Candid. Platform
for growth.

DJ Khaled, de koning van Snapchat

Met zo’n zes miljoen volgers is de 40-jarige DJ Khaled de ster van millennials op Snapchat. Zijn nieuwe album ‘Major Key’ geeft sleutels voor zijn succes op het sociale medium. „DJ Khaled is de king van Snapchat,” zegt senior vice-president Emmanuel Seuge van Coca-Cola.

 
DJ Khaled als gidsAls je Snapchat wilt begrijpen, neem dan DJ Khaled als je gids, schrijft zakensite Bloomberg. Apple Music en Ciroc Vodka hebben inmiddels contracten met hem gesloten. Want de DJ, producer en rapper is met zijn video’s en tips voor succes niet weg te slaan op het sociale netwerk. „Reis samen met mij op weg naar meer succes,” roept hij op de achterbank van zijn auto, terwijl zijn chauffeur gas geeft.

 
Sociaal netwerk van millennials
Snapchat geldt als het sociale netwerk van millennials. De verticale video’s die je via het platform verstuurt, blijven in de regel niet langer dan 24 uur bestaan (al is het mogelijk om video’s te bewaren).  DJ Khaled filmt alles, van zijn ontbijt tot ontmoetingen met bevriende rappers. We zien hem planten water geven terwijl hij roept tegen een beeld van een leeuw dat in zijn tuin staat. Vorig jaar wees een vriend hem op Snapchat. Hij probeert het. „Ik wist er niks van. Ik praatte maar wat in mezelf.”

 
Jetski
Zijn doorbraak komt als hij filmt terwijl hij in het donker aan het jetskiën is. Maar het gaat mis, hij ligt urenlang stil op het water. Zijn volgers op Snapchat zien de video’s, die meteen een hit zijn. Khaled geeft er een andere draai aan. „The key,” zegt hij, „is om niet in het donker te gaan jetskiën.”

 
Gouden sleutel als logo
The Key – de gouden sleutel – wordt zijn handelsmerk en logo. Het komt terug, hij gebruikt het in zijn video’s met tips. Er zitten even onzinnige als waardevolle tips bij, maar bij zijn volgers slaat het aan. The key om goed te slapen is voldoende kussens te hebben. The key voor succes op Snapchat is niet bang te zijn om jezelf te blijven. Sinds de jetski-nacht is Khaled haast synoniem met Snapchat. Hij schijnt het sociale netwerk te begrijpen waar iedereen op wil scoren, maar waar niemand greep op krijgt. Hij raakt bevriend met CEO Evan Spiegel, maakt Snapchat-video’s voor Ciroc Vodka en gaat een deal aan met Apple Music. Zijn uitspraken halen ook traditionele media als Time en Bloomberg Businessweek. „Hij heeft het netwerk opengebroken,” zegt Emmanuel Seuge van Coca Cola tegen Bloomberg.

 
Snapchat Stories en Discover
Bij nieuwe Snapchat-gebruikers slaat de verwarring toe zodra ze de app openen. Want het scherm ziet er compleet anders uit dan je gewend bent. Open de app en het lijkt alsof je de camera van je smartphone hebt geopend met een paar vage iconen in de hoeken. Door te swipen kom je in de berichtenbox: daar vind je de selfies van je vrienden met emojis of een trendy filter erover heen. Swipe de andere kant op en je komt bij de Stories, videoclips van vrienden en mensen die je kan volgen, zoals DJ Khaled. De bovenste helft van het scherm toont Snapchat’s Live Stories en Snapchat Discover. De Discover-kanalen worden gemaakt door media als CNN, The Wall Street Journal, Vice en Buzzfeed, elk met zo’n tien video’s per dag.

 
Neem horizontaal op; snij verticaal uit
Bedrijven die op Snapchat willen adverteren, komen in een nieuwe wereld. Want een ad is een verticale video die millennials in tien seconden moet overtuigen. De video ads worden vertoond binnen Snapchat Live en Discover. Daarnaast zijn er andere advertentiemogelijkheden, zoals gesponsorde lenzen (die een virtuele laag over een gezicht leggen) en gesponsorde geofilters. Je kunt in een studio de opname van een horizontale en verticale video handig combineren, schrijft consultant Brian Honigman. Neem horizontaal op, zorg dat de story zich in het midden afspeelt en maak daar een verticale uitsnede.
Maar DJ Khaled werkt anders. Zijn snapchatvideo’s tarten alle regels van het vak. Hij loopt rond met z’n smartphone, praat in zichzelf, tegen zijn leeuw en met iedereen die hij tegenkomt. In de video’s zitten lege passages die je eruit zou willen knippen. Slechte kleuren, overbelicht. Maar bij millennials slaan ze aan.

 
The key to success
Hij maakt gebruik van opzwepende slogans als ‘Bless up’ of ‘The key to success’ die door bedrijven als Mastercard en Burger King al zijn overgenomen. Met zijn gouden sleutel heeft hij een logo dat tot de verbeelding spreekt. Maar bovenal zijn de video’s rauw, oprecht, onopgesmukt, zoals je bij een branded video zelden zal zien. Dat blijkt op Snapchat te werken. „Blijf jezelf,” is het belangrijkste advies van Khaled. Die succesvolle rauwe presentatie moet ook bedrijven aan het denken zetten.

 
Bedrijven in Nederland op Snapchat
In Nederland zitten bedrijven en instellingen nog maar kort op Snapchat. Vodafone heeft vloggers die met een ‘Fantastic Friday Deal’ komen. De NOS laat jonge redacteuren het laatste nieuws brengen, compleet met emojis. De Hogeschool van Amsterdam werft studenten op Snapchat. Marketingfacts liet onderzoek doen naar ervaringen van bedrijven. Van de 83 ondervraagde merken,  bleken er 19 actief op Snapchat, waarvan 90 procent korter dan een jaar. Engagement en verhogen van awareness zijn de belangrijkste redenen om op het netwerk actief te zijn.

Snapchat stelt andere eisen, merken de bedrijven. Content moet snel en ‘fun’ zijn en niet zo commercieel zoals op andere platformen. Ga niet puur je merk promoten, de content moet meer ‘in the moment’ zijn. Volgersaantallen zijn nog laag, constateert Marketingfacts. Een kwart van de merken heeft minder dan 50 volgers, ruim de helft zit onder de 500 en 16 procent heeft er meer dan 2.000. Er valt nog wat te verbeteren.

 
Apple Music
Larry Jackson van Apple Music noemt DJ Khaled in Adweek als voorbeeld. „Hij is gepassioneerd, ambitieus en het belangrijkste: hij is echt. Het is de oprechtheid waarmee hij zijn audience bereikt en waarom zijn volgers van hem houden.”

DJ Khaled’s onlangs uitgekomen album ‘Major Key’ met artiesten als Jay Z en Meghan Trainor geeft subtiele hints om succesvol te zijn op Snapchat. In een interview met de Daily Mail zet Khaled zijn tips op een rijtje (sommige liggen zo voor de hand dat je vergeet eraan te denken): blijf jezelf, breng positieve boodschappen die motiveren, laat mensen zien wat je doet in je dagelijkse leven en gebruik gewone taal: praat zoals je altijd praat.

Snapchat is een vluchtig netwerk. De magie van DJ Khaled kan ineens voorbij zijn. Hij is zich ervan bewust, laat hij Bloomberg weten, en dus bewaart hij zijn posts. „Niet allemaal, maar wel mijn beste.”
Thursday, 25 August 2016 | Written by Ralph Rozema

Hoe John Hanke Pokémon op de kaart zette

Van Google Earth tot Pokémon Go. Dat is ruwweg de weg die John Hanke afgelegde, de CEO van Niantic, het bedrijf achter Pokémon Go. De app heeft sinds de lancering in juli al 250 miljoen dollar opgebracht. Hanke wil mensen achter de computer weghalen en buiten bij elkaar brengen. 

Pokémon Go snelst groeiende game ooit
Met alleen al in de eerste week tien miljoen downloads is Pokémon Go de snelst groeiende mobiele game ooit. Inmiddels zijn er wereldwijd meer dan 30 miljoen gebruikers. Het bedrijf ligt volgens de Financial Times op koers om een miljard binnen te halen.

 
Eerste wereldwijde toepassing augmented reality
Het kan je bijna niet ontgaan zijn: groepjes mensen die overal ter wereld met hun smartphone op zoek zijn naar de ‘pocket monsters’ van Pokémon Go. Het spel is daarmee de eerste wereldwijde toepassing van augmented reality. De app maakt gebruik van GPS en de camera van de smartphone, en voegt beelden op het scherm toe om je te leiden naar plaatsen waar de kleine monstertjes zich schuilhouden. De jacht op de Pokémons kan je vergemakkelijken door digitale hulpmiddelen te kopen. Pokéballen om de monstertjes te vangen of wierrook om ze te lokken. Met de verkoop van die digitale goederen verdient het bedrijf geld.

 
Risk en Stratego
Een journalist van The Telegraph herinnert zich de kamer van John Hanke toen die bij Google werkte. Hij zag er computer games, maar ook spellen als Risk en Stratego die maar één doel hebben: de wereld overnemen. Met Pokémon Gó domineert Hanke nu zelf de wereld. Na zijn MBA-studie aan de Universiteit van Californië in Berkeley is Hanke mede-oprichter van Keyhole. De startup komt voort uit een spelbedrijf, maar legt zich toe op digitale cartografie en satellietbeelden. In 2004 wordt Keyhole voor 35 miljoen dollar overgenomen door Google.

 
Keyhole wordt Google Earth
Het belangrijkste product Keyhole wordt omgedoopt tot Google Earth. Hanke wordt bij Google vice-president van de ‘Geo’-divisie, die naast Google Earth ook Google Maps en StreetView omvat.  „Google Earth was één van de grootste lanceringen op internet ooit. Met Pokémon Go maken we nu iets vergelijkbaars mee,” zegt Brian McClendon, destijds bestuurder bij Keyhole en nu bij Uber. „Hij heeft met Google Earth de aarde in je broekzak gebracht en nu brengt hij pocket monsters op de aarde,” vat het internetmagazine van zijn opleiding in Berkeley zijn carrière samen.

 
Startup binnen Google
Het bedrijf Niantic begint in 2010 als interne startup binnen Google, maar wordt in 2015 onafhankelijk na de herstructurering van Google binnen moederbedrijf Alphabet.  De eerste apps die Niantic ontwikkelt, kan je zien als voorlopers van Pokémon Go. De eerste is Field Trip, een app die een schat aan informatie toevoegt over de locatie waar je je bevindt.

 
Ingress
Daarna volgt Ingress, de eerste augmented reality game app. Ook Ingress maakt gebruik van de camera en GPS op de smartphone. Twee rivale groepen vechten om controle te krijgen over duizenden ‘portals’ verspreid over de wereld. Spelers moeten historische plekken bezoeken om ‘portals’ te openen en territorium te winnen. De echte magie - en Hankes motivatie om zulke games te ontwikkelen - is offline. „Het geeft mij zoveel voldoening te zien dat mensen buiten samen komen en hun vreugde te zien. Het plezier dat mensen krijgen als ze hun stad verder ontdekken  en nieuwe vrienden ontmoeten,” zegt Hanke.

