Candid. Platform
for growth.

Hoe Moderna zich met een corona-vaccin op de kaart zet

vaccin
Het is de lieveling van Amerikaanse investeerders: biotechbedrijf Moderna d...

Hoe Nu.nl reageren zonder reaguurders mogelijk maakt

nujijscreenshot2016

Er kan weer gereageerd worden op de nieuwsberichten van Nu.nl. Voor een open riool vol agressieve reaguurders hoeven we niet te vrezen, belooft redactiechef Colin van Hoek. Scheldpartijen stralen negatief af op het merk. ,,Maar ik vind het ook onze journalistieke verantwoordelijkheid.”

 
In september 2016 stopte Nu.nl met open reacties onder artikelen. Bijdragen die volgens de redactie niets toevoegen werden niet meer gepubliceerd en reageren op elkaar was niet meer mogelijk.

 

Waarom komen jullie terug op het besluit om de reageermogelijkheid overboord te gooien? 

,,We dachten dat zich dat naar Facebook zou verplaatsen, maar dat is wel echt een open riool gebleken. Daar is niet tegenop te modereren. Heel lang hadden wij niet het systeem om het terug te brengen op een manier waarmee het voor ons behapbaar is. Nu wel. We werken samen met The Coral Project, een initiatief van onder andere The New York Times en de Washington Post. Het systeem dat deze media tot stand hebben gebracht, filtert al een deel van de reacties uit op basis van bepaalde woorden en zinnen die worden gebruikt, en geeft lezers een bepaalde score op basis van hoe vaak een reactie wordt toegewezen of afgewezen. Met dat systeem geloven wij erin dat we reacties kunnen terugbrengen op de manier die wij willen.”

 

Wat is die manier precies? 

,,Tuurlijk mogen mensen ook gewoon hun mening geven. Maar we willen vooral dat reacties iets toevoegen. Of het nou is dat mensen nog vragen hebben, waardoor wij het artikel completer kunnen maken, of dat ze informatie hebben die ze met ons willen delen. Het kan een deskundige zijn of gewoon een lezer die bepaalde informatie mist.”

 

Hoe belangrijk is het buiten de deur houden van reaguurders voor het merk Nu.nl? 

,,Het staat wel op jóúw site als mensen racistische dingen zeggen of elkaar met de dood bedreigen. Wij zeggen dat we dat modereren, dus dan moeten we dat ook doen. Als we iedereen los zouden laten gaan, wordt dat aan ons merk gekoppeld. Maar ik vind het ook onze journalistieke verantwoordelijkheid.”

 

Zijn er dankzij dat nieuwe systeem geen redacteuren meer nodig voor het ‘wegjorissen’ van scheldpartijen?

,,Zeker wel. Er heeft altijd één redacteur dienst. Want het systeem is niet alwetend en moet ook met informatie gevoed worden. Denk aan nieuwe scheldwoorden, maar ook de dubbele betekenis van bepaalde woorden. Kanker kun je als medische term gebruiken maar ook als scheldwoord. Maar het gaat niet alleen om het schorsen of uitbannen van gebruikers die over de schreef gaan. De redacteuren zitten daar ook om de toevoegingen en vragen van mensen op te pakken. Het is ook een hele goede tool om in contact te komen met je lezer. En dat is juist nu belangrijk, want het vertrouwen in de media bevindt zich niet bepaald op een hoogtepunt in dit tijdperk van nepnieuws.”

Waarom is er in Nederland geen The Wirecutter?

Waarom is er in Nederland geen The Wirecutter?

Sorry Alexander, we lenen wel eens een ideetje van je (ruilen voor een contentmarketingstrategie?). Op een van de laatste edities van ‘Een Podcast over Media’ vertelde Alexander Klöpping over The Wirecutter, de geweldige website met alleen maar recensies die onlangs gekocht is door New York Times.

 
Bizar eigenlijk dat er nog geen Nederlandse variant van The Wirecutter is, een website briljant in al zijn eenvoud. Het idee is vrij overzichtelijk, je klikt op een willekeurige productcategorie, bijvoorbeeld ‘winterschoenen’ en er volgt een scherpe recensie en de keuze van het allerbeste product. Uit de winterschoenentest kom één winnaar in een mannen- en een vrouwencategorie; ‘our pick’. Onder het verhaaltje met de testresultaten staat een duidelijke knop met een link naar de webshop waar je de schoen kan bestellen; in heel veel gevallen Amazon en soms een ander webwinkel. Met dat laatste verdient de site ook haar geld, de webshop betaalt voor elke sales die tot stand komt (ja, we weten dat het affiliate marketing heet) via de site. Het schijnt overigens dat de schrijvers niet weten hoe hoog de commissies zijn en dat lijkt me heel gezond. Er is tegenwoordig ook een dependance van Wirecutter genaamd ‘The Sweethome’ waar de focus ligt op huishoudelijke producten.

 
Verkocht voor 30 miljoen dollar
The Wirecutter is bedacht door Brian Lam, schrijver en voormalig hoofdredacteur van techsite Gizmodo. In 2016 werd The Wirecutter gekocht door The New York Times voor ongeveer 30 miljoen dollar. Het past in de strategie van de krant (binnenkort ook in Nederland, let maar op) om te focussen op service voor de lezers.

Klöpping zei het ook op ‘de podcast’, maar het model van The Wirecutter zou natuurlijk in Nederland ook als een tierelier lopen. Sterker nog: er is een club die het businessmodel gemakkelijk kan kopiëren; De Consumentenbond. Kun je daar lekker snel de beste sporthorloges bekijken om via een linkje naar Mediamarkt snel te schakelen? Nee natuurlijk. Je moet eerst een abonnement nemen van 5,95 per maand, gedoe dus.

 
Eigenlijk heel logisch
Je zou kunnen zeuren dat bij de Consumentenbond allemaal zo langzaam gaat en die impuls voel ik wel en beetje, maar je moet ook rekening houden met de achtergrond van zo’n club. De Consumentenbond is niet in het leven geroepen voor consumententesten, maar om de belangen van consumenten te verdedigen, een andere positie dan de voormalig start up van Lam. De bond vertegenwoordigt de belangen van de leden en niet van fabrikanten. De kans is dus klein dat ze daar met een affiliate systeem gaan werken, dat vinden ze daar ongetwijfeld een beetje té afhankelijk worden. Bovendien moeten de leden vast toestemming geven voor zo’n constructie. Zit wel iets in ook.

 
De Recensiekoning
Nee, de Nederlandse versie van The Wirecutter zal gewoon van nul af opgebouwd moeten worden. Arjen Lubach heeft trouwens ooit een grappige variant in de lucht gehouden;  De Recensiekoning. Daar werden bijvoorbeeld de onderburen, knipogen, kraanwater, een droom en vele andere grappige dingen gerecenseerd. Het was vooral grappig, mede door Martine de Jong, een van de grappigste vrouwen van Nederland die in de redactie van Lubach zit en veel vlogt.

