Candid. Platform
for growth.

Podcast frank.news: Wat kan de radiowereld leren van YouTube?

franknews_podcast
De nieuwe aflevering van onze podcast is uit. We hebben het over media en m...
Continue reading
  2269 Hits
  0 Comments
2269 Hits
0 Comments

AP-voorzitter Aleid Wolfsen: data voor reclame onder de loep

AP-voorzitter Aleid Wolfsen: data voor reclame onder de loep
Hoe wordt frank.news GDPR-proof? – deel 5

De deadline van de GDPR nadert. Wie na 25 mei niet aan de nieuwe privacyregels voldoet, riskeert forse boetes. Frank.news neemt zijn lezers mee langs hobbels en valkuilen, zin en onzin en de impact van de GDPR op de marcom branche.

Ook marketing en reclame ontsnappen niet aan de aandacht van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). Die zal in eerste instantie de handel in persoonsgegevens en data voor marketingdoeleinden onder de loep nemen. Dat is alleen toegestaan met expliciete toestemming van de consument. Bedrijven die dat niet goed regelen lopen serieuze risico’s, stelt AP-voorzitter Aleid Wolfsen.

Vanaf 25 mei is de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), of zoals hij in de marcombranche wordt genoemd: de General Data Protection Regulation (GDPR), van toepassing. Het moment voor Autoriteit Persoonsgegevens (AP) om in actie te komen als de nieuwe privacywet overtreden wordt.

 

10.000 Telefoontjes 

Met het naderen van de deadline wordt de aandacht voor de AVG/GDPR groter en is de nieuwe wet trending topic. De AP merkt dat ook. ,,We hebben in de eerste vijf maanden van dit jaar al net zoveel telefoontjes, tips en meldingen gekregen als in heel 2017, bijna 10.000,” vertelt voorzitter Aleid Wolfsen. ,,Dat kan ook positief zijn, als het betekent dat iedereen bezig is zijn zaken op orde te brengen.”

Hij kan nu nog niet goed inschatten wat het effect zal zijn van de nieuwe wet op de marketing en reclamebranche. ,,In de kern wijkt de AVG niet zoveel af van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp), die al sinds 2001 van kracht is. Alleen worden de rechten van burgers sterker. Bedrijven die nu al in de lijn van de Wbp werken hoeven eigenlijk alleen de puntjes op de i te zetten, al vermoed ik dat dit hier en daar niet het geval is. Bedrijven die hun beleid niet aanpassen lopen serieuze risico’s,” zegt Wolfsen.

 

Niet klaar 

Zoals bekend kan de AP hoge boetes uitdelen tot wel 20 miljoen euro. Om dat te voorkomen hebben de meesten nog wel wat werk voor de boeg. Onderzoek van DDMA, branchevereniging voor data en marketing, toonde medio mei aan dat de meerderheid van de bedrijven en organisaties in Nederland nog niet klaar is voor de nieuwe wet. Vooral het MKB niet. Een kwart van de 1239 respondenten is actief in de marketingsector.

Tweederde van de bedrijven en organisaties (63 procent) houdt nog geen register bij voor de verwerking van persoonsgegevens. Dat is verplicht. 62 Procent heeft geen intern privacybeleid. Ook dat is verplicht. Slechts 14 procent heeft een privacy statement dat AVG-proof is. Slechts 37 procent heeft straks een verwerkingsovereenkomst met Google, Facebook of de talloze bedrijven die online klantdata van hen verzamelen en verwerken.

 

Continue reading
  2923 Hits
  0 Comments
2923 Hits
0 Comments

Waarom zijn meeste persberichten slecht en overbodig?

Waarom zijn meeste persberichten slecht en overbodig?

Elk dag worden er duizenden persberichten naar media en journalisten gestuurd. De meesten belanden in de prullenbak. Waarom? Omdat veel pr-mensen en marketeers niet begrijpen waar ze mee bezig zijn en broddelwerk afleveren. Wat gaat er zoal mis?

 
Wie op Google ‘Hoe schrijf ik een persbericht?’ intikt krijgt genoeg tips. Dat de kop in één zin de boodschap moet overbrengen. Dat het nieuws vooraan moet staan. Dat de vragen ‘wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe?’ beantwoord moeten worden. Dat je geen woorden als ‘uniek’ of superlatieven moet gebruiken. Geen jargon, maar begrijpelijke taal moet schrijven. Kortom: alle wijze lessen uit de eerste klas van de School voor Journalistiek passeren de revue.

 
Relevantie 
Veel mensen op marketing- en pr-afdelingen denken dat ze met zo’n online snelcursusje een persbericht kunnen schrijven. En dat is ook zo. In feite kan iedereen dat. De vrijwilliger van de bingoclub hoeft alleen op te schrijven hoe laat en waar het evenement begint en het staat die week in de plaatselijke krant. Net als het liveoptreden van een band, de opening van een tentoonstelling of de eerste paal van de nieuwe woonwijk. Waarom? Het is relevante informatie voor een krant of medium. Nieuws dus.

 
In de prullenbak
Maar de lancering van een nieuw product of de verbeterde versie ervan - of nog erger: de commercial over dat product - is geen relevante informatie voor journalisten. Tenzij je Apple heet. In de meeste gevallen is dat geen nieuws maar reclame. En reclame hoort thuis in advertenties. Persberichten met reclame belanden daar waar ze thuishoren: in de prullenbak. Toch stromen de mailboxen van redacties en journalisten dagelijks vol met persberichten die vooral reclame bevatten. Mijn advies: stop daarmee.

 
Hoogmoedswaanzin
En waarom denken marketeers en pr-mensen dat de aanstelling van een nieuwe directeur, COO, CFO of CMO voor een klein of middelgroot bedrijf nieuws is? Je bent geen Akzo of Shell, waar een topman de werkgelegenheid van 10.000’en mensen bepaalt. Voor bedrijven onder de 100 werknemers zijn dergelijke persberichten totaal overbodig. Hou daar dus mee op, want dit lijkt op een soort hoogmoedswaanzin.

 
Geen nieuws
Dan zijn er nog de persberichten die gewoon geen nieuws bevatten, hoe goed de pr-mensen dat ook proberen te verbergen. Heb je een nieuwe applicatie voor je software ontwikkeld? Stuur je klanten een mailtje. Bied je kortingen aan? Zet een advertentie. Ga je de boekhouding doen voor een ander bedrijf? Val ons journalisten er niet mee lastig.

 
Juiste postbus
Het persbericht naar het juiste medium sturen lijkt een logische stap. Maar toch gaat dit dagelijks mis. Een voorbeeld: bij frank.news schrijven we over media, marketing en reclame. Waarom zou je ons dan een persbericht sturen over het verjagen van ganzen in de landbouw,  het opzetten van buurtcampings, online daten voor ouderen, een concert op een vliegveld, de Buma Awards voor musici of vakanties in Turkije? En dat is nog maar de opsomming van een halve dag. Die persberichten zijn voor frank.news totaal irrelevant. Of luidt het credo: we schieten zo breed mogelijk met hagel en zien wel waar ons persbericht gepubliceerd wordt? Succes ermee. Gelukkig kost dat tegenwoordig geen dode bomen meer.

 
Onkunde regeert
Bij het schrijven en versturen van persberichten regeert de onkunde. In plaats van professionele journalisten en persbureaus in te schakelen bij het bedenken, schrijven en verspreiden van persberichten, knutselen we zelf wel wat in elkaar. Daarna scharrelen we een zo groot mogelijke medialijst bij elkaar. Niet geschoten is altijd mis toch? Mis. Mis is gewoon mis. Brievenbusvervuiling, dat is het. Zonde van alle tijd en geld.

 
Ieder zijn vak 
Als verslaggever en voormalig redactiechef bij de krant, als hoofdredacteur en redacteur bij frank.news en als redacteur en journalist bij diverse andere media zit ik al 25 jaar aan de andere kant van die brievenbus. In die tijd heb ik al heel wat baggerpersberichten geopend en gelezen om ze meteen daarna weer weg te kieperen. Nog steeds lukt het ons journalisten maar niet om marketeers en pr-mensen duidelijk te maken waarom een persbericht slecht of overbodig is. Mijn collega Bas vindt dat journalisten en marketeers vaker bij elkaar op de koffie moeten. Elkaar moeten leren begrijpen en respecteren. Ieder zijn vak en zo. Ik heb soms het idee dat pr-mensen en marketeers eigenzinnig, eigenwijs en doof zijn. Wars van goed advies. Gelukkig wordt die houding bij het schrijven en verspreiden van slechte persberichten meteen afgestraft. Die belanden namelijk precies waar ze thuis horen: in het postvak verwijderde items. Niemand die er ooit iets van zal horen of zien.
  2755 Hits
  2 Comments
2755 Hits
2 Comments

Retail is dood, lang leve retail

Retail is dood, lang leve retail

In het boek The Future of Shopping laten Jorg Snoeck en Pauline Neerman zien hoe razendsnel de retailsector verandert, hoe we in de toekomst zullen winkelen en hoe retailers daar het beste op kunnen inspelen - en wel nu.

 
We schreven er op Frank.news al vaker over: als retailer kun je niet anders dan meegaan met de digitalisering om te voldoen aan de eisen van de moderne consument, die nog makkelijker iets op Instagram koopt of een spotgoedkoop product uit China bestelt dan een fysieke winkel bezoekt. Maar hoe doe je dat? Hoe spreek je een consument aan die allang niet meer te verleiden is met marketingpraatjes, maar zélf wel uitmaakt wat-ie waar en wanneer koopt? En om welke aanpassingen vraagt je verdienmodel dan? Daar weten Jorg Snoeck, oprichter van RetailDetail, en Pauline Neerman, hoofdredacteur bij datzelfde netwerkplatform, wel raad mee. Een paar lessen voor de toekomst uit hun boek The Future of Shopping.


1. Bied gemak, service en ervaring

Meer inspiratie, betere service, meer comfort, een groter en persoonlijker aanbod en gepastere prijzen: dat verwacht de consument allemaal dankzij nieuwe technologische mogelijkheden, aldus de auteurs. En dat gaat straks nog veel verder dan alleen een virtuele winkelomgeving en buy buttons in apps. Zo heeft Albert Heijn Siri al aan de Appie-app toegevoegd en werkt Jumbo aan een systeem om boodschappen te bestellen via een stemopdracht. In de toekomst komen daar naar verwachting nog virtual- en augmented reality-toepassingen bij. En alles-in-één-apps, waar consumenten shoppable video’s kijken, chatten, kopen en verkopen. ,,De shopper wil altijd alles overal kunnen vinden en liefst zo snel en eenvoudig mogelijk,’’ aldus Snoeck en Neerman.



2. Ga voor meerdere kanalen

Omnichannel is het toverwoord als het gaat om het bedienen van de moderne consument: bied een breed aanbod aan producten via verschillende kanalen (webshop, fysieke winkel, shop-in-shop, app) die op elkaar zijn afgestemd, zodat de consument zelf kan kiezen welk kanaal het beste bij hem past. Denk aan ‘Bol.com Plaza’ naast Bol.com en Amazon Services naast Amazon, nevendiensten die verantwoordelijk zijn voor een groot deel van de verkopen van het bedrijf. Deze aanpak betekent ook meer data, zeggen de auteurs: klantenkaarten, wifi en beacons in fysieke winkels en onder andere Google Analytics- en sociale media-data app-klikgedrag betekent een schat aan informatie waarop ingespeeld kan worden om consumenten een persoonlijker aanbod te bieden en meer te verkopen. Er zijn al experimenten met het voorspellen van koopgedrag op basis van zulke data en slimme apparaten dankzij het internet of things, die eigen bestellingen doen (een printer die zelf cartridges bijbestelt, bijvoorbeeld). En: ,,Het verkopen van data is bovendien een verdienmodel op zich,’’ aldus de auteurs.



3. Word een retailer én een merk

Grote, centraal gelegen winkelpanden waar het aanbod wordt uitgestald en voorraden worden opgeslagen, zijn dankzij online verkoop niet meer nodig: de consument kan rechtstreeks van de producent kopen. Dat betekent lagere prijzen voor de consument en minder kosten voor de retailer, die in veel gevallen ook eigen merken aanbieden om volledige controle te hebben over het gehele productie- en distributieproces. Retailers worden dus merken en merken worden retailers, voorspellen de auteurs, die Zalando en Amazon als sprekende voorbeelden van deze ‘verticale ketens’ noemen. Dat betekent ook dat alle producenten je concurrent worden, dus een nuttig advies is: if you can’t beat them, join them. Retailers en merken zullen met elkaar moeten samenwerken om te overleven. En experts van buitenaf inhuren om (technologische) kennis te verwerven die concurrenten al in huis hebben.



4. Wees transparant

Duurzaamheid, eerlijke producten, eco-friendly producten, biologisch en lokaal: consumenten kijken niet meer alleen naar de prijs en kwaliteit, maar zijn zich meer dan ooit bewust van de impact op het milieu als ze iets kopen. Dat vraagt transparantie van retailers, zeker nu misleidende of verkeerde informatie meteen op straat ligt dankzij social media. Ontwikkel bijvoorbeeld een app waarmee consumenten in één keer kunnen zien hoe, waar en wanneer je producten gemaakt, gedistribueerd en verkocht zijn. Consumenten zijn mondig en goed op de hoogte, waarschuwen de auteurs: ze vergelijken prijzen, googelen bedrijven, zoeken herkomst en productsamenstellingen op en zeggen waar het op staat in reviews. 68 procent zegt recensies van anderen te vertrouwen, staat in The Future of Shopping.