 
Pokémon Go begint als 1-aprilgrap
Pokémon Go begint verrassend genoeg als 1 aprilgrap. Google en de Pokémon Company verstoppen op 1 april 2014 Pokémon in Google Maps. Mensen worden uitgedaagd om het monstertje te vinden via de Google Maps mobiele app. Het spel bestaat korte tijd, maar gaat extreem viraal. ,,Google Maps plus Pokémon is als chocolade en pindakaas,” zegt Hanke in Business Insider UK. Het idee is geboren.Niantic weet spelgigant Nintendo en de Pokémon Company te interesseren voor een spel dat uiteindelijk Pokémon Go zal worden. CEO Tsunekazu Ishihara van de Pokémon Company, zelf een fanatiek Ingress-speler, reageert enthousiast. Ook Nintendo, dat met de smartphones wel wat in te halen heeft, stapt in het project. Niantic is inmiddels los van Google een zelfstandig bedrijf.

 
Verdienmodel van de app
Pokémon Go is een zogeheten freemium game. Downloaden is gratis, zodat iedereen het spel kan spelen. De gamer wordt vervolgens verleid met extra opties die de kans op succes verhogen, maar waarvoor je wel moet betalen.  Eén op de vijf spelers van Pokémon Go geeft geld uit voor de smartphone app. Alleen al in de VS en Groot-Brittannië zijn er volgens onderzoeksbureau YouGov elf miljoen betalende gebruikers. De bestedingen variëren nogal. Volgens YouGov zit ruim de helft van de miljoen betalende Britse spelers tussen een bedrag van 0,93 en 17,40 euro. Ruim zevenduizend mensen hebben meer dan 87 euro aan het spel besteed.

 
Kansen voor brands
YouGov wijst op de kansen die dit biedt voor merken, zowel bij deze app als breder bij augmented reality games. Sommige bedrijven liften al mee op het succes van Pokémon Go. McDonalds in Japan maakt veel extra winst sinds vestigingen zijn veranderd in PokéGyms en PokéStops waar spelers naar toe worden gelokt. Niantic komt met meer gesponserde locaties voor Pokémon Go. „Het is de tweede component in ons business model,” verklaarde Hanke onlangs. „Bedrijven betalen ons om een lokatie te zijn binnen het virtuele spel. De verwachting is dat dat klanten zal aantrekken.” Het is overigens een misvatting te denken dat Pokémon Go alleen voor jongeren is. Tweederde van de spelers zit volgens YouGov in de leeftijdsgroep van 18 tot 34 jaar; een derde is boven de 34.

 
Overlast van spelers
Spelers zorgen soms voor overlast. In Nederland klaagde de NS dat mensen naar een Pokémon zochten op gevaarlijke plekken langs het spoor. Ook het AMC in Amsterdam mopperde over mensen die met hun smartphone verboden ruimtes ingingen. Zulke locaties zijn inmiddels uit het spel verwijderd. Het spel heeft ook last heeft van bedriegers. Sommige mensen gebruiken andere software om het spel binnen te komen of manipuleren hun locatie, meldt techmagazine Mashable. Spelers in Australië bleken Pokémons te vangen in compleet andere delen van de wereld. Niantic gaat valsspelers uit het spel zetten.

 
Oculus Rift
CEO John Hanke ziet een grote toekomst voor augmented reality. Maar hij ziet niets in de brillen waar veel techbedrijven mee komen, zoals de Oculus Rift van Facebook. „Ik denk niet dat we gemaakt zijn om in een donkere kamer te zitten met een stuk elektronica om ons hoofd. Ik ben er meer gecharmeerd van om naar buiten te trekken en sociale relaties aan te gaan.”

 
Thursday, 18 August 2016 | Written by Ralph Rozema

Branded content helpt uitgevers barre winter door

Er komt een barre winter aan voor uitgevers. Branded content kan een oplossing bieden, mits goed onderscheidbaar van de rest. Het is niet de minste die dat zegt: CEO Mark Thompson van The New York Times, door velen nog steeds gezien als de beste krant ter wereld.

 
Ook goede kranten en hun internetsites hebben het moeilijk en The New York Times is geen uitzondering. De NYT experimenteerde met nieuwe vormen – van pakkende video’s tot onderscheidende longreads – om lezers te blijven trekken. Maar abonnees en adverteerders lieten de krant en site aanvankelijk in de steek. Nu trekt het aantal digitale abonnees aan.

Voor het Reuters Instituut van Oxford University schreef Thompson zijn visie op in het artikel ‘The Challenging New Economics of Journalism’.

 
Winter is coming
‘Winter is coming’. De terugkerende waarschuwing in de hitserie Game of Thrones mag dan fantasie zijn; Thompson voorspelt dat er voor uitgevers echt een barre winter aankomt die een aantal van hen de kop gaat kosten. En voor sommige is het helaas al te laat.

Hij ziet dat veel uitgevers ervoor kiezen om content van anderen dan maar goedkoop te recyclen en die aan te vullen met digitale advertenties. Dat werkt dus niet.

Hij ziet consumptie van nieuws snel switchen van de sites van uitgevers naar social media als Facebook en Snapchat. In de VS is dat al 46 procent van het nieuws; in Groot-Brittannië 35 procent. Veel uitgevers geven nu ruimte op hun site aan content discovery platforms (zoals Taboola), die die ruimte verkopen ‘aan God mag het weten.’

 
Branded content als alternatief
Er is een alternatief, houdt Thompson zijn lezers voor. ,,Wij zien bij de The New York Times dat er ruimte is voor digitale advertenties die gebruikers nuttig en prettig vinden.” Sinds ruim twee jaar heeft de NYT een eigen studio voor branded content: T Brand Studio, met als slogan ‘Stories that Influence the Influential’. Bij T Brand werken 70 journalisten, videographers, ontwerpers en technici.

Die branded content gaat de NYT dit jaar naar verwachting zo’n 50 miljoen dollar opleveren. Bij de smartphones is de groei het grootst.

Aparte advertenties gaan er uiteindelijk uit, want die worden nauwelijks bekeken. De groei zit in verhalen van adverteerders - in de vorm van tekst, slide shows, video of virtual reality - die naast de journalistieke content wordt geplaatst. Gebruikers moeten branded content wel kunnen onderscheiden van de gezaghebbende journalistieke producties die de journalisten van de NYT maken.

 
Engagement van lezers
Bij branded content, betoogt Thomson, staat engagement van lezers voorop. Vroeger liet een lezer zijn ogen even over een advertentie gaan. Branded content moet zo goed zijn dat lezers er tijd voor vrij maken. Het moet zich onderscheiden door kwaliteit en relevantie voor de gebruikers.

De CEO waarschuwt voor simpele oplossingen, zoals clickbait (koppen die meer beloven dan een artikel biedt en uiteindelijk lezers wegjagen) of de obsessie met het aantal unieke maandelijkse views (die blijken dan vaak van buiten de doelgroep te komen).

 
Investeer in kwaliteit
Naast branded content gaat de The New York Times door met digitale abonnementen. Tot verbazing van veel andere uitgevers zit daar bij de NYT een steeds verder stijgende lijn in. Thompson is daarover minder verbaasd. Het sleutelwoord is kwaliteit. ,,Terwijl anderen redacties uitkleden, investeren wij in kwaliteitsjournalistiek.” Dat trekt betalende lezers aan. Volgens de CEO gaat het ook om de mindset binnen het bedrijf. ,,Wij zijn ervan overtuigd dat alle verhalen die we maken het waard zijn om voor te betalen,” zegt hij.

Branded content, digitale abonnementen, e-commerce en events dragen bij aan het verdienmodel. Het is allemaal belangrijk, vindt Thompson, maar het is niet de kern waar het om gaat. ,,Alle uitgevers moeten zich afvragen of hun journalistieke producten het waard zijn om voor te betalen. Als dat niet zo is, wacht hen hetzelfde lot als de bakker wiens brood niet goed is.”

 
Strategische partners
Ook de organisatie moet volgens Thompson veranderen. Journalistieke redacties en commerciële afdelingen zijn traditioneel strikt gescheiden. In de huidige digitale wereld werkt dat niet meer. Redacties en commercial departements moeten strategische partners worden. Ze moeten samenwerken als het gaat om redactionele doelstellingen, user experience, innovatie in dataverwerking, technologie, creatief ontwerp en nieuwe benaderingen bij het business model.

De storm komt eraan, aldus Thompson. ,,Newsrooms en commerciële afdelingen die de nieuwe werkelijkheid ontkennen, zullen het niet redden. Degenen die kwaliteit en hun audience voorop stellen (...) zullen de juiste plek vinden, niet alleen om te overleven, maar ook om te groeien.”
Thursday, 21 July 2016 | Written by Ralph Rozema

Taboola ’s werelds grootste alternatief voor Facebook

Met een miljard unieke bezoekers per maand is Taboola wereldwijd het tweede grootste internetplatform na Facebook. Het noemt zichzelf ’s werelds grootste ‘content discovery platform’ en plaatst advertenties en artikelen op sites die je bezoekt. Tot ongenoegen van veel lezers. Maar gezaghebbende media gaan met ze in zee. „Wij bieden de journalistiek een uitweg,” zegt Taboola-CEO Adam Singolda.

 
Wie ‘Taboola’ bij Google intikt, krijgt tientallen adviezen om adware te verwijderen. Want Taboola is behalve groot ook omstreden. De ads die het plaatst, roepen irritatie op. Denk aan frivole advertenties die opduiken op serieuze nieuwssites. CEO Singolda erkent dat zulke fouten in het verleden veel zijn gemaakt. „Het lukt nu steeds beter om content met een toegevoegde waarde te plaatsen,” zegt hij

Taboola plaatst widgets en native ads op sites die mensen bezoeken. In Nederland is Taboola nog relatief klein, maar op Engelstalige sites kom je het overal tegen: aangeraden artikelen, slideshows en video’s en links naar websites.

 
Groeien als onkruid
Elke maand klikken meer dan een miljard mensen op content van Taboola. Op desktops zijn dat er 800 miljoen; op smartphones nog eens 200 miljoen. Taboola groeit als onkruid, kopte de International Business Times onlangs. Een jaar geleden bedroeg het aantal klikken nog niet de helft. De groei komt vooral vanwege de agressieve internationale expansie in onder meer Rusland, Brazilië en China.

In de VS is Taboola het grootst. Het bedrijf claimt 93 procent van alle Amerikaanse internetgebruikers van boven de vijftien jaar te bereiken. Je herkent de Taboola items aan kopjes als ‘We recommend’ of ‘Around the Web’.

„Alle merken, uitgevers en marketeers hebben verhalen die ontdekt en herontdekt moeten worden,” zegt Singolda. „Ik ben enthousiast over de schaal waarop we dat nu aan topmerken kunnen aanbieden.”

 
Eenvoudig verdienmodel
Het verdienmodel van Taboola is eenvoudig. Het platform krijgt inkomsten van adverteerders die via Taboola content of links op andere sites kunnen plaatsen. Dat kunnen ook uitgevers van informatieve sites zijn die artikelen willen promoten.

De websites die content of links via Taboola plaatsen, krijgen daarvoor betaald. Dat kunnen bijvoorbeeld journalistieke nieuwssites zijn.

 
Israëlische inlichtingendienst
Taboola, in 2007 opgericht in Israël, is nu gevestigd in New York. CEO Adam Singolda is afkomstig uit de Israëlische militaire inlichtingendienst. Hij leerde daar werken met grote hoeveelheden data.

Als 20-jarige stuurt hij een team militairen aan die encryptiewerk verzorgen voor de beveiliging van mobiele communicatie. ,,Die ervaring is onbetaalbaar,” zegt hij terugkijkend.

Na zijn diensttijd gaat hij met internet aan de gang. „Internet heeft een discovery problem. Er is zoveel content, niemand weet zijn weg erin te vinden. Ik wil mensen dingen laten ontdekken waarvan ze geen idee hebben dat het er is.”

