Candid. Platform
for growth.

Paul Moers over Danone: Duurzaamheid alleen is niet voldoende

Actimel
Danone, bekend van merken als Activia, Alpro en Nutricia, zet in op gezondh...
Continue reading
  2707 Hits
  0 Comments
2707 Hits
0 Comments

Europa veroveren via Amazon, te beginnen in Duitsland

Amazon
Wie wil weten welke aardverschuiving de komst van Amazon veroorzaakt, moet ...
Continue reading
  4692 Hits
  0 Comments
4692 Hits
0 Comments

Hoe ING inspeelt op de customer journey van de klant

ING-customer-journey
Soms zijn we zo gewend aan Nederlandse werkwijzen, dat het ons nauwelijks m...
Continue reading
  6185 Hits
  0 Comments
6185 Hits
0 Comments

Waarom merken steeds meer overstappen op 'direct selling'

winkelstraat
Hebben in deze tijd (top-)merken als Nike nog wel een fysieke winkel nodig,...
Continue reading
  3512 Hits
  0 Comments
3512 Hits
0 Comments

Hoe inzet van massamedia het online effect versterkt van campagnes

tv_massamedia
Naast conversiegerichte online communicatie doen merken er goed aan om ook ...
Continue reading
  3584 Hits
  0 Comments
3584 Hits
0 Comments

Hoe noem je een vleesvervanger als 'burger' of 'schnitzel' niet meer mag?

VegetarischeSlager
Als het aan de landbouwcommissie van het Europees Parlement ligt, zijn name...
Continue reading
  2354 Hits
  0 Comments
2354 Hits
0 Comments

​Rechter had Grolsch in gelijk moeten stellen

Kornuit
Het Lidl-biertje Kordaat mag gewoon zo blijven heten, ondanks de bezwaren v...
Continue reading
  12317 Hits
  0 Comments
12317 Hits
0 Comments

HEMA & Jumbo gaan duurzaam: 'Er is wel een plan B, maar geen planet B'

HEMA
Ongeveer tegelijkertijd kwamen HEMA en Jumbo deze maand naar buiten met ver...
Continue reading
  13916 Hits
  0 Comments
13916 Hits
0 Comments

René Repko: Eenmaal voor het schap zeggen consumenten onbewust 'fuck die purpose'

Rene_repko
We gaan de komende tijd wat vaker marketeers interviewen. Niet de personen ...
Continue reading
  4203 Hits
  0 Comments
4203 Hits
0 Comments

Een analyse van de definitieve doorbraak van Black Friday

blackfriday
Betaalvereniging Nederland kwam met cijfers over Black Friday. Maar liefst ...
Continue reading
  2958 Hits
  0 Comments
2958 Hits
0 Comments

Cadeaukaart nieuwe stijl: eentje die je via WhatsApp kan versturen

yesty_cadeaukaart_app
Yesty komt vandaag op de markt: een digitale cadeaukaart die je kan persona...
Continue reading
  5480 Hits
  0 Comments
5480 Hits
0 Comments

'Fysieke winkels blijven, webshops niet'

Amazon_webwinkels_fysieke
Een bloedbad, zo omschrijft retailexpert en onderzoeker Hans van Tellingen ...
Continue reading
  16327 Hits
  0 Comments
16327 Hits
0 Comments

Dé gay consument bestaat wel/niet

gayconsument_bestaat
HEMA brengt z'n matrassen sinds kort aan de man met een reclamefoto van twe...
Continue reading
  6389 Hits
  0 Comments
6389 Hits
0 Comments

Bijeffect van innovatief marktonderzoek: een blik op de toekomst

Bijeffect van innovatief marktonderzoek: een blik op de toekomst

SPONSORED STORY
 

Je kunt innoveren wat je wilt, maar zorg allereerst dat je het probleem of de behoefte van de consument duidelijk hebt. Dat is de belangrijkste les voor organisaties die aan vernieuwing toe zijn, zegt Christian de Jong van marktonderzoeksbureau Blauw. De analyses en onderzoeken die daarvoor nodig zijn, leveren een interessante bijvangst op voor ondernemers: een blik op de toekomst.

 
Ze zijn groen, lang, dun, beregezond en best prima te pruimen. Meer valt er toch eigenlijk niet te zeggen over sperziebonen, zou je denken. Nou, wel dus. Wekenlang heeft marketingonderzoeker en consultant Christian de Jong voor groentegrootgrutter Van Oers over de peulvrucht gepraat, omdat het bedrijf er door middel van innovatie ‘waarde aan toe wilde voegen’.

 
Daarmee was Van Oers bij het Rotterdamse marktonderzoekbureau Blauw, waar De Jong werkzaam is als ‘Expertise Manager Marketing & Innovation’, aan het juiste adres. Dit bedrijf doet namelijk onderzoek binnen het domein van marketing- en innovatievraagstukken en creëert op basis van inzichten die het bij consumenten ophaalt, nieuwe producten en diensten.

 
Sperzieboon 2.0
Niet dat De Jong een geheel nieuw soort sperzieboon heeft ontwikkeld; laten we zeggen dat hij het oude model een flinke update heeft gegeven. Daar was ’ie ook wel aan toe. Het is als groente immers misschien wel een tikje saai en bovendien een typisch commodity product: veel afzet, maar kleine winstmarges. ,,Van Oers was op zoek naar een manier om het consumenten gemakkelijker te maken voor sperziebonen te kiezen en tegelijkertijd ook iets te creëren dat meer waarde genereert,” zegt De Jong.

 
Hoe ben je te werk gegaan? 
,,Succesvol en toekomstgericht innoveren begint bij het oplossen van een probleem, een behoefte invullen voor de consument. Je kunt innoveren wat je wilt, maar zolang je dat probleem of die behoefte niet duidelijk hebt, is de kans groot dat je oplossingen aan het maken bent voor een niet bestaand probleem. Dan creëer je een nice to have, zoals wij dat noemen. De massa ga je daar niet mee bereiken. Dus eerst: is er een probleem? En dan: hoe scoort mijn oplossing ten opzichte van dat probleem? Dat samen bepaalt het succes van hetgeen je van het ontwikkelen bent.”

 
Wat was het probleem met de sperzieboon? 
,,We hebben alle redenen onderzocht waarom mensen ze wel eten en waarom ze ze juist niet eten. Dat noemen wij drivers en barriers. Sommige mensen eten ze niet omdat ze ze niet lekker vinden. Dat kan, maar waarom? Kunnen we ze lekker maken? Anderen eten ze niet omdat ze ze saai vinden. Weten die mensen wel dat je sperziebonen ook kunt wokken of kunt toepassen in een salade? Nog een reden om niet voor sperziebonen te kiezen, is omdat men het punten een gedoe vindt.”

 
Hoe kom je aan al die inzichten?
,,Je hebt kwalitatief en kwantitatief onderzoek. Bij kwalitatief onderzoek ga je de diepte in, om het hoe en waarom achter dingen te verkennen. Kwantitatief onderzoek gaat over cijfertjes; voor hoeveel mensen geldt iets? In dit geval hebben we een combinatie van meerdere kwalitatieve methoden gebruikt. We hebben focusgroep-discussies gehouden met verschillende teams van zes mensen waarin we per groep zo’n twee, drie uur ingingen op die eerder genoemde redenen om wel of geen sperziebonen te kopen en mogelijkheden om ze aantrekkelijker te maken.”