Continue reading
  3920 Hits
  0 Comments
3920 Hits
0 Comments

IAB over GDPR: eerst paniek, dan betere data

IAB over GDPR: eerst paniek, dan betere data
Hoe wordt frank.news GDPR-proof? – deel 4

De deadline van de GDPR nadert. Wie na 25 mei niet aan de nieuwe privacyregels voldoet, riskeert forse boetes. Frank.news neemt zijn lezers mee langs hobbels en valkuilen, zin en onzin en de impact van de GDPR op de marcom branche.

Driekwart van de bedrijven die zich met digital advertising bezig houden verwacht geen effect van de General Data Protection Regulation (GDPR) die 25 mei ingaat, blijkt uit onderzoek van IAB. Toch voorspelt de branchevereniging rond de deadline lichte paniek in de sector. Maar op de middellange termijn zal de nieuwe privacywet volgens IAB leiden tot kwalitatief betere data en een transparantere relatie met de consument.

 
Dat de nieuwe privacywet enorme consequenties heeft voor de marcom branche, met name voor digital advertising, beseft branchevereniging IAB als geen ander. Samen met DLA Piper en BVA bond van adverteerders richtte IAB in december 2017 de speciale werkgroep Privacy op. Doel is krachten en kennis te bundelen, een Privacy Kennisbank op te zetten en namens de totale markt van exploitanten, adverteerders en (media)bureaus de dialoog aan te gaan met instanties als de EU en de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). Nu de deadline van 25 mei nadert, vroeg frank.news aan IAB-voorzitter Nathalie Peeters en werkgroep-voorzitter Tim Geenen of de branche voldoende voorbereid is op de nieuwe privacywet.

 

Wat zal volgens IAB de impact zijn van de GDPR op de omzet of groei van digital advertising in Nederland? 

,,Dat is heel lastig te voorspellen. We hebben in ieder geval de Online Ad Spend Study over het eerste halfjaar van 2018 uitgesteld omdat we willen kijken wat het effect van de GDPR zal zijn. Daarnaast lanceren we de komende weken een onderzoek naar de reacties van de consument op de nieuwe privacy wet. Die uitkomsten zullen we ook delen met de branche Digitaal is het nieuwe normaal geworden, waarbij in veel gevallen ‘persoonsgegevens’ verwerkt worden. Dat gaat van het zetten van een cookie voor het nogmaals benaderen van iemand die al eerder een advertentie heeft gezien tot het activeren van klantgegevens voor hoog relevante uitingen. Aan de ene kant verwachten consumenten een steeds persoonlijker wordende service, aan de andere kant wordt iedereen steeds privacy bewuster. Met de GDPR kunnen we nog steeds rekening houden met beide perspectieven.”

 

Wat hebben jullie gedaan om te voorkomen dat iedereen zelf het wiel moest uitvinden? 

,,We zijn enorm gaan lobbyen bij alle partijen in de markt en hebben gezegd: laten we samenwerken en samen documenten opstellen om de impact te minimaliseren en de sector zo goed mogelijk te ondersteunen. Zo heeft IAB onlangs nog het Transparency en Consent Framework uitgebracht. Dit is een industriewijde standaard die uitgevers, technologieleveranciers, adverteerders en bureaus helpt bij het managen van de benodigde transparantie en het managen van toestemming, enkele vereisten van de GDPR. Het Framework is een niet-commercieel en opensource-initiatief om de sector te helpen te voldoen aan de vereisten voor transparantie en gebruikerskeuze, inclusief toestemming waar nodig. Daarnaast overleggen we met de Reclame Code Commissie over een industrie brede gedragscode.”

 

Toch schrikken sommige bedrijven in de branche nu pas wakker. Gaat hun businessmodel op de schop

,,Helaas zal het IAB Framework niet kunnen voorkomen dat er op korte termijn wel wat paniek in de sector zal zijn, maar wij zijn ervan overtuigd dat op de middellange en lange termijn de GDPR enkel zal leiden tot kwalitatief betere data. De huidige GDPR biedt namelijk voldoende kansen voor de digitale-advertentiemarkt. De sector moet accepteren dat consumenten de keuze en de controle gaan krijgen over data. Uiteindelijk is dit ook de beste weg voorwaarts. Als IAB willen we er wel voor zorgen dat de nuances op de juiste manier geïnterpreteerd worden. Niet alle data is bijvoorbeeld ‘profiling’. Er zijn ook functionele cookies die benodigd zijn voor de uitvoering van een service. Daarnaast levert de digitale-advertentie-economie een belangrijke bijdrage aan de productie van de content die wij als consumenten allemaal graag tot ons nemen.”

 

Continue reading
  6140 Hits
  0 Comments
6140 Hits
0 Comments

Nederland wordt wakker: GDPR ineens trending topic

Nederland wordt wakker: GDPR ineens trending topic
Hoe wordt frank.news GDPR-proof? – deel 3

De deadline van de GDPR nadert. Wie na 25 mei niet aan de nieuwe privacyregels voldoet, riskeert forse boetes. In deze serie neemt frank.news zijn lezers mee langs hobbels en valkuilen, zin en onzin en de impact van de GDPR op de marcom branche.

Nu de deadline van de General Data Protection Regulation (GDPR) nadert, worden media en bedrijven wakker. Ineens is de nieuwe privacywet trending topic op Google, in nieuws- en op social media. De nieuwe privacywet-proof website van frank.news is in elk geval voor 25 mei klaar en online.

 
Vorig jaar was het nog betrekkelijk rustig aan het GDRP-front. Zeker in de marcom branche, waar allerlei data- en internetbedrijven hun kop in het zand staken. Dat terwijl hun businessmodel na 25 mei toch echt gaat veranderen. Frank.news schreef diverse verhalen over de impact op marketing en reclame, bijvoorbeeld over het belang van toestemming bij online marketing. Die werden echter nauwelijks gelezen.

 

Volop in nieuws 

Nu de deadline nadert kwam de nieuwe privacywet de afgelopen weken ineens volop in het nieuws. Vooral dankzij de misstappen en de maatregelen van Facebook, dat allerlei gegevens doorverkoopt voor marketingdoeleinden en daar nu toestemming voor gaat vragen.

Maar ook de grote Nederlandse kranten besteedden er volop aandacht aan. NRC schreef een serie verhalen over de nieuwe GDPR en opende op 19 april de krant met het nieuws dat veel bedrijven nog niet klaar zijn voor de nieuwe privacywet. Diezelfde kop prijkte de afgelopen maanden regelmatig boven allerlei andere nieuwsberichten, in de marcom branche vooral na peilingen van de DDMA.

De Volkskrant stelde dat consumenten er weinig van gaan merken en het AD zette in diverse verhalen nog eens alle gevolgen uiteen. De Telegraaf berichtte begin dit jaar al dat de online advertentiemarkt een onzekere tijd tegemoet gaat.

 

Hockeystick 

Onze collega’s van Vostradamus en M2Media peilden voor frank.news de stemming op het internet. Ze keken naar het aantal ingevoerde zoektermen op Google over het onderwerp GDPR. Ook scanden ze met behulp van de softwaretool van Coosto het internet af naar nieuws en andere Nederlandse berichten over de privacywet. Zowel van media als op social media. Dat waren er sinds januari 2016 zo’n 95.000 met een totaal bereik van 190 miljoen views.

As je die in een grafiek zet wordt goed zichtbaar hoe de privacywet in de afgelopen maanden trending topic werd. Tot augustus 2017 werd er nauwelijks over bericht of gedeeld. Met het naderen van de deadline loopt het aantal mentions en ingevoerde zoektermen gestaag omhoog, totdat ze in april 2018 door het dak gaan. Zo ontstaat in statistische termen een hockeystick.



De onderstaande ‘word cloud’ geeft aan welke zoektermen het meest werden gebruikt en over welke onderwerpen het meest werd gesproken in de periode januari tot en met 24 april 2018.



 

Oude website frank.news 

Ook frank.news voldoet nog niet aan de eisen van de GDPR. De website is gebouwd op basis van een WordPress template uit 2015 en maakt gebruik van een heleboel gratis plug-ins van externe partijen, vooral buitenlandse internet- en social mediabedrijven. Bijvoorbeeld om het leesgedrag van onze lezers te monitoren, verhalen te analyseren en te delen op andere platforms en social media. Dat is makkelijk, maar tegelijkertijd weten we niet wat die partijen met de gegevens van onze lezers doen. Ook is het moeilijk om met partijen als Facebook, Twitter of LinkedIn goede afspraken over de verwerking van persoonsgegevens te maken. Want wij zijn daarvoor verantwoordelijk en als er iets niet klopt, krijgen wij de Autoriteit Persoonsgegevens op ons dak. Typisch een probleem waar vrijwel alle WordPress websites last van hebben.

 

Continue reading
  6530 Hits
  3 Comments
6530 Hits
3 Comments

Echt focussen op je klanten? Doe dan als Disney

Echt focussen op je klanten? Doe dan als Disney

We zijn niet zo van de boekpromotie bij frank.news, maar er kwam onlangs een interessant boek uit dat we graag even met jullie bespreken. Het is Klantgericht Leiderschap van Sydney Brouwer.

 
Saai? Over klantgerichtheid is toch al veel geschreven? Dat klopt wel, maar Brouwer heeft wel een duidelijke toevoeging en dat komt door zijn focus op leiderschap. Wat zijn pleidooi is in mijn woorden? Dat teveel bedrijven de standaard klanttevredenheidsonderzoekjes doen, een paar kleinigheden veranderen en daarmee denken goed bezig te zijn. Komt er uit onderzoek dat je te lang moet wachten als je belt naar bedrijf X? Dan gaan er wat mensen van de telefoondienst op cursus en de volgende keer heb je weer tien seconden gewonnen. Iedereen blij, zou je zeggen. Bovendien wordt er wat afgesjoemeld met die scores want we kennen allemaal de autoverkoper die zegt: je moet een negen geven anders krijg ik op mijn kop (dat heeft alles met de berekening te maken, alleen de hoogste waarden tellen mee).

 
Bedrijfscultuur
Volgens Brouwer heb je niet zoveel aan soortgelijke maatregelen, maar gaat het erom dat klantvriendelijkheid in de bedrijfscultuur moet zitten en de bazen moeten daarbij het goede voorbeeld geven. In het boek hanteert hij acht principes die CEO’s kunnen inzetten om de bedrijfscultuur in positieve zin te beïnvloeden:

Principe 1: Klantgerichtheid doe je niet voor het geld;
Principe 2: Durf te kiezen voor klanten;
Principe 3: Wees een icoon van klantgerichtheid;
Principe 4: Vind & vorm het DNA van de organisatie;
Principe 5: Bouw aan een klantgericht team;
Principe 6: Keer de businesspiramide om (de mensen met het meeste klantcontact bovenin);
principe 7: Gebruik verhalen, rituelen en symbolen;
Principe 8: Meet wat het verschil maakt.

 
Prettig eigenwijs
In zijn boek is Brouwer prettig eigenwijs en bovendien ondersteunt hij zijn inzichten met heel veel cases die hij in veel gevallen naar boven haalde via zijn Over Klanten Gesproken-podcast. Het gaat te ver om alle principes te bespreken, maar ik wil er even twee uithalen; bouw aan een klantgericht team (5) en keer de businesspiramide om (6).

Volgens Brouwer is het heel belangrijk om als leider een team van medewerkers aan te stellen die oog hebben voor klanten.  Hij beschrijft het als een ‘mentaliteit’, een levenshouding die medewerkers van nature moeten hebben om anderen te helpen. Dit ‘gedrag’ is vaak alleen te achterhalen als je medewerkers direct confronteert met klanten of collega’s. Zo beschrijft hij een sollicitatie waarbij een Amerikaans bedrijf de sollicitanten eerst een half uurtje bij elkaar zet om zo het sociale gedrag te analyseren. Ook is hij een groot voorstander van het betrekken van klanten bij sollicitaties. Mensen kunnen immers wel vertellen dat ze de meest sociale types op de planeet zijn, maar dat moet nog maar blijken in de praktijk. Oh ja, en Brouwer adviseert ook om zogenoemde ‘brilliant jerks’ niet aan te nemen als je focust op de klanten, het werkt alleen maar averechts.

 
Keer de piramide om
Het zesde principe, ‘keer de businesspiramide om’, is ook een goede. Brouwer vertelt hoe bedrijven ooit zijn ingericht naar het voorbeeld van het leger, maar dat deze manier van organiseren helemaal achterhaald is. In zijn ogen moeten CEO’s de medewerkers juist faciliteren, ervoor zorgen dat zij de klanten zo goed mogelijk bedienen want mensen die in contact staan met de klant zijn de belangrijkste binnen een organisatie. Bij dit principe past een van de podcasts van Brouwer heel goed; een interview met Malcolm Ross die jarenlang in de directie zat bij Disney en werkzaam was bij Disneyland Parijs en Disneyworld in Florida. Ross heeft wel een geinige uitspraak die de basis vormt van het geheim van Disney. ,,People say it’s the magic that makes it worth, but it’s the work that makes the magic.’’ Oftewel: Disney focust vooral op de eigen medewerkers en zij maken het verschil bij de klanten.