 
Van BBC tot Huffington Post
In de loop der jaren zijn steeds meer gevestigde media met Taboola in zee gegaan. Onder hen zijn de BBC, Bloomberg, USA Today, Time en The Huffington Post. In mei 2016 ging Taboola een overeenkomst aan met het Amerikaanse mediabedrijf NBC om al haar websites van extra content te voorzien.

In 2015 breidde Taboola fors uit in Europa en wist bekende namen aan zich te binden, zoals de Daily Mail, L’Express en Euronews.

 
Strijd tegen Facebook
Taboola werpt zich op als alternatief voor Facebook en zelfs als redder van de journalistiek. Want nieuwsmedia verspreiden steeds meer content via Facebook, maar raken zo hun controle kwijt. „Ze verliezen de controle over de relaties met hun lezers en maken zich afhankelijk,” zegt Singolda tegen internetmagazine Mashable.

Uitgevers die artikelen plaatsen op Facebook krijgen extra hits, maar lijken blind te zijn voor de keerzijde. „Je krijgt traffic en dat is goed. Maar heb je op Facebook een eigen identiteit? Ken je je lezers op Facebook?”

Daar ligt de uitdaging, vindt Singolda. „Hoe krijgen topuitgevers aandacht van mensen? Hoe kunnen ze hen terugwinnen? Hoe kunnen ze voorkomen dat hun artikelen alleen in een social media feed worden gezien en verder niet? Ik ben bang voor een toekomst waar Facebook 80 procent van je business in handen heeft.”

Mediabedrijven moeten uit de greep van Facebook komen. Daar kan een bedrijf als Taboola, in de visie van de CEO, een alternatief voor zijn.

 
Scherpe kritiek
Taboola als alternatief voor social media dus. Maar de kritiek op Taboola zelf is niet mals. De toegevoegde content past lang niet altijd bij de news sites waar die wordt geplaatst. Een paar voorbeelden van headlines waarmee Taboola de plank flink missloeg: ‘Zeven oorzaken voor een laag testosterongehalte’, ‘Negen mensen waarvan je niet gelooft dat ze bestaan’, ‘Gevaarlijk. Bekijk dit niet samen met je vrouw’. Zulke toegevoegde koppen op news sites wekken irritatie op. Het is spam, click-bait, degrading, zeggen critici.

De bekende investeerder Marc Andreessen veegde twee jaar geleden in Fortune de vloer aan met Taboola. Serieuze uitgevers ‘should be shot’ als ze zulke content-links gebruiken. Het maakt deel uit van de race naar het laagste waarmee het internet wordt doordrongen, vindt Andreessen.

 
Taboola’s technologie
Taboola werkt er hard aan de technologie te verbeteren, waardoor de content beter aansluit bij de websites en de wensen van de gebruikers. Het platform gebruikt ‘predictive technology’, die steeds beter voorspellingen kan doen over interesses van mensen. „Ons doel is om zoekresultaten te laten zien, voordat je de zoekterm hebt ingetikt,” zegt Singolda. Daartoe analyseert het bedrijf honderden real-time factoren, variërend van je locatie tot je gebruik van social media. Hoe het zit met privacybescherming blijft onduidelijk.

 
De concurrentie zit niet stil
Op termijn is de positie van Taboola allerminst zeker, want de concurrentie groeit. Google, Yahoo, AOL en anderen zijn bezig met vergelijkbare producten. Een belangrijke concurrent van Taboola in dezelfde niche is Outbrain, een ander voormalig Israëlisch bedrijf dat vanuit New York opereert.

 
Friday, 15 July 2016 | Written by Ralph Rozema

Hoe Joe Pulizzi zijn website groot maakte

In de rubriek Franky beschrijven redacteuren van Frank.news hun eigen, persoonlijke media-ervaring.  Ralph Rozema bladerde op z’n iPad door het boek Epic Content Marketing van Joe Pulizzi en stuitte op een paar hele praktische tips.

 
Iedereen kent het probleem: je bent net een website begonnen of net actief op een social medium en je wilt niet alleen volgers, je wilt ook dat die volgers uit je doelgroep komen. En eigenlijk wil je nog veel meer: namelijk dat die volgers influencers of opinion leaders zijn.

Toen Joe Pulizzi zijn website contentmarketinginstitute.com begon, was dat precies wat hij regelde. Het ligt zo voor de hand dat je geneigd bent om eraan voorbij te gaan. Of te denken dat het te simpel is om effect te kunnen hebben.

Blog commenting strategy, noemt Pulizzi zijn aanpak. Hij was zelf ook een beetje verbaasd over het effect toen hij de eerste stap zette naar relaties met content marketeers over de hele wereld.

 
Commentaar schrijven
Wat de deur opende naar key industry influencers, schrijft Pulizzi, was simpelweg commentaar schrijven onder blogs van sleutelpersonen. Natuurlijk, inhoudelijk commentaar, laten zien dat je in het vak zit, dat je constructieve ideeën kan toevoegen. Zorg dat je met je reacties bij hen opvalt.

Op een conferentie vroeg Pulizzi zijn gehoor wie van hen een corporate blog bijhield. Dat was zo’n 50 procent. Vervolgens vroeg hij wie commentaar gaf op blogs van anderen. Dat bleek niet meer dan 10 procent. ,,What a shame,” reageerde Pulizzi.

Je kunt de beste content creator op aarde zijn, maar als je niet de juiste kanalen actief benadert, blijf je geïsoleerd. Zet het bovenaan je lijst van technieken om je content te verpreiden: geef commentaar op blogs van anderen in je sector.

 
Lijstje maken
Pulizzi maakt het concreet: maak een lijst met tien tot vijftien belangrijke blogs, waarmee je je wilt verbinden. En schrijf tenminste één keer per week een informatieve reactie onder elk van die blogs.

Het kan je een paar uur per week kosten, maar het resultaat zal er zijn. De influencers die je kiest, zullen je kennen. Na een tijdje zullen ze jouw content gaan delen en erop reageren. Het zal je eigen blog positief beïnvloeden.

Pulizzi was verrast toen hij na enige tijd grote influencers waar hij aanvankelijk tegen opkeek tot zijn vriendenkring kon rekenen.

 
Friday, 08 July 2016 | Written by Ralph Rozema

BuzzFeed en het geheim van virale content

The Web’s king of viral content. Steeds opnieuw slaagt BuzzFeed erin om content viraal te laten gaan. De site werd ooit bekend vanwege lijstjes met grappige katten. Maar naast entertainment biedt de site ook serieus nieuws. En met succes. In Nederland weten millennials BuzzFeed goed te vinden.

 
BuzzFeed begon in 2006 als een lab om virale content te testen. Wanneer kan een verhaal of beeld rekenen op extreem veel hits?

Populair zijn nog steeds de afbeeldingen van katten. Meer dan twintigduizend items met of over katten hebben inmiddels op de site gestaan. Het trekt gebruikers naar de site toe, die ook verder op BuzzFeed rondkijken.

Populair zijn ook de listicles: lijstjes zoals ‘30 tekenen dat je bijna 30 bent’ of ‘de 10 mooiste exotische vruchten in de wereld’ scoren hoog onder millennials.

 
Medialab
Oprichter Jonah Peretti geldt als een ‘nerd genius’. Hij analyseert grote aantallen data om te bepalen wanneer content viraal gaat. Peretti volgde zijn opleiding aan het Medialab van het MIT, de prestigieuze technische universiteit in Massachusetts. Hij was medeoprichter van de Huffington Post en stapte in 2011 volledig over naar BuzzFeed.

We hebben bij BuzzFeed veel geluk gehad, vindt Peretti. „Vaardigheid is 67 procent geluk. We waren geobsedeerd door social content en ads voordat anderen ermee begonnen. De wereld ging mee met wat wij al aan het doen waren.”

 
Virale content gedecodeerd
Hij maakte gebruik van wat hij leerde op MIT. „Je krijgt veel data over wat consumenten lezen en delen. Delen is het belangrijkst, dat iemand het waard vindt om je content naar een vriend te sturen. Data daarover kun je meteen gebruiken voor nieuwe content op je media.”

BuzzFeeds doel is om te voorspellen wanneer content viraal gaat. Maximaliseer de karakteristieken die daarbij horen. Dat zal de verspreiding versnellen. Onderzoeker Lucy Küng van de University of Oxford zegt in haar boek Innovators in digital news’ dat BuzzFeed er deels in geslaagd is om virale content te decoderen. Alleen al op Facebook heeft BuzzFeed daardoor maandelijks tientallen miljoenen interacties (likes, comments en shares).

 
Interview met Obama
Sinds 2012 brengt BuzzFeed ook nieuws. Van korte nieuwsartikelen tot onderzoeksjournalistiek. Een logische stap naast entertainment, vindt Peretti. In 2014 had de site ruim zevenduizend nieuwsverhalen uit 20 verschillende landen. Een groter contrast met de lichte listicles en quizzen is nauwelijks denkbaar: de nieuwspagina oogt als een professionele newssite.

Begin 2015 onderstreepte Peretti nog eens het belang van nieuws. „Nieuws vormt het hart en de ziel van een mediabedrijf. Het is de beste manier om impact op de wereld te hebben.”

Voor de site werden bekende journalisten aangetrokken, onder wie Lisa Tozzi van The New York Times en de huidige hoofdredacteur Ben Smith, afkomstig van Politico. Smith had in 2015 voor BuzzFeed een interview met Obama.

De site heeft speciale aandacht voor onderwerpen die leven onder millennials. Thema’s variëren van de Amerikaanse presidentsverkiezingen, terrorisme, technologie tot homorechten.

Hoofdredacteur Smith vindt dat de kattenvideo’s en nieuws prima samengaan. „We gaan door met prachtige cat-led-entertainment, maar we hebben ook fors geïnvesteerd in journalistiek. Dat is niet strijdig met elkaar: mensen houden van dieren en ze willen weten wat er in de wereld gebeurt.”

 
BuzzFeed video
De nieuwste en snelst groeiende tak van BuzzFeed is video. Het is een trend die overal op het internet zichtbaar is. Video spreekt millennials aan en adverteerders willen het graag. Televisiestation NBC investeerde afgelopen jaar 200 miljoen dollar in BuzzFeed. Deze zomer gaat BuzzFeed speciale video’s maken over de Olympische Spelen voor verschillende platforms.

Bij video ligt de nadruk op entertainment. Dat kan op termijn ten koste gaan van de nieuwsrubriek. Analisten bij CNN verwachten dat BuzzFeed uiteindelijk het nieuws zal aanpakken om ruimte te maken voor meer winstgevende activiteiten als video.

 
Verdienmodel
BuzzFeed werd winstgevend in 2013. Een jaar later bedroegen de advertentieopbrengsten al meer dan honderd miljoen dollar. De site heeft alleen native ads in dezelfde vormgeving als de overige content. Peretti: „Ik wilde één platform voor nieuws, entertainment en branded content. Dat waren gescheiden teams, die allemaal gebruik maakten van de data en de innovaties die we op het platform doorvoerden.”

Zo’n driekwart van de bezoekers van BuzzFeed komt binnen via social media. De helft zit in de leeftijdsgroep van 18 tot 34 jaar. En ruwweg de helft bezoekt de site op de smartphone. Dat is een aantrekkelijke groep voor adverteerders. „We hebben nooit die doelgroep opgezocht,” zegt Peretti in het boek van Küng. „Zij vinden onze site. De meesten zijn hoog opgeleid. Ze wonen in grote steden en zijn breed geïnteresseerd in cultuur.”