 
Geen gedoe
Alle ideeën die daaruit voort kwamen, leidden tot een innovatie die alle barrières rond sperziebonen moest wegnemen: een handzame verpakking met daarin een portie sperziebonen van gelijke lengte, zodat de consument met twee keer hakken meteen van alle punten af is - geen gedoe dus. Bijgevoegd: een gemakkelijk recept voor een Oosters wokgerecht en een lekker sausje. Dat is vervolgens nog extra getest op thuisgebruik bij de online community die beschikbaar is voor vragen. De deelnemers hebben thuis staan kokkerellen, foto’s gemaakt van iedere stap en hun ervaring gedeeld met Blauw. ,,We wilden weten of het dummy proof is, of mensen snappen wat ze moeten doen. En, wat ook interessant is, of ze zelf misschien nog dingen toevoegen, zoals rijst, aardappels, of andere groenten,” aldus De Jong.

 
Recept werkt
Het sperziebonenvraagstuk beslaat ongeveer de helft van dit artikel, maar het moge duidelijk zijn dat Blauw hetzelfde principe van onderzoek en innovatie ook toepast op andere diensten, producten en merken. Zoals Cloetta, producent van onder andere Red Band, Venco en Sportlife, die op zoek was naar de juiste manier om suikerverlaging door te voeren. Voor Centre Parcs onderzocht Blauw hoe het ideale vakantiehuisje eruit ziet, met als resultaat investeringen voor de aanleg van een nieuw park. En Philips schakelde het marktonderzoeksbureau in om te leren wat gebruikers van scheerapparaten waardevol vinden en wat juist niet.

Voor Philips heeft Blauw een zogeheten conjunct-onderzoek gedaan, dat de consumentenvoorkeuren tot in detail in kaart brengt. ,,We hebben daarin het optimale product voor de toekomstige markt van scheerapparaten samengesteld. Daarbij wordt gedraaid aan alle verschillende knoppen: zoals wel of geen meebewegende scheerkoppen, wel of niet waterproof en het prijsniveau”, aldus De Jong.

 
Toekomst
Dit type kwantitatief onderzoek is een vorm van Foresight, een manier waarmee het onderzoeksbureau een kijkje in de toekomst kan nemen. Deze dienst kent ook een kwalitatieve onderzoekskant, waarbij Blauw gebruik maakt van eerder genoemde online communities. Niet alleen groente, maar verschillende productsegmenten hebben een eigen besloten ‘testgroep’. ,,Op die platforms zijn wij degenen die de vragen stellen. Maar de leden praten intussen ook met elkaar over dingen waar wij ze niet naar vragen,” legt De jong uit. ,,Die conversaties zijn heel interessant omdat we daaruit bottom up insights destilleren. Dus niet top down, door ons opgevraagde informatie, maar vanuit de consument. Wij kijken of die inzichten iets zeggen over veranderingen in de samenleving.”

 
Dus eigenlijk ben je ook trendwatcher.
,,Ja, maar trendwatching kan soms te vrijblijvend zijn. Dan signaleer je een trend en doet het er niet toe wat dat voor invloed dat heeft op een organisatie. Wij willen juist die vrijblijvendheid eruit halen, door aan te tonen waarom zo’n trend spot on relevant is voor jóúw organisatie, waarom jíj er iets mee moet en hoe het de toekomst van jóúw markt en organisatie bepaalt. Zo was er in een online community over alcoholische dranken een kanteling te zien van hoe mensen tegen alcoholvrij bier aankijken. Dat was eerst heel negatief, en wordt nu steeds positiever. Die signalen vangen wij op en koppelen wij terug aan de klant. Daarmee zeggen we niet: dit is per definitie de toekomst, of de enige toekomst. Maar: hou dit in de gaten, denk erover na of je er iets mee moet.”

 
Vraag via deze link de Whitepaper forsight aan.

  5834 Hits
  2 Comments
5834 Hits
2 Comments

Apps verkopen de locaties van je smartphone

Apps verkopen de locaties van je smartphone

Nee, je verdient zelf niets als je smartphone je gegevens over je locatie doorgeeft. Maar de bedrijven áchter de apps die je locatie doorverkopen, verdienen er goed aan. Door die verkoop krijg je steeds vaker advertenties te zien van winkels die om de hoek zijn. Inmiddels weten bedrijven wanneer je uit huis gaat, hoe laat je op je werk komt en bij welke horecagelegenheid je ‘s avonds nog een biertje drinkt.

 
Het is een snel groeiende tak binnen de advertentiewereld: location-based advertising (ook location aware of location targeted advertising genoemd). Voor zulke advertenties is het nodig om de locatie van iemand via de smartphone te kunnen volgen. Veel apps vragen toestemming om je locatie te bepalen, zoals sommige apps die het plaatselijke weerbericht doorgeven. Zulke locatiegegevens worden vaak doorverkocht aan andere bedrijven.

 
De trendy bar om de hoek meldt zich op je smartphone
Je krijgt zo advertenties voorgeschoteld die op jouw locatie en zoekgedrag zijn afgestemd. Loop je tegen de avond door een stad waar je normaal niet bent, dan zie je op je smartphone de trendy bars en restaurantjes in die buurt waar je vast wel naar toe wil. Of die leuke winkeltjes met dingetjes waar je al eerder op internet naar hebt gezocht. Sommige consumenten zijn er blij mee, anderen storen zich aan deze snel groeiende trend in de wereld van mobile marketing.

 
Elk jaar besteden bedrijven zo’n 17 procent meer aan advertenties op de smartphone, meldt onderzoeksbureau BIA/Kelsey. In 2016 ging het om 33 miljard dollar voor de VS alleen; in 2021 zal dat op zo’n 72 miljard uitkomen. De snelste groei komt voor rekening van location-based advertising: in 2016 lag dat op 12 miljard dollar, in 2021 komt dat uit op 32 miljard. In Nederland, waar bijna iedereen een smartphone heeft, zal de trend niet anders zijn.

 
Location-based advertenties effectiever
Onderzoek van Verve laat zien dat consumenten veel meer reageren op advertenties die inspelen op de locatie dan op algemene mobiele ads. De engagement bij location-based ads ligt ruwweg twee keer zo hoog, schrijft Marketing Tech News.

Bedrijven weten steeds beter waar we ons op welk tijdstip van de dag bevinden. Toch zit de waarde voor bedrijven niet alleen in advertenties van de pizzeria of kledingzaak om de hoek, maar vooral in het totaal aan locatiegegevens dat zo over iemand beschikbaar komt. Adverteerders kunnen daarmee een uiterst precies profiel van iemand opstellen en ook andere advertenties nog meer op de persoon toespitsen. Of zoals zakenkrant The Wall Street Journal het samenvat: bedrijven willen ‘een volledig overzicht van hoe iedereen (…) zijn tijd besteedt met de bedoeling zulke persoonlijke geschiedenissen in te delen in marktsegmenten en dat aan advertentiebureaus te verkopen.’

 
Locaties combineren: dat is pas waardevol
„Locaties vertellen veel over een bestaande of potentiële klant,“ zegt hoofd media futures Dan Calladine van marketingbureau Carat Global in The Drum. „Als je wilt weten wie je waardevolste klanten zijn, dan leer je van hun locatiegeschiedenis en van het soort plaatsen dat ze hebben bezocht. Daar liggen de echte kansen en daar kan je wat mee. Dat is veel waardevoller dan te wachten tot iemand een winkel passeert en die persoon dan een voucher sturen.”

Greg Grimmer van mobile marketingbureau Fetch benadrukt de ongekende mogelijkheden van location-based ads. „Bij elke boodschap is de vraag hoe we die moeten brengen, maar daarin ligt ook de kans. Het gaat erom precies te weten wie iemand is en dan de juiste boodschap te sturen op het juiste moment.”

 
Een steeds grotere rol daarbij is weggelegd voor data brokers of datahandelaren, bedrijven die data verzamelen of opkopen en vervolgens weer verkopen aan bedrijven en andere instellingen. Voorbeelden van data brokers zijn Acxiom, Focum of 4orange. Ze verzamelen een combinatie van data die kunnen variëren van locaties, surfgedrag, interesses tot eerder gedane aankopen. Data brokers zeggen dat ze niet alle persoonlijke informatie op dezelfde plek bewaren, maar hoe ze precies werken, daarover blijven ze vaag.