Ross legt uitgebreid uit in dat de ‘cast-members’ (zo noemt Disney medewerkers) zeer goed getraind worden zodat duidelijk is wat Disney verwacht van de manier waarop ze omgaan met klanten. Hijzelf liep bijvoorbeeld twee maanden mee met het directielid in Florida voordat hij aan de slag ging in Parijs. ,,En voordat je als medewerker in een winkel gaat werken, duurt het minimaal vier dagen voordat je een klant ziet.’’ Ook in een eerder stadium is Disney selectief, ook nu er 130.000 mensen over de hele wereld werken. ,,Je moet het ‘care-gevoel’ hebben en als je het hebt wordt het ook nog eens aangescherpt in trainingen.’’

 
Geen micromanagement
Overigens leidt dat in zijn ogen niet tot micromanagement. ,,Als Disney leverden wij de band, de drankjes en de dansvloer, maar we leerden niet hoe mensen moesten dansen. Dat kwam uit henzelf(…).’’ Het welbevinden van de medewerkers is daarin essentieel. ,,We geven de middelen en het vertrouwen en daarna is het allen een kwestie van corrigeren als het nodig is. Medewerkers die het naar hun zin hebben zullen het eerder anderen ook naar de zin maken. Je zegt dus: je hebt het goed gedaan, maar misschien kan je het nog beter doen op deze manier.’’

Wel een interessant boek voor marketeers hoor. Vergeet het makkelijke meten, vergeet symptoombestrijding voor een klantgericht bedrijf, maar zorg ervoor dat het klantgerichte denken de kern gaat vormen voor je bedrijf (jullie merken dat we ‘moet in je DNA zitten’ even overslaan). Leiders spelen hierin een voorname rol want zij geven het goede voorbeeld. En als je ook eens een jaartje 55,6 miljard dollar omzet en 9,4 miljard winst wil maken? Dan doe je gewoon net als Disney.
  2517 Hits
  0 Comments
2517 Hits
0 Comments

Merktrouwe ouderen die niks nieuws willen proberen? Hou toch op!

Merktrouwe ouderen die niks nieuws willen proberen? Hou toch op!

Behalve voor frank.news, werk ik ook voor televisiezender ONS. Het eerste commerciële digitale kanaal met een oudere doelgroep. Een doelgroep waar ik al jaren heilig in geloof, maar die voorheen door adverteerders regelmatig genegeerd werd. Tot nu toe.. Want nu is daar John de Mol, die zich ook volledig op deze doelgroep lijkt te hebben gestort. Worden senioren eindelijk een ‘serieuze doelgroep’ nu De Mol hen heeft omarmd?

 
Geen jonkies
De zender ONS bestaat inmiddels ruim tien jaar en heette voorheen NostalgieNet. In die tien jaar heeft de zender een solide kijkpubliek opgebouwd. Het bereik is minder groot dan bij RTL of Omroep MAX, maar het behoort tot de best bekeken themakanalen van Nederland en is inmiddels in ruim 4,5 miljoen huishoudens te ontvangen. De kijkers zijn geen jonkies. Het zijn doorgaans ouderen, hoewel ook veertigers en vijftigers de zender steeds beter weten te vinden. En precies om die reden waren adverteerders soms huiverig om gebruik te maken van het specifieke bereik.

 
Eenmaal Croma, altijd Croma
Natuurlijk zijn er altijd partijen geweest die de waarde van deze senioren-doelgroep allang in wisten te schatten. Die op een succesvolle manier wisten te profiteren van de ruim 1 miljoen oudere kijkers die de zender wekelijks weet te bereiken. Midden in de doelgroep, weinig waste. Maar veel adverteerders hielden krampachtig vast aan hun inkoopbeleid op de doelgroep 20-49. De kijker was te oud en niet meer te beïnvloeden in hun koopgedrag. Eenmaal Croma, altijd Croma. ONS behaalde met het traditionele rekenmodel in televisieland simpelweg te weinig GRP’s. En het vermogen van adverteerders, marketeers en mediabureaus om deze ouderwetse manier van denken los te laten, ontbrak volledig.

 
Duidelijke verandering
Maar de laatste jaren komt er duidelijk een verandering tot stand op dit vlak. Hier en daar gaan de ogen van adverteerders open en weten zij de weg naar de senioren-doelgroep toch te vinden. Volstrekt logisch als je het mij vraagt. Senioren zijn met veel, hebben de tijd en hebben doorgaan ook nog eens flink wat te besteden. En al die quatsch over merktrouwe ouderen die nooit meer iets nieuws willen proberen in hun leven? Hou toch op! Niet alleen achterhaald maar ook een belediging voor deze mensen die in de marketingwereld nog altijd vaak worden neergezet als een groep schijndode, wereldvreemde niets-kunners.

 
Afwijken van het GRP-model
We kunnen uren discussiëren over de vraag waaróm deze groep mensen zo wordt afgeschilderd. Om legio redenen. Omdat marketeers vaak jonge mensen zijn die zich maar moeilijk in deze doelgroep kunnen verplaatsen bijvoorbeeld. En omdat er grote angst en afkeer heerst in marketingland om af te wijken van het oude vertrouwde GRP-model. Maar gelukkig zien professionals in de marketing-branche steeds vaker in dat het van groot belang is om de oudere doelgroep te leren kennen en meer nog: te bereiken.

 
De Mol opent ogen
Niet alleen marketeers hebben hun ogen geopend. Ook mediamagnaat John de Mol lijkt steeds meer op het spoor van ‘de ouderen’ te zitten. Met televisieformats als The Voice Senior, Oudje Zkt. Vrouwtje en De Wereld Volgens 80-Jarigen. Ja, het is ouderwetse lineaire televisie en het zijn misschien nog steeds een beetje de ‘kijk-die-aandoenlijke-oude-mensen-toch-formats’, maar toch hè. Het is een pad dat De Mol in het verleden niet eerder heeft bewandeld en nu lijkt te omarmen binnen zijn behoorlijk omvangrijke mediaparadijs.

 
Het juiste spoor
De Mol snapt wat de senioren-doelgroep voor hem kan betekenen. Hij snapt dat een mediamagnaat, met het oog op de huidige demografische gegevens, een ontzettend slechte zakenman zou zijn als hij niet optimaal gebruik maakt van deze groep mensen met enorme potentie. Zou hij in navolging van ONS van ‘zijn’ SBS6 een commerciële ouderenzender willen maken? Het zou zomaar kunnen. De markt is er steeds meer klaar voor. En is De Mol dan een bedreiging voor ONS? Zeker niet! Zijn omarming van de senioren is het ultieme bewijs dat de zender op het juiste spoor zit.
  7065 Hits
  0 Comments
7065 Hits
0 Comments

frank.publishing brengt ‘marketing’ en ‘journalistiek’ bij elkaar

frank.publishing brengt ‘marketing’ en ‘journalistiek’ bij elkaar

frank.publishing, de uitgever van frank.news gaat journalistieke content maken voor bedrijven en merken. We zullen contentadvies, -creatie en -distributie verzorgen voor de gehele markt. We maken daarbij gebruik van de journalisten van frank.news én de marketingspecialisten van de Candid Group.

 
We zijn van nature redelijk bescheiden - vragenstellers - maar onze ambitie is dat niet. Sinds het begin van frank.news zijn we regelmatig benaderd om verhalen te maken voor bedrijven en merken, ook buiten de site om. Dat doen wij met alle liefde omdat we oprecht vinden dat bedrijven goede verhalen móéten maken. Natuurlijk is er voldoende ‘bedrijfscontent’ in de wereld, maar te vaak belanden deze verhalen op, die bijna clichématige, ‘contentberg’. Dat komt doordat ze gaan over het bedrijf zelf in plaats van over een onderwerp waarin de achterban interesse heeft. Het aardige aan journalisten is dat zij al hun hele leven verhalen maken voor die achterban.

Het wordt tijd dat de twee - gescheiden - werelden van journalistiek en marketing van elkaars kwaliteiten gebruikmaken. We hebben de ambitie om de vraag van bedrijven naar goede content en het aanbod van journalisten bij elkaar brengen. Niet door een handige app, maar door een goede contentstrategie, regie en kennis van beide werelden.

 
We volgen de grote contentgoeroes al jaren
We leerden bij frank.news wat onze lezers graag lezen, maar bleven altijd in de buurt van ons eigen ‘merk’. Onze norm is altijd een vraag: zouden we dit verhaal zelf graag lezen, zien of beluisteren? En kan je iets met de informatie? Een criterium dat ook voor ‘bedrijfscontent’ zou moeten opgaan. Sinds het begin van de site schrijven en vertellen we met alle liefde over contentmarketing en volgen de grote contentmarketinggoeroes als Joe Pulizzi, Gary Vaynerchuk en Marcus Sheridan. Van hen leerden we dat de content zelf de basis is en niet de marketingdoelstellingen.

 
Iedereen heeft recht op goede content
Bij frank.publishing verzorgen we journalistieke producties voor bedrijven op basis van onze slogan ‘iedereen heeft recht op goede content’. Denk aan whitepapers, blogs, sponsored story’s, podcasts en video’s. We nemen altijd het merk, het publiek én de concurrentie als basis en maken verhalen die mensen graag lezen, kijken of horen. Bedrijven moeten niet alleen zéggen dat ze ‘een beetje uitgever’ zijn, maar het ook wórden. Onze visie? Beginnen met een goede contentstrategie, bedenk daarna een relevant thema, zet een redactionele organisatie neer en…ga vooral aan de slag.

 
Wil je weten wat frank publishing voor jouw merk kan betekenen? Ga dan naar onze website of neem contact op

met Titus Eikelboom via This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.
  1352 Hits
  0 Comments
1352 Hits
0 Comments

Het beste contentmarketingplan dat er nooit is gekomen

Het beste contentmarketingplan dat er nooit is gekomen
IEDEREEN HEEFT RECHT OP GOEDE CONTENT DEEL 4

We zouden toch altijd eerlijk zijn op frank.news? Dit is het verhaal van mijn mislukte debuutroman, ofwel: het beste contentmarketingplan dat er nooit is gekomen. Deel 4 van onze serie ‘Iedereen heeft recht op goede content’.

 
Het was een mooie dag. Op 14 juni 2014 werd mijn feelgoodroman De Tranen van 88 feestelijk gepresenteerd in een klein, sfeervol tentje op het Scheveningse strand. Het was een hele eer voor een VI-fan dat Wilfred Genee het eerste exemplaar uitreikte. Mijn broer speelde met zijn beste vriend wat nummers uit het boek, er waren vrienden, oud-collega’s, familieleden. Het was een bijzondere dag die ik nooit meer zal vergeten, maar daarna sloeg de realiteit hard toe.

 

Kleine uitgever

Mijn boek verscheen bij een relatief kleine uitgever, FC Klap, maar ook weer niet zó klein dat ze helemaal niks aan marketing of PR konden doen. Er werkte zelfs een heuse persmevrouw dus ik had er alle vertrouwen in dat het helemaal goed zou komen. Tijdens het WK was er toch wel een radiostation, magazine of krant te vinden waar ik kon vertellen over vervlogen voetbalromantiek in de categorie All Stars?

Er gebeurde helemaal niks en wat er wel gebeurde, regelde ik zelf.

 

Hippe mediamensen

Het ging natuurlijk al mis bij de uitnodiging. Er stonden blijkbaar van die hippe mediamensen op de lijst in de hoop op een item bij RTL Boulevard, maar waarom zouden die langsgaan bij een beginnend schrijver die verder niemand kent? Ik interviewde wel eens iemand van tv, maar dat zijn verder niet mijn vrienden en het is zeker niet mijn wereldje. Zelf regelde ik een interviewtje met de aardige mensen van RTV Utrecht en RTV West, wat lokale kranten en verder kwam er niets qua PR. Alleen in Veronica Magazine stond een heel klein stukje op de gadgetpagina, dat was aardig van die hoofdredacteur. Oh ja, de aardige redacteur had een recensie in de Telegraaf geregeld, drie sterren van de vijf.
Mijn broer, werkzaam bij een kleine keten van inmiddels negen boekhandels, fluisterde in mijn oor tijdens de presentatie: begin maar alvast met je volgende boek want dit wordt helemaal niets. Zijn voorgevoel, puur op basis van de desinteresse van de uitgever, klopte. De 121 boeken die hij bij de uitgever bestelde (hij zette ze heel lief in de etalage met iets als ‘de Leidse sensatie’ erbij, het is een aardige broer), belandden bij een boekhandel in Nijmegen omdat de telefoniste ‘Dekker van de Vegt’ noteerde in plaats van ‘De Kler’.

Natuurlijk heb ik lang gemopperd op die uitgever en ‘niks doen’ is wel heel weinig, maar ik had natuurlijk zelf de marketingregie moeten voeren. Ik heb die studie toch niet voor niets gedaan? Eigen dikke vette schuld. Pas in de afgelopen drie jaar ging ik me verdiepen in contentmarketing, die kennis had me destijds enorm veel verder geholpen. Hoe dat plan eruit had moeten zien? Nou ja, zoiets.

