Candid. Platform
for growth.

Met deze vijf marketingtools 'veroverde' Naïf de markt voor babyverzorging

naifklein
Naïf, het merk met natuurlijke verzorgingsproducten voor baby's en jonge, b...

Unilever topvrouw Hanneke Faber zet missie Paul Polman voort

Unilever
Een pre-event organiseren voor de eerste wereldtop over voedselsystemen van...

Waarom Unilever, DSM en Dopper wel verantwoordelijkheid durven nemen

DSM
Merken moeten hun verantwoordelijkheid nemen als het gaat om Covid-19, duur...

Focus op purpose lijkt te werken voor P&G en Unilever

PG_work
De grote concerns en adverteerders Procter & Gamble en Unilever lieten ...

Bij Procter & Gamble lijkt de focus op content (in plaats van advertising) te werken

PG_ad
Er verscheen een aardig verhaal bij AdAdage over het gegeven dat Procter &a...

Unilever en Procter & Gamble blijven bureauwereld onder druk zetten

PG
Procter & Gamble en Unilever veroorzaakten de laatste tijd een flinke s...

'We moeten tolerant zijn voor bedrijven als H&M en Unilever, die echt iets proberen in beweging te zetten'

Caroline_van_Beekhoff
Trends zijn er te over, trendwatchers en trendboeken ook. Maar er was altij...

Ook Magnum heeft zijn purpose gevonden

Iris1
Purpose: alle merken lijken er naar op zoek. Ook Magnum heeft zijn purpose ...

Marc Pritchard van Procter & Gamble tegen media: get your shit together

pritchard
Opnieuw doet marketingbaas Marc Pritchard van Procter & Gamble een opro...

Marketingbaas Unilever: 'Bots eten geen ijs van Ben & Jerry's'

Ben_Jerrys
Keith Weed, nog even de hoogste marketingbaas van Unilever, deed van zich h...

René Repko: Eenmaal voor het schap zeggen consumenten onbewust 'fuck die purpose'

Rene_repko
We gaan de komende tijd wat vaker marketeers interviewen. Niet de personen ...

Dit nieuwe Amsterdamse retailbedrijf gaat de strijd aan met plastic soep

Plasticsoup
Amsterdam kan zich opmaken voor een wereldprimeur in sustainability en het ...

Waarom Unilever topmarketeer Keith Weed zoveel invloed heeft

Waarom_topmarketeer_Keithweed_van_Unilever
Als Keith Weed een boodschap de wereld in stuurt, dan heeft dat impact. Van...

Marketeers zagen verder aan de poten van de reclameholding

Cannes-Lions-Festival
Er komt in 2018 één en ander in stroomversnelling in de reclamewereld, met ...

Odin: je hoeft niet groot te zijn voor purpose marketing

Odin: je hoeft niet groot te zijn voor purpose marketing

Grote merken en bedrijven zijn er jarenlang naar op zoek. Een kleine biologische voedselcoöperatie als Odin heeft het van nature: purpose. Hoe makkelijk kan purpose marketing zijn?

 
Biologisch voedsel en gezond eten zijn in. Wat in de jaren ’80 nog een geitenwollensokken imago had, is tegenwoordig hip en trendy. Daar weten ze bij biologische foodcoop Odin alles van. De voedselcoöperatie groeit en groeit en hoeft daarvoor nauwelijks iets aan marketing te doen. Wat dat betreft is Odin het levende bewijs dat purpose marketing werkt.

 

Positieve impact 

Bij dit krachtige marketinginstrument geldt het principe: Practice what you preach. Bij alles wat je als merk of bedrijf doet, kijk je naar de positieve impact die het heeft op de samenleving. Dat hoeft niet meteen revolutionair te zijn zoals Rabobank, die in zijn mislukte campagne doorschoot met de belofte het wereldvoedselprobleem op te lossen. Dat kan ook een tandje minder. Een verfmerk kan een bijdrage leveren door achterbuurten meer kleur te geven. Een deomerk kan het taboe op onzekerheid bij jongens doorbreken. Alleen een bedrijf als DSM heeft het verbeteren van de wereld in bijna elke vezel van zijn DNA zitten. Zelfs grote bedrijven als Heineken zijn nog op zoek naar de focus voor hun purpose marketing. Een grote bank als ING zegt daar volop mee bezig te zijn. Maar de purpose ‘empowering people to stay a step ahead in life and in business’ is niet echt uniek. Bovendien wordt die boodschap steeds ingehaald door affaires, zoals de fel bekritiseerde salarisverhoging van topman Ralph Hamers, dubbele afschrijvingen en storingen in het betaalverkeer.