 
GroundTruth volgt mensen de hele dag
Hoe ver dataverzameling over locaties kan gaan, wordt duidelijk bij het bedrijf GroundTruth, waarover The Wall Street Journal bericht. GroundTruth is een bedrijf voor data-analyse en is eigenaar van onder meer de app WeatherBug met de laatste weervoorspelling. Om die app te laten draaien, moeten gebruikers toegang tot hun locatie geven. Al die data over de locaties van mensen verkoopt GroundTruth door aan wie het maar wil hebben. Het bedrijf doet daar overigens niet geheimzinnig over. GroundTruth heeft toegang tot de locatiedata van ‘meer dan honderdduizend’ andere apps, bevestigt CEO Serge Matta tegen The Wall Street Journal. De makers van zulke apps werken mee omdat zij toegang krijgen tot het mobiele advertentienetwerk van GroundTruth. Elke dag volgt GroundTruth op die manier het leven van zo’n 70 miljoen mensen in de VS. Het bedrijf weet wanneer ze op weg gaan naar hun werk, wanneer ze weer thuiskomen en bij welke gebeurtenissen ze in de loop van de dag aanwezig zijn.

 
Locatiedata worden niet alleen via apps, maar ook op andere manieren verzameld. Dat kan gebeuren als je met je smartphone door een openbaar WiFi-netwerk loopt waarvan er tegenwoordig steeds meer zijn. Het gebeurt ook als je een winkel binnenloopt die een eigen systeem heeft. Zo’n winkel kan je dan, als je eenmaal binnen bent, via je smartphone een aanbieding doen. Als de winkel al veel informatie over je heeft verzameld, speelt zo’n advertentie in op interesses en eerder surfgedrag.

 
Consument moet akkoord zijn
Apps zijn verplicht toestemming te vragen voor het verzamelen van data. Door met de voorwaarden in te stemmen, ga je akkoord. Je kan toegang tot locatiedata weigeren, maar de praktijk is dat veel apps dan niet meer goed werken. In mei gaat de nieuwe privacywetgeving van de GDPR in en worden de regels strenger. Consent wordt het nieuwe sleutelwoord. Apps moeten dan per keer toestemming vragen. Ze moeten toestemming vragen om toegang tot locatiegegevens voor gebruik van de app en nog een keer toestemming vragen om die gegevens voor andere doeleinden te gebruiken. Het is nog de vraag hoe dat in de praktijk gaat uitwerken.
  4015 Hits
  0 Comments
4015 Hits
0 Comments

Van scheren tot sauna: Waarom marketeers geloven in het Spotify-model

Van scheren tot sauna: Waarom marketeers geloven in het Spotify-model

We kunnen op steeds meer producten en diensten een abonnement nemen. Van de scheermesjes van de Dollar Shave Club en Boldking tot de theeën van Frank About Tea en eten van HelloFresh. Van condoom- en tamponabonnementen tot media als Netflix en Spotify. Dat is geen hype, zegt retailexpert Fred Rutgers, het wordt standaard. Zijn we als consument massaal verzamelaars geworden? Heerst de norm: eat your cake and have it too? En wat is het marketingprincipe erachter?

 
Goede naam
Het Nederlandse theebedrijf ‘Frank About Tea’ (goede naam trouwens) is onlangs op de prestigieuze Forbes-lijst ‘30 under 30’ terechtgekomen. De twee jonge Nederlandse ondernemers Valerie Hirschhauser en David Kellerman begonnen anderhalf jaar geleden met hun bedrijf dat als USP heeft: duurzame en eerlijke thee waarop je een abonnement kan afsluiten. Het exclusieve aan deze club is dat de thee verser dan vers is. Binnen een maand nadat het van de plantage is geplukt, belandt het in je theekop. Dat smaakt veel beter, zeggen de bedenkers.

Een theeabonnement is één van de vele opties die je als consument hebt. Dat lijken er elke maand meer te worden en het gaat over de breedte van de retail. Want een abonnement op iets is natuurlijk al vrij oud en gewoon. Wel nieuw is dat je nu op producten een abonnement kunt nemen die niet zo gebruikelijk zijn. Zoals die thee van Frank About Tea dus.

 
Stiekem meer verkopen
,,Er worden zo abonnementen gekocht op basis van all you need, all you can use en all you can call. In dit geval ook all you can chase. Want met zo’n abonnement verkoop je stiekem eigenlijk meer.”
Fred Rutgers - op zijn businesskaartje staat onder meer retailexpert, trendwatcher en ondernemerscoach - zegt dat de telecombedrijven in feite de trend hebben gezet. ,,Daar heb je veel van die pakketten zien ontstaan. Er worden zo abonnementen gekocht op basis van all you need, all you can use en all you can call. In dit geval ook all you can chase. Want met zo’n abonnement verkoop je stiekem eigenlijk meer.”
Hij legt dat uit: ,,Ik ben een natscheerder en pas als ik een bot mesje heb, pak ik een nieuwe. Maar als je zo’n abonnement hebt op Boldking, ben je toch geneigd eerder een nieuwe te pakken en je mesje te vervangen. Als abonnee ben je blij, want het scheert comfortabeler en je hebt het gemak dat je ze automatisch bij je thuis krijgt bezorgd. Als ondernemer ben je blij, want het is een steady inkomstenbron. Het is dus wel een win-win voor beide partijen.”

 
Gemak geeft de doorslag
,,HelloFresh, dat is tafeltje dekje. Is het een nieuwe smaaksensatie? Nee. Is het gemiddeld goed? Ja. Is het makkelijk? Ja. Is het goedkoop? Nee. Maar het is ook wel weer heel cool om te zeggen dat je al een halfjaar HelloFresh eet.”
Goedkoper is het zeker niet, weet Rutgers als kenner. Maar de meeste consumenten zullen dat gevoel wel hebben. ,,Uiteindelijk is langer doorscheren met een bot mesje vaker goedkoper natuurlijk.” Het gemak geeft de doorslag. ,,HelloFresh, dat is tafeltje dekje. Je krijgt een voedselpakket toegestuurd en je kookt volgens bijgaand recept. Is het een nieuwe smaaksensatie? Nee. Is het gemiddeld goed? Ja. Is het makkelijk? Ja. Is het goedkoop? Nee. Maar het is ook wel weer heel cool om te zeggen dat je al een halfjaar HelloFresh eet.”

 
Merkentrouw afdwingen
Nog een ‘catch’. Het is heel makkelijk om abonnee te worden, vaak met één druk op de online knop. Opzeggen is wat lastiger, zo blijkt. De consument is daar misschien ook wat laks in. Merken houden daarom doorgaans langer klanten. Het marketingprincipe achter zo’n abonnement? Marketeers willen voor een deel merkentrouw afdwingen. Rutgers: ,,Vroeger had je allerlei loyaliteitsconcepten: je wilde graag dat klanten terugkwamen. Een abonnement is in feite een heel oud principe: één keer verkopen. Want opnieuw iets aan dezelfde klant verkopen is altijd makkelijker dan op zoek gaan naar een nieuwe klant. Op het moment dat je ook een clubgevoel geeft, een vip-gevoel, of in ieder geval die perceptie, ben je die klant aan het koesteren. Neem nou die Dollar Shave Club reclame. Die geeft je het gevoel dat je een werelddeal hebt. Daar spelen ze dus heel slim op in.”

https://www.youtube.com/watch?v=ZUG9qYTJMsI

 
Volgens Rutgers kunnen we alleen nog maar meer verwachten op abonnementengebied. ,,Ik zou niet verbaasd zijn als er vandaag of morgen een keer een reisorganisatie komt waarbij je voor een vast maandelijks bedrag vakantiepunten spaart. Daarmee kun je dan één of meerdere keren per jaar je reis boeken. In feite bestaat dat eigenlijk al met het timeshare-achtige concept Hapimag. Daar kun je ook met andere ‘hapimagers’ ruilen. Dat wordt verkocht onder het mom: iedereen wil toch wel veertien dagen op vakantie? En als je het bij ons regelt, ben je veel goedkoper uit. Dus waar wachten TUI of D-Reizen eigenlijk nog op? Word lid van onze reisclub, kies uit onze catalogus, en betaal een vast bedrag per maand.”

