren en semiambtenaren boven de Balkenende-norm mogen verdienen? Nu ben ik de laatste die daar een antwoord op gaat geven, het ambtenaarschap, noch een cao-overeenkomst hebben mij ooit getrokken.

 
Is 5 ton moreel verantwoord
Maar toch, er bestaat in onze maatschappij misschien nog wel zoiets als moreel besef. Iets wat we zeker mogen verwachten bij diegenen die dat van oudsher prediken (de basis van alle omroepen: predikers en moralisten). De vraag is dan ook gerechtigd of je het moreel verantwoord vindt om voor een relatief eenvoudige klus als het presenteren van een dagelijks tv- of radioprogramma bij een publieke omroep  - al dan niet ontsproten uit het socialistisch gedachtengoed -  een salaris van 4 of 5 ton-plus te toucheren, voor ca. 180 afleveringen. De vox populi vindt in elk geval van niet, maar als we die mening nu even laten voor wat het is en eens kijken naar de cijfers? Kosten en baten in Omroepland.

 
Hoe is tv-programma gefinancierd
Een tv-programma wordt vanuit verschillende bronnen gefinancierd. De omroep betaalt een x bedrag aan een producent. Die financiering komt voort uit inkomsten uit o.a. subsidies (omroepbijdragen), misschien nog een beetje ledencontributie, verkoop van eigen programmaformats, merchandising en het geheel afgetopt met een aanzienlijke bijdrage uit de STER-pot. Als we ons nu even concentreren op die laatste, dan kunnen we een rekensommetje maken.

De STER verdient z’n geld met de verkoop van spots. Een tv-commercial is gemiddeld 30 seconden en heeft een prijs die fluctueert met de seizoenen en reageert op vraag en aanbod. Stel dat een 30 seconden commercial voor of na een programma met gemiddeld 1 miljoen kijkers (ca. 8% kijkdichtheid 13+) zo’n 15.000 euro kost. En stel dat er 20 commercials van 30 seconden rondom zo’n programma worden uitgezonden, dan levert dat programma dagelijks 300.000 euro aan STER-inkomsten op.

 
Verlies kijkers kost 13 miljoen euro
Maar nu. Stel er komt een andere presentator en de kijkdichtheid van datzelfde programma daalt van 8% naar 6%. De spotprijs gaat vervolgens ook naar beneden en wordt ca. 11.250 euro. Als het aantal uitgezonden commercials gemiddeld 20 blijft, dan lopen de inkomsten terug met 75.000 euro per dag! Het programma wordt horizontaal 5 dagen per week geprogrammeerd, dus een andere presentator levert een theoretisch verlies aan STER-inkomsten op van 375.000 euro per week. Op 180 afleveringen per jaar is dat circa 10 tot 13 miljoen euro.

Als je nu 5 ton uittrekt om die inkomstenderving tegen te gaan door de juiste presentator aan te houden, dan valt zo’n salaris op zich wel weer mee. Het blijft een bak geld voor een semiambtenaar in een relatief eenvoudige baan, maar het scheelt uiteindelijk miljoenen op jaarbasis. Bij RTL hebben ze het dubbele er wel voor over. Dus ja, wat is (te)veel? En ... wat zou je zelf doen? Een moreel dilemma.