 

Ontstaan uit purpose 

Sommige bedrijven zijn ontstaan vanuit een purpose. Bijvoorbeeld Tony’s Chocolonely, dat streeft naar slaafvrije chocolade, of de banken Triodos en ASN, die alleen klimaat- en maatschappelijk verantwoord willen investeren. Ook Odin is daar een voorbeeld van. Oprichter Koos Bakker begon in 1983 met de verkoop van biologische groente- en fruitpakketten van aangesloten boeren, tuinders en andere leveranciers. Eind jaren ’90 kwamen daar de biologische Estafette-winkels bij, inmiddels allemaal omgedoopt tot biologische Odin supermarkten waar van alles te koop is. Ook is de CV omgezet in een  coöperatie. Die telt 20 eigen winkels, 400 medewerkers, een eigen bezorgdienst, imkerij, boerderij met zaadveredeling en een academie. De jaaromzet bedraagt 45 miljoen euro. De fusie met De Nieuwe Band is op een haar na gevild, waardoor er ineens 500 verkooppunten in Nederland en België bijkomen en het assortiment wordt uitgebreid met biologische rijst, pasta en andere droogwaren. De coöperatie is in handen van zo’n 6000 leden. Die brengen jaarlijks ongeveer 1 miljoen euro aan financiering op, waardoor Odin niet naar de bank hoeft.

 

Grondsteenspreuk 

Van begin af aan waren zaken als respect voor mens, dier en natuur, samen werken aan een leefbare aarde, verantwoordelijkheid nemen in de voedselketen en uitgaan van eerlijke prijzen de belangrijkste drijfveren voor de oprichters. Die legden ze in 1983 vast in een zogenoemde ‘grondsteenspreuk’:

 
Mogen wij indachtig blijven:
De oorsprong van ons streven
om helende de aarde te bewerken
Eerbiedigend de wijsheid en harmonie
in Gods schepping
Om rechtvaardig haar vruchten te verdelen
Broederlijkheid betrachtend
daar waar mensen van elkaar afhankelijk zijn
Om uit innerlijke kracht het goede te doen
Richtend onze wil naar Gods woord dat ons voedt in onze spijzen
Opdat werkzaam worde:
In de materie offerend licht
In mensen onderling scheppende liefde
In ieder persoonlijk kracht van de Geest
 
Een tekst die anno nu wat archaïsch aandoet en waar Odin niet mee te koop loopt, maar die wel laat zien waar de coöperatie vandaan komt. ,,Wij hoeven geen purpose te bedenken, want die staat daarin. De zorg voor aarde, voor elkaar, het zorgvuldig omgaan met de voedselketen. Het vindt allemaal zijn oorsprong in die grondsteenspreuk,” vertelde commercieel directeur Merle Koomans van Odin tijdens het Seminar Purpose Marketing van de Adfo Groep in Utrecht.

 

Geen salaris-affaires

Een dergelijke benadering voorkomt ook publieke schandalen rond topsalarissen van bestuurders, zoals ING of laatst ook Unilever overkwam. Daar bleek topman Paul Polman  292 keer meer te verdienen dan de gemiddelde werknemer. ,,Bij ons is de regel dat de meest verdienende maximaal zes keer zoveel mag verdienen als degene die het minst verdient. Zelf zit ik op 4.6,” aldus Koomans.

 

De jonge honden van Savage komen er weer aan

De jonge honden van Savage komen er weer aan

Bij de meeste conferenties voor de marcom branche komen deskundigen uit Nederland hun Nederlandse vakgenoten vertellen hoe slim en goed ze zijn. Daarom houden we bij frank.news zo van Savage Marketing, waar internationale sprekers internationale jonge honden uit de hele marcom wereld toespreken.

 
De ene conferentie is de andere niet. Als journalist in de marcombranche kun je elke dag wel een seminar, event of congres bijwonen. De vraag is echter of er ook iets zinnigs uit komt. Daarom zijn we bij frank.news pietje precies in waar we aandacht aan schenken. Of het komt omdat we in hetzelfde jaar 2016 de Nederlandse markt bestormden, weet ik niet. Maar sinds de start is Savage Marketing een conferentie die eruit springt en waar we trouw verslag van doen.

 
Tieners leren CMO’s 
Hier tekenden we een paar van onze mooiste en meest gelezen verhalen op. Bijvoorbeeld hoe een stel tieners van GoSpooky CMO’s leren hoe ze moeten adverteren op Snapchat. Daarna werden de heren beroemd via programma’s als DWDD en diverse media. Constance Scholten, medeoprichter van Camarilla, mocht hier haar verhaal over het kleinste sociale medium vertellen, waarna ze voor ongeveer elk ander congres werd uitgenodigd.

Directeur Benelux Arno Lubrun onthulde de strategie van Facebook op het gebied van digital marketing en gepersonaliseerde boodschappen. Dat was nog voor alle ellende van de laatste tijd.

 
Tech is leading 
Bij Savage Marketing zagen ze twee jaar geleden al hoe belangrijk tech in marketing is en wordt. Zo mochten het Hongaarse Optimonk en van oorsprong Roemeense Marketizator laten zien hoe je de conversie van alom gehate pop-ups kunt vergroten. En vorig jaar waagde COO Ben Williams van Eyeo, het bedrijf achter Adblock Plus, zich op Savage Marketing in het hol van de leeuw met een verhaal waar GDPR-experts toen al hun voordeel mee konden doen.