De native content wordt gemaakt in een aparte divisie, die vergelijkbaar is met een reclamebureau. Ze werken er direct samen met de brands en maken content in de stijl van BuzzFeed. De advertentietarieven liggen hoger dan elders, maar de merken profiteren van BuzzFeeds expertise om de content viraal te maken.

Uitgangspunt is mobile first. „Onze ads doen het beter op de smartphone. Dat is de belangrijkste reden dat BuzzFeed winst maakt. Als consumenten steeds meer kiezen voor social en mobiel, komt dat onze onderneming ten goede.”

 
Klonen van Buzzfeed  
Het succesvolle businessmodel van BuzzFeed heeft wereldwijd geleid tot sites die dezelfde formule uitproberen, maar zonder vergelijkbaar succes. In Nederland hanteert upcoming.nl  een vergelijkbare formule: ga na wat trending topics zijn en stem je items daarop af. De site bevat listicles, quizzen en een nieuwspagina, waar serieus nieuws overigens ontbreekt.

Voor Nederlandse millennials is de Engelstalige site van BuzzFeed geen enkel probleem, gewend als Nederlanders zijn aan Amerikaanse series of stand-up comedians. Uit onderzoek blijkt dat BuzzFeed vooral bij vrouwelijke millennials goed scoort. Misschien voegt de Amerikaanse invalshoek juist wel wat toe.

 
Mix van tech en journalistiek
De kracht van BuzzFeed is hoe het tech en journalistiek weet te combineren. De analyse van data staat garant voor hoge bezoekersaantallen; de site biedt entertainment en nieuws, gemaakt door professionele journalisten.

De vraag is of met de aandacht voor video de nieuwssectie behouden blijft. Of dat BuzzFeed gaat terugvallen naar louter entertainment. Aan de newssite te zien lijkt dat voorlopig nog niet het geval.
Monday, 27 June 2016 | Written by Ralph Rozema

Vice spreekt taal van millennials

Medianetwerk Vice, bekend van online videokanalen voor millennials, gaat reorganiseren. Vice geldt als voorbeeld van hoe je met videoreportages geld kunt verdienen. Maar de online kanalen alleen leveren te weinig op en daarom komen er wereldwijd twintig televisiekanalen bij. Vice gaat meer investeren in nieuws, want dat is wat jongeren willen. Adverteerders staan klaar.

 
Ooit begonnen als alternatieve online krant in Canada, is Vice uitgegroeid tot een global empire dat nieuws brengt waar je niet om heen kunt. Kort geleden kreeg premier Rutte de vraag wat hij als EU-voorzitter gaat doen aan de Noord-Koreaanse dwangarbeiders die in Polen werken. Diverse media brachten dat nieuws, maar de bron was de reportage ‘Cash for Kim’ die Vice maakte in Polen.

Brutaal en volhardend drong een team van Vice door tot scheepswerven waar de Noord-Koreanen te werk waren gesteld. Verslaggevers stelden lastige vragen bij koppelbureaus en volgden de Noord-Koreanen naar hun overnachtingsplek die ze behalve voor werk niet mochten verlaten. De opnamen zijn rauw en soms snel gemonteerd, het zijn indringende beelden.

 
Eagles of Death Metal
Vice viel ook op na de aanslagen in Parijs. Het was CEO Shane Smith die als eerste een interview had met de band Eagles of Death Metal na de aanslag tijdens hun optreden in theater Bataclan. Indruk maakte Vice ook met z’n reportage over IS, waarvoor een verslaggever embedded was gegaan bij de terroristische organisatie.

Het mediabedrijf begon in 1994 in Montreal, in de woorden van de The New Yorker, als een gratis magazine met een reputatie voor provocatie. De oprichters schreven over wat hen toen interesseerde: drugs, rapmuziek en Montreal’s punk rock scene.

 
Van Canada naar New York
De verhuizing naar New York in 1999 ontstond uit een grap. Mede-oprichter Shane Smith had een Canadese krant verteld dat Vice was opgekocht door een plaatselijke miljonair Richard Szalwinksy. Dat was niet waar, maar de miljonair besloot uiteindelijk wel in Vice te investeren, waardoor het een kantoor in Manhattan kon openen.

Het huidige hoofdkantoor zit in Brooklyn, New York. CEO Smith ontvangt er zijn gasten in de Bear Room met een opgezette grizzlybeer. Die beer bedreigde ooit een cameraploeg van Vice in Alaska en moest worden doodgeschoten.

Smith gaat nog steeds zelf graag op reportage en presenteert het Vice News op het HBO-kanaal. Zijn wilde haren heeft hij deels achter zich gelaten. Hij is nu meer executive dan de punkrocker van weleer, maar met een voorkeur voor spektakel, op zoek naar evenwicht tussen entertainment en journalistiek.

 
Eerlijk en ontwapenend
De troef van Vice zijn de jongeren die het bedrijf aan zich weet te binden. Het is de tone of voice, de manier van filmen die millennials aanspreekt. Ruw, ongepolijst, maar ook eerlijk en ontwapenend. Soms hoor je ze praten over volgende shots die ze willen maken. Je ziet niet alleen wat op straat gebeurt, maar ook hoe hun journalistieke product tot stand komt, schrijft vakblad CJR.

Vice maakt momenteel een reorganisatie door. Er komt meer nadruk op nieuws. „Op YouTube merken we dat onze volgers meer nieuws willen,” zegt Smith. Nieuws in de vorm van korte en lange video’s over thema’s als milieu, economie en conflict. De nieuwsuitzendingen op betaalkanaal HBO worden uitgebreid en zullen uiteindelijk dagelijks worden.

 
Jongeren van internet naar tv
Verder komen er wereldwijd zo’n twintig tv-kanalen bij in onder meer Canada, Groot-Brittannië en Frankrijk. Die moeten inkomsten binnenbrengen met advertenties gericht op een breed jong publiek. Naast de ruim dertig bestaande buitenlandse kantoren komen er nieuwe vestigingen in onder meer Hongkong. In Amsterdam is al een kantoor dat de Nederlandstalige website onderhoudt.

Vice’s eerste tv-kanaal, Viceland, ging enkele maanden geleden in de VS van start. De eerste berichten zijn positief: Vice lijkt erin te slagen jongeren vanaf de internetkanalen mee te nemen naar tv. Bedrijven als Unilever, Samsung en T-Mobile adverteren op het kanaal. Vice onderzoekt de mogelijkheden voor een lineaire tv-zender in Nederland. De groei zit er wereldwijd in en sommige analisten vergelijken het Vice van nu met CNN in de begintijd.

 
Journalistiek en entertainment
Vice lijkt in de programma’s een middenweg te zoeken tussen journalistiek en entertainment. Daar is veel discussie over. De reportages – zoals deze maand meelopend met het Iraakse leger tegen IS – zijn indrukwekkend, maar ook een beetje sensatiegericht. ,,Alles draait om de manier van video editen en bij Vice is de edit gericht op entertainment,” zegt een criticus in CJR.

Een vrouwelijk redacteur kreeg ooit de opdracht een video te maken over sekswerkers in een stripclub in een ontwikkelingsland. Vice vroeg haar undercover te gaan als prostituée, wat ze weigerde. „Ze wilden het sensationeel maken en de sekswerkers gebruiken op een manier waar ik me niet in kon vinden,” zegt de redacteur die inmiddels Vice heeft verlaten.

 
Content trekt millennials
Het succesvolle verdienmodel van Vice heeft alles te maken met de jonge doelgroep. De content trekt millennials aan, waardoor adverteerders Vice weten te vinden. Naast korte ads voor de video’s worden sponsoren vermeld als co-creator. Zo sponsorde buitensportbedrijf The North Face een serie over ‘the most remote places on earth’. Garnier en Toshiba namen delen van de website voor hun rekening.

Maar Vice krijgt – los van de nieuwsreportages die zoveel lof oogsten – ook kritiek omdat bij sommige producties journalistiek en advertenties dwars door elkaar zouden lopen. Bij zulke branded content is niet te zien dat een bedrijf invloed heeft op de inhoud van een stuk. En dat tast de geloofwaardigheid van Vice aan.

 
Zonder geld geen media
CEO Smith zegt in The New Yorker dat inkomsten uit branded content nodig zijn om reportages te financieren. „Het kost geld om de daklozen in Bogota’s rioleringssysteem journalistiek te onderzoeken of de oorlog in Syrië te verslaan. Iedereen in de media die zegt geen geld te willen verdienen, zegt in wezen: ik wil niet werken. Zonder geld geen media.”

Al met al slaagt Vice erin traditionele vormen als nieuwsreportages te combineren met een innovatieve ‘millennial style’ die bij jongeren aanslaat. „We weten wat we willen,” zegt Smith. „Ruwweg is dat uitgroeien tot het grootste mediabedrijf voor jongeren in de wereld.”

 
Thursday, 16 June 2016 | Written by Ralph Rozema

Small data onthult echte verlangens consument

Vergeet big data. Big data zijn getallen zonder emoties, terwijl het daar juist om gaat. Small data wil zeggen dat je onderzoek doet door mee te draaien en te observeren bij gezinnen en dat levert cruciale inzichten op. Branding consultant Martin Lindstrom schreef er het boek Small Data over dat een hit werd in de Verenigde Staten en nu ook in het Nederlands vertaald is.

 
Toen LEGO in de problemen kwam doordat kinderen steeds meer games gingen spelen, zochten onderzoekers van het bedrijf gezinnen op. Door in het dagelijkse leven van kinderen te duiken, kregen ze inzicht in welke verlangens zij nu echt hadden.

Een 11-jarige Duitse jongen, die een fanatieke skateboarder was, liet trots zijn afgesleten Adidas sneakers zien. Want die waren precies op de juiste plekken aan de zijkant afgesleten waardoor je kon zien hoe goed hij was. Die sneakers vormden de small data waarmee LEGO uiteindelijk een nieuwe strategie bedacht.

Die jongen wilde uitdagingen aangaan en die konden niet ingewikkeld genoeg zijn, schrijft Lindstrom. LEGO nam dat idee over. De speelgoedfabrikant kwam met geavanceerde bouwsels met meerdere typen legostenen. ,,Kinderen moesten er echt wat voor doen en dat sloeg aan. Het heeft het bedrijf gered. Dat hadden we met big data nooit voor elkaar gekregen.”

 
Wereldwijd gevraagd
Martin Lindstrom wordt wereldwijd gevraagd. In Saoudi-Arabië, Rusland of de VS schakelen bedrijven hem in. Of het nu om de inrichting van een supermarkt of internetshop gaat. En zijn aanpak is altijd hetzelfde: op kleine schaal. Hij komt bij enkele gezinnen, praat en observeert tot in de details. Hoe is de kamer ingericht?  Wie neemt de beslissingen in huis? Wat staat er in de koelkast? Welke afbeeldingen hangen er aan de muur? Wat zijn de verborgen verlangens die mensen hebben?

 
Shopping mall in Saudi-Arabië
In Saoudi-Arabië werd Lindstrom om advies gevraagd voor de inrichting van een nieuwe shopping mall. Ook in dat land slaagde hij erin bij gezinnen thuis te komen, hij sprak met mannen en vrouwen apart over hun dromen. Hij verwonderde zich over de vele afbeeldingen van waterpartijen aan de muren. Hij zag de magneetjes op de koelkast met vaak de Eiffeltoren erop. De dromen van reizen en water zijn terug te zien in het winkelcentrum waardoor er extra bezoekers komen.

De onderzoeksmethodes van Lindstrom zijn vergelijkbaar met die van antropologen. Het is participerend onderzoek, waarbij de onderzoeker woont bij een gezin. Hij eet mee, kijkt samen met hen televisie en ondertussen observeert hij wat er gebeurt. Antropologen doen dat jarenlang en gebruiken wetenschappelijke analyses; Lindstrom doet het enkele weken en gaat meer intuïtief te werk.