 

Publiek opbouwen

Al in 2010 was ik begonnen met schrijven en dat was natuurlijk een mooi moment geweest om te starten met het opbouwen van een publiek, contentmarketing kost immers tijd. Toen in juni 2014 T88 uitkwam, was er - behalve wat vrienden en familie - helemaal niemand die van mijn bestaan afwist en dat haal je nooit meer in. Als het nu 2010 was, zou ik mijn doelstelling heel concreet maken; zóveel boeken verkopen dat het meer opdrachten zou opleveren op het gebied van contentmarketing, een verfilming van het verhaal én de lancering van een bestaan als schrijver. Hoe je dat nog concreter kan maken? Laten we zeggen: 5000 boeken verkopen.

 

Niet aan tafel bij DWDD

Je moet in ieder geval de klassieke ambitie om bij DWDD aan tafel te komen loslaten. Ook dat is het oude denken. Je gaat je marketingstrategie toch niet vormgeven op basis van factoren die je verder niet in de hand hebt? Het lukte dan wel bij de aardige Eus, maar dat zijn uitzonderingen. Om mijn doel te bereiken moest ik een publiek opbouwen dat een beetje fan van mij zou worden, ik moest op het gebied van content iets doen dat nog niemand deed en wat heel dichtbij mijn persoonlijkheid ligt. Ik moest een inkijkje geven in mijn manier van denken om uit te groeien tot een echte schrijver, een ambitie die een miljoen andere mensen ook hebben. Daarmee heb je ook direct de doelgroep te pakken.

 

Continue reading
  2800 Hits
  2 Comments
2800 Hits
2 Comments

Wat wij als redactie leerden over contentmarketing

Wat wij als redactie leerden over contentmarketing
IEDEREEN HEEFT RECHT OP GOEDE CONTENT DEEL 3

Wat wij als redactie leerden over contentmarketing. Jullie willen meer verhalen over contentmarketing? Dan krijgen jullie…. Met in deel 3: onze eigen visie op contentmarketing op basis van iets meer dan twee jaar frank.news.

 

Goede verhalen

Wij geloven oprecht dat zowel ondernemers als consumenten recht hebben op goede verhalen. Waarom zouden we mensen nodeloos vermoeien met minutenlange filmpjes waarin bedrijf X uitlegt hoe geweldig ze zijn in dienst Y of Product Z? Niemand wil het weten en dus gaat niemand het bekijken. Maar hoe maak je content die mensen wél graag lezen of bekijken? Denk als een filmmaker, schrijver of liever nog - en dat is een beetje onze expertise - als een journalist. Want hoe denken wij makers eigenlijk? Wij denken in ieder geval nooit: ik wil heel veel spulletjes verkopen, maar redeneren andersom: we bedenken iets gaafs en daar zoeken we een publiek bij.

Zo hebben we het ook met frank.news aangepakt de afgelopen twee jaar. Natuurlijk bestudeerden we de contentheorie waarbij we focusten op de allerbeste contentmarketeers in de wereld die we zeer intensief volgden (met als motto: je kunt beter van Johan Cruijff leren voetballen dan van André Hoekstra): Joe Pulizzi, Jay Baer, Pfauth en Klöpping, Marcus Sheridan, Joe Lazauskas van Contently, Andrew David, Brian Clark van Copyblogger, Gary Vaynerchuk, Jay Acunzo, Robert Rose en nog wat andere mensen…onze contenthelden. Die kennis van de grote mannen gebruikten we voor het ‘groter maken’ van frank.news. We begonnen met een ambitie en zochten daar het publiek bij dat wij graag wilden door heel erg onszelf te blijven.

 

De theorie

Eigenlijk komt contentmarketing altijd neer op twee basisprincipes:

1.De Marcus Sheridan-methode.

Deze mede-eigenaar van een zwembadbouwbedrijf had het middenin de crisis helemaal gehad met zijn radiocommercials. Zijn omzetten liepen terug en hij ging wat nieuws proberen; content. Hij maakte blogs over alles waar mensen behoefte aan hadden, bijvoorbeeld ‘prijzen’ en ‘onderhoud’, en mensen begonnen het als een gek te lezen. Die ‘veellezers’ werden vervolgens zijn klanten.

 

2.Joe Pulizzi

Pulizzi is - net als Sheridan trouwens - aanhanger van een journalistiek model. Uitgangspunt is je passie, de reden dat je content wil gaan maken die heel dicht bij jezelf moet liggen (en dat geldt ook voor bedrijven). Inez van Oord las al heel veel over manieren waarop je beter in het leven staat voordat ze het magazine Happinez begon. Vervolgens zoek je vanuit die passie naar een groep mensen die in potentie interesse kan hebben in jouw verhalen. Waar bevinden deze mensen zich? De derde stap is dat je een format bedenkt waarin jouw passie en die van je publiek samenkomen (of ze leren je waarderen) en dan begint het werk eigenlijk pas. Want uiteindelijk kun je alleen spulletjes verkopen als je een publiek hebt opgebouwd.

 

Continue reading
  5096 Hits
  3 Comments
5096 Hits
3 Comments

Lezersonderzoek: meer cases, contentmarketing en een 7,5

Lezersonderzoek: meer cases, contentmarketing en een 7,5

Klein Cubaantje uit eigen doos alarm, maar we vonden het te waardevolle informatie om niet te delen. Na twee jaar tijd werd het tijd om wat onderzoek te doen naar onze lezers. Waarom? Omdat we alleen verhalen willen maken die jullie aardig, waardevol en interessant vinden.  

Bovendien zijn we met allerlei plannen bezig - een nieuwe site, events, een contentmarketingstudio, podcasts - dus we wilden wel eens toetsen wat jullie van al die plannen vinden.

En dus vroegen we onderzoeksbureau Vostradamus om lezersonderzoek te doen. Zij selecteerden 557 van onze nieuwsbrieflezers (ja, we snappen dat zij iets meer met ons hebben dan andere marketingprofessionals, maar het is tenslotte ook onderzoek naar ónze lezers en niet naar onze vijanden). Qua samenstelling zijn jullie voornamelijk mannen én vrouwen tussen de 35 en 65 jaar en senior wat betreft functieniveau. De meeste lezers zijn werkzaam als ZZP’er of bij een adverteerder. Een vrij evenwichtig clubje mensen dus dat aardig wat werkervaring heeft in de marketingsector.
"We staan op bijna alle aspecten die we onderzochten in de top 3, maar een autoriteit zijn we nog niet"
Vrolijk stemmende rapportcijfers
Yes! Onze rapportcijfers stemmen vrolijk. We worden op alle aspecten bovengemiddeld beoordeeld. De lezers vinden onze verhalen, vergeleken met de collega’s van andere marketingsites, ‘inspirerend’ en ‘nieuwswaardig’. Ook laten we volgens jullie een ‘ander geluid’ horen. We staan op bijna alle aspecten die we onderzochten in de top 3 samen met Frankwatching, behalve op het gebied van ‘autoriteit’ waar we slechts als vijfde eindigden. Een autoriteit zijn we duidelijk (nog) niet.

Meerdere keren per maand op bezoekBijna de helft van onze lezers (47 procent) bezoekt de website meerdere keren per maand, bijna één derde meerdere keren per week en 4 procent dagelijks. Pijnlijk leerpunt: driekwart van jullie geeft aan ons niet via social media te volgen. We krijgen gemiddeld een 7,5 als rapportcijfer, waarvoor dank! Degenen die ons dagelijks bezoeken, geven ons zelfs een 8,3 (er slingeren in mijn schuur oude rapporten rond met stukken mindere cijfers). Ook onze nieuwsbrief krijgt een 7,5. Nog een leerpunt trouwens: 87 procent van onze lezers wil niet vaker dan twee keer een nieuwsbrief dus daar moeten we nog maar eens goed over nadenken (of het gewoon niet doen).

Meer lezen over contentmarketingOnze lezers denken graag mee over de onderwerpen en ze willen vooral meer lezen over contentmarketing (69 procent), merkstrategie (53 procent), social media (40 procent), verdienmodellen (36 procent) en cases (34 procent). Inderdaad; er waren meerdere antwoorden mogelijk. Programmatic buying is vooralsnog het minst populaire onderwerp trouwens. In de open vragen geven lezers aan content te missen over ‘cases’, business-to-business, onderzoek en doelgroepstrategie.

Nieuwe plannen:cases, cases, casesWe onderzochten ook wat jullie van onze nieuwe plannen vinden. De meerderheid van de lezers wil graag meer whitepapers, e-books en - daar zijn ze weer - cases. Het maken van videoseries is daarna favoriet. De lezers zijn het minst geïnteresseerd in podcasts.

Leuk vonden we zelf de vraag wat lezers zouden doen als zij hoofdredacteur zouden zijn. Onze kritische lezers zouden - vanwege de gelijkenis met onze vrienden van Frankwatching -  iets aan de naam van frank.news doen. Verder waren ze kritisch op de navigatie en moeten we de laadsnelheid verbeteren en stoppen met de irritante nieuwsbrief pop-up. Voor de aardigheid hebben we nog wat leuke opmerkingen verzameld die mensen ons meegaven:

‘Inhoudelijk nog net een stapje verder gaan zodat het geboden inzicht direct in praktijk kan worden gebracht. Bijvoorbeeld door uitwerking in een (eventueel betaald) e-book/instructievideo, webinar, etc.’
‘Irritante pop-ups van frank.news verwijderen bij lezers... werkt averechts’
‘Kan spontaan niet meteen iets noemen, voor lezers uit vak is het vaak handig om ook praktische zaken rond cases te zien: cijfers, hoe aangepakt, kosten, maar ook benchmarks checklists en handige modellen (die iets toevoegen op standaard aanbod)’
‘Meer verhalen van mensen uit het vak. Meekijken op de werkvloer, de kijk- en voelsprieten van een vakgenoot in beeld.’
‘Nog duidelijker een anders zijn; in de mediawereld praat iedereen elkaar na. Dus wees anders.’
‘Stimulerend en actief contentbeleid op social media om tot echte discussies en prikkelende interacties te komen. Echt een community waar je als vakspecialist bij wilt horen!’
‘Uitbreiden naar verkoop van diensten met de kennis die jullie bezitten, als dat al niet gebeurt.’
 
Conclusie: aan de slag
Natuurlijk moesten we op de redactie best even glimlachen om de resultaten. We vinden het stoer om het in twee jaar tijd zó goed te doen; dat we iedere maand weer zoveel mensen bereiken en vooral dat jullie ons waarderen. Er bleven trouwens genoeg zaken over die beter kunnen en daar gaan we niet te lang over vergaderen, maar vooral mee aan de slag. Oh ja, de naam blijft gewoon hetzelfde, dat is nu eenmaal zo gelopen en het staat voor ‘openhartig’. Zie ons en Frankwatching allebei als een bouwmarkt op hetzelfde industrieterrein waar je langsgaat als je iets nodig hebt. Wij hebben de inspiratieverhalen en de cases en Frankwatching de how-to-verhalen (waar ze hartstikke goed in zijn).
  1. Bijna niemand vindt ons nog via social media. Het is goed om zonder hulp van ‘Zuckerberg’ een publiek op te bouwen, de droom van iedere uitgever, maar eigenlijk kan het natuurlijk niet. Wij moeten immers zijn op de plekken waar mensen zijn die iets met marketing hebben en zij hangen nu eenmaal rond op Facebook, Twitter, YouTube en Instagram, dus wij ook en snel ook.
  2. Jullie willen cases en dat snappen we wel. We kunnen wel heel hard zeggen dat contentmarketing werkt, maar als de mensen van Datona.nl uitleggen dat ze meer gereedschap verkopen omdat Rintje Ritsma voor ze vlogt dan spreekt dat meer aan.
  3. We zijn nog niet zo ‘toonaangevend’, daarin zijn onze gewaardeerde collega’s verder en dat moeten we dus beter doen. Hoe? Tja, betere verhalen maken (audio, video en geschreven), onvergetelijke mini-events organiseren en….betere verhalen maken. Of hadden we dat al gezegd?
  4. We moeten echt wat meer video gaan maken. Daar zijn we mee bezig - hou ons in de gaten - maar we willen het vooral zélf doen. Dat zal niet altijd makkelijk zijn voor het clubje schrijvende journalisten dat we nu eenmaal zijn, maar we gaan het toch lekker doen. Omdat het leuk is en belangrijk en we straks tegen bedrijven willen zeggen: zó moet je video aanpakken als je een beetje impact wil hebben met je content.
  5. Oh ja en we zijn inderdaad met een nieuwe nieuwsbrief bezig, maar die zullen we netjes twee keer per week versturen.
Als je het leuk vind kun je hieronder de ongecensureerde rapportage van Vostradamus over het onderzoek lezen.

  15161 Hits
  0 Comments
15161 Hits
0 Comments

‘Als mensen ‘nee’ zeggen word ik irritant’

‘Als mensen ‘nee’ zeggen word ik irritant’

De Candid Group (waar frank.news ook bij hoort) heeft M2media overgenomen. Wij vroegen de eigenaren naar de reden van de overname en naar hun plannen voor de toekomst. ‘Voor internationale bureaus is Nederland niet relevant.’