 
Sportflix
Netflix en Spotify zijn voorbeelden van disruptieve bedrijven die de mediawereld op zijn kop hebben gezet met het abonnementenmodel. Rutgers zit persoonlijk te wachten op de komst van ‘SportFlix’. ,,Ik denk dat je straks on demand naar elke sport kunt kijken die je maar wilt, tegen een vast bedrag: van schaatsen tot darten. Diegene die dat kan optuigen, gaat ongelofelijk binnenlopen. Maar je moet diepe zakken hebben.”

 
Sharing op account
Een verdieping van de abonnemententrend zien we momenteel vooral in Amerika. Dat is hier ook al wel gaande: sharing op account. We hoeven blijkbaar ook niet meer zo nodig eigenaar te zijn van die hybride auto, maar willen er wel gebruik van maken wanneer het ons uitkomt. ,,Daar staan al meer marketingconcepten omheen en allerlei nieuwe verkooptechnieken,’’ weet Rutgers. ,,Dat is de tijdsgeest. De regering heeft ons de afgelopen twintig jaar geleerd dat ze zowel de man als vrouw het liefst fulltime zien werken. Het betekent wel dat we het onszelf dus zo gemakkelijk mogelijk willen maken, om ook eens een keer samen lekker op de bank te kunnen zitten. Dan is scheermesjes of een doos hapklare brokken aangereikt krijgen heel fijn. Je gaat op termijn als consument veel minder heraankoopbeslissingen zelf maken. Dat zie je nu met deze hype en straks bestelt je koelkast het volgende pak melk. We weten op termijn precies wat we nodig hebben.”

 
Dertigrittenkaart in de sauna
,,Als ik al die thee op moet drinken die ik met dat abonnement toegestuurd krijg, kom ik niet meer aan werken toe. De doseringen die ze sturen zijn over het algemeen wel stevig.”
Wat vindt Rutgers zelf een geslaagd voorbeeld? Onlangs zag hij een aanbieding van Bussloo Sauna’s uit de gemeente Voorst. Die verkopen een dertigrittenkaart met korting én de mogelijkheid ook van een lunchbuffet gebruik te maken. Dat doen veel mensen ook, want ze moeten toch eten. Zo zijn ze per saldo veel meer geld kwijt. ,,Bussloo Sauna’s weet ook dat ze die klant dertig keer binnen hebben.” En wat vindt hij van ‘Frank About Tea’? Een opvallend en aardig idee, maar hij zegt er wel meteen bij: ,,Als ik al die thee op moet drinken die ik met dat abonnement toegestuurd krijg, kom ik niet meer aan werken toe. De doseringen die ze sturen zijn over het algemeen wel stevig.”
  8249 Hits
  0 Comments
8249 Hits
0 Comments

Consumenten dwalen, believers volgen

Consumenten dwalen, believers volgen
Door Nadine Ridder.

Justin Bieber heeft fans die niet alleen van zijn muziek en van hem houden, maar van alles wat ook maar iets met hem te maken heeft. Zij noemen zichzelf dan ook geen fans, maar believers in Bieber: Beliebers.

Kun je je voorstellen dat jouw merk trouwe fans heeft die hun hele identiteit aan jouw merk ontlenen? Voor veel merken een utopische gedachte, maar wel dé kans voor marketeers in deze tijd. Nu de aandacht van de consument steeds moeilijker vast te houden is, is veiligheid een illusie. Of je bent relevant, of je wordt over het hoofd gezien.

 
Hoe creëer je dan zo’n following? Begin een movement!
Een movement is een groep mensen met een gedeelde passie of overtuiging die deze als collectief voeden en verder brengen. Een aantal voorbeelden van movements die we allemaal kennen: #Metoo, Black Lives Matter, Bring Back our Girls en de Ice Bucket Challenge. Maar movements worden ook al veel langer door merken gefaciliteerd: de real beauty beweging van DOVE, de motorclub van Harley Davidson en de afvallers van Weight Watchers. Movements zijn zo krachtig omdat ze inspelen op een van de kernbehoeften van de mens: ergens bijhoren.

 
Behoefte aan zingeving
Waarom is er dan juist nú zoveel aandacht voor movements? Door het internet is het gemakkelijker dan ooit om elkaar te vinden, met elkaar in contact te zijn en acties te organiseren. Tel hier de toenemende behoefte aan zingeving bij op en je snapt waarom movements zo succesvol zijn.

De consument anno 2018 is bewuster dan ooit en constant op zoek naar manieren om zichzelf te verbeteren: fysiek, mentaal en sociaal-maatschappelijk. Hier ligt een enorm kans voor merken. Als het je lukt om jouw publiek verder te brengen op één van deze vlakken, dan zullen ze niet alleen het product kopen dat je verkoopt. Ze zullen alles kopen wat je verkoopt en sterker nog: ze zullen het vóór je verkopen.

Als je enthousiast wordt van het idee van je eigen believers, kijk dan goed naar wat succesvolle movements gemeen hebben.

 
1. What is your purpose?
Er is al heel veel over gezegd en geschreven, maar het is de basis van iedere succesvolle marketingstrategie: weet wie je bent, waarom je er bent, waar je voor staat en wat jouw missie is. Zoals Simon Sinek het zo pakkend zegt ‘people don’t buy what you do, they buy why you do it’.  
Scott Goodson suggereert in zijn boek Uprising dat je als merk een bestaand doel moet omarmen, onderdeel moet worden van het gesprek en dit vervolgens faciliteren. Ik ben het hier ten dele mee eens. Ik zou bijvoorbeeld niet adviseren de #metoo discussie te omarmen. Het risico op het misslaan van de plank bij zo’n gevoelig onderwerp is groot: je kunt er (helaas) niet zeker van zijn dat je als merk ‘schoon’ ben en je loopt het risico beschuldigd te worden het thema te misbruiken voor commercieel gewin. Je kunt het onderwerp wel op een hoger niveau pakken. Dus niet proberen mee te varen op de aandacht rondom #metoo, maar wel het thema ‘gelijkwaardigheid’ of ‘female empowerment’. Dit zou dus je why kunnen zijn, indien dit aansluit bij jouw merkwaarden natuurlijk.

 
2. What’s in it for your niche?
Een movement bedient altijd een niche. Voor deze specifieke groep mensen is de movement heel belangrijk en voor de rest meestal totaal niet. Een voorbeeld dat Seth Godin aanhaalt in zijn boek Tribes is de blog Msg500: een reviewblog voor voornamelijk Aziatische restaurants in Seattle. De meeste reviewers zijn zo betrokken dat ze ieder detail van hun ervaring beschrijven. Als je dezelfde passie deelt zal deze blog je enorm aanspreken. Maar de kans is groot dat dit niets met je doet. Zoals Seth zegt: ’But if you are in it, you are very in, and if you are not, you don’t matter. People who are curious about the same thing generate energy.’ 
Dit betekent niet dat een movement de massa niet bereikt, integendeel. Maar het begint bij een kleine groep die zich ergens voor interesseert of aan stoort. Dit zijn eigenlijk altijd ideeën die de status quo uitdagen. Denk dus na over wat een interessante ontwikkeling is die de norm uitdaagt, past bij jouw why en waar jij een verandering teweeg kunt brengen.