 
Aantrekkingskracht 
Tijdens de derde editie gaat het dan ook vooral over data en technologie, twee van de meest actuele thema’s binnen marketing en media. De beste cases worden beschreven door  topmensen van onder meer Huawei, Unilever, BMW, BBC, Nestlé, L’Oréal, Google, Lego, PepsiCo, Coca Cola, Booking.com etc. Blijkbaar heeft de conferentie een blijvende aantrekkingskracht op grote namen.

 
Korting voor lezers frank.news 
Frank.news is er dus weer bij, maar onze lezers kunnen er ook bij zijn met een speciale korting. Wie inlogt via deze link en bij registratie de code FN20 invoert, kan op 13 en 14 juni dit jaar met 20 procent korting naar de Meervaart in Amsterdam.

Het reclamebureau van de toekomst? Teams met de allerbeste mensen

Het reclamebureau van de toekomst? Teams met de allerbeste mensen

Het traditionele reclamemodel is over the hill. Merken vragen snelheid en efficiency en werken meer projectmatig. De grote communicatienetwerken bibberen, want Procter & Gamble en Unilever zagen aan hun poten. Daarmee ontstaat het reclamebureau van de toekomst. Sterker nog: het ís er al, en het groeit snel.

Jarenlang werd de reclame- en marketingcommunicatiewereld gedomineerd door steeds groter groeiende netwerken. WPP (Brits), Omnicom (Amerikaans) en Publicis (Frans) zijn de drie grootste jongens in dat landschap. Ze zijn beursgenoteerd en dus gaat het vaak om waarde creëren voor de aandeelhouder. Ze hebben in de afgelopen decennia allerlei disciplines bij elkaar geveegd om internationaal grote klanten te kunnen bedienen. Denk aan reclamebureaus, PR-bureaus, mediabureaus en marktonderzoekers. Binnenin zo’n netwerk zijn het eigenlijk weer onafhankelijk opererende entiteiten die met elkaar concurreren. En dat zijn er vaak tientallen.

 
Klanten worden veeleisender
Dat model lijkt steeds meer aan erosie onderhevig door verschillende oorzaken: technologische ontwikkelingen, veranderend consumptiegedrag en kostendruk. Want klanten worden steeds veeleisender, juist omdat de consument steeds veeleisender wordt. Vorig jaar schetsten we in dit artikel al wat de gevaren zijn voor de grote communicatienetwerken in het algemeen en reclamebureaus in het bijzonder: het moet sneller, goedkoper en klanten nemen zaken in eigen huis (van data tot creativiteit en content).

 
Grote netwerken kregen het zwaar in 2017
2017 was dan ook het jaar waarin er scheuren kwamen in het bastion van de grote netwerken. Het Britse WPP met de flamboyante topman (Sir) Martin Sorrell draaide een beroerd jaar zonder groei. Hij zag niet alleen de beurswaarde van zijn bedrijf dalen, ook zijn privévermogen leed eronder. Hij besloot maatregelen te treffen: de structuur van WPP moet anders.

Die structuur is in jaren niet gewijzigd, alleen maar uitgedijd. WPP en de andere netwerken namen steeds meer bureaus over met nieuwe disciplines, onder druk van de grote veranderingen in de reclamewereld. Er ontstonden veel bureaus met een digitale inslag. Het betekende dat die grote netwerken daar ook fors in gingen investeren. Daarnaast gingen de bestaande bureaus die ze hadden ook meer digitaal doen. Dat gold ook voor de mediabureaus in het netwerk, die naast inkoop en media-advies ook dataservice en zelfs creatie in huis namen.

 
Teveel overlap
Daar gaat het nu mis voor multinationals als WPP: er is te veel overlap ontstaan. Het zijn full-service bureaus geworden. Adverteerders hadden een samenwerking met verschillende bureaus, die vaak hetzelfde aanboden. Terug naar Sorrell. Hij wil WPP nu herstructureren, bureaus gaan samenvoegen die nu in feite hetzelfde doen en het moet vooral allemaal ‘sneller en effectiever’. Die herstructurering is al bezig. In het afgelopen jaar waren er al fusies tussen mediabureaus van WPP, maar onlangs ook bij een paar bekende PR-bedrijven.

De vraag is: gaat dat snel genoeg? Die grote netwerken zijn olietankers geworden en maak daar maar eens een speedboot van. Daarnaast is er nog de komst van de grote consultancybedrijven die steeds meer marketingdisciplines in huis gaan halen. Maar ook voeren de grootste internationale adverteerders Procter & Gamble en Unilever de druk nog eens op. Beide conglomeraten schrapten al meer dan een kwart van de bureaus waarmee ze samenwerkten en Procter & Gamble roept dat het veel meer naar een open source samenwerking wil.