Gérard Ghazarian van de Candid Group en Nico Hilhorst van M2media gingen in juni met elkaar eten in Utrecht. Ghazarian vertelde Hilhorst destijds over zijn plannen om te bouwen aan het grootste onafhankelijke bureau van Nederland, een bureau dat Nederlandse adverteerders beter kan servicen dan de grote internationale netwerken. Ghazarian: ,,Voor internationale bureaus is Nederland niet relevant.’’ Bert van Grieken, partner bij M2media en in het verleden actief voor deze aangehaalde internationale bureaus, is duidelijk over de internationale concurrenten: ,,Niet voor niets eindigen die bureaus altijd laag in het jaarlijkse onderzoek van Adformatie, ze zijn gewoon veel minder ondernemend. Ik belde van de week een collega bij zo’n internationaal mediabureau en toen kreeg ik eerst een deuntje van Beethoven, daarna vroeg iemand wie ik precies zocht en toen weer Beethoven. Kijk, als een klant belt dan zijn er twee opties; óf hij wil geld neerleggen óf hij heeft een probleem. Daarom hebben wij twee telefonistes en vier noodtelefoons voor als onze telefonistes niet opnemen.’’

Gezamenlijke visieDe mannen vonden elkaar blijkbaar in het ondernemerschap en service, maar is er ook een gezamenlijke visie op de manier waarop je adverteerder en doelgroep bij elkaar brengt? De kijkers en luisteraars zijn immers niet meer te vinden op NPO1, maar ze zweven vrolijk ergens online rond. Van Grieken: ,,Eigenlijk is het mediagebruik altijd aan verandering onderhevig; vroeger was er één zender, daarna kwamen de commerciëlen erbij en nu krijgen we nog meer mogelijkheden met online. Voor ons als mediabureaus is dat alleen maar goed want marketeers kunnen dat simpelweg allemaal niet meer overzien.’’

Advertentieknoppen van Google en Facebook
Okay, dat is waar natuurlijk, maar tegelijkertijd krijgen adverteerders steeds vaker zelf de advertentieknoppen van Google en Facebook in handen dus wordt de functie van mediabureaus niet veel minder relevant de komende jaren? ,,Nee want die specialistische kennis om alle mogelijkheden te overzien is er simpelweg niet bij merken,’’ zegt Ghazarian. ,,Maar los daarvan geloven wij in een groot bureau omdat wij het ondernemerschap willen aanbieden om de nummer twee in een bepaald segment naar de nummer één positie te helpen. Daar zijn wij straks volledig op ingericht.’’
,,Adverteerders willen niet met teveel bureaus aan tafel, maar met mensen die hun sector goed begrijpen en vooruithelpen.’’
Niet alleen media-adviesVolgens de heren zal er een bureau ontstaan dat zich niet alleen beperkt tot media-advies en -inkoop. Hilhorst: ,,Adverteerders willen niet met teveel bureaus aan tafel, maar met mensen die hun sector goed begrijpen en vooruithelpen.’’ Waarom zouden merken dan voor dat nieuwe bureau kiezen, er zijn toch voldoende goede bureaus in Nederland? De kneep zit hem volgens de heren in het brede netwerk van de Candid Group zodat merken veel diensten tegelijk kunnen inkopen..heel belangrijk hierin is het gedeelte van de data. ,,Wij hebben hard gewerkt om toegang tot hele goede data te bieden. In veel gevallen bevindt die data zich versnipperd over verschillende partijen, maar wij kunnen echt met een zeer uitgebreid pakket komen.’’

Waarom verkopen als het goed gaat?Met M2Media lijkt het op het eerste gezicht vrij goed te gaan. Nummer 1 op het gebied van media en marketing in de MT 100 en recent met Schiphol een hele forse klant binnengehaald. Waarom dan toch verkopen? ,,Ik geloof heel erg in het netwerk,’’ zegt Hilhorst. ,,Want we werken nu voor een grote partij als Schiphol, maar blijkbaar durven andere bedrijven van die grootte nog niet in te stappen.’’

Om grote partijen aan zich te binden heeft een bureau schaalgrootte nodig. Niet alleen om vertrouwen te wekken bij deze bedrijven, maar soms ook vanwege de regelgeving, zo legt Van Grieken uit. ,,De overheid mocht bijvoorbeeld niet met een onafhankelijk Nederlands mediabureau werken vanwege een tekort aan omzet en daardoor verdween er een groot gedeelte van ons belastinggeld naar het buitenland. Nu kunnen ze dat gewoon aan een Nederlandse partij besteden.’’
,,Wij zijn de afgelopen jaren door elk internationaal netwerk benaderd, maar we waren helemaal niet verkoopklaar".
Door elk netwerk benaderdMaar toch, je verkoopt je bedrijf toch niet zomaar? Van Grieken: ,,Wij zijn de afgelopen jaren door elk internationaal netwerk benaderd, maar we waren helemaal niet verkoopklaar". Het voelt ook niet als verkoop, maar als samen verder gaan.’’ Ghazarian gelooft vooral in het ondernemerschap. ,,Het belangrijkste is dat wij het meest ondernemende netwerk van  Nederland zijn. Er is geen netwerk waarin zoveel verstand zit van merken bouwen.’’

Van Grieken houdt wel van die mentaliteit en heeft daar ook voorbeelden bij. ,,Ik las op een dag in Adformatie over een mediabureauselectie door Monuta, maar we zaten blijkbaar niet bij de twaalf bureaus die mochten meedoen. Ik wist wel waarom want we hadden een slechte relatie met het bureau dat de selectie deed. Dus ik stuur die man een mail en bel er direct achteraan waarna we alsnog mochten meedoen. We hadden nog 24 uur en dus zei hij: ga je in één dag iets goed opleveren? Dat was geen enkel probleem en uiteindelijk wonnen we het. Als mensen ‘nee’ zeggen word ik irritant.’’

Hobbels op de wegGrote plannen, ondernemerschap, schaalgrootte. We snappen het enthousiasme en zijn echt niet vies van een positief verhaal op ons eigen medium. Maar ja, het leven is natuurlijk geen rolschaatsbaan. Van Grieken vertelde tussen de regels door ook over de hobbels die ze namen met M2Media en daar wil ik wel iets meer van weten. ,,Ondernemerschap is niet altijd mooi,’’ zegt hij dan ook zelf. ,,Je moet het ook niet idealiseren. Als een klant niet betaalt en ondertussen gaan je mensen op wintersport dan heb je een probleem. Hij vertelt over een collega die een geweldige sportauto had gekocht met een contract voor vier jaar en een half jaar later was zijn vrouw zwanger. ,,Daar kan geen kinderwagen in, zei hij toen opeens. Dat was een belangrijk persoon en dan voel je je toch even gepiepeld. Uiteindelijk hebben we toch maar wat geregeld.’’

Hele nare beslissingenNog even door maar over die mindere tijden, hoe ging het in de crisisperiode bijvoorbeeld? Van Grieken: ,,We gingen al in het begin van de crisis met 40 procent omlaag in omzet en toen moesten we dus afscheid nemen van mensen. Dat zijn hele nare beslissingen en gesprekken want we hebben een hechte groep. Het gaat er gewoon om dat je eerlijk bent.’’ Hilhorst: ,,Ik heb toen echt wel eens een traantje weggepinkt.’’ Okay, tot slot: stel dat we over een jaartje weer bij elkaar zijn, wat moet er dan voor bedrijf staan? Ghazarian: ,,Dan gaat het in deze wereld nog meer om data en dus moeten we daar nog meer mensen voor hebben. Je moet die mensen niet puur technisch, maar vooral strategisch laten denken. Dat optimaliseren kan een machine veel beter dus laten we juist mensen toevoegen op de plekken waar ze meerwaarde hebben; strategie, creatie, klantrelatie.’’

 
 
  1835 Hits
  0 Comments
1835 Hits
0 Comments

Frank.news zoekt redactietalent!

Frank.news zoekt redactietalent!
Met meer dan 200.000 unieke bezoekers per maand behoort frank.news inmiddels tot de grote nieuwssites binnen de branche. Onze lezers zijn professionals in marketing, media en communicatie. Frank.news onderscheidt zich van andere nieuwssites door haar kwalitatieve benadering van het marketingvak met een team van ervaren journalisten.

Voor versterking van ons redactieteam zijn wij op zoek naar een:TALENTVOLLE STUDENT JOURNALISTIEK
Functieomschrijving
Je bent een enthousiaste student met veel affiniteit met de laatste ontwikkelingen op het gebied van media en marketing. Als laatstejaars van je journalistieke opleiding wil je graag werkervaring opdoen bij het snelst groeiende contentplatform over marketing en media. Naast het schrijven van dagelijkse nieuwsartikelen en achtergrondverhalen, ben je medeverantwoordelijk voor het maken van (commerciële) content voor onze adverteerders. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het schrijven van whitepapers, e-books en sponsored stories.
Meer weten? Klik hier voor de vacature omschrijving.
  1287 Hits
  0 Comments
1287 Hits
0 Comments

Effectief aan de slag met influencer marketing

influencer

- SPONSORED STORY -

Het aanbod van bloggers én influencerbureaus wordt continu opgeschud door nieuwkomers. Zie je als adverteerder door de bomen het bos nog? Frank.news vroeg specialisten Adfactor, Join en Stroom naar de actuele ins en outs op het gebied van influencer marketing. Laatstgenoemde publiceerde onlangs een praktisch stappenplan in de vorm van een whitepaper.

Influencer marketing is mainstream geworden. En dat is niet zo gek als je bedenkt dat bedrijven die kiezen voor een samenwerking met influencers op deze manier diepere KPI’s - zoals overweging en voorkeur – van de consument kunnen beïnvloeden. ,,De beste resultaten bereik je als influencer marketing onderdeel is van de totale marketingcommunicatiemix en de influencer ook een rol geeft in je andere communicatiemiddelen.” Aan het woord is Rutger Mackenbach, directeur van mediabedrijf Stroom dat als onafhankelijk bureau merken en bedrijven aan vloggers en bloggers koppelt. ,,Influencer marketing maakt deel uit van een integrale strategie waarbij ook andere media worden ingezet. Dat maakt dat wij ons inmiddels ook toeleggen op ‘influencerselectie en het verdere proces.”

Een bureau dat al jaren succesvol influencers vertegenwoordigt en matcht, is Adfactor. En bij Adfactor geloven ze in een ‘consumer first’-aanpak. ,,Wat we heel duidelijk zien is dat de content oprecht interessant dient te zijn voor de lezer, anders mist branded content zijn waarde”, geeft agency director Jasper Oelers aan. De bloggersmarkt is de afgelopen jaren ontploft, zegt ook hij. ,,Op het gebied van vraag én aanbod is er sprake van wildgroei. Voor merken is het daardoor steeds lastiger om een goede influencerstrategie te bepalen.”

Vergeet de KPI’s niet
Het allerbelangrijkste uitgangspunt voor een goede samenwerking is de juiste match tussen merk, influencer en de doelgroep, dat spreekt voor zich. ,,Maar concrete KPI’s aan een campagne hangen is iets wat zowel influencer agencies als adverteerders wel eens overslaan”, zegt Mackenbach. “Terwijl concrete KPI’s zorgen dat een influencer zich ook echt voor een merk inzet. Aan de andere kant mag aan een adverteerder ook commitment worden gevraagd.”

Oelers constateert ook een beweging richting meer commitment van de adverteerder. “Het is niet meer geloofwaardig dat één influencer met vijftig verschillende merken samenwerkt. We zien dat merken partnerships aangaan met influencers, in plaats van losse campagnes. Hierbij is vooral de match tussen adverteerder en blogger belangrijk, in plaats van puur bereik.”

Matchen via algoritmen
Dat die juiste match tussen influencer en adverteerder het belangrijkste is, is iets wat ook influencer marketing platform Join erkent. Hun aanpak verschilt echter van de rest; de Nederlandse tech startup schuwt artificial intelligence niet en laat de voorselectie van influencers over aan algoritmes. ,,Door content die bloggers en vloggers posten te analyseren op tientallen datapunten maakt onze software nog relevantere matches; de algoritmes begrijpen waar influencers over schrijven”, verduidelijkt CTO Edwin Knip.

In de essentie draait (influencer) marketing om mensen. “Dat zal nooit veranderen”, geeft Knip onmiddellijk toe. “Wat wel verandert, is de rol van de marketeer en de wijze waarop merken aansluiting vinden bij mensen. Hoe effectiever een bedrijf AI in zet, hoe beter doelstellingen zullen worden behaald. Dit gebruiken wij bij Join als uitgangspunt voor het doorontwikkelen van onze software.”

Meer niches
Matching op basis van algoritmes zoals bij Join zorgt ervoor dat influencers alleen worden benaderd voor campagnes die écht bij hen passen. Zo hoeven zij alleen te pitchen indien adverteerders interesse hebben in een mogelijke samenwerking. Want de misvatting dat een product in handen van elke willekeurige influencer kan worden gestopt met leuke content als resultaat, gaat gelukkig niet meer op weten ze ook bij Stroom. Het bureau uit Rotterdam verwacht bovendien dat er meer niches zullen ontstaan binnen algemene genres als food, beauty en gaming. ,,Binnen food krijg je influencers die zich toeleggen op bakken en binnen games jongens die alleen shooters doen. Een fotografie-influencer met 50.000 volgers mag klein lijken; als Nikon een high end camera wil promoten, is zo iemand razend interessant”, aldus Mackenbach.

Bereik is niet alles
Nog zo’n hardnekkige misvatting: consumenten ‘beïnvloeden’ puur op basis van bereikcijfers. Oelers: “Eén miljoen mensen bereiken met je kanaal is mooi, maar als niemand daadwerkelijk engaged is met je content – en dus de merkboodschap negeert – heeft het nul effect. Gelukkig zie ik steeds meer merken die dit beseffen en gericht kiezen voor bloggers met een trouwe, actieve fanbase.”