 
De flagship store van Tally Weijl
Voor modeketen Tally Weijl werd Lindstrom ingeschakeld om te helpen bij de nieuwe flagship store in Wenen. Lindstrom draaide mee met gezinnen met tienermeisjes, vroeg naar hun dromen, bekeek hun kamers, kledingkasten en foto’s, kortom: dook in hun levens.

Het vertrouwen werd uiteindelijk zo groot dat Lindstrom van de ouders en dochters toestemming kreeg om een keer hun smartphones in te zien. Het bleek dat de tieners, als ze net wakker waren, selfies naar vriendinnen stuurden om hun outfit voor de dag voor te leggen. Lindstrom realiseerde zich toen pas hoever mode en de digitale wereld met elkaar vervlochten waren.

In de winkel van Tally Weijl kwamen paskamers waar de spiegel ook als touch screen werkte, waarmee de jonge klanten zich via social media in real time met hun gekozen kleding aan vriendinnen elders konden laten zien. Het sloot aan bij een behoefte. De vernieuwing haalde, samen met een trendy inrichting, de winkelketen uit het slop.

 
Kleuren voor schoonmoeders en -dochters
Voor een bedrijf in India werd Lindstrom benaderd een nieuwe verpakking te ontwerpen voor cornflakes en andere ontbijtgranen die niet meer goed verkochten. In de grote families waar Lindstrom kwam, bleek een grote rivaliteit tussen schoonmoeders en schoondochters bij het beslissen over inkopen. Hij ontdekte ook dat de moeders hun slaapkamer hadden ingericht met felle kleuren, terwijl de dochters zachte kleuren gebruikten. Die kleuren liet hij op producten terugkomen. Het bedrijf ging goed lopen met verpakkingen die voor tweederde fel gekleurd waren en voor een derde de zachte kleuren van de dochters hadden.

Lindstrom analyseert zulke small data om zo te komen tot aanbevelingen voor de bedrijven. Hij zoekt naar verbanden bij behoeftes en werkt die voor toepassing in de praktijk uit. Zoals de combinatie bij Tally Weijl van een traditionele paskamer met een groot scherm voor social media.

 
Bedrijven verblind door big data
In een interview aan de University of Pennsylvania zegt Lindstrom dat de corporate world volkomen verblind is door big data. „Het is praktisch onmogelijk om emoties met zulke data te beschrijven. Daar ligt het probleem.”

Big data gaan bovendien over het verleden en niet over de toekomst. „Kijk naar de top 100 van grootste innovaties van onze tijd, dan zie je dat zo’n 60 tot 65 procent gebaseerd is op small data.” Big data kunnen aanvullend zijn.

Onlangs gaf Lindstrom een presentatie voor drieduizend executives in New York. Hij vroeg wie het afgelopen jaar één of twee dagen in een huis van een consument had doorgebracht. „Twee mensen staken hun hand op. Dat zegt genoeg.”

Hoe beschrijf je je geliefde, gaat hij verder. „Dan zeg je niet: ‘ik houd van haar omdat ze 1.75 lang is en vanwege de laatste vier cijfers van haar telefoonnummer’. Dat zijn data waarbij het emotionele aspect ontbreekt.”

 
Werkelijke verlangens
Lindstrom wijst er ook op dat consumenten naar de buitenwereld, zoals op Facebook, een geïdealiseerd beeld geven van zichzelf. Wie wil weten wat de werkelijke verlangens van consumenten zijn, moet zich niet door zulke big data laten leiden, maar mensen in hun thuissituatie onderzoeken.

Het hoeft niet bij veel gezinnen te gebeuren, als je er maar diep induikt en oog hebt voor details, vindt Lindstrom. „Soms heb je aan tien mensen al voldoende om een brand of business succesvol te transformeren.”

In een video gaat Martin Lindstrom in op small data (vanaf 0.45):
https://www.youtube.com/watch?v=smgFwRNiVMU

 
 
Tuesday, 14 June 2016 | Written by Ralph Rozema

Social video moet zich in 3 seconden bewijzen

Branded en social video hebben de toekomst. Meer nog dan om techniek zal het blijven gaan om creativiteit. Die moet er vanaf spatten. De videowereld is volop in beweging. Managing director Pablo van den Berg van video- en contentbedrijf Yune verwacht dat de huidige trends zich voortzetten: „Merken worden steeds meer broadcaster.”

 
„Toen wij in 2007 begonnen, maakten we traditionele bedrijfsfilms. Nu heeft internet een enorme vlucht genomen en maken we veel meer branded video,” zegt Van den Berg. „De ontwikkelingen gaan snel, dat was toen nauwelijks te voorzien.”

Video’s op de site van Yune tonen een grote variatie: van spectaculaire beelden, snel gemonteerd en met veel effecten, tot meer ingetogen animaties. Tanks die over een zandverstuiving rollen in een spot voor Defensie, maar ook een heldere uitleg van een verzekeringsmaatschappij.

Creativiteit staat voorop. „Je moet de kijker al in het begin weten te pakken. De naam van het bedrijf is minder prominent dan vroeger, het gaat erom dat je de kijker een beleving biedt die blijft hangen,” legt Van den Berg uit.

 
Video en social media vinden elkaar
Video en social media groeien naar elkaar toe. Van den Berg: „We hebben het voordeel dat we beide in huis hebben. We zijn een videobedrijf en zijn goed thuis op social media. Die combinatie heeft ons speed gegeven. We weten wat voor video werkt op een bepaald social mediakanaal.”

We praten in het vergaderzaaltje met glazen wanden middenin de grote werkruimte. Een team werkt aan animaties. Anderen overleggen met een klant. Een jongen loopt met een stapel pizzadozen langs. Even verderop duikt hij de studio in waar alles klaar staat voor een social video voor Albert Heijn. De spotlights staan aan. De laatste hand aan de opstelling. Dan gaat de camera draaien.

Social video’s vragen een andere aanpak dan televisie. Ze worden gemaakt voor Facebook of YouTube, maar ook voor Instagram. En Snapchat komt eraan. Het liefst verschillende video’s, die passen binnen een overkoepelende contentstrategie.

 
Wat werkt op Facebook?
Facebook kent een snelle groei van online video’s. Nog lang niet alle bedrijven hebben het, dus je kunt ermee opvallen. Maar het is ook een gevecht om aandacht in de tijdlijn te krijgen. Yune doet zelf onderzoek naar video ’s op Facebook: wat werkt? Hoe moet het storyboard eruit zien?

„Veel hangt af van de eerste drie seconden,” zegt Van den Berg. Die moeten spannend en overtuigend zijn. Het kunnen een paar treffende quotes zijn. Een moment waarin je een lifestyle neerzet. „De kijker moet daar al het gevoel hebben: dit wil ik weten.”

Lastig bij Facebook is dat veel kijkers het geluid niet aanzetten. Dus de video moet ook zonder geluid overtuigend zijn. Daarom hebben Facebook-video’s vaak ondertiteling. Maar dan mist de kijker nog muziek. Daarom moeten de beelden zo goed zijn dat ze zelf voldoende sfeer oproepen.

Een voordeel van Facebook is dat je tekst om je video heen kunt zetten. Een sterk intro kan iemand aanzetten om een video te bekijken. Je kunt dan in de video zelf met minder uitleg toe. Yune maakte op Facebook bijvoorbeeld een video over de Stabilo Correcto, een pen die spelvouten kan corrigeren.

 
Stunning Instagram video’s
Instagram, in de eerste plaats een fotosite, onderscheidt zich van Facebook doordat er meer jongeren actief zijn en vooral doordat creativiteit voorop staat. Bezoekers willen stunning images zien, het visuele spektakel moet er vanaf spatten. Daar ligt voor videobedrijven de uitdaging.

Bij Instagram is nauwelijks ruimte voor een introtekst. „De video moet het helemaal van zichzelf hebben. In de eerste drie seconden moet je de kijker voor je winnen. Die video moet heel teasend zijn,” zegt Van den Berg.
Yune maakte voor Qmusic een video om een nieuwe vlogmeister te vinden, te zien op Instagram.

 
YouTube video’s mogen weer lang zijn
Bij  YouTube is de opmerkelijke trend dat lange video’s prima kunnen. Vooral jongeren kijken rustig een video van vijftien minuten uit van hun favoriete vlogger. Ook branded video’s kunnen langer zijn mits ze goed zijn gemaakt. „Je ziet dat jongeren YouTube als vervanger van tv beschouwen. Ze nemen er de tijd voor, een lange video kijken ze vaak helemaal uit,” aldus Van den Berg.

 
Veranderend kijkgedrag
Hij heeft het kijkgedrag zien veranderen. „Lean backward wordt steeds meer lean forward. Lean backward is achterover leunend op de bank voor de tv zitten. Lean forward is actief voor je scherm zitten. Je kijkt naar Netflix of social media. Je bent actiever, maakt meer keuzes en je wil in een paar seconden getriggerd worden.”

 
Minder corporate, meer branded
Bedrijven zijn zich er steeds meer van bewust dat ze niet zonder video kunnen. De traditionele bedrijfsvideo is niet meer zo effectief. Soms heeft het zin om uit te leggen hoe een bedrijf werkt, zoals bijvoorbeeld in B2B corporate videos gebeurt.

Maar consumenten zitten niet meer op een bedrijfsvideo te wachten. Zij willen een experience, een verhaal. Denk aan Nike, dat kijkers in een spannende sportwereld brengt. Pas als je in de ban bent van de topsporters die je ziet, komt het logo in beeld. En bij een indringende video blijft dat je bij.

 
Merken worden broadcaster
Hoe zal de mediawereld er over tien jaar uitzien? „Je ziet dat steeds meer merken zelf broadcaster willen worden. Kijk naar Ziggo en KPN, die hun eigen zender lanceerden. Steeds meer bedrijven komen met eigen content. De impact daarvan op de mediawereld zal enorm zijn,” verwacht Van den Berg. Red Bull geldt als een uithangbord hoe je met eigen gemaakte content kan werken.

Bedrijven en media raken steeds meer verstrengeld. „Merken beginnen eigen tv-shows, op een online en tv-kanaal. Tegelijkertijd zie je dat televisiestations om te kunnen overleven steeds meer van merken laten zien. Die twee werelden groeien langzaam naar elkaar toe.”

 
Video steeds vaker interactief
Ondertussen staat ook de techniek niet stil. Van virtual reality, 360 graden video tot interactieve video. Vooral interactieve video’s zijn voor bedrijven interessant. „Een klik op een video, waardoor je rechtstreeks in de virtuele winkel iets kan kopen. Dat zien we nu al en dat zal alleen maar meer worden.”

Toch moet je de technische ontwikkelingen niet mooier maken dan het is. Van den Berg: „Het moet een functie hebben. Toen drones doorbraken, zagen we ze overal terug bij het video maken. Het was een modegril. Maar het was vaak niet functioneel om een video te verbeteren. De techniek moet wel een doel hebben.”