 
Meer in eigen huis doen
Verder doen Procter & Gamble en Unilever al veel meer in eigen huis. Dus: zelf content maken, zelf data-analyse doen en zelf ook kijken of het media-inkoopmodel transparanter kan dan nu het geval is. Ongetwijfeld zetten ze daarmee een trend die op grote schaal navolging zal krijgen

 
Open source model
Wat is dan de ideale manier voor marketeers om samen te werken met bureaus in het huidige landschap? Procter & Gamble vindt de (netwerk)bureaus over het algemeen te duur. Ze hebben te grote overhead, zijn te traag en de financiële factor is belangrijker dan de creatieve.  Het open source model dat Procter & Gamble graag wil, lijkt het daarom te gaan winnen. Naast de dingen die ze daar in huis kunnen doen, gaan ze op zoek naar topteams die snel kunnen samenwerken op een project. Geen generalistisch bureau met alle disciplines onder één dak, maar bijvoorbeeld bureau X voor creatie van de campagne, bureau Y voor de PR en social en bureau Z voor data-analyse. Specialisten dus in plaats van generalisten, van bureaus tot zzp’ers.

 
Wisselende teams met goede mensen
Voor het volgende project kan Procter & Gamble dan weer een ander ter team samenstellen, al naar gelang de discipline die nodig is. Daarmee zijn de traditionele reclamebureaus zeker niet kansloos, want sterk in creatieve campagnes, alleen zullen ze meer moeten gaan samenwerken. Klein en snel lijkt dus de nieuwe holy grail in een tijd dat marketeers snelheid, efficiency en effectiviteit willen en veel meer projectmatig werken dan met grote accounts. Misschien dat het langdurige en dure pitchmodel er ook mee op de helling gaat.

Je hebt geen schaal nodig om grotere projecten aan te kunnen nemen. Word of mouth tussen marketeers kan daarbij een groot effect hebben. Als je naam als kleinere speler gevestigd is, kloppen er meer merken bij je aan met hun vraagstuk. Het lijkt er sterk op dat ‘partneren’ met zeer gespecialiseerde experts hét bureau van de toekomst is.

Facebook verliest jongeren in hoog tempo aan Snapchat

Facebook verliest jongeren in hoog tempo aan Snapchat

Het gaat om miljoenen jongeren die Facebook verlaten of er niet eens aan beginnen. Instagram profiteert daarvan, maar de grote winnaar is Snapchat, zo blijkt uit onderzoek van eMarketer. Ondertussen moet Facebook alle zeilen bijzetten om grote problemen zoals fake news het hoofd te bieden. De meeste adverteerders zien nog genoeg kansen, maar het klinkend optimisme bij het social network lijkt voorbij.

 
CEO Mark Zuckerberg is het afgelopen jaar veranderd, zeggen de mensen om hen heen. Het was een jaar vol aantijgingen over fake news en Russische trollen. Zuckerberg heeft erover nagedacht, hij wil het oplossen, maar is ook bezorgd.
„Dit hele jaar heeft zijn persoonlijke techno-optimisme veranderd,” zegt een hoge functionaris bij Facebook. „Het heeft hem meer paranoïde gemaakt over de manieren waarop mensen dingen kunnen misbruiken die uit zijn handen komen.”
De passage komt uit Wired dat een uitgebreide reconstructie maakte van de afgelopen twee jaar: Inside the two years that shook Facebook - and the world. Met als ondertitel: hoe een verwarde, zich verdedigende social mediagigant zichzelf de afgrond instuurt en hoe Mark Zuckerberg het allemaal probeert te fixen. Het verhaal leest als een thriller en is alleen daarom al een aanrader.

 
Jongeren onder de 25 haken af
Dat de problemen nog niet voorbij zijn, blijkt uit het onderzoek van eMarketer. Facebook zal dit jaar twee miljoen gebruikers onder de 25 in de VS kwijtraken, voorspellen de onderzoekers. En die gaan lang niet allemaal naar Instagram, waarvan Facebook eigenaar is. Instagram krijgt er dit jaar in totaal naar verwachting 1,6 miljoen gebruikers bij. De meeste overstappers gaan naar Snapchat, dat er volgens eMarketer 1,9 miljoen jonge gebruikers bij zal krijgen. The Guardian verwacht dat dit jaar in totaal 3 miljoen jongeren van onder de 25 Facebook zullen verlaten in de VS en Groot-Brittannië samen.

Harde voorspellingen voor Nederland zijn er niet, maar vaak volgen wij de trends in de Verenigde Staten. eMarketer geldt als gezaghebbend, maar moest zijn prognoses over het afgelopen jaar bijstellen. Voor 2017 voorspelde eMarketer dat het aantal 12 tot 17 jarigen bij Facebook in de VS zou afnemen met 3,4 procent. Die afname bleek uiteindelijk drie keer zo groot, namelijk 9,9 procent en dat zijn zo’n 1,4 miljoen gebruikers. Volgens eMarketer heeft Facebook in de leeftijdgroep tot 25 vorig jaar in totaal 2,8 miljoen Amerikaanse gebruikers verloren.