Geen rocket science
Conclusie? Bedrijven moeten op hoofdlijnen hetzelfde met influencer marketing omgaan als met reguliere marketing. ,,Er zijn doelstellingen, je hebt een merk te bewaken, er is een campagne en daar wil je resultaat uit. Het is geen rocket science, alleen willen adverteerders zo graag mee in de nieuwe mediaconsumptie dat er wel eens wordt vergeten dat influencer marketing gewoon een middel is voor het realiseren van doelstellingen. En dan is het prettig om een paar regels bij de hand te hebben om te kijken hoe je een samenwerking succesvol opzet. Ons stappenplan helpt daarbij”, besluit Mackenbach.

Vraag via deze link de Whitepaper Influencer Marketing aan.

  4150 Hits
  0 Comments
4150 Hits
0 Comments

Frank.news goes Pulizzi

Frank.news goes Pulizzi

Inmiddels zijn we zo’n twee jaar bezig met Frank.news. We zijn er mee begonnen omdat we de marketingwereld wilden opschudden, het mocht allemaal iets minder lief voor elkaar in de marketingmedia. Bovendien zou het fenomeen ‘contentmarketing’ wel eens héél belangrijk kunnen worden de komende jaren dus een betere praktijktraining kan geen kwaad. Ook lag de ambitie op tafel om het marketingvak te ontdoen van haar slechte naam. Want wat is er eigenlijk mis met het zoeken van een doelgroep voor je product of dienst? Daar heeft toch elke ondernemer - van fietsverkoper tot hippe start up - mee te maken en niet alleen een groepje elitaire reclamebureaus in Amsterdam?

Verhalen die nergens anders gemaakt worden
Candid-eigenaar Gérard Ghazarian haalde een clubje journalisten bij elkaar om dagelijks verhalen te maken die nergens anders gemaakt worden. Hij en initiatiefnemer André Oerlemans hanteerden - puur op gevoel - het klassieke contentmarketingmodel van Joe Pulizzi waarbij ze eerst het merk aanscherpten, daarna de redactie organiseerde en vervolgens op zoek gingen naar een publiek. Wat ons merk is? Check de ‘over ons-pagina’, maar het komt erop neer dat we niet bang zijn voor een persoonlijke mening, altijd op journalistieke basis werken, focussen op inspiratie van ‘de groten der aarde’ en wegblijven bij nieuwtjes en ‘how to-verhalen’. We willen iedereen die iets met marketing heeft vooral inspireren, soms met onze eigen mening, maar vaak ook met de visie van anderen. We zijn zeker niet de Groene Amsterdammer onder de marketingmedia, het mag ook vrolijk want het is eigenlijk een heel leuk vak (niet doorvertellen hoor, maar Frank.news is gewoon een beetje hoe wij ook zijn).

De werkwijze van PulizziWe zeiden het al: we hanteerden - misschien wel onbewust - de klassieke content.inc-werkwijze van Pulizzi dat hij baseerde op de wetten in de mediawereld. Een belangrijke Pulizziwet? We kozen voor één medium, het geschreven verhaal. Pas de komende periode gaan we video maken, maar daar vertellen we nog wel een keertje over. Een andere les van Pulizzi (die hij uitbouwde in zijn recent uitgekomen boek ‘Killing Marketing’) is dat je eerst je publiek opbouwt voordat je iets gaat verkopen.
We schommelen inmiddels rond de 200.000 unieke bezoekers per maand en er zijn aardig wat mensen die graag naar ons terugkomen, we bouwden aan een clubje met een eigen gezicht waar mensen zich - dat hopen wij - een beetje thuisvoelen. De wet van Pulizzi zegt: pas als je eenmaal zo’n clubje hebt, moet je gaan kijken of er iets van meerwaarde te leveren is en in die fase zitten we nu. Het heet nu eenmaal ‘contentmarketing’ en niet ‘content voor de gezelligheid’. Wij denken daar als redactie over na, maar wij journalisten denken vooral in verhalen en niet altijd aan geld verdienen. Daarom is Titus Eikelboom sinds een tijdje onze directeur, die kan dat veel beter dan wij.

Samen met bedrijven contentplannen makenHij schreef een uitgebreid commercieel plan en besprak dat met ons als redactie. Het gaat niet om de details, maar de basis is dat wij wat intensiever met bedrijven gaan samenwerken die interesse hebben in het bereiken van onze achterban. Via het totale netwerk van Candidbureaus (segmentering, programmatic, onderzoek etc) zullen we bedrijven adviseren en - ja dat is een beetje meta - dan spreken we dus vaak over contentmarketing. Wij hebben immers de afgelopen twee jaar veel ervaring opgebouwd en willen bedrijven graag iets van onze passie voor dat vak meegeven. We weten wat het is om een publiek op te bouwen en geloven erin dat je met een journalistieke aanpak veel kan bereiken. Voor een goede contentstrategie hebben wij alles in huis: kennis van onderzoek & data, journalistiek en segmentering. We willen onze visie op contentmarketing graag uitdragen, denken als redactie dagelijks na over kwalitatieve content waarmee je een interessante doelgroep kan bereiken.

Dat doen we straks door te adviseren, maar ook door sponsored story’s te schrijven in opdracht van bedrijven. Daarmee zijn we overigens al bezig. Wij geloven in een  journalistieke aanpak gecombineerd met marketingkennis. Twee werelden die vaak vreemden zijn voor elkaar, maar die nu eenmaal samenkomen in het geval van contentmarketing. Pulizzi zegt het al in zijn laatste boek: de wetten van de media zijn de komende jaren bepalend bij alle bedrijven. Wat zijn immers de grootste bedrijven in de wereld vandaag de dag? Juist, mediabedrijven als Google, Facebook, Coca-Cola en Heineken.

‘Frank.news, het bureau’ gaat hardKortom, we gaan de komende tijd mooie dingen doen op het gebied van contentmarketing. Zelf noemen we onze missie ‘Frank.news, het bureau’ en we hebben er vooral veel zin in omdat het een mooi avontuur is. We gaan dus - samen met bedrijven - goede contentplannen smeden en geloven daarbij in de journalistieke aanpak (inhoudelijk, organisatorisch en creatief). Daarnaast komen we met wat nieuwe initiatieven - zoals video - waarbij we graag willen samenwerken met bedrijven. We willen echter wel zelf de regie houden. Wat is er mooier voor een bedrijf om te participeren met een groepje journalisten dat zich gaat bekwamen in het maken van tv? We beginnen straks weer met nul kijkers en gaan dit uitbouwen, zo rollen wij. Oh ja, we gaan samenwerken met bedrijven, maar we blijven gewoon even kritisch als altijd op diezelfde bedrijven. Niks mis mee….Bel ons zouden ze in de marketingwereld zeggen..
  1240 Hits
  0 Comments
1240 Hits
0 Comments

Meer zwembaden verkopen door content? Een makkie

Meer zwembaden verkopen door content? Een makkie
De Content & Sales Tapes, deel 1

Er wordt veel gepraat over content als instrument om de vindbaarheid van je bedrijf op Google te verbeteren (prima). Of om je imago te veranderen (vager) en zelfs ‘thought leader’ te worden (vaagst). Maar de belangrijkste vraag blijft: ga je door content ook meer spulletjes verkopen? In deze blogserie zoeken we naar het antwoord.

Voor de serie interviews over contentmarketing hebben wij inmiddels aardig wat mensen gesproken over dit relatief nieuwe vakgebied. Deze kenners zijn er allemaal van overtuigd dat content een zeer prominente rol gaat spelen in de marketingwereld, dat we slechts aan het begin staan van een serie innovaties op dit gebied. Wat verder opvalt is dat deze influencers, prominente vakmensen toch, voorzichtig zijn met de koppeling van content aan sales (op Aart Lensink na). Ze geloven heilig in een zorgvuldig bedachte contentstrategie met als doel om uit te groeien tot ‘thought leader’ en goede SEO-proof blogs vergroten natuurlijk de vindbaarheid in Google. Maar of je meer oldtimers gaat verkopen als je geweldige, unieke content de wereld in slingert over oude auto’s, lijkt voor hen nog maar de vraag.

Contentmarketing is geen speeltje van de eliteDie bijna academische voorzichtigheid (was het niet Giep Franzen die zei: we weten in ieder geval dat ‘niet adverteren’ niet werkt?) maakt contentmarketing bijna tot een speeltje van de elite. De gemiddelde fietsenmaker, autodealer of fotograaf is namelijk totaal niet geïnteresseerd in een ‘beter imago’ of ‘fanship onder de doelgroep’. Dat vindt hij meer iets voor veel-letterige bureaus in Amstelveen. Die fietsenmaker wil gewoon 1000 fietsen per jaar verkopen in plaats van 900 en zijn vraag aan contentexperts is heel concreet: kun je mij daarbij helpen zonder dat ik veel investeringen moet doen? Het antwoord is ‘ja’.

Zwembaden verkopen met contentDat zou tenminste de Amerikaanse oud-zwembadverkoper Marcus Sheridan zeggen. Ik noemde hem al even in de nieuwsbrief, maar inmiddels heb ik verschillende blogs en zijn e-book gelezen (The Sales Lion) en een vijftiental van zijn podcasts (Mad Marketing Podcast) beluisterd. Jullie kennen hem toch wel?
Sheridan verkocht zwembaden en in de crisisperiode liep het aantal orders rap terug, de ene na de andere concurrent moest de deuren sluiten. Hij verdiepte zich in contentmarketing, kocht een abonnement bij Hubspot (voor de analyses) en zijn zaak begon weer te lopen. De basis van zijn ‘filosofie’ is gemakkelijk uit te leggen. Mensen gaan op internet op zoek naar informatie over privézwembaden en komen bij hem uit: hoe meer pagina’s ze lezen op de website van Sheridan hoe dieper ze in die zogenoemde verkoopfunnel komen. Als ze eenmaal een pagina of dertig over veiligheid, kosten en materialen over zwembaden gelezen hebben dan is de kans dat ze een zwembad kopen gestegen tot 80 procent.

Beginnen met vragen beantwoordenThe Pool Guy begon overzichtelijk: hij beantwoordde alle vragen over zwembaden in de vorm van allerlei content, analyseerde welke mensen, wat precies lezen en transformeerde die geïnteresseerd ‘lezers’ in klanten. In zijn e-book ‘inbound & content marketing made easy’ staan bijvoorbeeld wat verslagen van verkoopgesprekken die hij met kopers voerde. Het kwam grofweg hierop neer:
Klant: ‘Ik ben nog even aan het rondkijken’
Marcus: ‘Dat ben je helemaal niet, je weet allang wat en waar je wil kopen.’
Klant: ‘Maar ik twijfel nog over de prijzen.’
Marcus: ‘Je weet best dat wij niet de goedkoopste zijn, maar wel dat we veel ervaring hebben dus zeg nu maar ‘ja’.’

De wetten van ‘content thats sells’
Als je goed naar Sheridan luistert en zijn boek leest, kun je een aantal wetten formuleren die de koppeling tussen sales en content mogelijk maken:
1. Koppel de content direct aan vragen van klanten.
Potentiële zwembadkopers willen alles weten over ‘kosten’, ‘onderhoud’ en ‘fiberglass’ dus dat zijn voor Sheridan goede onderwerpen voor blogs. Hij lijkt zich in zijn podcasts vaak te storen aan contenmakers die geen onderwerpen kunnen bedenken. Het is toch gewoon een kwestie van goed contact met je klanten? Om die reden pleit hij ook voor een prominente rol in het maakproces van content voor accountmanagers of anderen binnen de organisatie die direct met klanten te maken hebben. Alleen op die manier kun je iets maken waar mensen daadwerkelijk wat aan hebben. Dus ja, je moet goed weten waar mensen over Googlen, maar het is nog véél belangrijker dat de accountmensen meedenken met de stukjes- en filmpjesmakers. Om het even naar ons te vertalen; wij kunnen als journalisten van Frank.news wel interessante marketingverhalen bedenken, maar als iemand van account bij onze ‘uitgever’ roept dat we iets moeten schrijven over persona’s dan moeten we dat gewoon doen.

2. Goede analyses op microniveau
Sheridan is een (soms iets te) grote vriend van de analysemethode van Hubspot. Hij roemt die contentanalisten altijd en overal, is ook ambassadeur, maar het is misschien interessanter om te analyseren waaróm hij zo’n grote fan is. Dat komt doordat Hubspot namen en mailadressen koppelt aan content en daardoor is de link met sales veel gemakkelijker te maken dan met Google Analytics. Simpel gezegd: het accountteam wil natuurlijk precies weten hoe groot de voorkennis is van iemand voordat ze hem benaderen. Als zo’n prospect 20 pagina’s gelezen heeft over de onderhoudscontracten voor zwembaden dan is het helemaal niet zo gek om daar een mailtje over te sturen. Sheridan gaat daarin trouwens vrij ver; hij gaf zijn klanten altijd huiswerk op voordat ze zouden bellen; lees eerst maar mijn boek.