 
Creativiteit boven techniek
Dat geldt ook voor 360 graden video en virtual reality. ,,Prachtig als je het voor het eerst ziet. Maar heeft het een functie in je branded video en wordt die er echt beter van? Als dat zo is, dan moet je het gebruiken.”
Wat blijft, zijn de explosies van creativiteit die je soms op video’s ziet. Videocreatie is waarin de bureaus elkaar proberen te overtreffen. Yune is er goed in. Het is het visitekaartje van het bedrijf, zoals ook blijkt uit de video’s hieronder. Een Facebook-video voor Albert Heijn en een spetterende kerstboodschap van Yune zelf, op Facebook en Youtube te zien. „Creativiteit is het wezen van dit vak. Dat zal altijd blijven, uiteindelijk gaat het er steeds weer om hoe we viewers kunnen verrassen.”

 
https://www.youtube.com/watch?annotation_id=annotation_922234529&feature=iv&src_vid=ujEcoWnIWyE&v=cRcFnsOwPaY
Monday, 30 May 2016 | Written by Ralph Rozema

Creative Control: als een avatar je leven overneemt

In de rubriek Franky beschrijven redacteuren van Frank.news hun eigen, persoonlijke media-ervaring. Vandaag Ralph Rozema over de film Creative Control, een relativerende parodie over augmented en virtual reality.

 
Na alle flitsende presentaties bij Microsoft, Samsung en andere techbedrijven is er nu Creative Control. Sinds een week draait de film in de Nederlandse bioscopen. Regisseur Benjamin Dickinson, afkomstig uit de reclamewereld, speelt zelf de hoofdrol als creative director bij een reclamebureau in New York.

Zijn nieuwste project: Augmenta. Het lijkt ogenschijnlijk een gewone bril, maar je kan er beelden en scenes mee vastleggen om die later terug te roepen. Bij Augmenta sluit de virtuele wereld naadloos aan op de werkelijkheid en verdwijnt het onderscheid.

 
Doorzichtige computerschermen
 
Creative Control speelt in de nabije toekomst. Het reclamebureau oogt flitsend met grote witte vlakken en enorme ramen met uitzicht op de straten van Brooklyn. Opvallend zijn de doorzichtige computerschermen en smartphones waardoor het lijkt alsof medewerkers in het luchtledige tikken.

Beelden en berichten bekijk je niet meer op het kleine scherm van je smartphone, maar zie je zwevend voor je in de lucht, alleen voor jou zichtbaar. Als David – gespeeld door Dickinson – achter zijn bureau zit, houdt hij een live videogesprek met het beeld voor hem in de lucht. Daar verschijnt ook de laatste versie van een commercial die hij moet beoordelen, terwijl net daarnaast zijn emailverkeer vrolijk doorgaat.

 
Virtuele verleiding
 
Augmenta wordt al gauw een stoorzender. Als David iets krijgt met de geliefde van zijn beste vriend, weet hij haar later op te roepen met zijn bril en ontstaat iets moois in de virtuele wereld. De verleidende Sophie is virtueel, maar nauwelijks van echt te onderscheiden. Vanaf dan lopen de dingen uit de hand.

De meeste beelden zijn sober en in zwart/wit. Creative Control is niet de grote publieksfilm die een veelbelovende toekomst neerzet, maar de spanning is er niet minder om.

Als David in zijn virtuele wereld het gevoel krijgt alle controle te verliezen, wil hij weg. Waarom niet naar een boerderij op het platteland, afgesloten van die moderne online wereld, schiet het door zijn hoofd.

 
Verfrissende kijk op hypes
 
Meerdere verhaallijnen komen uiteindelijk bij elkaar. Zoals over David’s vriendin Juliette, een part-time yogalerares. Kan bij yoga de geest uit het lichaam treden en hoe zit dat dan bij virtual reality?

Het is heerlijk je fantasie mee te laten gaan met wat virtual reality straks allemaal kan. Maar de film geeft ook een verfrissende blik op de hypes die de techbedrijven ons voorschotelen, want je kunt er ook voor kiezen om er niet in mee te gaan.
Friday, 27 May 2016 | Written by Ralph Rozema

Waarom Huffington Post het voorbeeld voor alle newssites is

Meer dan tweehonderd miljoen unieke bezoekers per maand. De newssite Huffington Post is een successtory. Drijvende kracht is de Grieks-Amerikaanse Arianna Huffington. Ze wil het debat aanvuren. Naast initiatiefnemer van de Huffington Post is ze ook nog bestsellerauteur. En sinds kort maakt ze deel uit van de board of directors van Uber. Tijd voor een portret.

 
Terwijl veel media het hoofd nauwelijks boven water kunnen houden, begint Huffington in 2005 een newssite, die een ongekend succes wordt. Het begint klein, natuurlijk, maar uiteindelijk weet ze zelfs Hillary Clinton en Barrack Obama voor bijdragen te strikken.

Naast nieuws bevat de site vooral visies, scherp en prikkelend geformuleerd. Arianna kan rekenen op haar netwerk, maar het is haar brede interesse en persoonlijke charme waarmee ze nieuwe prominenten weet aan te trekken.

 
Trump als entertainment
 
De Huffington Post is van progressieve signatuur. Dat leidt tot opvallende, soms provocerende keuzes. Zoals haar besluit om Trump niet op de politieke pagina’s te behandelen, maar bij entertainment. Want dat is waar hij hoort, vindt ze. Later komt ze in een blog ‘We are no longer entertained’ op dat besluit terug, omdat de politiek niet meer om Trump heen kan.

In 2005, toen  Arianna haar newssite vanuit haar huis in Los Angeles begon, was Facebook een jaar oud en moest Twitter nog beginnen. Op het web stonden stukken van bloggers, traditionele nieuwsredacties en verslaggevers. Huffington wilde die bij elkaar brengen. „Het doel was een hybride,” zegt ze in Adweek. „Het moest een journalistieke onderneming zijn en een platform waar mensen – bekenden en onbekenden - zich konden laten horen.”

 
Bloggers krijgen enorm publiek
 
De bijdrage van opiniemakers leidt aanvankelijk tot forse kritiek, omdat zij als auteurs geen vergoeding krijgen. Maar Huffington heeft haar repliek klaar. De Huffington Post is een ‘media-democracy machine’, die bloggers een enorm publiek geeft en wiens brede mix van content – van nieuws, politiek tot sport – het beste van het web laat zien.

Haar eerste ervaring met debatten doet ze op als ze uit haar geboorteland Griekenland vertrekt en economie gaat studeren aan de Universiteit van Cambridge. Ze is niet weg te slaan bij de debating club en wordt er later voorzitter van. „Ik was bij elk debat,” zegt ze in The New Yorker. „Ik was zo gegrepen door het spektakel van grootse sprekers en de mensen die bewogen waren door hun woorden.”

 
Geen gouverneurschap
 
Haar loopbaan kent een grillig verloop. In Cambridge wordt ze bekend als conservatief commentator. Na haar verhuizing naar Amerika trouwt ze met een Republikeins politicus. Ze publiceert boeken over operazangeres Maria Callas en Pablo Picasso. Ze blogt en wordt een bekende gast bij televisieshows, zoals bij Larry King Live. Maar als ze zich kandidaat stelt voor het gouverneurschap van Calfornië, loopt dat op een fiasco uit.

Aanvankelijk geldt ze als een boegbeeld voor conservatieven. Maar ze schuift op. Ze neemt standpunten over van de milieubeweging in Californië, kiest steeds meer de progressieve lijn. Ze is inmiddels gescheiden. Critici noemen haar opportunistisch, ze zou standpunten kiezen die vooral voor haar carrière goed uitkomen.

Mensen die haar goed kennen, roemen haar vermogen om nieuwe contacten te leggen. Ze is een warme persoonlijkheid, oprecht in mensen geïnteresseerd. Zo wint ze prominenten voor de Huffington Post. Als ze een keer door een bekende chirurg wordt behandeld, schrijft hij kort daarna een bijdrage voor de HuffPost. En al doende groeit de site.

 
Onverzadigbare content machine
 
De Huffington Post wordt vaak gezien als het liberale antwoord op het conservatieve Drudge Report. Maar de HuffPost stijgt daar ver bovenuit. Het succes is vooral toe te schrijven aan Huffington zelf, haar doortastendheid en volhardendheid. Ook in andere landen, waar aangepaste versies verschijnen, doet de HuffPost het goed.

Huffington is een ‘onverzadigbare content machine’, schreef The New York Times Magazine vorig jaar. Volgens de krant heeft ze ‘meer gedaan dan wie dan ook voor de internet news business en bepaalt ze nog steeds het tempo’.

De Huffington Post geldt nu als voorbeeld van hoe je een goede site met nieuws en blogs kunt maken. De site viel ook investeerders op. In 2011 nam internetaanbieder AOL de Huffington Post over voor 315 miljoen dollar.

 
Virtual reality op de site
 
Telecommunicatieconcern Verizon nam vorig jaar voor 4,4 miljard dollar AOL weer over, waarmee de HuffPost lijkt te kunnen rekenen op nieuwe investeringen. Afgelopen april kocht de Huffington Post virtual reality studio RYOT, die content moet gaan maken voor de site.
De inkomsten van de site komen vooral uit advertenties. Maar daar tegenover staan hoge kosten, vooral door de internationale expansie. De HuffPost opereert momenteel in vijftien landen. Er komen lanceringen aan in Mexico en China. „Het doel is,” zegt Huffington, „om er in de hele wereld te zijn.”

 
Arianna’s Sleep Revolution
 
Ze werkt zo hard dat het ook een keer moest misgaan. Enkele jaren geleden kampte ze met verschijnselen van een burn-out. Enige tijd was ze uit de running. Om er vervolgens een draai aan te geven die precies in haar stijl past. Ze schrijft een boek over slaaptekort, waar de media niet over uitgepraat raken. ‘Arianna Huffington’s Sleep Revolution Starts at Home’, kopt The New York Times in april 2016 als het boek uitkomt. Ze gaat met haar verhaal langs colleges, eerder hield ze al een speech bij TED Talk.

 
In het bestuur van Uber
 
Maar het werk is nog lang niet voorbij. Arianna Huffington neemt in april 2016 plaats in het bestuur (board of directors) van tech- en taxibedrijf Uber , niet te verwarren met de adviesraad van Uber waarin Neelie Kroes zit.

Huffington’s  ‘emotionele intelligentie’ vormt een goede aanvulling op onze datagedreven benaderingen, vindt Uber-CEO Travis Kalanick. Ze blijft voor de Huffington Post schrijven, maar zal berichten over Uber aan anderen overlaten. In een video zet Uber de samenwerking tussen Kalanick en Huffington groots neer.

https://www.youtube.com/watch?v=e-0II2ESntk

 
 
Friday, 20 May 2016 | Written by Ralph Rozema

Facebook in VS nog meer onder vuur vanwege partijdigheid

In Nederland ligt Facebook onder vuur omdat het profiel van PvdA-Kamerlid Kelk Yücel na kritische uitlatingen over de Turkse president Erdogan enkele uren offline werd gehaald. In Amerika vegen media de vloer aan met partijdigheid van Facebook en stelt de senaat zelfs een onderzoek in.
 
Facebook is vooringenomen en CEO Zuckerberg is hypocriet, aldus de media in Amerika. Uitlatingen van oud-curators hebben geleid tot vragen vanuit de senaat. De algoritmen die Facebook gebruikt, zouden alles behalve neutraal zijn. En Facebook mist elke transparantie. Het is één grote black box waar mensen maar mee akkoord moeten gaan.

 
Politieke visies geweerd
De senaat wil weten of Facebook bepaalde politieke visies uit de trending topics houdt. John Thune, voorzitter van de Senate Commerce Committee, heeft CEO Mark Zuckerberg daarover een brief gestuurd.

Hij wil weten hoe Facebook stories kiest voor de trending topics, welke training de curators krijgen en wie verantwoordelijk is voor hun beslissingen. De Senaat wil ook details zien over welke stories niet in de trending topics eindigden ondanks dat ze erg populair waren op Facebook.