 
Coolblue’s Keuze
Maar goed, de vraag naar recensies is onverminderd groot en webshops zelf hebben de rol van The Wirecutter hier overgenomen. Ook zijn er per product natuurlijk aardig wat recensiesites (restaurants, telcomaanbieders et cetera). Want geef maar toe mensen, als jullie een nieuwe tv zoeken dan ga je toch ook altijd even naar Coolblue’s Keuze? Het zou handiger zijn als je een plek had die toch iets verder afstaat van Coolblue zelf.
Aan de slag
Even concreet. Hoe te beginnen? Wij zouden zeggen; een clubje van tien, breed ingevoerde, journalisten maakt een plan om elke week twee productcategorieën te testen. Het tiental vraagt een zakelijke partner om afspraken te maken met Bol.com, Mediamarkt, Coolblue en Wehkamp (en misschien al een nieuwsmerk voor de distributie). De webshops betalen allemaal hetzelfde percentage per verkoop die tot stand komt en sluiten een deal waarvan het tiental journalisten niets weet. De zakelijke man of vrouw betaalt de journalisten een keurig uurtarief om elke week twee recensies te schrijven en om een uurtje bij elkaar te komen waarin het beste product wordt gekozen.
Totale kosten
De journalisten kosten geld, er moet geïnvesteerd worden in de website en natuurlijk ook een marketingpotje komen om de views aan te jagen. Oh ja, er moet ook een tone of voice bedacht worden van de site (niet zomaar wat doen mensen). Met een euro of 10.000 startkapitaal per maand zou je toch een geweldige site in de lucht kunnen houden? Distributie via de Volkskrant, niks meer aan doen. Zullen we het als eerbetoon www.alexander.nl noemen?

Het Taylor Swift-gevoel van Alexander Klöpping over ‘stoppen’ NRC en Telegraaf

Het Taylor Swift-gevoel van Alexander Klöpping over ‘stoppen’ NRC en Telegraaf

Het was wat onrustig rond Blendle het afgelopen jaar. Uit de jaarrekening over 2016 bleek een verlies van 2,4 miljoen euro en NRC en Telegraaf besloten te stoppen met de start up. Aan de vooravond van een nieuwe innovatie - gesproken journalistieke verhalen genaamd ‘Blendle Audio’ - praat eigenaar Alexander Klöpping ons even bij. 

Het is een mooi nieuwtje natuurlijk. Via Blendle Audio kun je luisteren naar een selectie van journalistieke verhalen. Professionele stemmen lezen artikelen voor uit de kranten en bladen die aangesloten zijn bij Bendle, dus je kan tijdens de afwas of het stofzuigen lekker een Volkskrantje doornemen. Het past helemaal in de ‘podcasttrend’ waarbij we allemaal graag op de fiets of in de auto naar onze informatieve ‘helden’ luisteren.

Verliesgevend jaarPrima natuurlijk. Maar er kwam stevig nieuws naar buiten de afgelopen weken over Blendle. In het boekjaar 2016 leed Blendle een verlies van 2,411.045 miljoen euro. Klöpping: ,,Het was vrij shocking hoe weinig mensen van startups snappen, maar dat leg ik dan met alle plezier even uit.’’ Want dat soort rode cijfers zijn normaal te noemen? ,,Het grote verschil tussen startups en andere bedrijven is dat je meer risico neemt. Je gaat eerder de grens over, investeert meer en dat doen we aan de hand van durfinvesteerders. Als je zo iemand kan vinden die erin gelooft dan neem je samen de gok.’’ En het bedrijf groeit nog steeds, zo legt hij uit. ,,We zijn de grootste bron van pure digitale lezersinkomsten.’’

 
Klöpping: ,,Het was vrij shocking hoe weinig mensen van startups snappen, maar dat leg ik dan met alle plezier even uit.’’
 
Kan hij niks meer over omzetten zeggen? Dat zou het allemaal iets scherper, duidelijker maken. ,,Omzetten hebben niet zoveel zin want soms kies je ervoor om wat meer te investeren om op de lange termijn te oogsten, dus dat geeft alleen maar onrust.’’

Ambitie nog overeindMaar toch even. De ambitie waarmee hij Blendle in 2013 is begonnen, samen met zijn vertrokken partner Marten Blankesteijn, staat nog steeds overeind? ,,Wij hebben een helder doel, namelijk dat jonge mensen gaan betalen voor journalistiek, waardoor makers mooie dingen kunnen blijven doen. Maar we komen met veel bochtjes uit bij dat grote doel en daarom plannen we slechts per kwartaal en luisteren we goed naar onze gebruikers. Als we nu hét verdienmodel paraat hadden, zouden we al over de hele wereld zitten. Maar het is niet voor niks dat partijen als New York Times of Axel Springer in ons investeren.’’

Concreet voordeelKan hij vertellen hoe ver Blendle is in die zoektocht naar een werkend businessmodel? ,,Een van de belangrijkste bevindingen is dat de verhalen waar mensen écht iets aan hebben goed lopen. Bijvoorbeeld: hoe word ik productiever op mijn werk of welke vitaminen werken wel? Of hoe slaap je beter?’’ Daarnaast werkt de combinatie van iemand met autoriteit en een originele opinie goed. ,,Maarten van Rossem bijvoorbeeld, die een alternatieve troonrede schrijft. En wat níét werkt is de overschrijfjournalistiek die je veel op internet ziet.’’

 
,,Een van de belangrijkste bevindingen is dat de verhalen waar mensen écht iets aan hebben goed lopen. Bijvoorbeeld: hoe word ik productiever op mijn werk of welke vitaminen werken wel? Of hoe slaap je beter?’’
 
Niches werken ook primaOok werken niches goed in de online wereld. In zijn ‘Podcast over Media’ (samen met Ernst-Jan Pfauth) was een tijdje terug Derk Sauer te gast. De ex-hoofdredacteur van Nieuwe Revu verwacht dat het alleen nog om niches gaat de komende jaren. Mensen gaan zich steeds meer helemaal onderdompelen in onderwerp X. ,,Ik geloof ook enorm in de niches,’’ zegt Klöpping. ,,Als je helemaal gek bent van voetbal dan moet je niet bij de kranten zijn, maar heb je andere bronnen. Ik kan bijvoorbeeld zelf niet zoveel met de Nederlandse tech-journalistiek, want dat heb ik allemaal al op Amerikaanse sites gelezen. Maar ik lees wel veel over de politiek, want dat is niet mijn niche en je kunt de voorkennis van mensen mooi gebruiken voor je aanbod. Want alleen dan gaan mensen vooruit en dat willen we toch?’’

Afspraken met uitgeversDan komen we op een interessant gebied uit in het businessmodel van Blendle. Het bedrijf maakt immers altijd eerst afspraken met uitgevers, ‘verkoopt’ de verhalen vervolgens per stuk of per premium abonnement aan de lezer en betaalt een gedeelte aan de uitgevers. ,,Met Psychologie Magazine praten we over onderwerpen die het goed gaan doen. Vrij Nederland maakt zelfs stukken die eerst op Blendle verschijnen en later pas in het blad.’’