 
’But if you are in it, you are very in, and if you are not, you don’t matter. People who are curious about the same thing generate energy.’ 
 
3. What’s your proof?
Het product is altijd het bewijs van je claim. Zo kennen we allemaal het voorbeeld van Rabobank die een prachtige movement wilde beginnen om het voedselprobleem op te lossen. Wie wil daar nou geen onderdeel van zijn? Helaas was deze missie onrealistisch en ongeloofwaardig, omdat de acties van Rabobank dit idee niet volledig ondersteunen.

Kijk ook verder dan het daadwerkelijke product, kijk naar de hele keten, maar ook naar de manier waarop je met werknemers omgaat. Naast het fysieke product is het heel belangrijk een movement te verrijken met experiences. Een movement is niet statisch: alleen een sterke why gekoppeld aan een culturele ontwikkeling in een niche is nog geen movement. Door experiences te ontwikkelen en mensen op de been te krijgen, komen ze letterlijk in beweging. Iedereen die in een vluchtelingenkamp is geweest zal kunnen beamen dat het helpen van echte mensen een hele andere mate van betrokkenheid is dan het storten van een mooi bedrag.

In tegenstelling tot het bekijken van een communicatie-uiting, prikkelt  een ervaring alle zintuigen tegelijkertijd. Ervaringen worden herinneringen en deze koesteren we.

Zoals te lezen in Adweek’s artikel Experiental can create more meaningful relationships with consumers‘Experiential is a uniquely fast and effective way to build brand awareness through one-to-one connections with consumers. It engages all five senses, sparking emotions that form lasting memories which have been shown to drive brand loyalty’.
 
4. Who are your ambassadors?
Iedere movement heeft een leider nodig. Steve Jobs was de ultieme leider van de beweging van de andersdenkenden, ofwel: de misfits.

Seth Godin legt uit in zijn boek Tribes: ‘Steve Jobs has always wanted his Apple products to have passionate fans. He has not targeted a mass market that would buy his stuff like sausages. He wants tribe members to tune in, wait in line to be the first to purchase his gear and engage their friends in conversations about it. Jobs strives to build a “tight” tribe – one that listens to its leader and coordinates well – rather than a large tribe.’
Maar alleen een leider is nog geen movement. Zoals Derek Sives zegt in zijn drie minuten durende TED talk 'How to start a movement' ‘One person is just a lone nut, the first follower transforms the lone nut into a leader, with number three it is a crowd and a crowd is news!’
Hij claimt dat de eerste follower de belangrijkste persoon is om een movement op gang te brengen, omdat followers naar andere followers kijken, niet naar de leider. Zo zullen veel vrouwen na de eerste #metoo bekentenissen niet hebben gedurfd te volgen, omdat de eerste vrouwen bekende Amerikanen waren: een ver-van-je-bed show. Maar toen de eerste niet-bekende vrouwen naar buiten kwamen, werd het al gemakkelijker. En toen het ook vrouwen waren die je misschien kende, of in dezelfde branche werkte, voelde je je bijna verplicht te participeren. Die eerste followers zijn dus heel belangrijk: denk goed na over wie jouw ambassadeurs zouden kunnen worden. Spoiler: influencers inhuren is niet per se de oplossing.

 
5. How do you share your story?
Zonder verhalen geen movement. Verhalen informeren, inspireren en activeren. Alle movements gebruiken content om in beweging te komen en te blijven. Als je bovenstaande elementen allemaal goed hebt uitgewerkt, heb je de basis voor jouw contentstrategie staan. Ik zal hier in een volgende column uitgebreid op terug komen.

Voorbeelden van succesvolle movements die bovenstaande punten heel goed op orde hebben: ‘Sweat with Kayla’ van personal trainer Kayla Itsines, de slaafvrije chocolademissie van Tony Chocolonely, de klimaatmissie van Al Gore en de missie van outdoor kledingmerk Pantagonia, om land te beschermen.

 
De school van het leven
Maar ik zal ‘de weg naar de movement’ tot leven brengen aan de hand van een voorbeeld waar ik zelf believer in ben: The School of Life. Bij The School of Life leer je alles wat je niet op school hebt geleerd over werk, vriendschap, liefde, geld, familie en meer. De why is: we bestaan om emotionele intelligentie te ontwikkelen. De niche die de beweging bedient: mensen die zich emotioneel willen ontwikkelen en de beweging die daaruit is ontstaan is levenslang leren. Het product: de lessen die je kunt volgen zoals ‘how to be a good friend’ en ‘how to find a job you truly love’. Side products zijn de boeken en spellen die ze verkopen: allemaal tools die je helpen om je emotionele intelligentie te ontwikkelen. De leider is filosoof en founder Alain de Botton. Belangrijke followers zijn de docenten die lesgeven bij School of Life. Zij vertellen Alains verhaal door middel van de lessen die ze geven, zonder dat hij hier persoonlijk bij betrokken hoeft te zijn. Content: praktische ‘how to live’ video’s, die de lesstof toegankelijk maken voor een breed publiek.

En de believers zijn mensen zoals ik. Die naar events gaan waar Alain de Botton, of een van de docenten, spreekt. Die daar mensen ziet en spreekt die dezelfde passie delen. Die lessen volgt. Die naar de winkel gaat en daar boeken koopt. Die spelletjes cadeau geeft aan vrienden. Die video’s doorstuurt naar vrienden en post op sociale kanalen.

En waarom? Omdat The School of Life mijn emotionele ontwikkeling heeft gefaciliteerd. Door onderdeel te zijn van deze beweging ben ik een verbeterde versie van mijzelf geworden. En hierdoor is dit merk een onderdeel geworden van mijn leven dat ik niet snel zal loslaten en dát maakt mij een true believer.
 
Nadine Ridder (1983) werkt als freelance Creatief Strateeg voor verschillende opdrachtgevers. Ze werkte eerder bij VICE, TELE2 en Universal Media. Nadine zet zich in voor meer diversiteit in media en reclame, o.a. door het publiceren van opiniestukken en columns op Joop, MarketingTribune, Adformatie en Emerce.


 
 
Lees meer van Nadine Ridder:
 
https://www.frank.news/2018/01/03/wat-kan-echt-niet-meer-in-marketing-anno-2018/

https://www.frank.news/2017/11/14/leiding-genz-wordt-2018-jaar-branded-activism/

 
https://www.frank.news/2017/10/05/waarom-unilever-en-facebook-stoppen-met-stereotypen/
  3302 Hits
  0 Comments
3302 Hits
0 Comments

De succesvolle rebranding van TUI

De succesvolle rebranding van TUI

Negen bekende merken in de reiswereld samenvoegen tot één nieuw merk, dat net zo bekend moet worden. TUI slaagde glansrijk voor deze vuurproef en rondde afgelopen maand officieel een drie jaar durende rebranding af.

 
In Nederland waren Arke en Holland International oeroude merken en een begrip voor de consument. Net als Falcon voor de Ieren, Thomson voor de Engelsen, Jetair voor de Belgen of Finnmatkat voor de Finnen. Ga deze merken nu maar eens zoeken op internet. Je komt ze niet meer tegen. Ze zijn de afgelopen jaren allemaal opgeslokt door de van oorsprong Duitse TUI Group (Touristik Union International) en door overnames en fusies onderdeel geworden van de grootste toerismegroep ter wereld.

 
Duizelingwekkende cijfers
De cijfers die het megabedrijf kan overhandigen zijn duizelingwekkend. 67.000 werknemers in 130 landen, een omzet van 20 miljard, een brutowinst van 1 miljard en 30 miljoen klanten per jaar. TUI heeft zelf zes luchtvaartmaatschappijen, de grootse vakantievloot van Europa, 300 hotels en - in het digitale tijdperk - nog steeds 1800 reiswinkels in Europa.