 
Conservatieve posts krijgen lage plek
Aanleiding voor het onderzoek is een publicatie op gizmodo.com waarin voormalige curators van Facebook een boekje open doen over de subjectiviteit bij het samenstellen van de trending topics. Vooral posts met conservatieve standpunten zouden systematisch worden geweerd.

De ophef in Amerika is groot. Maar veel analisten vinden dat er op zich niet zoveel mis is met subjectieve keuzes, mits het maar open en transparant gebeurt. Elke mediaorganisatie - of het nu een krant of tv is – maakt zulke keuzes. Maar bij Facebook gebeurt dat in het geheim.

 
Journalisten als curator
Zo’n twee jaar geleden nam Facebook een tiental jonge journalisten aan. Ze heten bij Facebook geen redacteur, maar ‘news curator’ en bemoeien zich onder meer met de trending topics. Ze selecteren de belangrijkste news stories en vatten die samen. Dat is per definitie, stelt Slate magazine vast, een vorm van journalistiek ‘waarmee Facebook de facto een nieuwsorganisatie is geworden.’

Er is nog een andere trend waardoor Facebook zich steeds meer van sociaal netwerk ontwikkelt tot een news portal. Mensen delen minder op Facebook over hun persoonlijke leven. Ze delen meer artikelen die ze elders op het web vinden. Ze blijven even actief, maar hun posts zijn minder persoonlijk.

 
Kranten en tv-stations afhankelijk
Facebook verliest de intimiteit waaraan we ooit verslaafd waren, schreef Slate al eerder, en daarvoor in de plaats komt iets anders en veel groters.

Nieuwsorganisaties plaatsen steeds meer content op Facebook. Want daar worden ze goed gelezen. De nieuwste stap in die trend zijn de live videos waar Facebook ruimte voor maakt. Gevestigde media als The New York Times maken daar graag gebruik van.

Kranten en televisiestations, die ooit de baas waren over hun eigen distributiekanalen, zijn deels afhankelijk geworden van social media, zoals Facebook. En niet meer de krant of het tv-station, maar de social media bepalen welke posts meer of minder aandacht krijgen.

 
Algoritmes zijn subjectief
Daarvoor heeft Facebook een algoritme ontwikkeld. Het lijkt alsof de techniek objectief bepaalt welke plek een post in een timeline krijgt. Maar niets is minder waar. Want algoritmen zijn door mensen gemaakt. De keuzes die algoritmen maken zijn vergelijkbaar met beslissingen die een hoofdredactie van een krant of tv-station neemt.

Je kunt algoritmen vergelijken met redacteuren, schrijft Farhad Manjoo in The New York Times. De ingenieurs van Facebook die aan die techniek werken, bepalen wat wij op de timeline te zien krijgen. Slate gaat nog verder: de mensen die zulke keuzes maken hebben net als iedereen hun eigen ambities. Dat is precies waarom die keuzes zo arbitrair en subjectief zijn.

 
Keuzes maken prima, maar wel transparant
Facebook is niet anders dan een traditionele nieuwsorganisatie, vindt gizmodo op basis van de interviews met oud-curatoren. Het is hoog tijd dat Facebook een hoofdredacteur aanstelt, schrijft Slate magazine. Met een team dat transparant is over de keuzes die het maakt.

Keuzes maken in de nieuwsvoorziening is prima. Het probleem is dat CEO Zuckerberg weigert in te zien dat zulke keuzes altijd subjectief zijn. Zijn medewerkers selecteren en ordenen het nieuws. Dat vraagt om openheid en transparantie. En dat is iets anders dan een dataset optimaliseren.
Thursday, 12 May 2016 | Written by Ralph Rozema

Hoe zelfrijdende auto’s de marketing veranderen

Zelfsturende auto’s komen er aan en wat gaat dat voor marketing betekenen? Zullen radioreclame en billboards verdwijnen? In de VS zien ze onbegrensde mogelijkheden. In de auto van de toekomst ga je in een zelfgekozen design op de persoon afgestemde ervaringen krijgen. Inmiddels is de strijd tussen tech- en automerken losgebarsten. Apple, Google en Tesla wedijveren op dezelfde markt als Audi en Mercedes.
Marketing bij Apple gaat vaak met geheimzinnigheid gepaard en dat maakt het verlangen bij consumenten alleen maar groter. De afgelopen weken kwam iets naar buiten: Apple is bezig met de ontwikkeling van een zelfrijdende auto op een geheime locatie in Berlijn: de iCar. De berichten geven de consument een stille hint: wacht even met het kopen van een Tesla, want de iCar van Apple komt eraan.

Over twee jaar moet de iCar op de weg zijn. Een van de topmensen van Tesla is naar Apple overgestapt. Er waren ook gesprekken over samenwerking tussen Apple en Audi, maar dat leidde niet tot een doorbraak. Apple zou te veel controle over de data willen houden.

 
Digitale stad van Google
Concurrent Google laat weten een stad te gaan bouwen voor een grootschalig experiment met zelfrijdende auto’s. In de digitale stad zullen apparaten op grote schaal via internet verbonden zijn en op elkaar reageren. Er worden locaties voor de nieuwe stad genoemd bij Denver of Detroit. Google werkt onder meer samen met Ford.

 
Mercedes toont toekomst
Mercedes adverteert inmiddels met zelfsturende auto’s. Het is een futuristische clip. In de praktijk kan je op de weg je auto nog nauwelijks zelf laten rijden, maar de boodschap is duidelijk: het zal niet lang meer duren.

https://www.youtube.com/watch?v=kwsLsS7_XkY

 
Marketing gaat veranderen
Naast de methoden om zelfrijdende auto’s aan de man te brengen, is er het verhaal over hoe zulke auto’s in de toekomst de marketing gaan veranderen. Amerikaanse tech- en marketingsites zijn er vol van. Het wordt een compleet nieuw type marketing, voorspelt bijvoorbeeld marketeer Loni Stark op de site techcrunch.
Stark ziet veel kansen, omdat de nieuwe auto’s niet alleen het vervoer veranderen, maar ook het gedrag van mensen. „Dit biedt een nieuwe manier om target audiences te bereiken met gepersonaliseerde services die een toegevoegde waarde bieden.”

 
Creatie van belevingen
In de auto van de toekomst gaan media belevingen creëren. Daarbij kunnen ads die op de persoon zijn afgestemd een plek krijgen. Vergelijk de zelfrijdende auto met een smartphone die gepersonaliseerd is, alleen in dit geval zit je er middenin.

Tijdschrift Adweek verwacht dat radioreclame in het tijdperk van zelfsturende auto’s fors zal afnemen. Want alternatieven met ad-mogelijkheden nemen het over. Even je favoriete Netflix-serie op het scherm als je op de snelweg bent. Of je favoriete Youtube-kanaal bekijken terwijl je op weg bent naar een sportwedstrijd. Het kan.
Geen losstaande reclames, dat wil de consument niet meer. Ads moeten de experience in de zelfrijdende auto mooier maken. Zoals neonlichten iets kunnen toevoegen aan de sfeer in een stad. Of in de woorden van een Amerikaanse marketeer: the ads moeten gebouwd worden in de organic experience van de auto, bijvoorbeeld via een tablet of tv-scherm waarop de reiziger entertainment of zakelijke content kan bekijken.

Omdat de auto voortdurend in verbinding staat met de omgeving kan de content – net zoals op de smartphone – perfect aansluiten bij de route. Wie met z’n kinderen op weg is naar een pretpark krijgt iets anders te zien dan iemand die naar een winkelcentrum rijdt.

 
Verdwijnt out-of-home reclame?
Over de toekomst van out-of-home reclame zijn de meningen verdeeld. Sommige analisten denken dat billboards langs de weg zullen verdwijnen, omdat passagiers vooral bezig zijn met beeldschermen in de auto. Vergelijk het met de trein: veel passagiers kijken nauwelijks meer naar buiten, maar vooral op hun smartphone.
Andere marketeers zien juist extra mogelijkheden. Nu mogen billboards langs de weg bestuurders niet te veel afleiden want die moeten op het verkeer letten. In de toekomst mag digitale reclame langs de weg zo inventief worden als je maar wilt. Geef de reiziger een ervaring die hij nooit meer vergeet.

 
Cookies van een ton
Om meer informatie over de klant en zijn bestemming te krijgen, houden bedrijven contact met de zelfrijdende auto’s. Data kunnen informatie geven over reisgewoonten of muziekvoorkeuren, die kan worden gebruikt om passende content voor te schotelen. „Het is zo rijk,” zegt marketeer Fred Sattler in Adweek. „Je kunt de auto zien als een cookie met een gewicht van een ton.”

Onderzoek van Ericsson laat zien dat potentiële kopers van een zelfrijdende auto geïnteresseerd zijn in connected services van hun favoriete merken. Maar consumenten willen meer zeggenschap. Ze willen steeds vaker zelf bepalen van welke bedrijven ze advertenties toestaan. Daar komen adblockers in beeld. „De auto van de toekomst kan zomaar uitgroeien tot een content-blocking machine,” zegt analist David Deal, die er meteen aan toevoegt dat de auto een uitstekende marketingplek kan zijn voor ‘useful, entertaining content’.

 
Duitse autofabrikanten in de verdediging
Hoe snel zelfsturende auto’s daadwerkelijk door de straten zullen rijden is nog onzeker. Veel merken zijn ermee bezig. Enige tijd geleden konden de Duitse autofabrikanten nog lachen om Elon Musk van Tesla.
Voormalig Daimler-topman Edzard Reuter noemde afgelopen november Tesla nog ‘een grap die niet serieus te nemen is vergeleken met de grote autobedrijven in Duitsland’. Inmiddels zijn ook de autofabrikanten in Duitsland om. Sommige proberen allianties aan te gaan met techbedrijven als Apple, Tesla of Google. Het zit grotendeels nog in de proeffase, maar het kan snel gaan.

 
Even Apeldoorn bellen
Sceptici laten ook van zich horen. Dat heeft geleid tot verrassende commercials, relativerend en met humor, zoals deze van Centraal Beheer Achmea.

https://www.youtube.com/watch?v=eu2ewxZ9IbY
Monday, 09 May 2016 | Written by Ralph Rozema

CEO Jan Koum wil met WhatsApp e-mail vervangen

WhatsApp wil ook op kantoren de standaard worden. De app voor berichten moet emaildiensten van bedrijven gaan overnemen. Dat maakte CEO Jan Koum eerder dit jaar bekend op een conferentie in München. Koum is een buitenbeentje in de techwereld. Hij bracht zijn jeugd door op het arme platteland in Oekraïne. Nu is hij miljardair in Californië.
 
WhatsApp heeft sinds de oprichting in 2009 razendsnel aan populariteit gewonnen. Inmiddels maken meer dan een miljard mensen gebruik van de app op de smartphone. De ambities van CEO Jan Koum zijn er niet minder om: de app moet ook hét alternatief voor email worden.

WhatsApp wil uitbreiden naar kantoortoepassingen en emaildiensten integreren in de app. Er is al een webversie die je kunt synchroniseren met je smartphone. Dan kun je ook berichten vanaf je desktop versturen.

De kantoorversie moet uiteindelijk met elk type bijlage overweg kunnen. „Gebruikers kunnen nu al een pdf met WhatsApp versturen. We gaan de app voor andere typen data geschikt maken, zodat mensen op kantoor die met collega’s kunnen uitwisselen,” zegt Koum tegen online magazine Giga.