Verkopen van verhalenWerken ze eigenlijk ook met de grote kranten op die manier samen? Die houden er vast niet van als Blendle hun redactionele agenda gaat bepalen. ,,Bij grote kranten gaat het minder om de onderwerpkeuze, maar over het verkopen van de stukken dus over goede koppen en inleidingen. Wij hebben een systeem dat aangeeft of een kop het in potentie goed gaat doen. Dat je vraagtekens moet toevoegen of bijvoorbeeld dat je het beter in de avond kan plaatsen. Daar hebben uitgevers dan weer wél interesse in.’’

Afhaken NRC en Telegraaf
Daarover gesproken. De hoofdredacteuren van NRC en Telegraaf beëindigden hun relatie met Blendle. Een van de argumenten is dat ze vinden dat Blendle zich te nadrukkelijk met de redactie bemoeit. Snapte Klöpping die analyse? Dagbladen willen gewoon zelf via digitale abonnementen hun geld gaan verdienen en dat niet aan Blendle laten. ,,Ik moet heel erg denken aan Taylor Swift die wegging bij Spotify, maar ze keerde terug omdat haar publiek nu eenmaal op Spotify zit. Wij hebben een enorme groep lezers die wij bedienen en of ze mee willen doen dat is aan de kranten zelf.’’ Hij heeft uitgevers toch wel nodig? ,,Zonder uitgevers hadden we een leeg winkeltje, maar we hebben ook geweldige titels als de New York Times in de kiosk. Het is alsof AH vreest dat het Coca-Cola niet meer in de winkel mag leggen, maar vooralsnog verdient Coca-Cola daar goed geld. We maakten miljoenen over aan de grootste uitgevers en nu gaat dat geld een andere kant op.’’

 
,,Ik moet heel erg denken aan Taylor Swift die wegging bij Spotify, maar ze keerde terug omdat haar publiek nu eenmaal op Spotify zit.

 
Zelf geld verdienenKranten willen natuurlijk zelf geld verdienen met hun merk, geen onlogische gedachte. ,,Ik weet wat ik overmaak aan uitgevers en dat zijn significante bedragen. Taylor Swift kan aan haar eigen Spotify werken, maar er is ook een reden dat Spotify goed werkt. Dat komt niet alleen door de goede artiesten, maar ook door de playlist en de interface. Taylor Swift wil fans bereiken en datzelfde geldt voor een krant. Dat doe je door op zoveel mogelijk plekken aanwezig te zijn. Uitgevers zoeken juist naar heel veel verschillende plekken waar ze hun spullen kwijt kunnen.’’

VS en DuitslandHoe is het eigenlijk met de plannen in Duitsland en de VS? ,,We beginnen, net zoals John de Mol doet, altijd alle projecten in Nederland en gaan dit jaar ook in meer landen uitbreiden dan alleen in de VS en Duitsland. We leren steeds meer iets over de behoeftes van mensen. We zullen dit jaar ook zichtbaarder zijn, bijvoorbeeld op tv. Onze naamsbekendheid kan nog wel iets omhoog en als we mensen eenmaal aan boord hebben dan kunnen we mensen ook het product laten gebruiken.’’

Klöpping gelooft oprecht dat er geen bedrijf ter wereld is dat zoveel lessen leerde over hoe je jongeren kan interesseren voor kwaliteitsjournalistiek. ,,Zonder mezelf op de borst te slaan, begrijp ik wel waarom die investeerders op de eerste rij willen zitten. We doen experimenten met machine learning en met journalistiek gericht op individuen, teveel om op te noemen. Er gebeurt op de achtergrond heel veel waar mensen in die industrie met respect naar kijken.’’

 
,,Zonder mezelf op de borst te slaan, begrijp ik wel waarom die investeerders op de eerste rij willen zitten.

 
Blendle Audio omdat ‘het gesproken woord’ hot isEn één van die innovaties is dus Blendle Audio, voorgelezen verhalen. Uit het persbericht: ,,Het is zo simpel dat we ons afvroegen waarom het nog niet bestond.’’(..) Er is een enorme opmars van podcasts, audioboeken zijn inmiddels een miljardenindustrie en met de komst van Android Auto en Apple CarPlay luisteren steeds meer mensen naar on demand radio in de auto.’’ Oftewel, Gary Vaynerchuk zegt het altijd: Audio is hot. Het concept is op zich vrij overzichtelijk, legt Klöpping uit. ,,We beginnen met een kleine selectie als onderdeel van je Blendle Premium account. We willen die wereld van podcasts koppelen aan de krantenwereld en geloven dus in die combinatie.’’

Kan verliesgevend Blendle 2018 overleven?

Kan verliesgevend Blendle 2018 overleven?

Overleeft Blendle 2018? Dat is de vraag na een inkijkje in het jaarverslag van 2016. De dienst is het waard om overeind te blijven. Met een paar slimme investeringen en meer hulp van onwillige Nederlandse uitgevers.

Het jaarverslag van Blendle over 2016 toont geen rooskleurige cijfers. In dat jaar draaide Blendle nog meer verlies dan in 2015: -2,4 miljoen euro. Ook het eigen vermogen ging in de min, naar 1,4 miljoen. Omdat Blendle verwacht dat de komende jaren het resultaat ook negatief is, wordt het zonder nieuwe investeringen moeilijk om 2019 te halen.

Onbekend aantal abonnees  Dankzij ontvangen investeringen in 2017 van nieuwe geldschieters Nikkei (Japan) en Inkef Capital (Nederland) was de liquiditeit het afgelopen jaar voldoende. Verder is het onbekend hoeveel abonnees de dienst nou eigenlijk heeft en welke omzet daarmee wordt behaald. Die cijfers worden niet gedeeld. In 2016 zouden ze wel door de ‘magische grens’ van 1 miljoen zijn gegaan, maar waren er ‘slechts’ 200.000 personen die daadwerkelijk geld stortten op hun account. Er wordt nogal eens wat cadeau gegeven en als je ontevreden bent met een artikel krijg je je geld terug.

Lastig jaarHet jaar 2017 was ondanks de investeringen van Nikkei (eigenaar van Financial Times) en Inkef (we weten niet hoeveel geld zij samen ‘geschoten’ hebben) ook een lastig jaar voor Blendle. Bijvoorbeeld omdat er negen medewerkers moesten worden ontslagen. De reden was dat Blendle ‘te hard heeft willen groeien’. Maar de overheadkosten zijn domweg te hoog voor wat Blendle aan omzet binnenhaalt en je vraagt je af of je echt 80 mensen in dienst moet hebben. Toch bleef oprichter Alexander Klöpping positief, want de eerste twee kwartalen van 2017 waren volgens hem de twee beste sinds de start.

Blendle in Duitsland en de VS  Hoe gaat het ondertussen met Blendle in Duitsland en Amerika? Axel Springer en New York Times investeerden in 2014 samen 3 miljoen in Blendle. In de VS wordt de dienst ‘de iTunes for news’ genoemd, maar of het goed loopt weten we niet. New York Times scoort in dit Trump-tijdperk ondertussen zelf enorm veel abonnees, dus de vraag is of dit uitgeefbolwerk Blendle wel echt nodig heeft. Al is de keuze aan titels natuurlijk veel breder.
In Duitsland ging het, blijkens dit artikel van februari 2017, nog niet super, met name omdat de inkomsten domweg tegenvallen voor uitgevers. In Nederland was er een cruciale ontwikkeling: eerst stapte NRC helemaal uit Blendle en daarna Telegraaf Media Groep (TMG) en de Persgroep uit de Premium-dienst.