Techmagazine Recode noemt een aantal redenen dat tieners Facebook de rug toe keren. Het sociale netwerk is al een aantal jaren zijn ‘cool’-factor aan het verliezen en jongeren hebben meer opties dan ooit om contact te houden met vrienden en familie. Facebook is bovendien een ‘digital record keeper’, het houdt steevast gegevens van gebruikers bij en niet alle jongeren zitten daar op te wachten. Dat verklaart de groeiende populariteit van Snapchat en Instagram waar je video’s en foto’s kan delen die weer verdwijnen.

 
Snapchat wint
Het lijkt erop dat Snapchat, waar het een tijd lang niet zo goed mee ging, weer helemaal terug is. Dat is ook te zien aan de beurscijfers. De koers van Snap bereikt hoogten die in maanden niet zijn voorgekomen. Voor het eerst sinds juni komt het aandeel uit boven de introductiekoers.

 
Snapchat heeft bewezen dat er een markt is voor een vluchtige foto’s en video’s die kort bestaan. Facebook kopieerde daarom onder meer Snapchat’s Stories (waarmee gebruikers foto’s of video’s kunnen posten die na 24 uur verdwijnen) voor de Facebook en Instagram apps, en introduceerde filters, die lijken op de Snapchat lenzen. Facebook wint daar nieuwe gebruikers mee en probeert zo Snapchat op termijn overbodig te maken. Maar verrassend genoeg lijkt het tegenovergestelde te gebeuren: Snapchat weet ervan te profiteren.

 
Snapchat komt door dat kopieergedrag in de schijnwerpers te staan en krijgt de kans om te groeien, schrijft techjournalist Billy Gallagher in een boek over Snapchat dat net uit is: ‘How to turn down a billion dollars: the Snapchat story’. Het is dankzij Facebook dat Snapchat een betere reputatie krijgt waardoor het kan uitgroeien tot de serieuze bedreiging voor Facebook die het is geworden.

 
Facebook zet Snapchat in de spotlights
Je moet er even voor terug naar 2012. Op Snapchat circuleren miljoenen foto’s, maar de app worstelt met een bedenkelijke reputatie vanwege sexting en erotische foto’s die worden rondgestuurd. Zuckerberg ontmoet CEO Evan Spiegel van Snapchat; de twee praten over een overname, maar Spiegel wijst een bod van 3 miljard dollar af. Zuckerberg besluit om er dan zelf mee aan de gang te gaan en Facebook komt met de eigen app Poke, waarmee je foto’s kan delen die weer verdwijnen. Daarmee krijgt het idee van Snapchat een andere lading. Als Facebook als gerespecteerd netwerk ermee komt, dan moet dat wel ‘the next big thing’ zijn. Ineens is Snapchat geen sexting app meer, maar is het de laatste trend. Snapchat gaat groeien dankzij het kopieergedrag van Facebook, schrijft Gallagher in zijn boek. CEO Spiegel van Snapchat herinnert zich het later zo: „Poke was het grootste kerstgeschenk dat we ooit hebben gekregen.”

 
In 2016 komt Facebook met Instagram Stories, eveneens naar het idee van Snapchat en daarmee deelt Zuckerberg wel een harde tik uit. Instagram Stories krijgt ruim 300 miljoen dagelijkse gebruikers, meer dan twee keer zoveel als Snapchat. De verwachting is dat beide dit jaar verder zullen groeien. Van de tieners die van Facebook afhaken, stapt een deel over naar Instagram. Maar de meesten van hen kiezen voor Snapchat.

 
Jongeren willen ‘cool’ network
Dat Snapchat nog steeds nieuwe jongeren aan zich weet te binden komt ook door een slimme strategie. Bij Facebook valt op hoeveel het netwerk van anderen kopieert; bij Snapchat vallen eigen innovaties op. Het bedrijf introduceerde vorig jaar Snap Maps, Context Cards en een nieuw design dat content van vrienden en van merken duidelijker uit elkaar houdt. Het nieuwe design moet de app ook toegankelijker maken. Er is discussie over, maar de resultaten op de beurs laten zien dat Snapchat op de goede weg zit.

 
Jonge gebruikers willen een ‘cool’ netwerk en niet een netwerk waar je grootouders ook op zitten. Tieners noemen Facebook ‘the old people network’, weet sociaal wetenschapper Julie Smith. Tieners zijn zich ook steeds meer bewust van de risico’s van Facebook. „Een verkeerde post op Facebook kan hun kans op een goede school of baan verkleinen. Ze zijn selectief wat en met wie ze iets willen delen”, zegt ze in USA Today. Snapchat voorziet in die behoefte, je kan delen met veel vrienden, maar als je meer privacy wil kan het ook in kleine kring.