 
Drie jaar rebranding
Toch kende het grote publiek de naam TUI drie jaar geleden nog nauwelijks. Daarvoor was een drie jaar durende rebranding-operatie nodig die in 2014 van start ging. In november werd het laatste reismerk omgedoopt tot TUI en was de klus officieel geklaard. Voor het slagen waren interne samenwerking en een omnichannel-strategie doorslaggevend, vertelde Naomi Schnuck, Manager Digital Business Development bij TUI Nederland, tijdens het congres How To Make It Work 2017. Tot een paar jaar geleden was TUI bekend als bedrijf, maar niet als merknaam. ,,We wilden een geïntegreerde touroperator worden en dan moet je één groot reismerk neerzetten. Want Airbnb of Uber zijn ook overal hetzelfde,” legt ze uit.

 
Nieuwe kpi’s
Ga er echter maar aan staan. Het merk TUI lanceren terwijl de onderliggende merken veel bekender zijn. Het werd een heel proces waarbij de organisatie met vallen en opstaan leerde. ,,We zijn bijvoorbeeld nieuwe technieken gaan adopteren zoals programmatic marketing,’’  vertelt Schnuck. ,,We hebben nieuwe meetmodellen en kpi’s ontwikkeld. Niet alleen sales kpi’s, maar ook digital branding kpi’s. Bijvoorbeeld eentje voor nieuwe geïnteresseerde bezoekers op de website. We hebben een betere mobiele website gebouwd en zijn op een andere manier reclame gaan maken met video-advertenties en storytelling. Ook zijn we met blockchain technologie bezig één bedrijfssysteem voor alle landen te bouwen en één reserveringssysteem voor alle vluchten in alle landen.”

 
Publiek kennen
Al doende werd duidelijk dat TUI de data van zijn eigen klanten niet goed kon analyseren. Schnuck: ,,We konden bijvoorbeeld niet zien of een klant één keer per jaar of één keer per vijf jaar bij ons boekte. Dat werd een van de focuspunten in het nieuwe DMP (Data Management Platform) waar we mee bezig zijn en waarin we klantenprofielen opbouwen. Je moet gewoon opnieuw beginnen. Je publiek is belangrijker dan keywords. Qua performance zijn we te lang bij de laatste klik blijven hangen. Dat werkt niet meer. Ook in de digitale wereld gaat het om beleving. Daarom hebben we de Travellr-webapp gelanceerd (een soort Tinder voor vakantiegangers, red). Dat gaan we door ontwikkelen op onze andere platformen. Via bekende en onbekende niche-influencers die we op reis sturen, bieden we klanten meer inspiratie. Ook wordt het gewaardeerd als we onze eigen reisexperts laten vloggen.”

 
Snel resultaat
De rebranding had ongekend snel resultaat. Op grafieken toont Schnuck dat zowel de ‘brand search’ als de ‘brand popularity’ van de onderliggende merken snel wegzakte en TUI het roer overnam. Na de lancering van het merk TUI was het na een week al de meest gezochte touroperator op Google. Het aantal bezoekers op de website was na een dag hoger dan het jaar daarvoor en na een paar weken was ook de conversie hoger dan het jaar daarvoor.

 
Retail versus digitaal
Opmerkelijk daarbij is het hoge aandeel van retail in die conversie. Een derde tot 45 procent van alle reizen bij TUI worden nog steeds in de winkel verkocht. Toch is ook TUI bezig met een digitale transformatie. De website trok in 2016 in totaal 24 miljoen bezoekers, twee miljoen per maand. Sinds een jaar worden er meer reizen gekocht via mobiele devices dan via de desktop, al boeken mensen nog steeds het liefst via hun desktop.

 
Geef mensen de vrijheid
Interne samenwerking was cruciaal in de hele operatie. ,,Voorheen was iedereen bezig met zijn eigen merk. Nu werken mensen voor meerdere merken in meerdere landen. Iedereen gaat er in mee en maakt er het beste van,” aldus Schnuck.

De beste tip die Schnuck heeft voor grote merken die voor dezelfde uitdaging staan: ,,Geef mensen de vrijheid om met nieuwe dingen aan de haal te gaan en te implementeren. Sommige lukken en sommige niet. Zorg dat dit een plek krijgt in je organisatie. Dat is nodig als bedrijven die al langer bestaan relevant willen blijven in de digitale wereld.”
  4742 Hits
  0 Comments
4742 Hits
0 Comments

‘Kijkshop nieuw leven inblazen heeft geen zin’

‘Kijkshop nieuw leven inblazen heeft geen zin’

Er zijn veel retailmerken die voor het gevoel van de normale winkelende consument allang door de houdbaarheidsdatum zijn. Wat is eigenlijk het perfecte moment om afscheid te nemen van (ooit klinkende) retailnamen als ‘C&A’ en ‘Kijkshop’?

 
Kijkshop gaat het helemaal anders doen, 20 van de 87 filialen gaan dicht en de vitrinewinkel wordt een soort Marktplaats meets Coolblue. Volgens de Zweedse eigenaar Björn Serving moet het uitgroeien tot ‘het coolste en beste verkoopplatform voor consumenten’. Klinkt aardig, maar waarom nu pas? Het zou iets kunnen worden, maar bij veel marketingvolgers domineert toch vooral de verbazing bij dit bericht. Gaat dit merk met associaties als ‘ramen’, ‘belegen rood’ en ‘vlekkerig tapijt’, dat in de jaren negentig al niet hip meer was, oprecht nu pás vernieuwen? Iedereen weet dat ‘Kijkshop’ uit elke merkbarometer als ‘suf’ en ‘oubollig’ komt, maar waarom is er dan niet eerder ingegrepen? Dat kun je - zelfs met grof geld - echt geen enkele Merk Top 40 meer induwen toch, marketeers? En als we eerlijk zijn, geldt datzelfde toch voor retailmerken als ‘C&A’, ‘Blokker’ en ‘Peek & Cloppenburg’? Je weet dat het merk eigenlijk niet meer kan (teveel negatieve merkassociaties, zou Giep Franzen zeggen), maar een of andere investeerder uit een ver buitenland heeft het gevoel er nog iets van te kunnen maken. Hoe kan dat toch en - exacter - wanneer is een merk eigenlijk gedateerd?

 
Niet praten over het merkkrachtmodel
,,Jouw vraag is precies waar ik mijn geld mee verdien,’’ zegt retailmerkdeskundige Paul Moers. ,,Daarvoor heb ik het merkkrachtmodel ontwikkeld, maar dat ga ik niet uitgebreid met je bespreken. Ik kan wel zeggen dat een merk ‘relevantie’ moet hebben en ‘opmerkelijk’ moet zijn. Als het dat niet meer is dan kun je beter afscheid nemen van je merk; dat was natuurlijk bij V&D het geval. Bij Blokker, waar ik zelf heb geadviseerd trouwens, zie ik de potentie nog wel. De familie investeert 100 miljoen euro om er iets van te maken. Dat is een mega-operatie en dat moet je drie jaar de tijd geven.’’ Echt? Als je Blokker door zijn merkkrachtmodel haalt dan kom het er nog goed uit? ,,Zeker, ze zijn nog relevant door de categorie ‘thuis’ te claimen, maar bij de opmerkelijkheid zit het probleem en dat zijn ze in die nieuwe winkels aan het verbeteren. En op internetvlak gaat het heel goed met de Blokker Holding, dat Nextail loopt hartstikke goed.’’ Maar toch even hoor…Blokker is toch nog lang niet terug op merkgebied? ,,Eens, zij zullen meer aandacht aan hun merk moeten geven. Ik heb daar over twee weken weer een gesprek over.’’