Zelf uitgever geworden  Met Premium lijkt de kiosk zichzelf in de vingers te hebben gesneden. Bij een premium-abonnement selecteert het team voor jou elke ochtend twintig artikelen uit het aanbod kranten en tijdschriften. Daarmee is Blendle zelf uitgever geworden. Dat is lastig te verkopen aan de traditionele uitgeefhuizen die toch al worstelen met hun businessmodellen en het afgelopen decennium adverteerders en abonnees zagen weglopen. Toch is dat jammer. Misschien is Blendle niet de redder van de journalistiek die het genoemd werd, maar zeker een welkome toevoeging aan het aanbod, juist omdat de traditionele uitgevers zijn gaan dwalen.

IngewikkeldEigenlijk hadden de Nederlandse uitgevers Blendle dus al vanaf de start als een gezamenlijk project moeten omarmen. Dat wilden ze niet. In 2014 liet de inmiddels vertrokken Marten Blankesteijn zich naar aanleiding van de investeringen van Springer en The New York Times tegen Adformatie ontvallen dat Nederlandse uitgevers nooit concreet zijn geworden voor een investering. ,,Maar dat was ook moeilijker, omdat Nederlandse uitgevers het ingewikkeld vinden om mee te doen aan een project dat deels eigendom is van een andere Nederlandse uitgever. We hebben het zo’n jaar geleden wel eens gevraagd, maar dan was het antwoord altijd: ‘Als zij investeren, dan doen wij niet mee’.”

Wat wil de consument?
Dat is tekenend voor de Nederlandse uitgeefwereld die ondertussen onder druk van de Amerikaanse techbedrijven moet toegeven dat samenwerken misschien wel de enige oplossing is om zelf te overleven. Maar de belangrijkste vraag is: wat wil de consument? Voor goede inhoud gekoppeld aan goede techniek wil de (jonge) consument best betalen. Dat heeft Blendle in huis. Mocht de dienst in 2018 die extra investeringen binnenhalen dan is het zinvol dit te steken in verdere verfijning van de techniek en het aanbieden van video en grafische mogelijkheden. En daarnaast een grote marketingcampagne voor nieuwe aanwas van betalende abonnees.

 
LEES OOK
https://www.frank.news/2016/01/27/nieuw-verdienmodel-blendle-echt-een-succes/

 

Podcast NU.nl goed beluisterd….maar kan nog beter

Podcast NU.nl goed beluisterd….maar kan nog beter

NU.nl lanceerde afgelopen week de nieuwspodcast 'Dit wordt het nieuws'. Even bellen met hoofdredacteur Gert-Jaap Hoekman over de plannen en de luistercijfers.

Leuke aanleiding voor een Frank.news-verhaaltje, dacht ik toen er een tweet van Alexander Klöpping voorbijkwam met de Top10 van meest populaire podcasts op dat moment. Terwijl zijn eigen 'Een podcast over media' op de tweede plaats stond, was de nieuwe podcast van NU.nl toen even de verse nummer 1 op het lijstje van iTunes. Ik tweette Gert-Jaap Hoekman, hoofdredacteur van NU.nl mijn plannetje en maakte me op voor een luistersessie en een soort recensie. ‘Bel me ff’, DM-de hij terug (goed idee, we kennen elkaar van Nieuwe Revu waar ik interviews deed en Gert-Jaap de ‘fresh and upcoming’ hoofdredacteur was).

Strakke tv-showEerst even luisteren naar de twaalf minuten lange podcast. Het programma zit vrij strak in elkaar, prima selectie van het nieuws ook, maar je mist een beetje het onderscheidende vermogen. Het is een - goed geproduceerde aflevering - in de categorie ‘nieuwsprogramma VARABNN’. Zo van: ‘We bellen even met dé specialist op dit gebied’. Dat werk.

En dat er dan zo’n frisse NU.nl-verslaggever iets vertelt over de Kardashians of over de kansen van Feyenoord. Je mist het eigen profiel dat zo kenmerkend is voor andere podcasts. Klöpping en Pfauth (geen gasten meer uitnodigen mannen, jullie zijn leuk genoeg) bijvoorbeeld kletsen gewoon een uur over media (en soms over het vrijgezellenfeestje van Pfauth) en dat maakt het programma heel authentiek. In marketingjargon zeggen ze ‘de mensen zijn het merk’.

Na twee afleveringen van de NU.nl-podcast, knal ik er even een The Daily tegenaan, de veelgeroemde podcast van New York Times waarin NYT-journalisten uitgebreid vertellen over de manier waarop ze hun werk doen. Een beetje ‘mediameta’ natuurlijk en in de VS is er van oudsher meer belangstelling voor dit soort ‘inside baseball verhalen’, maar wel origineel en verdiepend.

Geen moeite met analyseHoekman heeft trouwens geen moeite met deze analyse van de eerste paar uitzendingen (hoewel hij de verheerlijking van het grootstedelijke - quasi kosmopolitische - New York Times ongetwijfeld verschrikkelijk elitair vindt). Sterker nog, hij heeft zijn eigen tegenspraak al geregeld: ,,De mannen  van ‘Dag en nacht Media’ (producent van de show van Klöpping en Pfauth) zeiden: ‘het is eigenlijk té veel een echte radioshow..Zij misten de rafelige randjes. Maar weet je wat het is? We hebben twee weken geleden besloten om een podcast te maken en dan kun je daar maandenlang over vergaderen, maar ik hou van snelheid. We moeten snel leren, gaan iets doen met de opmerkingen van anderen en alweer snel aanpassen. Dat werkt online het beste.’’
Hij heeft wel al ideetjes. ,,Misschien moeten we één onderwerp wat meer uitdiepen met verschillende meningen en bespreken we de andere nieuwsonderwerpen kort als headline. Dat bijpraten over de dag van morgen is belangrijk voor onze lezers, maar ik kan me best voorstellen dat er één onderwerp is waar mensen alles over willen weten.’’

Goede luistercijfersHoekman is wel heel blij met de luistercijfers trouwens, de show van 17 oktober werd ongeveer 10.000 keer beluisterd en dat is extreem veel in de Nederlandse podcastwereld. ,,Ik geloof erin dat audio de komende jaren echt een vlucht gaat nemen waarbij de drempel om iets te beluisteren zo laag mogelijk moet zijn. Ik ben bijvoorbeeld een groot fan van het mediaforum van NPORadio1 en zou het goed vinden als dat half uurtje radio apart te beluisteren is. Dat soort audio gaat alleen maar toegankelijker worden. We zijn dus nog maar net begonnen..’’

De toekomst is aan special interest

De toekomst is aan special interest

Mediakenner Derk Sauer gelooft in een mediatoekomst met kleinschalige bedrijven die zich helemaal storten op bepaalde niches. Hoe waarschijnlijk is zo’n scenario écht en welke rol spelen grote mediabedrijven als TMG, Sanoma en De Persgroep dan nog binnen dat medialandschap?