 
Adverteerders zien kansen
De meeste adverteerders zien nog steeds veel kansen op Facebook. Ook een iets oudere leeftijdsgroep is interessant. En Facebook weet als geen ander advertenties te focussen naar interesses en webgedrag. Zuckerberg heeft aangekondigd dat hij bedrijven minder prioriteit gaat geven; familie en vrienden krijgen voorrang. Sommige bedrijven als Unilever houden het voorlopig voor gezien. Ze willen dat Facebook orde op zaken stelt en voorkomt dat advertenties bij fake news terecht komen. Veel andere businesses zien Facebook nog steeds als de manier om hun doelgroep te bereiken.

 
Maar Snapchat staat om de hoek. De verwachting is dat Snapchat’s tienersucces zich gaat uitbreiden naar andere leeftijdsgroepen. „Snapchat kan verder gaan groeien dankzij ouderen,” verwacht analist Debra Williamson van eMarketer. Ze wijst erop dat het nieuwe design van Snapchat eenvoudiger is waardoor de app voor meer mensen aantrekkelijk wordt. Oudere gebruikers, die meer te besteden hebben, kunnen Snap uiteindelijk de middelen geven voor verdere groei en innovatie. Facebook kan er maar beter rekening mee houden.

Bereik of geen bereik? Wat AD en De Telegraaf de komende jaren moeten doen

Bereik of geen bereik? Wat AD en De Telegraaf de komende jaren moeten doen

Het is al sinds de opkomst van online de ‘one million dollar question’ voor traditionele nieuwsuitgevers: wat is het beste uitgeef-/verdienmodel? De Telegraaf, AD en NU.nl zijn groot in bereik, maar dat lijkt een doodlopende weg. Wat is de weg voor deze ‘bereiktitels’ en hoe kijkt de adverteerder daar tegenaan?

In een vorig artikel hebben we omschreven dat het ‘bereikmodel’ voor nieuwsuitgevers een doodlopende weg is. Veel traditionele partijen moeten mee in de strijd om de kliks en bereik om advertentiegeld binnen te halen. Maar die uitgevers komen er ook achter dat ze nog nauwelijks verdienen aan het advertentiemodel rond digitaal nieuws. De Telegraaf en AD zouden daarom in de nabije toekomst wel eens een probleem kunnen hebben (NU.nl laten we nu even buiten beschouwing).

 
Twee grote Belgische partijen
De Telegraaf en AD zitten beiden in een redelijk steady uitgeefhuis in een bijzonder onrustige markt. In Nederland is er nog slechts een handvol traditionele nieuwspartijen door de grote sanerings- en consolidatierondes van het afgelopen decennium. De branche wordt nu gedomineerd door twee grote Belgische partijen: marktleider de Persgroep (naast AD, Trouw, Volkskrant, Het Parool, regionale en lokale bladen en sites) en Mediahuis (naast TMG/Telegraaf, NRC Media, regionale titels). Daarnaast is er nog FD Mediagroep, het nu nog onafhankelijke NDC Media in het hoge noorden en BDU met lokale nieuwsmerken. Sanoma heeft NU.nl en natuurlijk is er ook nog de NOS. Daarmee hebben we het ongeveer wel gehad.

 
Nieuwsbehoefte blijft groot
Aan het ‘bereikinfuus’ blijven hangen, is geen optie. Daarvoor is de advertentiemarkt te onzeker. Positief is dat de nieuwsbehoefte van de consument zeker niet is afgenomen de laatste tien jaar. De manier waarop de consument nieuws tot zich neemt is sterk veranderd. Wat we verder weten: er is behoefte aan nieuwsduiding en binnen het nieuwsdomein aan unieke content. Daar kunnen De Telegraaf en AD een rol in spelen. Meer dan ze nu doen.

 
1. Ga een echte relatie aan met je abonnee en bouw profielen
Vooropgesteld: het perfecte uitgeefmodel bestaat niet. Het is voor traditionele uitgevers een kwestie van trial and error. De printoplages zijn geslonken en dalen door, al is de echte scherpte er misschien wel af. Maar traditionele nieuwsuitgevers hebben dat papieren product dat door abonnementen nog altijd substantiële omzet oplevert. Daar is het digitale abonnement bijgekomen.

Bij De Persgroep is er de afgelopen jaren bij Trouw, Volkskrant en Parool een focus geweest op het abonnementenmodel. Dat geldt ook voor NRC (Mediahuis). Elke abonnee die er bij komt of erafgaat, zie je als uitgever direct onder de streep als het aankomt op marge en winst. Ze proberen bestaande abonnees vast te houden (het lastigste), nieuwe abonnees binnen te halen en te zorgen voor variatie in abonnementen. Bijvoorbeeld: de lezer die doordeweeks geen tijd heeft het papieren exemplaar te lezen, kan een abonnement met een digitale variant nemen, waarbij wel de dikke papieren zaterdagkrant in de bus valt. Deelabonnementen zijn hot en blijken te werken. Het heeft met name de Volkskrant en NRC de afgelopen jaren geen windeieren gelegd. Hun digitale oplages stijgen het hardst van alle Nederlandse dagbladen, blijkt uit de laatste cijfers van meetinstituut NOM.