3. Wees eerlijk
Stokpaardje van de ‘The Sales Lion’ (om in dierenjargon te blijven) is dat je eerlijk moet zijn in je content. Soms is de concurrent beter of goedkoper en daar moet je in zijn ogen niet omheen draaien. Want er is niets erger dan een blog waarin een bedrijf haar eigen activiteiten ophemelt; de lezer prikt er zo doorheen en je verliest je geloofwaardigheid. Bovendien wíl je helemaal geen klant die bij anderen veel beter op zijn plaats is en beloont Google die oprechtheid met goede resultaten

4. Geen moeilijke taal
Sommige journalisten of contentmakers vinden zichzelf heel interessant (wees bijvoorbeeld op je hoede voor types die dierenmetaforen bedenken). Dat is misschien aardig in de krantenwereld waar je dan een schouderklopje krijgt van de hoofdredacteur die drie boeken van Arthur Japin per week leest, maar bij content over bedrijven is het niet het meest verstandige pad. Ook om deze reden pleit Sheridan altijd voor veel invloed van salesmensen die nog wel eens worden weggehouden bij een quasai-intellectuele activiteit als ‘stukjes schrijven’. ,,Maar zij hebben direct contact met klanten, weten hoe klanten denken en vooral hoe ze praten en die taal moet je terugzien in de blogs.’’ Sheridan pleit ook altijd voor een directe aanspreekvorm in blogs. ,,Klanten moeten de taal van iemand herkennen in zijn blogs’’.

5. Gewoon ‘doen’ in plaats van ‘denken’
Ergens in een aflevering van één van zijn meer dan 100 ‘Mad Marketing podcasts’, zegt Sheridan opeens: hé, hou eens op met luisteren naar verhalen óver content, maar het gewoon gaan doen. Het is de ondernemer in Sheridan, de man die weet dat het enige bestaansrecht van een bedrijf terug te zien is in de verkoopcijfers. Dus ben je fotograaf en wil je je alleen nog maar focussen op onderscheidend werk voor grote merken? Denk een weekje na over de plek waar al jouw klanten zitten en begin daarna snel met die Masterclassserie op YouTube waarin je uitlegt hoe je als fotograaf werkt. Ik weet nog wel een adres van een goed filmertje die ook prima kan editen. Hup aan de slag!

De revolutie van contentmarketingDe kern van de filosofie van Sheridan? Maak content die je klanten willen zien of lezen en zorg (via direct contact en data) altijd voor een koppeling met verkoop. Als je die basisgedachte doorvoert (en bij voorkeurt combineert met de wetten van ‘Joe Pulizzi’) dan wordt ‘contentmarketing’ pas echt revolutionair. Zo’n model zal kleine en grote ondernemers een middel in handen geven om geweldige dingen te doen. Hen toegang bieden tot markten waarvan ze vroeger alleen maar konden dromen. Fotografen kunnen straks bij de grootste bedrijven aan de slag, fietsenmakers verkopen 1100 ‘onderhoudscontracten’ per jaar en de oldtimers zijn niet aan te slepen.

In de volgende Content & Sales Tapes aandacht voor een podcast met hele goede contentsalescases     
  3292 Hits
  0 Comments
3292 Hits
0 Comments

De STER afschaffen? Niet zo’n goed idee

De STER afschaffen? Niet zo’n goed idee

Eens in de zoveel tijd laait de discussie weer op: moet de STER afgeschaft worden? Want waarom moeten commerciële zenders concurreren met een door “ons” belastinggeld betaalde publieke omroep? Maar voor zowel kijker als adverteerder lijkt het schrappen van reclame op de NPO helemaal niet zo’n goed idee.

Paul Römer, wiens salaris nota bene mede uit beide potten betaald wordt, gooide in een interview met De Telegraaf afgelopen weekend de knuppel in het hoenderhok en zie daar: de discussie blijkt springlevend.

Römers argument voor het afschaffen van de STER en de reclame-inkomsten is dat de NPO zich moet bezighouden met experimenteren en zich minder met de kijk- en luistercijfers moet bemoeien. Programma’s als Boer Zoekt Vrouw zouden namelijk gemaakt worden om hoge kijkcijfers te scoren en dus een groter deel van het tv-reclamebudget van merken binnen slepen.

 
Rekening bij de kijkerSTER-baas Frank Volmer verdedigde deze week zijn toko door te melden dat bij het wegvallen van zo’n 200 miljoen euro aan reclamegeld de rekening bij de kijker komt te liggen. Daarnaast vindt hij dat er niet commercieel genoeg geprogrammeerd wordt om meer reclamegeld te genereren. Enkele omroepbazen zeiden in verschillende media Römers idee ook niet goed te vinden.

De afgelopen jaren heeft de NPO onder kabinet-Rutte II al veel moeten bezuinigen en nog eens 200 miljoen euro zou de doodsteek voor de publieke omroep kunnen zijn, en vooral ook voor hun eigen omroepen. Dat zeiden ze niet hardop, maar je hoorde het ze wel denken.

 
Het systeem aanpakkenDe discussie over het afschaffen van de STER zou natuurlijk ook breder moeten gaan. De hamvraag blijft wat nou eigenlijk de functie is van de publieke omroep en vooral waarom we nog aparte publieke omroepen hebben die stammen uit de tijd dat rood nog echt rood was en christelijk nog echt christelijk. Daar is nog geen minister of staatssecretaris uitgekomen en dus worden er al jaren compromissen gesloten met Den Haag. De huidige staatssecretaris Sander Dekker van media is daar een goed voorbeeld van.

Interessant is wat het derde kabinet Rutte voor ogen heeft met de publieke omroep en wie het mediabeleid in zijn portefeuille gaat krijgen. Misschien dat Römer daar alvast op vooruit liep. Maar gezien de ervaringen uit het verleden is het niet logisch dat de publieke omroep enorm op de schop gaat en bijvoorbeeld richting een BBC-model beweegt.

Dus houden we de STER vast nog wel een tijdje. Voor de consument zal het ongetwijfeld een zegen zijn, zo’n publieke omroep zonder reclameblokken. Dat zegt ook media strategy director Henk Burgerhout van mediabureau Head to Head. ,,Als consument lijkt het me geen straf om een aantal zenders te kunnen bekijken zonder reclame. Want dat is natuurlijk nou net een van de redenen waarom zenders als Netflix zo succesvol zijn. In Engeland werkt dat systeem met de BBC ook prima, dus waarom zou dat ook in Nederland niet kunnen worden ingevoerd? Bovendien zijn we dan ook af van het - in achterkamertjes - voortrekken van STER-zenders door de overheid.”

Maar de kijker wil juist ook Netflix-achtige kwaliteitsseries, goede films en vooral ook topamusement als Boer Zoekt Vrouw en Wie is de Mol? Mediaondernemer en ex-baas van de commerciële concurrent Radio 538, Jan-Willem Brüggewirth, zei al in zijn blog op Frank.news dat er bij het wegvallen van de STER een verschraling van de kwaliteit optreedt. Dat is niet goed voor de consument en zeker ook niet voor merken.

 
Niet méér van hetzelfde
Laten we ons even beperken tot wat het afschaffen van de STER voor adverteerders zou betekenen. Titus Eikelboom, directeur van mediabureau Stroom: ,,Adverteerders zijn altijd gebaat bij een pluriforme markt met een onderscheidend en concurrerend aanbod. Op meer van het zelfde zit niemand te wachten. Veel van de huidige NPO programma’s bieden adverteerders nog steeds voldoende mogelijkheden om onderscheidende doelgroepen te bereiken. Op tv, maar ook via radio en de publieke online kanalen.”

Burgerhout sluit zich daar bij aan: ,,STER is de enige exploitant die nog voor diversiteit in doelgroepen zorgt. Dat doet BrandDeli met zenders als Discovery, Fox en MTV ook wel, maar die hebben veel lagere kijkcijfers. Daarnaast heeft de STER een meer kwalitatief Umfeld dan de commerciële zenders. Films en series worden ook niet onderbroken door reclame en de reclameblokken zijn niet extreem lang. Hierdoor kunnen merken genieten van een hogere trefkans met hun commercials en is er minder zapgedrag dan bij andere exploitanten.”

Bij het afschaffen van STER zullen adverteerders naar andere kanalen moeten uitwijken om deze doelgroepen effectief  te blijven bereiken, zegt Eikelboom. ,,Daardoor zal de vraag naar bijvoorbeeld zendtijd bij partijen als RTL , SBS en BrandDeli verder toenemen, hetgeen ook leidt tot hogere mediatarieven in de een tv-markt waar het aanbod aan kijkers steeds verder afneemt.”

 
Kaart van oneerlijke concurrentie
Commerciële zenders ageren al jaren tegen NPO en STER en trekken daarbij de kaart van oneerlijke concurrentie. Brüggenwirth vindt dat een kortetermijngedachte. ,,Op de lange duur zullen de budgetten van bedrijven en merken voor alle media teruglopen in de breedte. Ze zullen wellicht naar online alternatieven gaan en weg is dan het budget om goede programma’s van te betalen.” Die online alternatieven - lees: de buitenlandse partijen Google en Facebook voorop - slurpen al zo’n 80 procent van het online budget op. Een sterk Nederlands blok voor de advertentiewereld is dus noodzakelijk en de kijker houdt de sterke, kwalitatieve programmering. Laat de STER nog maar even intact.
  1179 Hits
  0 Comments
1179 Hits
0 Comments

Hoe Yahoo weet dat kopers koffiezetapparaat boekliefhebbers zijn

Hoe Yahoo weet dat kopers koffiezetapparaat boekliefhebbers zijn

Zoekmachines als Google en Yahoo beschikken over oneindige hoeveelheden big data. Maar hoe vertaal je die in bruikbare informatie voor adverteerders? Met de juiste analyse en timing kun je de effecten van reclame met 40 procent verhogen, stelt topman Jean-Christophe Gombeaud van Yahoo.

 
Media in deze wereld geven veruit de meeste aandacht aan Google - ook frank.news - , maar Yahoo is met 300 miljoen unieke bezoekers per maand nog altijd de nummer drie in de top 10 van ‘s werelds grootste zoekmachines. Behoorlijk populair dus. Als hun accounts of gegevens tenminste niet gestolen worden, zoals in de afgelopen jaren.

Dus als beide grootmachten tegelijkertijd spreken tijdens het Savage Marketing 2017 congres in Amsterdam, kiest toch bijna de helft van de bezoekers ervoor naar het verhaal van Yahoo te luisteren.

 
Consument begrijpen 
‘Data is nu, kennis is de volgende stap’. Met die kreet begon senior director field marketing EMEA Jean-Christophe Gombeaud van Yahoo zijn mini-college over big data. Oftewel: als je data omzet in kennis, leer je de consument beter begrijpen en kan reclame effectiever worden ingezet. Sterker nog: de impact van advertenties kan hierdoor met 40 procent toenemen, stelt hij.

 
Drie basisregels 
Daarvoor hanteert Yahoo drie basisregels. De eerste is simpel: zorg dat advertenties aansluiten bij de interesse van je gebruikers. ,,Dus met reclame voor chocolade moet je alleen mensen targetten die van chocolade houden,” aldus Gombeaud. Een simpele logica, maar wel eentje die in de marketingwereld nog niet helemaal is doorgedrongen. Nog steeds krijgen internetgebruikers advertenties voorgeschoteld – vaak via programmatic advertising – die niet erg relevant of zelfs irritant zijn, waarschuwde IAB al eerder. Daardoor stijgt het gebruik van adblockers, al poogt ’s werelds meest gebruikte adblocker Ad Block Plus daar zelf iets aan te doen.

 
Juiste timing 
De tweede basisregel heeft te maken met timing. De advertentie moet aansluiten bij waar de consument op dat moment mee bezig is. Gombeaud: ,,Rond lunchtijd zijn advertenties voor eten een goed idee, maar voor iets wat veel aandacht vraagt niet. Dat kan weer wel als mensen bijvoorbeeld alleen in de trein zitten.”

 
Juiste stemming 
De derde factor is stemming. Advertenties moeten aansluiten bij de stemming van de consument. ,,Dat verschilt per dagdeel,” stelt Gombeaud. ,,’s Ochtends staan mensen meer open voor content. Als ze in een creatieve bui zitten, staan ze open voor ontdekking.” Yahoo houdt workshops voor klanten om deze drie indicatoren te leren herkennen en inzetten.

 
Big data analyse
Al dat soort informatie kan Yahoo namelijk uit zijn big data halen. De zoekmachine weet die data steeds beter te analyseren. ,,Onze taak is om van de enorme hoeveelheden data die we elke dag zien chocolade te maken,” stelt Gombeaud. ,,Wij zien de kopersinfo, de reacties op onze campagnes, de reacties op prijsverandering en wat mensen kopen, maar je moet wel weten waar je naar moet kijken. Welke filters gebruik je? Als iemand in een speelgoedwinkel kijkt, moet je weten waarom en waar hij naar kijkt.”

 
Medialandschap verandert 
De Yahoo-baas ziet het medialandschap snel veranderen. Vooral het gebruik van mobiel groeit - er zijn inmiddels 2 miljard smartphones in de wereld - en daarmee groeit ook het gebruik van mobiele apps: gemiddeld met 11 procent. Daarin is een duidelijke trend waarneembaar. ,,In het begin gebruikten mensen apps vooral voor het weer en vervoer, daarna voor nieuws en sport. Daarna volgden muziek en entertainment en daarna werden ze gebruikt voor shoppen en aankopen,” zegt Gombeaud. ,,Vroeger werd de mobiele telefoon selectief gebruikt, nu voor alles. Daarom is het een kameleon geworden.”