 
General interest gaat verdwijnen
Heel interessant was het verhaal van mediatycoon Derk Sauer die een tijdje terug op bezoek was bij de altijd boeiende mediapodcast van Alexander Klöpping en Ernst-Jan Pfauth. Sauer schetste het toekomstbeeld van de media en dat deed hij in zeer heldere bewoordingen. De man die met Independant Media een fors mediabedrijf opbouwde in Rusland en zich later intensief bemoeide met NRC verwacht dat de komende jaren ‘general interest’ volledig zal verdwijnen en dat daar allerlei ‘special interest initiatieven’ voor terugkomen. Media gaan zich vormen naar de interesses van mensen; als je van yoga houdt dan wil je alles lezen over yoga, zien over yoga en koop je ook allerlei spulletjes op het gebied van yoga.

Sauer lijkt niet te geloven in de toekomst van kranten omdat de informatie die daarin staat per definitie te oppervlakkig is. Zelf is hij bijvoorbeeld een groot liefhebber van de Franse Revolutie en daarvoor gaat hij naar musea, leest verhalen erover en luistert naar podcasts over deze periode. De voormalig hoofdredacteur van Nieuwe Revu denkt dat er uiteindelijk een heleboel nichepartijen overblijven die soortgelijke specialistische content maken en daarnaast een paar wereldspelers die het distribueren. Sauer vertelt dat hij veel mensen spreekt bij de grote uitgevers in Nederland. Even parafraserend: Ze praten altijd over het verlies aan lezers beperken en nooit over innovatie. Daarom denk ik ook dat die vernieuwing bij de kleine bedrijfjes vandaan moet komen.

Als ik Sauer goed begrijp dan denkt hij dat er uiteindelijk een paar hele grote partijen als Facebook, Google, New York Times en Amazon overblijven in de wereld, dan komt er lange tijd niets en daarna volgen de uitgevers van Yoga-informatie, voetbal, fietsen en dansen. Pfauth, Sauer en Klöpping komen trouwens wel met een goed model om die interesses online een beetje te ordenen. Een soort ‘mega Startpagina’ per onderwerp; podcasts, online magazine, webshops. Over wie dat nieuwe ordeningsysteem kan maken zijn de mannen het ook eens trouwens: Amazon natuurlijk.

 
Goede gedachte
De gedachte van Sauer is een interessante en waarschijnlijk ook een goede. Mijn interesses komen neer op media (meta-alarm), marketing, sport en een klein beetje lichtvoetige literatuur. Ik merk steeds vaker dat een talkshow als Jinek! of DWDD eigenlijk te oppervlakkig is om iets toe te voegen. Ik wil niet kijken naar acht minuten Tom Egbers over de aanstelling van Peter Bosz en de eerste persconferentie van Dick Advocaat die alles zegt wat ik ook kan zien, maar anderhalf uur lang een vrolijke, diepgravende analyse (met minimaal een man met een snor daarbij). Als TMG en John de Mol ruzie maken met elkaar dan wil ik de analyses van Marianne Zwagerman, Maarten Hafkamp én Mark Koster lezen. Allemaal.

Toch kleven er nogal wat vragen aan dit scenario van de mediatoekomst en daarom pleit ik ook voor een officieel Sauercongres waarbij dit scenario van voor naar achter besproken wordt door kenners. Ik heb even vier van die ‘vragen’ verzameld.

 
Agendasetting
De eerste vraag is: op welke manier komen en gaan interesses in een mensenleven? Sauer sprak over zijn liefde voor de Franse Revolutie en Yoga en er is een bepaald moment geweest dat deze passie voor een bepaald onderwerp werd aangewakkerd. Zou general interest daarin een rol kunnen vervullen de komende jaren? Je scrollt een beetje door je timeline of bladert door een krant en langzamerhand begin je een bepaalde interesse voor een onderwerp te ontwikkelen. Natuurlijk doordat iemand er enthousiast over is, maar dat kan ook een journalist zijn. Je wordt toch vaak nieuwsgierig door een ‘agenda setting functie’ in combinatie met de rol van je netwerk. Ik polste even een vriend die lang voor general interest bladen werkte en hij gelooft ook dat veel magazines verdwijnen, maar ook dat er ook ruimte zal zijn voor een paar van deze doorbladermedia. ,,Linda Magazine bewijst natuurlijk dat er wel degelijk plek is voor allerlei onderwerpen in een blad,’’ vindt hij. ,,Ik blijf het toch heel boeiend vinden om langs de kanalen te zappen waarna je opeens gepakt wordt door een geweldige documentaire over bruggen.’’

 
Intellectuele benadering
De opvatting dat mensen een paar thema’s in hun leven hebben waarin ze oprechte interesse hebben, is wel een intellectuele voorstelling van de werkelijkheid. We worden allemaal nieuwsgieriger en slimmer, maar er zijn ook nog voldoende mensen die zich niet compleet storten op een paar thema’s. Ze gaan naar de tennis- of voetbalclub, proberen hun kinderen een beetje aardig op te voeden en kijken graag naar een aantal programma’s op tv. Twintigers met baarden en sneakers in de grote steden zullen ongetwijfeld hun tv-draden hebben doorgeknipt en zich volledig focussen op yoga, health food en de laatste gadgets, maar het merendeel van de mensheid is wat minder specifiek bezig. Hun interesse voor voetbal gaat niet verder dan het kijken naar de wedstrijden en voor de rest zijn ze gewoon druk om alles een beetje aardig te regelen thuis. Natuurlijk zal, naarmate de welvaart toeneemt, de hardwerkende arbeider met de voetjes op de tafel verdwijnen, maar het is ook wel een beetje een luxe dingetje om je lekker de hele dag in één onderwerp onder te dompelen. Zou het een optie zijn dat general interest helemaal niet dood is, maar dat simpelweg de goede formule nog niet is gevonden (voor mannen dan)?

 
Nieuwsjagers
Sauer is vooral kritisch op krantenuitgevers die geen online verdienmodel konden bedenken waardoor ze zijn ingehaald door de special interest makers. Er zit wel iets in natuurlijk, de avontuurlijke wereldreiziger kon zich vroeger prima vermaken met de reisbijlage, maar daarvoor in de plaats heeft hij nu honderden sites tot zijn beschikking met veel betere informatie van zijn mede wereldreizigers. Het is echter de vraag of er niet een groep bestaat van mensen die heel veel interesse heeft in het nieuws op zich. Een club voor wie ‘het nieuws volgen’ een soort special interest is. Je ziet het een beetje aan de kijkcijfers van Het Journaal en RTL Nieuws die nog redelijk stabiel blijven vergeleken met andere programma’s. Natuurlijk zijn er gewoontekijkers, maar er zijn ook heel veel mensen die het nieuws altijd en overal volgen.