 
Investeren in je klantenservice
Om een serieuze relatie met de lezer bouwen die van twee kanten komt, moet je investeren in je klantenservice en je datateam, om profielen van je lezers op te kunnen bouwen. De Telegraaf en AD lijken minder succesvol op dat gebied. Volgens NOM groeit De Telegraaf wel goed in digitale betalende abonnees, maar AD is daar wat minder bedreven in. Ondertussen kampen beide dagbladmerken met een scherpe daling in printabonnees. De Persgroep heeft destijds slim de regionale titels aan AD gekoppeld (tegenwoordig heet dat ADR Media), want zonder die regiomerken was het Rotterdamse AD een klein krantje geweest.

Bij De Telegraaf is het bouwen aan een relatie met de lezer de afgelopen jaren door allerlei omstandigheden (lees: onrust in de tent) blijven liggen. Nu De Telegraaf met NRC binnen één concern valt, zouden ze daar één en ander kunnen afkijken. Eerder werd bekend dat de dataexpert van NRC naar TMG is overgestapt, dus het besef is er. Bij AD zouden ze ondertussen eens te rade kunnen gaan bij de Volkskrant.

 
2. Goede, unieke journalistiek in plaats van clickbaits
Beide kranten zouden zich online minder op clickbaits moeten richten en meer op eigen unieke content, van goede journalisten die een ‘merk’ zijn. Daar was De Telegraaf altijd goed in, maar door eerder genoemde perikelen is dat weggeëbd. Investeren in goede journalistiek lijkt overigens niet echt op de agenda te staan bij beide dagbladen. Bij TMG waren en zijn er reorganisaties en bij de Persgroep werd recent ook gesneden in de redactionele kracht. Toch is dat belangrijk. Ondertussen kunnen ze gaan bouwen aan het abonnee- en datamodel.
3. Samenwerken of opgegeten worden
Een tweede uitgeefmodel is: samenwerken en profiteren van elkaars sterkte. Uitgevers kunnen het in feite niet meer solo, zeker niet in advertising. Inmiddels moeten de lokale uitgevers die vroeger nog hard met elkaar concurreerden noodgedwongen steeds meer samenwerken in de strijd tegen de grote Amerikaanse tech- en mediabedrijven die de markt overspoelen.

In de Nederlandse markt komt nu eindelijk een samenwerking op gang in digitale advertising sales: het gisteren gelanceerde Buy-media.nl. Hard nodig, anders worden de lokale partijen snel opgegeten.

 
4. Buitenlandse cases bieden hoop
Er zijn internationaal wel wat positieve ontwikkelingen rond nieuwsmedia. In de Verenigde Staten - hoe onvergelijkbaar misschien ook - heeft het presidentschap van Donald Trump de journalistiek geholpen: New York Times kon zomaar een paar honderdduizend betalende digitale abonnees bijschrijven.

België, Engeland en Frankrijk onder meer, bestaat er al een samenwerking in digitale sales. Hoopgevend is een case uit Frankrijk: sinds de oprichting van hun gezamenlijke ad-sales alliantie in september vorig jaar, hebben de dagbladen Le Figaro en Le Monde twaalf ad-tech leveranciers de wacht aan gezegd en doen ze het technische gedeelte zelf. Binnen enkele maanden stegen de inkomsten uit videoadvertenties van Le Figaro met 50 procent.

Samenwerken betekent dus ook samen investeren in technologie.

 
5. Wat wil de adverteerder?
Tot slot de advertisingkant. De Telegraaf en AD moeten zich minder blindstaren op advertising uit bereik, want ze vissen te veel in de kleiner wordende vijver. Adverteerders willen een andere relatie met uitgevers.
Unilever zet als ’s lands grootste adverteerder daarmee de toon. Afgelopen week werd bij presentatie van de jaarcijfers (in de UK) van 2017 duidelijk dat Unilever ook de komende jaren investeert in online advertising. De multinational maakt zich sterk voor betrouwbare meetmethoden voor online reclame en klikfraude. Unilever wil ook weten hoe het zit als er wel door een consument wordt geklikt op een banner of een video. Unilever wil graag één standaard om het succes van een campagne te meten en betalen voor wat het krijgt. Maar vooral wil Unilever precies weten wie ze online kunnen bereiken: één-op-één. Dat is allemaal nu nog niet goed geregeld in online advertising. Wel is zeker dat Unilever zijn budget in deze tijd sneller zal neerleggen bij uitgevers die inzicht kunnen geven wie hun bezoekers en abonnees zijn.
Dat is dan ook de richting die De Telegraaf en AD de komende jaren moeten gaan.