 
Tjolk was niet te zuipen
Even los van Blokker dan maar (retailspecialisten zijn altijd lekker uitgesproken en dat is prima voor een journalistiek verhaal, maar er spelen ook wel eens belangen een rol). Hoe komt het dat de eigenaars altijd veel later zien dat een merk opper dan op is terwijl consumenten dat allang weten? ,,Kijkshop revitaliseren heeft geen zin. Daarom moet je ook geen doorstart doen met het V&D-merk, het is over en uit. Laatst probeerde iemand iets met Tjolk, maar het was al niet te zuipen en dan gaan amateurs het opnieuw proberen. Kansloos.’’ Hoe zit het dan bij C&A, is dat ook op of kan dat nog wel? ,,Dat is inderdaad een twijfelgeval, ze sluiten niet voor niets vier filialen. Ze hebben daar gewoon liggen slapen en snappen niet wat Primark en H&M wél begrijpen, namelijk dat je ook design tegen een lage prijs kan leveren. Ze kunnen wel eens te laat zijn met een nieuwe richting. HEMA vind ik ook kwetsbaar. En dan zegt CEO Tjeerd Jegen met een grote bek dat het goed gaat, maar dat komt door de economie en de afwezigheid van V&D. Maar als straks Hudson’s Bay erbij komt, wens ik ze veel succes. Niks doen is gewoon dodelijk. Je moet als merk constant actief blijven want anders is het einde verhaal. Als je niets te melden hebt zijn we zo weer vertrokken, zeker de jeugd.’’
Maar toch even. Een retailmerk nieuw leven inblazen als het eenmaal spartelt is lastig. Veel geslaagde voorbeelden zijn daar niet van, Wehkamp is het wel redelijk gelukt om te transformeren van cataloguskoning tot internetgigant. ,,Die hadden de ballen om iets te ondernemen.’’ Maar hoe kan het dat merken als V&D en Kijkshop nog jaren doorgaan terwijl iedereen weet dat het niks meer is? ,,Dat komt doordat eigenaren vaak een eendimensionale blik hebben. Kijk maar naar Free Record Shop, terwijl iedereen allang aan het downloaden was, lagen daar nog allemaal cd’tjes in de zaak. Maar ja, dan heeft een eigenaar geld zitten in de winkels en dan kan je dat niet meer omdraaien. Je ziet vaak bij jonge ondernemers dat ze nog volop goede ideeën hebben, maar als ze ouder worden verdwijnt dat. Zo gaat dat toch ook met songwriters? En dus moet je als retailer rond je vijftigste jonge honden binnenhalen of iemand die flink de waarheid vertelt, zoals ik. De ING-werkgroep en ik zeiden: stop toch met die kantoren en bouw servicefilialen en voor die kritiek stond het management open.’

 
Merkinvesteerders hopen dat het beter gaat
Okay, helder. Volgens Moers is het zaak om kennis van buiten te halen en zo nodig op tijd in te grijpen om het merk weer een beetje op te poetsen. Interessant kan ook de visie zijn van Richard Otto, die gespecialiseerd is in ‘verdwenen merken’, daar zelfs een boek over schreef en een site bijhoudt met topcases. Wat is in zijn ogen het moment dat je moet ingrijpen? ,,Kijk, iemand moet een beslissing nemen om met zo’n merk te stoppen, maar veel mensen hopen dat zij die stekker er niet uit hoeven trekken. Sommige moeilijke beslissingen stellen ze liever uit, net zoals in de politiek. Eruit stappen is natuurlijk heel duur en zo’n ingreep heb je liever niet op je naam staan.’’

 
De nuance: duur personeel en dure panden
Otto schetst terecht de nuance die altijd een rol speelt bij dit soort beslissingen. Het is te simpel om te zeggen: een merk is gedateerd dus we kappen ermee. Zo ging dat ook bij V&D waar Otto een vuistdik boek over schreef. Maar geef toe, het merk V&D was toch kansloos, ten dode opgeschreven en dat al heel lang geleden? ,,Dat zeg jij. Maar er kwamen nog voldoende mensen over de vloer. Het probleem was personeel op leeftijd met veel te hoge lonen en de panden waren ook te duur. Bedrijven kunnen  door wetgeving en hoge ontslagvergoedingen niet gemakkelijk het personeelsbestand verversen voor jong, fris en vooral goedkoop personeel. Kijkshop zit waarschijnlijk ook aan meerjarige huurcontracten vast én dure medewerkers. Vastgoedpartijen kunnen door de beleggingswaarde moeilijk de huren van hun winkelpanden verlagen. Tegelijk kan je ‘de Kijkshop’ wel een andere naam geven, maar een nieuw merk opbouwen kost ook een heleboel geld. Kijkshop.nl is trouwens nog wel een interessante merknaam.’’

 
Investeren in Blokker geste van familie?
Ook Otto heeft het nog even over Blokker waar hij kritischer op is dan Moers. ,,Dat is een goed voorbeeld, daar investeert de familie flink, maar dat lijkt bijna een soort geste om te laten zien dat familieleden het wél proberen. Ik vind het ook een slechte transformatie. ,,Het Blokker-concern heeft veel geld verdiend in het verleden, maar nu kiezen ze vooral voor A-labels en dan kun je je afvragen hoe relevant je nog bent in vergelijking met een zaak als Action. Beide partijen halen hun producten vaak bij dezelfde leveranciers, dus Blokker moet met zijn inkoopkracht dezelfde verkoopprijs kunnen hanteren. Blokker had ook voor een mix van A-merken en dat lage segment kunnen kiezen. Hun huidige strategie heeft in ieder geval nog niet veel resultaat opgeleverd.’’ Denkt hij dat ze een plekje in zijn boek op de site krijgen over een jaar of twee? ,,In de huidige vorm zou dat kunnen. De familie zal niet het hele kapitaal er doorheen willen jagen. Een investering van 100 miljoen euro lijkt veel, maar smelt snel weg bij een verliesgevende winkelketen met meer dan 800 winkels, 7000 man personeel en een zwalkende strategie. De familie kan beter kapitaal steken in investeringen die wél een goed rendement opleveren.’’

 
Conclusie: kritisch blijven, verjongen en actie ondernemen
De metafoor met songwriters is misschien wel een aardige concluderende tip voor eigenaren van retailmerken. In het begin van je loopbaan schrijf je de ene na de andere hit, maar die jongehondementaliteit raak je na een tijdje gewoon kwijt. Dan wordt het tijd om een soort schrijverscollectief te beginnen om nog prachtige dingen te maken, misschien iets voor een wat oudere doelgroep. In alle gevallen geldt echter: niets doen is nooit een optie. Het is immers niet zo dat alle oude retailmerken niet meer te revitaliseren zijn, maar er is een moment dat je moet verjongen, mensen naar binnen moet halen die de tijdgeest goed begrijpen en moet vernieuwen. AH, LEGO, HEMA, Coca-Cola, Disney zijn toch ook legendarische merken die al jaren meegaan?

 
  2004 Hits
  0 Comments
2004 Hits
0 Comments

Het jaar van de nieuwe mixed reality

Het jaar van de nieuwe mixed reality
Door: Patrick Petersen 

Kijken we naar de trends op het gebied van marketing, dan gaat 2017 in grote lijnen eigenlijk vooral over dat aloude vertrouwde, menselijke gezicht, verpakt in een leuk inspirerend virtueel jasje. 2017? We want it real and we want it now!