 
Wie maken het?
In de ogen van Sauer zal het medialandschap bestaan uit een paar hele grote mediaclubs in de wereld die de distributie verzorgen en een ontelbare hoeveelheid specialistische makers. Dus er komen yogabedrijven, fietsbedrijven en treinenspotfirma’s. Het gespecialiseerde yogabedrijf kent de achterban precies en koppelt daar producten aan voor de doelgroep. Er is een wekelijks yogamagazine, er zijn yogabijeenkomsten, er is een jaarlijkse yogaconferentie, een podcast over yoga en mensen zijn bereid daarvoor te betalen. Als ik Sauer een beetje goed begrijp dan moet zo’n bedrijf volledig zelfstandig functioneren. Dus er zal weinig ruimte zijn voor een moederbedrijf als Sanoma dat al die clubjes aanstuurt en daar is wel iets voor te zeggen. Want stel dat je een clubje van vijf visliefhebbers hebt gevonden met een magazine, een eigen merk hengels, een WK vissen en een congres over de beste visplekken dan is zo’n YouTube kanaal met een vispraatshow zo geregeld. Je zet een clubje bij elkaar, zoekt een studioruimte en draaien maar. Maar als je dat bij een groot mediabedrijf moet fixen dan levert dat veel ruis op: vergadermomentjes, verantwoording aan de aandeelhouders, gezamenlijke inkoopformulieren. Gedoe. Tenzij zo’n groot mediabedrijf een modus kan ontwikkelen waarin die kleine clubjes yogakenners, fietsfans en treinenspotters hun eigen vrijheid houden om nieuwe dingen te bedenken die geld opleveren.

 
Conclusie
Interessant om te volgen of general interest de komende jaren inderdaad zal verdwijnen als verdienmodel en, zo ja, wat er dan allemaal voor terugkomt. Zouden bedrijven als Sanoma, De Persgroep en TMG op de een of andere manier een toekomst voor zichzelf kunnen creëren door special interest clusters te bouwen? En op welke manier zouden deze clusters dan georganiseerd worden? Mijn verwachting is dat die ontwikkeling naar nichemarkten zich inderdaad zal doorzetten, maar dat ‘nieuws’ als een soort special interest cluster ook zal overleven. De vraag is echter of je daar honderden mensen op een goed verwarmde redactie voor moet hebben of dat je gewoon de tien beste journalisten per deelonderwerp (criminaliteit, sport, media, kunst en buitenland) bij elkaar zet en hen mooie dingen laat maken.

 

Perez Hilton: van rebel naar ‘rolmodel’?

Perez Hilton: van rebel naar ‘rolmodel’?

Perez Hilton ofwel Mario Armanda Lavandeira is een fenomeen in de VS; via zijn website perezhilton.com bouwde hij vanaf 2004 aan een heus media-imperium. Hoe bouwde de andere Hilton in korte tijd zo’n naam op en wat is zijn plan nu de populariteit van zijn site dalende is?

 
Mario Armanda Lavandeira JR, geboren op 23 maart 1978, begon in september 2004 met zijn entertainmentblog genaamd pagessixsixsix.com. Direct werd hij gedwongen om deze naam te veranderen. The New York Post had immers al een roddelpagina met de naam ‘Page six’. De nieuwe naam werd ‘perezhilton.com’ en deze site had vrij snel al zeer goede bezoekerscijfers. Het hielp dat collega-website ‘The Insider’ hem de geuzentitel ‘Hollywoods most hated website’ gaf en de tweede grote doorbraak was dat ‘Perez’ de eerste foto’s publiceerde van Brad Pitt en Angelina Jolie als een stel.

 
Lavandeira groeide in drie jaar uit tot een fenomeen in de Amerikaanse mediawereld. Zijn persoonlijke aanpak waarbij hij de Amerikaanse sterren online belachelijk maakte door ze bijnamen te geven (Britney Unfitney is nog een lieve variant) en tekeningen van geslachtsdelen en drugs te kladden op hun foto’s werkte als een tierelier. In 2007, drie jaar na de start van de website, waagde New York Times een poging om het fenomeen te duiden. ,,Eerst was het een worstelende acteur met allerlei vage baantjes en nu is het een popcultureel fenomeen met oranje haar die inmiddels zoveel geld verdient met bloggen dat hij zijn eigen show heeft op VH1.’’ Volgens de krant had Hilton destijds 2,6 miljoen unieke bezoekers per maand en moest je 9000 US Dollar neerleggen voor een advertentie die een week meeliep op de site. Hilton begon ooit gewoon vanuit een soort hobby, maar hij was zeer populair bij vrouwelijke middentwintigers die interesse hebben in zaken als mode, een goede doelgroep voor adverteerders. De conclusie van het artikel was dat Hilton precies deed wat de liefhebbers van shownieuws ook doen; ze zeggen eerlijk wat ze van iemand vinden alsof hij of zij een klasgenoot is die er toevallig niet bij is. Terwijl de oude media nog keurig hun nietszeggende stukjes schreven (waar niet doorheen te komen is omdat er zeventien pr-mensen naar gekeken hebben), schreef Hilton waar het op stond.

 
Web celebrity van het jaar
In 2009 riep zakenmagazine en site Forbes hem voor de tweede keer uit tot nummer 1 in de ‘Web Celeb 25’, de roem van het mediafenomeen was toen op een hoogtepunt. Hij draafde van de ene naar de andere talkshow en publiceerde ook een boek: Red Carpet Suicide: A Survival Guide on Keeping Up with the Hiltons. Ook had hij een eigen concertserie met grote Amerikaanse sterren. Perez was uitgegroeid tot een merk, een merk dat hij zelf omschreef als ‘fun, fresh and irreverent’. Oftewel: grappig, fris en oneerbiedig. Hij was hip en rebels, wist alles van de sterren en ging bovendien mee in de trend waarbij de jonge internetgeneratie niet zomaar aanneemt wat de reguliere media beweren (en terecht). Perez is ook altijd zeer productief geweest;in deze periode stond er elke 12,5 minuut een nieuw verhaal op zijn site. Toch heeft hij altijd beweerd dat hij alles alleen schreef, maar aan deze lezing wordt wel getwijfeld. Hij heeft wel bekend dat alleen zijn zusje zou meewerken aan de website. De cijfers waren in die periode trouwens prima; hij zat tegen de 5 miljoen unieke bezoekers per maand. Zijn ster was rijzende en hij wilde alleen maar meer. ‘I want to be the gay Latino Oprah’. Hij begon ook zijn eigen platenlabel.

 
Juiste plek, juiste tijd
Perez had natuurlijk het talent om op de juiste plek op het juiste moment te zijn. De internetgeneratie wilde minder saaie verhalen; stukken met een eigen mening en iets van anarchie erin werkten goed. Met Glamorama lanceerde TMG trouwens in 2012 een Nederlandse variant, maar er werd te weinig geld opgehaald bij adverteerders en dus was het na drie jaar afgelopen. Aan de kwaliteit lag het niet; de site werkte met prima schrijvers, het was allemaal lekker cynisch en niet te serieus. Maar zo’n roddelblog is gewoon lastig in Nederland omdat we de sterrencultuur missen; schrijven over mensen als Gerard Joling en Dries Roelvink is toch iets anders dan over wereldsterren als Katy Perry of Taylor Swift. Dan ben je jong, snel en opstandig en dan schrijf je een verhaal over de nieuwe vriend van…Patricia Paay. Misschien dat er door de opkomst van hiphop (Broederliefde, Lil Kleine) wel mogelijkheden zijn. Binnen die popcultuur zijn de artiesten weer grote helden en bovendien valt er genoeg over te schrijven.