 
Appgebruik verandert 
Hoe het appgebruik de laatste jaren verandert, kan Yahoo zien via zijn analyticsbedrijf Flurry, dat het in 2014 overnam. Dan blijkt dat het gebruik voor persoonlijke zaken, zoals het uploaden van foto’s terugloopt. In het afgelopen jaar met 46 procent. Ook apps voor spelletjes (-15 procent) en voor nieuws en magazines (-5 procent) worden minder gebruikt. Apps voor messaging (+44 procent) en sporten (+43 procent) daarentegen kennen een spectaculaire groei.



 
Fietsen en kinderzitjes    
Al die mobiele data vergroten de berg data waar Yahoo dagelijks op zit en die het wil ontsluiten voor zijn klanten. Gombeaud gaf tijdens de conferentie twee voorbeelden van klantcases. Een bedrijf dat zowel kinderfietsjes als kinderzitjes verkoopt wendde zich radeloos tot het internetbedrijf. De fietsjes waren een bestseller en hadden op Yahoo en Google een hoge ranking, maar de verkoop van babyzitjes viel tegen. Op dat gebied kwam het merk niet eens voor in de top tien van vergelijkbare producten. ,,Ze wisten zelf niet waarom,” vertelt Gombeaud. ,,Wij ontdekten dat het bedrijf heel erg goed was in het verkopen van kinderfietsen, maar niet in het verkopen van accessoires en aanverwante producten. Daar moesten ze content voor gaan creëren. Zo gaven onze data het benodigde inzicht om hun strategie te wijzigen.”

 
Koffie en boeken 
Nog mooier is het voorbeeld van het bedrijf dat koffiemachines verkoopt. Gombeaud: ,,Voor hen ontdekten we dat mensen vooral koffiezetapparaten kopen als ze verhuizen. Wij kunnen die mensen targetten als ze zoeken naar een nieuw huis, nieuwe meubels, verhuisbedrijven of adreswijzigingen. Dat wisten ze deels al, want ze kennen hun klanten. Maar wat ze niet wisten, is dat mensen die koffie drinken ook boeken lezen. Vooral op zondagochtend. Wij hebben zelfs de video’s om dat te bewijzen. Daarom stelden wij voor om een partnerschap aan te gaan met boekverkopers en content te creëren rond boeken. Zo zie je hoe belangrijk het is om nieuwe inzichten via data te krijgen.”

Daarom eindigde hij zijn college met een nieuwe kreet: ‘Data is verleden tijd, kennis is nu.’

 
Jean-Christophe Gombeaud is Senior Director voor Field Marketing in EMEA (Europa, Midden-Oosten en Azië) bij Yahoo. Hij heeft 20 jaar ervaring in Marketing voor de Media en de Tech Industrie. Sinds hij in 2009 bij Yahoo kwam werken, heeft hij bijgedragen aan de lancering van meerdere producten in Europa, zoals Tumblr of Yahoo’s Native Advertising-oplossing.
  3646 Hits
  0 Comments
3646 Hits
0 Comments

‘Reclameman die vertrouwt op zijn buikgevoel zal uitsterven’

‘Reclameman die vertrouwt op zijn buikgevoel zal uitsterven’

Marketing en reclame bestaan van oudsher bij de gratie van creativiteit. Want zonder creatieve geesten, geen commerciële megasuccessen. Maar nu ‘big data’ en ‘brain data’ een steeds grotere rol gaan spelen, kun je je afvragen: hoe belangrijk is creativiteit nog?

 
Een vraag die al langere tijd veel stof doet opwaaien. De meningsverschillen tussen ‘old school’ creatieven, die zweren bij pure creativiteit en wars zijn van de invloed van data en cijfers, en de ‘new school’ marketeers die data juist omarmen en voor wie creativiteit niet langer een leidende factor is, zijn niet van de lucht. In 2014 vlogen reclamemaker pur sang Wim Ubachs en voorstander van het gebruik van data en techniek Tom de Bruyne elkaar via columns in Adformatie al in de haren over dit onderwerp. Inmiddels zijn we ruim drie jaar verder en is de techniek op dit vlak nog veel verder ontwikkeld. Frank.news sprak een aantal spelers in het marketingcommunicatie-veld en stelde hen de vraag: hebben we al die creatieven nog wel nodig in de toekomst?

 
Martin de Munnik : veel slechte creatieven
,,Nee,’’ zegt Martin de Munnik, neuromarketing expert en partner bij Neurensics. ,,ik ben zelf jarenlang tekstschrijver geweest, dus ik weet waar ik het over heb. Toen, en nu bij veel bureaus nog steeds, was creatie altijd al het vertrekpunt. Het draaide om het onderbuikgevoel, de gut feeling, van de marketeer en de creatief. Maar nét als in elk vak, heb je in de reclame veel goede, maar nog veel meer slechte creatieven. Data helpt je om het kaf van het koren te scheiden. Om die slechte creativiteit er uit te filteren. De meeste bureaus doen hier niets mee, terwijl je merkt dat creatie langzamerhand steeds meer gekwantificeerd wordt. Nu al zou meer dan de helft van alle reclame door computers gemaakt kunnen worden. Er zijn allerlei algoritmes die bepalen welke foto en welke tekst je het beste kan gebruiken in een uiting. De basis wordt dan nog door een creatief gelegd, maar de invulling doet de computer.’’

 
Nieuwe marketeer is een ‘data-crusher’
,,De nieuwe marketeer is een data-crusher,’’ zegt De Munnik. ,,Marketing wordt steeds meer een bètavak. De marketeer die vertrouwt op zijn onderbuikgevoel zal uitsterven. Er zijn natuurlijk uitzonderingen. Reclame- en marketingmensen die wel op puur gevoel uitermate succesvol zijn. Dat noemen we dan talent. De meeste echter maken hele leuke dingen op hun gut feeling, maar slaan de plank volledig mis. Begrijp me niet verkeerd, ik vind creatie heel belangrijk. Maar op dit moment is, laat ik het voorzichtig zeggen, 80 procent van wat gecreëerd wordt gewoon slecht. Dat moet je er uit filteren met behulp van data. En de 20 procent die dan overblijft, is heel veel waard.’’

 
Data bepalen de juiste associaties
,,Met data kun je geen merk bouwen, dat klopt,’’ vindt de Munnik. ,,Maar een merk is een naam met associaties. Kies je de verkeerde associaties, dan bouw je dus een verkeerd merk. Die associaties krijg je doorgaans van de klant mee. Maar of ze relevant zijn, weet je niet. Zou je brain data gebruiken, dan weet je dat wel. En natuurlijk heb je dan een creatief nodig die dit vertaalt. Maar de data bepalen hoe je dit merk in het geheugen van de consument krijgt. Hoe je het brein op de juiste manier moet activeren. Je ziet dat Google bij YouTube heeft gezegd dat hun prerolls niet langer dan 20 seconden mogen zijn en hun bumpers niet langer dan acht seconden. Er is geen reclameman die weet hoe je een boodschap in acht seconden gepropt krijgt. Als je brain data gebruikt weet je dat wel. Je weet dan waar je je op moet focussen in die boodschap. Wij weten wat we moeten triggeren in het brein om succesvol te zijn. Creatie legt daar vervolgens een sausje overheen.’’

 
Steeds minder creatieven
,,In de toekomst zullen er steeds minder creatieven zijn. En zij die er nog wel zijn en de data op de juiste manier kunnen vertalen, zullen stukken beter betaald worden dan de rest. Want die gave is moeilijk en schaars en dat drijft de prijs op. Reclamebureaus worden eerder IT-bedrijven dan creatieve broedplaatsen. Het verkopen van een merk of een product wordt een kwestie van het interpreteren van data en dat is iets heel anders dan een 30 seconden commercial of een creatieve kreet bedenken. Data maken het speelveld van een marketeer heel klein. En als je dan als creatief nog in staat bent om goed te presteren, dan ben je een topper.’’

 
Darre van Dijk: Creativiteit kun je niet automatiseren
,,Creativiteit gaat nooit verdwijnen,’’ zegt Darre van Dijk, chief creative officer bij TBWA/NEBOKO Amsterdam. ,,Natuurlijk zijn techniek en automatisering heel belangrijk, maar creativiteit is iets emotioneels en dat kun je nooit automatiseren. Creatie gaat geen trucje worden. Het wordt nooit een simpele uitvoering van data. Juist met creativiteit kun je het verschil maken. Er valt natuurlijk genoeg te meten, data worden steeds relevanter. Het is een hele goede ontwikkeling dat je als consument door goed gebruik van data geen oninteressante reclame meer voorgeschoteld krijgt.’’ Maar het medialandschap versnippert steeds meer, stelt de echte reclamemaker. ,,Iedereen schreeuwt om aandacht. En dan moet je als creatief dus zorgen dat je daar tussen opvalt en het verschil kan maken. In die zin zijn data wel belangrijk want door data kun je gerichter werken waardoor content echt interessant wordt voor je doelgroep. Reclame moet mooier en bijzonderder worden. Meer aandacht trekken. Het moet zó goed zijn dat je door wil kijken. En daar is de creativiteit natuurlijk heel erg belangrijk in.’’

 
Meer samenwerken
Hij denkt niet dat de marketeer van de toekomst een combinatie is tussen een data-analist en een creatief. ,,Als creatief moet je natuurlijk wel steeds meer kunnen en meer verstand van dingen hebben, maar data-analyse en creativiteit zijn echt zulke verschillende specialismen dat je dat nooit helemaal kan samenvoegen. Ik weet wel 100 procent zeker dat deze disciplines steeds meer gaan samenwerken. Dat zie ik bij TBWA ook. Hier loopt een aantal data- en ‘techmensen’ rond die ons voeden. Zij zoeken naar trends en nieuwe ontwikkelingen en filteren daar bepaalde topics uit waar de creatieven mee aan de slag gaan. Neem bijvoorbeeld McTRAX, een case die wij voor McDonalds hebben gedaan. Wij signaleerden de trend dat Nederlandse jongeren sterk beïnvloed worden door dj’s. Daarom hebben we placemats ontwikkeld waar je muziek op kan maken. Je legt je telefoon er op, connect via bluetooth en dan kan je via die placemat muziek maken. Die placemat is een groot succes geworden waar data dus aan ten grondslag lagen.’’

 
Content moet snackable zijn
Hij herkent de strijd tussen ‘old school’ en ‘new school’ creatieven wel. ,,Alles wat nieuw is, stuit altijd op een bepaalde weerstand. Maar ik zou zeggen: omarm data. Doe er je voordeel mee. Er zijn bureaus die van oudsher tv-commercials maken en dat graag willen blijven doen. Maar de wereld verandert. Waar je als goede scriptschrijver voorheen 30 seconden commercials schreef, heb je nu door alle online ontwikkelingen de kans om een mini speelfilm te maken die ook nog eens beter bekeken wordt door de doelgroep. Hoe mooi is dat! Je moet veel meer in episodes gaan denken in plaats van het ouderwetse reclame maken. Als je nu als bureau twee keer per jaar een commercial maakt, daar een strik omheen doet en zegt ‘Zo! Klaar!’, dan ben je te laat. Je moet tegenwoordig een merk bouwen aan de hand van unieke content. Het gaat veel meer om merk-campagnes dan om een bepaald product. Content moet snackable zijn.’’ In de toekomst worden data steeds belangrijker, maar creativiteit blijft uiteindelijk het verschil maken, vindt hij. ,,Zoals De Munnik het stelt, dat creativiteit enkel een trucje is om data vorm te geven, dat vind ik een onderschatting. Maar uiteindelijk kan het één gewoon niet zonder het ander.’’

 
Bijl: Data steeds grote rolDik Bijl, onderzoeker, auteur en adviseur technologische en maatschappelijke ontwikkelingen, noemt zichzelf geen marketeer, maar hij heeft wel de toekomst van werk uitgebreid bestudeerd. Bijl schreef onlangs het boek Alles wordt Anders over technologische ontwikkelingen die onze manier van werken volledig zullen veranderen. ,,Vanuit mijn expertise op het gebied van artificial intelligence kan ik wel zeggen dat data een steeds grotere rol gaan spelen, maar dat je dat als marketeer juist gaat helpen. Het vergt alleen wel een andere houding. Naar mijn idee zal creativiteit nooit verdwijnen. Je hebt het altijd nodig om data te interpreteren, van context te voorzien en vooral ook te visualiseren. Data vertellen niet wat je moet doen. Creatieven gaan nooit door computers vervangen worden, maar ze gaan er wel steeds meer mee samenwerken.’’

 
Effectiever worden
,,De ‘old school’ creatieven zijn mensen die vasthouden aan het verleden, vindt Bijl. ,,Toen was alles goed.  Maar de werkelijkheid verandert. Je moet juist ‘new school’ zijn en je aanpassen. Want ook dan is er nog steeds ontzettend veel ruimte voor creativiteit. Denk eens aan hoe al die nieuwe ontwikkelingen je kunnen helpen. Bij een brainstorm van creatieven bijvoorbeeld, waar allerlei ideeën worden geopperd. Straks kan ter plekke met data getoetst worden of iets echt een goed idee is of dat je het beter meteen kan afschrijven. Je hebt directe feedback. Maar het proces zelf blijft heel creatief. Omarm data en artificial intelligence want het gaat je echt effectiever maken. Als je dat niet doet, dan ben je er uiteindelijk geweest.’’
  2146 Hits
  2 Comments
2146 Hits
2 Comments