 
Trends zijn de belichamingen van alles wat wij graag zouden willen zien gebeuren, maar blijkbaar nog niet succesvol naar de markt hebben kunnen brengen. We kunnen an sich simpel verschijningen extrapoleren om aan een lijstje van trends te komen. Zo gaat het vast minder goed met Twitter in 2017, gaat Snapchat  door de ‘sky is the limit’ heen rondom hun beursgang en maakt Microsoft van LinkedIn een mooi middel om jouw MS Office zakelijk eens goed te pushen. Facebook wordt het boegbeeld van een heuse ‘privacy-meets-big-dataoorlog’ en ouderen gaan meer online besteden. Dank u wel, Pokémon Go, voor het wereldwijd zichtbaar maken van de marketingkansen die augmented reality biedt. Ook dank aan alle lokale Virtuele Bioscopen die virtuele belevingscontent naar de eerste influencers uitzaaien.

Vakgebieden
Op mesoniveau zal het vooral de marketeer moeten zijn die de nieuwe technieken naar zich toetrekt in de organisatie. Het is de rising van de MarketingTech-specialist. Hij sluit vrolijk aan achter de social media marketing, contentmarketing en de - veel te vroeg overleden -  ‘Mobile en Internet-of-Things-expert’. Dat is prettig, want nu kunnen we eindelijk de discussie ‘heeft marketing nog wel nut?’ afronden. De marketeer moet zich immers opnieuw laden, opnieuw leren bewijzen, uitvinden en hij moet vooral echt gaan innoveren. Zomaar een trucje van je collega-marketeer overnemen, leidt niet langer tot een unique selling point.

#gemak
2017 is zo een jaar waarin wij eens een flinke shift moeten maken met alles waar wij al jaren tegen aan hikken. De bereidheid tot investeren is er, de consument wil het en de transformatie bedekt alle doorslaande veranderingen met de mantel der liefde. Globaal draaien trends eigenlijk altijd om ‘meer’, ‘meer gemak’, ‘het kan nog sneller’ en de bewering dat dát ene verschijnsel nu echt de wereld gaat veroveren.

Die andere trends voor 2017
Met wat gezond verstand moeten wij maatschappelijke verschijnselen - en adaptaties - niet te snel als ‘trends’ gaan bestempelen. Daarbij is de vervelende product lifecycle gewoon een gegeven. Concreet vecht de fysieke winkel om zijn voortbestaan, daar waar de klant al twee stappen verder is in de product lifecycle en bezig is met andersoortig koopgedrag. Even een reality check: online bestellen konden wij begin jaren negentig al. Chats en messengers hadden wij ook al in de jaren negentig, net als ‘sociale platforms’ waar wij gewoon wat kennis deelden, aangevoerd door internationale universiteiten. Expert Ronald Azuma beschreef de mogelijkheden van augmented reality al in 1995 in een surrealistisch boek. VR... tja.. die Virtuele Realiteit. Die is al tientallen jaren ‘leuk’ aanwezig en hoopt op korte termijn vooral ‘nuttig’ te gaan worden voor de overtuigde marketeer. In 1996 wilde ik afstuderen op de ‘virtualisatie van marktplaatsen binnen organisaties’. Of ik gek was geworden?!  Okay. Serieus, dan nu de andere trends:

1. 2017 draait om gemixte realiteitFast mover Snapchat  ziet haar publiek volwassen worden. Branding en (pre)sales voor de virtuele retail, zijn onbewuste kenmerken van het goed inzetten van dit visuele middel. Eind 2016 kocht Snapchat het Israëlisch augmented reality-bedrijfje dat het mogelijk maakt om in een online koopprijs zomaar een product in 3D te laten verschijnen. Snapchat gaat ultieme belevingen bieden in het meest visuele social mediakanaal dat wij kennen. En... Snapchat gaat social sellen2. Realtime reageren op alle kanalen
Service messaging als boegbeeld van de aloude ‘instant messaging’ gaat een enorme druk leggen op de serviceafdeling. Met dat simpele tweetje kon je nog even wachten; nu wil de vragende consument de reactie in real time. Het is de multichannel-consument die zijn hengel via verschillende kanalen uitgooit om te zien wie het eerst - en relevant - reageert. Service via Snapchat, Instagram, via WhatsApp of Facebook Messenger; het gaat om een snelle cultuurshift vragen. Positief gezegd gaat die aloude 1-op-1-serviceverlening op hoge snelheid voor goed persoonlijk contact zorgen. Snel en direct reageren schept vertrouwen. En die ‘trust’ is het voorspel voor social selling. Of - in normaal Nederlands - de uiteindelijke aankoop.

3. Hybride customer journey maakt professionals gekDie tip voor dat leuke product via de inspiratie op Snapchat. De website is te complex, dus het wordt de app. De app biedt niet alle producten dus we willen swipen op Pinterest, liefst ook daar bestellen. Kan hij vanavond al worden afgeleverd? De service dan weer het liefst in een fysieke winkel dichtbij. De klantreis ligt in 2017 aan het infuus.
4. Gebrek aan vertrouwen in traditionele’ sociale mediaFacebook - en WhatsApp plus Skype – staan voor een uitdaging nu zij processen verliezen over hun datakoppelingen en andere privacy issues hebben. Jongeren vragen zich al af waarom ‘oudere jongeren’ op dat gekke, open riool Twitter blijven plakken. Oudere jongeren zoeken in 2017 massaal ergens sociaal onderdak.

5. De social media clash!2017 wordt het jaar van de sociale mediabotsingen. Jongeren hebben het zure, traditionele social mediaschip al verlaten en ingeruild voor nieuwe, inspirerende kanalen in beter beschermde omgevingen. Waar we die sociale mediazuurheid achter ons willen laten, ontstaan er nieuwe inspirerende communities vol creatieve, persoonlijke content. Veilig en gewaardeerd.
6. De ontnuchtering in contentmarketingland is aanstaande.Het uitroepen van het vermarkten van content heeft tot een contentberg geleid waar passie en creatie overschaduwd zijn. 2017 wordt het jaar dat contentmarketing vooral boeiende contentconcepting wordt. Creatieven met gevoel voor marketing en content luiden een nieuwe generatie van contentmarketing in. Vol lef, passie, uitdagingen en met content van waarde. Kwantiteit wordt kwaliteit en contentmarketing gaat terug naar zijn originele bedoeling.

7. Wil de echte online marketeer opstaan?Tech, social, content, big data-analyses en vooral de juiste keuzes maken in de gedegen online mix. Nieuwe vormen van online advertising en de verdomde klantreis nu eindelijk eens crossmediaal in kaart brengen. Door grotere budgetten - en verwachtingen - moet de online marketeer per 2017 nu echt aan de bak; convert or die!
8. Vertrouwen terugwinnen met livestreaming
Online - en vooral sociale - media hebben een flinke deuk opgelopen. #Nepnieuws. Het vertrouwen is ook online geschaad. Criminelen hebben vertrouwde timelines overgenomen. Vertrouwde sociale omgevingen lopen leeg en dat aloude online trucje rendeert niet meer. Aangelegde netwerken en belevingen blijken nep. 2017 Moet sociaal en contentwise veel recht zetten. We willen vooral the real thing. Live en as it is! Een productlancering? Doe het met live streamingvideo op Facebook. Een optreden op een event? Doe het live op Twitter, liefst in 360 graden breed. Een visie delen? Doe het met een live webinar via LinkedIn.

Patrick Petersen is online marketeer, consultant, docent en spreker op het gebied van online strategie, local en social media, zoekmachinemarketing, usability, contentmarketing en mobile marketing. Hij schreef een grote hoeveelheid boeken over deze onderwerpen.
  3951 Hits
  0 Comments
3951 Hits
0 Comments

Be Candid,
it’s contagious.

Candidness is the quality of speaking with
honesty and authenticity. Our Candid editorial
team shares stories that matter on media, data,
marketing, creativeness and technology.

Our Candid editorial team
creates stories that matter.