Vergeet ook niet dat Hilton het helemaal zelf deed. Er zat geen grote mediapartij achter zijn site, dat gaf hem ook veel krediet. Het basisprincipe van een merk optuigen om te breken met een brave traditie is een goed businessmodel. Dat heeft Geen Stijl wel bewezen. Overigens heeft Perez Hilton zijn site nooit verkocht. The Guardian meldde in 2010 dat hij een bod van 20 miljoen US Dollar afsloeg. In 2010 schreef Financial Times een aardig, zakelijk verhaal over hem waarin het stelde dat de blog inmiddels 32 miljoen US Dollar waard was. In dat verhaal vertelt Douglas McIntyre, journalist bij 24/7 Wall Street dat er destijds maandelijks zeker 400.000 Dollar binnenkwam bij Perez aan advertenties.

 
Ruziezoekend boefje
Tot 2010 bleef ‘Hilton’ het boefje in de media die met iedere ster zo’n beetje ruzie zocht. Totdat hij in 2010 verscheen in een tv-campagne tegen kinderen die homo’s pesten. Zeer hypocriet in de ogen van velen want de homoseksuele blogger had zelf regelmatig sterren ‘ge-out’. Hij ging naar talkshowhost Ellen DeGeneres en zei sorry voor deze acties. Hij ging bovendien op dieet en stopte met het openbaren van homo’s, zijn site werd ook iets milder van toon. ,,Mensen hoeven niet van me te houden, maar ik wil niet meer ‘toxic to the world’ zijn. In latere interviews gaf hij aan dat de rel rond de antipestcampagne zijn ogen opende. Hij had zich al die jaren verscholen achter het merk Perez Hilton dat bestond uit een dik mannetje met oranje haar, maar hij wilde steeds meer van zijn ware zelf laten zien. Hij begon zich te realiseren dat de sterren die hij belachelijk maakte geen imaginaire figuren waren, maar echte mensen. Althans dat zei hij. In The Guardian in 2014: ,,Ik was er echt niet mee bezig wat mensen van me dachten. Ik dacht: als mensen het niet goed vinden wat ik schrijf dan moeten ze me maar niet lezen.’’

 
Een halfjaar geen kaas
Perez Hilton is mild geworden, volwassen zou je kunnen zeggen. Hij heeft tegenwoordig zelfs twee kinderen. Hij doet precies wat een medium als Nieuwe Revu had moeten doen. In plaats van die strandtestenverhalen maken, hadden ze moeten meegroeien met hun publiek dat bestaat uit een tikkie opstandige vaders die heus nog wel eens biertje drinken, maar niet het uitgaansleven onveilig maken. Daar zijn ook andere media voor.  Zo verlies je je geloofwaardigheid. Niets is erger dan een vader die op een geforceerde manier probeert hip te blijven. Op Billboard.com vertelt Hilton dan ook uitgebreid over zijn nieuwste project met CBS dat een antwoord is op de oude rebelse jongen van weleer; een podcast (samen met radiopersoonlijkheid Chris Booker) waarin hij zijn expertise inzet om fenomenen te duiden. Niet langer lijkt het hem te gaan om de keiharde clicks die de combinatie van humor, cynisme en grote namen nu eenmaal oplevert, maar lijkt het hem om de inhoud te gaan. ,,Ik heb het idee dat mensen me op deze manier kunnen leren kennen.’’ Over zijn periode als fenomeen was hij duidelijk. “I realized that was a really crappy thing I was doing, and that I had to be a human and a person who was connected to other people in the universe. Not live in this insular bubble where all I cared about was getting clicks on my website.’’ Niks mis met die podcast trouwens; vijftig minuten waarin de mannen praten over het leven, dat Duran Duran optrad in het hotel van Hilton tijdens een nieuwjaarsfeestje en dat hij ooit een half jaar geen kaas had. Maar ook over het recente mislukte nieuwjaarsoptreden van Mariah Carey en wat iedereen daarvan vindt. De toon is relaxed, rustig en de verwachting leeft bij Hilton dat de podcast wel eens kan uitgroeien tot een tv-show. Het past helemaal bij de trend dat het op internet steeds vaker over de inhoud mag gaan, de tijd van de clickbait is een beetje aan het voorbijgaan en de blogger is zich aan het gereedmaken voor dat tijdperk.

 
Dalende populariteit
Perez Hilton is een hele grote naam in de Amerikaanse showbizz, maar toch lijkt hij zichzelf volledig opnieuw aan het uitvinden. Een schreeuwende, rellende veertiger is niet wat mensen willen zien en dus is hij met een zoektocht naar inhoud begonnen. Het is ook nodig, want de website wordt echt steeds minder populair; met 12,7 miljoen unieke bezoekers per maand is Perez Hilton de nummer 9 als het aankomt op de meest populaire roddelwebsites. Volgens Alexa is de site de afgelopen drie maanden 1688 plekken lager beland op de ranklist van alle websites in de wereld. En volgens Trafficestimate.com is het aantal maandelijkse unieke bezoekers van Perez’ in een jaar tijd zelfs gedaald van 8 miljoen tot 5 miljoen (bijna 40 procent).

 
Merken moeten vernieuwen
Nog even terug naar Nederland. Misschien is de status van Hilton wel een beetje te vergelijken met die van Giel Beelen. Ook zijn oordeel op muzikaal gebied deed en doet er altijd toe. We kennen Giel als een tikkie opstandig en hij liet zich niet alles zomaar vertellen door bazen. Ook hij moet zichzelf op dit moment opnieuw uitvinden; jongeren hebben nieuwe helden in de media, YouTubers vooral. En ook Beelen kwam onder vuur te liggen door wat oprispingen van zijn oude opstandige ‘ik’. Merken moeten vernieuwen; vraag het HEMA, vraag het V&D en dat geldt helemaal voor merken die gebaseerd zijn op personen. Zij moeten meegaan met hun tijd en eerlijk zijn over hun bedoelingen. Anders prikt iedereen er keihard doorheen. Hilton lijkt het te redden met het duidelijk ‘sorry’ zeggen en het lanceren van nieuwe plannen (op zijn podcast vertelde hij binnenkort iets groots bekend te maken) die op het eerste gezicht oprecht bij zijn interesses passen. Misschien moet Giel Beelen dat ook gaan doen; goed nadenken waar zijn hart ligt, alle banden met belangen bij omroepen verbreken en gewoon aan de slag gaan.

 

Waar eindigt het marketingsucces van Netflix?

Waar eindigt het marketingsucces van Netflix?

Netflix-CEO Reed Hastings staat op een kruispunt. Want kan de streamingsdienst overleven in de wereld die het zelf heeft gecreëerd? Zullen tv-stations en filmmakers content blijven aanleveren nu Netflix zich steeds meer als directe concurrent ontpopt?  En kan Netflix rivalen als Amazon voorblijven?