Onderzoek 'femvertising' geeft Dove gelijk

Onderzoek 'femvertising' geeft Dove gelijk

Stereotype reclame waarin vrouwen zich niet herkennen werkt niet. We moeten af van magere, blanke modellen en echte vrouwen laten zien, realiseerden ze zich bij Unilever-dochter Dove. Een Zweedse studie over ‘female empowerment advertising’ oftewel ‘femvertising’ geeft het merk gelijk.

 
Het onderzoek wordt belicht in de vierde SWOCC-selectie van 2017. Studenten van de Zweedse Stockholm School of Economics voerden experimenten uit met stereotype en minder stereotype reclame. Dat deden ze voor verschillende merken op het gebied van ondergoed, sportkleding, shampoo, telecom en auto’s. Wat bleek: stereotype reclame leidt tot meer weerstand onder vrouwen. Ze ergeren zich, laten zich niet beïnvloeden en krijgen het gevoel om juist het tegenovergestelde te willen zijn.

Minder stereotype femvertising roept minder weerstand op en wordt positiever beoordeeld. Zowel het merk als de commercial.

 
Droomwereld
Volgens de onderzoekers heeft het gebruik van stereotypen nog steeds de overhand. Lang was de heersende gedachte in marketing om mooie, slanke, succesvolle mensen in commercials te laten zien. Aan die droomwereld konden consumenten zich spiegelen en optrekken. Daarom overheersen in reclame nog steeds sociale rolmodellen en stereotypen. Dat de werkelijkheid anders is, was geen issue. Deze eeuw wordt langzaam gehakt gemaakt van die aanpak.

Vooral vrouwen pikken het niet meer. Stereotype schoonheidsidealen leiden namelijk tot een negatief zelfbeeld en beperken vrouwen juist in hun ontwikkeling. Bovendien herkennen zij zich niet in de op hen toegespitste reclame.

 
Kritiek op campagnes
Lichaamsverzorgingsmerk Dove kwam ook tot die conclusie. Dove-campagnes werden in het verleden vaak bekritiseerd. Toen ging het vooral over de magere modellen, met wie vrouwen met een maatje meer zich niet konden identificeren. In oktober 2017 ging het merk nog flink de mist in met een misplaatste advertentie waarin een zwarte vrouw zich wit wast met Dove zeep. Daarvoor moest het bedrijf flink door het stof.

Inmiddels heeft moederbedrijf Unilever zich met andere partijen aangesloten bij het VN Vrouweninitiatief ‘Unstereotype Alliance’. Dove lanceerde de nieuwe campagne ‘My Beauty My Say’, waarin werd gebroken met stereotypen. In de commercial mochten dikke, dunne, blanke, donkere, lesbische en oudere vrouwen vertellen hoe zij over schoonheid denken. Een breekpunt. De commercial is alleen op YouTube al 13 miljoen keer bekeken.

 
Meer omzet
Tijdens het event ‘Energie van Diversiteit’ vertelde Unilever al waarom het achterhaalde en seksistische stereotypen schrapt uit reclame. Uit onderzoek blijkt namelijk dat 40 procent van de doelgroep zich niet meer aangesproken voelt door de advertenties van het bedrijf. Uit de eerste cijfers bleek al dat reclame zonder ‘stereotypes’ 25 procent meer omzet en meer impact oplevert.

 
Reactance theorie
De studie ‘Advertising like a girl: Toward a better understanding of femvertising and its effects’ van ina Åkestam, Sara Rosengren en Micael Dahlen geeft Unilever en Dove daarin gelijk. Zij verklaren de resultaten vanuit de zogeheten reactance theorie uit de psychologie. Die stelt dat iedereen geneigd is om zijn of haar persoonlijke vrijheid te behouden. Als iemand gedwongen wordt om tegen zijn zin een bepaald beeld te accepteren, roept dat weerstand op en zal die persoon juist het tegenovergestelde gedrag vertonen. Volgens de onderzoekers zorgt de nauwe beeldvorming in reclame voor dit effect.

 
Vrouw als CEO
Volgens het SWOCC heeft het onderzoek diverse praktische implicaties voor marketeers. Zij zouden vrouwen vaker op een niet-traditionele manier moeten neerzetten. Het maakt daarbij niet uit om welk product het gaat. Het werkt bijvoorbeeld ook voor auto’s en sportkleding. Ook gaat het bij stereotypen niet alleen om uiterlijke kenmerken zoals dik of slank, blank of zwart. Het gaat ook om sociale rollen. Dus zet vrouwen niet altijd neer als huisvrouw of telefoniste, maar ook als CEO en ingenieur. Ook niet-stereotype reclame valt namelijk onder het kopje duurzaamheid, waar veel bedrijven naar streven.

 
https://www.youtube.com/watch?v=_XOa7zVqxA4&t=6s

Be Candid,
it’s contagious.

Candidness is the quality of speaking with
honesty and authenticity. Our Candid editorial
team shares stories that matter on media, data,
marketing, creativeness and technology.

Our Candid editorial team
creates stories that matter.