 
 
Te midden van de glitter en glamour van het Venetian Hotel in Las Vegas oefent Reed Hastings zijn speech voor de CES, de grote consumentenelektronicashow iets verderop. Hastings kan zijn gehoor maar nauwelijks boeien. Dat gebeurt pas aan het slot, als de CEO bekendmaakt dat Netflix op dat moment wereldwijd gaat. In één klap 130 landen erbij. Je ziet Hastings groeien, de aanwezigen zijn gefascineerd.

Een verslaggever van The New York Times tekent de scène begin 2016 op. Het is de apotheose van jaren werk aan de uitbreiding. De afronding van het project brengt Hastings een zekere rust. „Toen wij in de DVD business begonnen, hadden we nog geen idee dat streaming onze toekomst zou zijn,” zegt hij. Ook was het moeilijk te voorspelen dat Netflix van lokaal naar wereldwijd zou gaan. En van het streamen van films van derden naar eigen, originele series. „Het zijn uitdagingen die we hebben waargemaakt.”

 
House of Cards, experimenteren was niet nodig
Vanaf 2011 voegt Netflix eigen content toe aan de streamingdienst. Van het politieke drama ‘House of Cards’ (2013) tot de hitserie ‘Stranger Things’ in 2016. Acteur Kevin Spacey die de hoofdrol speelt in ‘House of Cards’ herinnert zich hoe Netflix de makers benaderde: „Wij hebben onze data bekeken en weten dat ons publiek deze serie gaat volgen. Een pilot is niet nodig. Hoeveel afleveringen willen jullie maken?” Netflix heeft zulke intieme kennis van de kijkers, dat het niet nodig is eerst te experimenteren.

‘House of Cards’ is vanaf het begin een succes. Vijf maanden later volgt ‘Orange is the New Black’ met opnieuw goede kritieken. Het is een even wonderlijke als onwaarschijnlijke omslag: een techbedrijf op Sillicon Valley dat zich steeds meer ontpopt als wereldwijd televisienetwerk.

 
Wiskunde in Swaziland
CEO Reed Hastings beweegt zich in het hoofdkwartier in Los Gatos van hot naar her. Hij heeft geen eigen kamer. „Mijn kantoor is mijn telefoon,” zegt hij. Hastings groeit op in de buitenwijken van Boston. Als vrijwilliger geeft hij wiskundesles in Swaziland in Afrika. Hij studeert ICT aan Stanford University in Californië en gaat er nooit meer weg. Zijn achtergrond helpt hem om Netflix technisch perfect te maken. Sinds 2011 heeft Netflix een eigen content-delivery network met servers op meer dan duizend lokaties.

 
 
Netflix als grote concurrent
Media- en entertainmentbedrijven zien Netflix als een steeds grotere concurrent. Vooral tv-stations vrezen dat de originele content van Netflix wel eens de ondermijning kan zijn van hun eigen businessmodel. Hastings is niet onder de indruk. Hij denkt dat kijkers hoe dan ook overstappen op internet. De uitdaging is om meer kijkers aan te trekken. „De slag gaat om het winnen van de tijd van de consument,” zegt hij tegen Bloomberg.
Het zijn de consumenten die Netflix steeds weer naar een nieuw hoogtepunt leiden, simpelweg door tips voor films en series met anderen te delen. Netflix dringt geen abonnementen op, maar brengt de films, de spektakels, de series onder de aandacht. De abonnees komen dan bijna vanzelf.

 
Netflix AdAge Marketeer van 2016
Marketingsite AdAge roept Netflix uit tot marketeer van 2016. Niet omdat de marketing zo uitzonderlijk is, maar om het resultaat; dat mensen content eindeloos blijven delen. Het is indrukwekkend, schrijft AdAge, hoe Netflix met hetzelfde gemak kijkers weet te trekken voor een onbekende bovennatuurlijke thriller als voor een tv-serie. Netflix gedijt dankzij mond-op-mondreclame en slaagt erin content te maken die steeds opnieuw wordt gedeeld.

AdAge roemt CEO Reed Hastings om het gebruik van big data, waardoor Netflix weet wat individuele kijkers willen en filmtips op de persoon kan afstemmen. Het is goed doordacht en het werkt. Maar dat kan nog altijd beter. Bij beoordelingen op internet mist Netflix de magie die consumenten noemen over de playlists van Spotify. Sommigen vinden dat die playlists hun eigen voorkeuren beter kennen dan zijzelf. Zoiets lees je niet over Netflix.

 
Lessen in contentmarketing van Netflix
Het Amerikaanse contentbureau NewsCred vindt dat andere bedrijven wel wat kunnen leren van de marketing van Netflix:
1. Maak eigen, originele content. Met het aanbod van eigen producties kan Netflix concurreren met giganten als HBO.
2. Lever series niet per deel af, maar breng de hele serie in één keer. Zo bouw je een hechte relatie met je kijkers op en speel je in op mensen die een hele serie in één keer willen bekijken. Grote kans dat ze hun abonnement zullen verlengen.
3. Gebruik data om persoonlijke tips te geven. Voor de promotie van het tweede seizoen van ‘House of Cards’ lanceerde Netflix tien trailers, elk voor een ander deel van het publiek. Zo legde een trailer bedoeld voor vrouwen het accent op de vrouwelijke hoofdrolspelers. Liefhebbers van dramaseries kregen een trailer met accent op de verwikkelingen en schandalen van het seizoen.
4. Publiceer branded content. Netflix publiceert bijvoorbeeld in magazine Wired over hoe tv verandert door de technologie van streaming.

Amazon Prime
Ondertussen staan de concurrenten niet stil. Amazon kondigde deze maand aan de streamingsdienst Prime Video naar 200 landen uit te breiden. In Nederland heeft Netflix inmiddels vaste voet aan de grond, maar elders kan Amazon wellicht snel terrein winnen. En wat gaan de grote tv-netwerken doen: hun eigen netflixjes lanceren? De tv-netwerken en studios vragen al steeds hogere bedragen voor hun series, waardoor de kosten voor Netflix oplopen. „Netflix zit gevangen in een wapenrace die het zelf heeft uitgevonden,“ zegt analist Michael Pachter in The New York Times. Door de oplopende kosten moet Netflix voortdurend nieuwe abonnees krijgen om anderen voor te blijven.

 
Narcos en de kerstruzie
Het nieuwste succes van Netflix is ‘Narcos’, de serie over de vroegere Colombiaanse drugsbaron Pablo Escobar waarvan er inmiddels twee seizoenen zijn gemaakt. In het centrum van Madrid hangt een gigantische poster voor de serie met de tekst: ‘Oh, blanca Navidad’ (O, witte Kerst), een speelse verwijzing naar de kleur van cocaïne, zoals de krant El País meldt. De regering van Colombia is not amused over de verheerlijking van de man die zoveel geweld heeft gebracht en wil dat Netflix de poster verwijdert. De Colombianen hebben een punt, maar de ophef zorgt voor een wereldwijde publiciteitsgolf voor de serie. Op het kantoor van Netflix houden ze zich maar even op de achtergrond. Zo gaat ook deze keer de publiciteit bijna vanzelf.

 

Be Candid,
it’s contagious.

Candidness is the quality of speaking with
honesty and authenticity. Our Candid editorial
team shares stories that matter on media, data,
marketing, creativeness and technology.

Our Candid editorial team
creates stories that matter.