 
Van Oekraïne naar de VS
De grootse plannen van de CEO van WhatsApp staan in scherp contrast met zijn eenvoudige komaf. Koum groeit op in Oekraïne, toen nog deel van de Sovjet-Unie, in een huis waar niet eens stromend water is. „Het dorp was zo eenvoudig. Onze school had geen toilet in het gebouw. Denk je de Oekraïense winter in, twintig graden onder nul, en kinderen moesten over de parkeerplaats naar een toilet gaan.”

Als Jan Koum zestien is, emigreert hij in 1992 samen met zijn moeder naar de Verenigde Staten. Door hun joodse achtegrond ziet de familie geen toekomst in het communistische Oekraïne, waar antisemitisme aan de orde van de dag is. De VS lijkt een uitweg om verder te komen.

Koum en zijn moeder komen terecht in Moutain View in Californië, tegenwoordig bekend als de plaats waar techbedrijven als Google en LinkedIn hun hoofdkantoor hebben gevestigd. De jongen uit Oekraïne raakt geïnteresseerd in programmeren, studeert enige tijd aan San José State University en gaat werken als programmeur bij Ernst & Young en Yahoo.

Hij is gefascineerd door social media. Hij klopt bij Facebook aan voor een baan, maar wordt resoluut geweigerd. Datzelfde jaar gaat hij met ex-Yahoo-collega Brian Acton aan de gang met een eenvoudige en snelle berichtendienst, die hem uiteindelijk miljardair zal maken.

 
What’s up?
De naam WhatsApp is er vanaf het begin. Het klinkt als ‘What’s up?’, die gewone vraag waarmee je even bij je vrienden binnenvalt. Het kleine vriendengroepje dat aanvankelijk meedoet, groeit snel.

Het geheim van het succes is dat de app al in het eerste jaar internationaal gaat. WhatsApp wordt hét alternatief voor dure sms-diensten van gevestigde telefoonbedrijven. De app komt beschikbaar in meerdere talen.

 
Overname door Facebook voor 19 miljard
De groei gaat zo snel dat Facebook alsnog belangstelling toont. CEO Mark Zuckerberg nodigt Koum uit en na vele wandelingen sluiten ze uiteindelijk een deal. Facebook neemt begin 2014 Whatsapp over voor niet minder dan 19 miljard dollar.

Facebook heeft een groot belang bij de deal. Want de Facebook Messenger is vooral populair bij Amerikanen. WhatsApp is juist dominant in landen als India, Brazilië en in Afrika, waar Facebook meer voet aan de grond wil krijgen. Voor Koum opent de deal de weg naar snelle groei. WhatsApp kan zijn gang gaan en hoeft zich even niet druk te maken over financiën.

Koum wil WhatsApp uitbreiden van een berichtendienst tussen vooral vrienden naar het zakenleven. „We hebben de sms-technologie voor consumenten verbeterd. Nu willen we hetzelfde doen met commercial messaging,” zegt hij in Wired.

 
Van restaurants, airlines tot banken
Hij noemt als voorbeeld een reservering voor een restaurant. Niet de telefoon pakken of een aparte app openen, maar een WhatsApp-bericht sturen. Op dezelfde manier waarop je met je vrienden hebt afgesproken om uit eten te gaan. „Misschien antwoordt het restaurant met een paar opties. En dan is één druk op een knop voldoende om je reservering definitief te maken.”

WhatsApp moet vooral voor multinationals interessant worden. Koum: „Die bedrijven opereren wereldwijd. Denk aan airlines, autoverhuur, banken. Die kunnen deze vorm van messaging wel eens omarmen, omdat WhatsApp ze - meer dan andere media - efficiënt toegang geeft tot veel mensen.”

 
Wereldwijde encryptie
Eigenaar Facebook heeft de naam het niet zo nauw met de privacy te nemen, maar bij Whatsapp zijn de berichten sinds kort versleuteld. Van zender tot ontvanger. De encryptie gebeurt voor alle communicatievormen: berichten, gesprekken, video’s en foto’s. WhatsApp zegt er ook zelf niet bij te kunnen.

WhatsApp werpt daarmee een muur op voor overheden die willen meekijken. En dat gebeurt op een ongekende schaal, waarbij een miljard telefoons zijn betrokken.

In een video van de The New York Times vertelt Koum waarom hij privacy zo belangrijk vindt. „Ik groeide op in een land waar mijn ouders niet eens vrij konden telefoneren. Mijn moeder zei vaak: dit kan ik niet over de telefoon zeggen, ik vertel het je persoonlijk. De muren hadden oren, je kon niet vrij praten.”

 
Bescheiden kantoortje
Het kantoor van WhatsApp is opvallend klein. Er werken ruim vijftig employees om de app voor een miljard mensen draaiende te houden. Ondanks zijn ambitie om WhatsApp te laten groeien, is Koum in de social mediawereld bescheiden gebleven. Hij wil geen ondernemer genoemd worden. En al rijdt hij tegenwoordig in een Porsche, zijn belangrijkste doel, zegt hij, is niet rijkdom, maar het maken van een groots product.
Friday, 06 May 2016 | Written by Ralph Rozema

Apple, Google of Facebook: wie krijgt het hipste superkantoor?

Techbedrijven en social media in Silicon Valley wedijveren om het mooiste hoofdkantoor. Het is hun visitekaartje naar de wereld toe. Het ruimteschip van Apple, de groene campus van Google of de grootste kantoorzaal ter wereld van Facebook. Bekende architecten doen mee, want het mag wat kosten.
 
Het zijn dé bedrijven die de samenleving veranderen en hun hoofdkantoren zijn hun visitekaartjes. Supermodern zou je verwachten, maar dat blijkt maar ten dele het geval. Waarom besteden Google en Apple miljarden aan ontwerpen die zo uit de jaren zestig van de vorige eeuw lijken te komen, vraagt The New York Times zich af.

Bij Google werd het besluit vorige maand definitief. Na enige strijd met LinkedIn, omdat beide giganten precies dezelfde lap grond in het Californische Mountain View op het oog hadden, gaat de bouw van de nieuwe Google campus nu iets verderop van start.

Apple zit in Cupertino, zo’n vijftien kilometer verder, en is daar bezig een gebouw in de vorm van een reusachtig ruimteschip te verwezenlijken.

 
Facebook: grootste kantoorzaal ter wereld
Het nieuwe Facebook hoofdkantoor in het nabijgelegen Menlo Park is inmiddels klaar. Het is ontworpen door de vermaarde Amerikaanse architect Frank Gehry. In Europa is hij bekend van de Fondation Luis Vuitton, het nieuwe futuristische museum in Parijs, dat je vooral bezoekt vanwege het gebouw zelf.

Voor Facebook ontwierp Gehry een kantoor met een prachtige daktuin en een eindeloze zaal met fabriekselementen, waar teams achter hun beeldschermen aan het werk zijn. Er werken 2.800 mensen. CEO Mark Zuckerberg zit aan een tafel in het midden. Televisiestation CNBC mocht een kijkje in het kantoor nemen. De video is hier op CNBC terug te zien.

„Het creëert een sfeer die uitnodigt tot samenwerken,” zegt Lori Goler, HR manager bij Facebook tegen CNBC. „Er is spontaniteit doordat mensen elkaar tegenkomen. Ze innoveren samen. Het maakt het tot een creatieve ruimte. (...) Je kunt niet door deze ruimte lopen zonder anderen te ontmoeten.”

 
Google’s nieuwe groene campus
Het ontwerp voor Google’s nieuwe campus geeft ruimte aan de natuur met veel groen. Ook komen er passages en winkels waar het publiek welkom is, want het sleutelwoord bij Google is openheid. Het zijn verschillende gebouwen met een overkoepeling in de vorm van een tent waarop zonnepanelen komen. Het ziet er modern uit en tegelijkertijd een beetje retro. Ideaal voor kampeerders, zeggen critici met enige hoon.

Het is een internationaal project. De Deense architect Bjarke Ingels en zijn Londense collega Thomas Heatherwick lichtten afgelopen jaar het project toe. De ontwerpen zijn te zien vanaf april 2018).

 
https://www.youtube.com/watch?v=z3v4rIG8kQA

 
 
„De omgeving wordt nu gedomineerd door drukke wegen en parkeerplaatsen. Dat gaan we anders doen,” zegt Heatherwick. „We willen dat proces omkeren en de kwaliteit van de natuur voorop stellen,” vult Ingels aan. Opvallend in het ontwerp zijn de fiets- en voetpaden. Het moet een plezier zijn op de campus te joggen, te skaten of de fiets te nemen.

Delen van de campus zullen flexibel zijn. Kantoorruimtes moeten te verplaatsen zijn naar plekken waar die nodig zijn. „We willen innovatieve werkplekken creëren. En we willen dat de plaatselijke gemeenschap en de natuur van de campus gaan profiteren,” vat een Google-woordvoerder het project samen. Het is nog onbekend wanneer de nieuwe Google campus klaar zal zijn.

 
Apple: een ruimteschip voor 14.000 employees
De ontwerpen van Apple en Google zijn werelden van verschil. Apple komt met een gigantisch cirkelvormig gebouw met daarbinnen veel groen, afgesloten van de buitenwereld. Het past, zeggen analisten, bij de geheimzinnigheid en sterk gecontroleerde marketingstrategieën van Apple. Waar Google juist naar buiten treedt, lijkt Apple zich symbolisch af te schermen van de buitenwereld. Overigens wil Apple, net als Google, enkele delen van het gebouw voor het publiek openstellen.

Het vier verdiepingen hoge gebouw krijgt zonnepanelen, een fitness centrum dat alleen al 75 miljoen dollar kost  - het hele gebouw komt naar schatting op vijf miljard - en een ondergronds auditorium met duizend zitplaatsen. In de parkeergarage is plek voor ruim veertienduizend auto’s.

 
2001: A space odyssey
De ring van Apple doet denken aan een immens ruimteschip dat op aarde is geland. Maar wel een ruimteschip zoals we ons dat in de vorige eeuw voorstelden. Het roept associaties op met Stanley Kubrick’s film ‘2001: A space odyssey’ van eind jaren zestig. Zachte rondingen in gebouwen zoals dat toen gangbaar was, komen samen met moderne technologie.

Architect Norman Foster van het Britse architectenbureau Foster+Partners, bekend van Wembley Stadium en van de Hearst Tower in New York, zegt dat het ontwerp voor Apple geïnspireerd is op een plein in Londen, waar huizen een park omringen.

Opnames met een drone laten zien hoe de stand van zaken in april 2016 is:

 
https://www.youtube.com/watch?v=jn09eBljAzs

 
Het nieuwe Apple-kantoor moet eind dit jaar klaar zijn.

 
Uber: futuristisch hoofdkwartier
In San Francisco is tech- en taxibedrijf Uber flink aan de gang. De nieuwe kantoren komen er futuristisch uit te zien met veel glazen wanden. Uber heeft al enkele gebouwen in de stad en daar komen eind volgend jaar nieuwe kantoren bij, waarmee de werkruimte verdubbelt.

Niet alleen Silicon Valley in Californië, ook Seatlle in het noordwesten van de Verenigde Staten, is een hub waar techbedrijven grote kantoren neerzetten, aangetrokken door de vele programmeurs die er zitten. Microsoft heeft z’n hoofdkwartier vlakbij de stad. Amazon bouwt er een nieuw hoofdkantoor met grote wolkenkrabbers. Google en Facebook breiden er uit met nieuwe kantoren.

Hoe verschillend de ontwerpen ook zijn, de boodschap laat geen twijfel bestaan: tech bedrijven hebben de toekomst.
Friday, 29 April 2016 | Written by Ralph Rozema

Facebook gaat apps en App Store overbodig maken

Dankzij chatbots en kunstmatige intelligentie gaan bedrijven via Facebook Messenger diensten en producten rechtstreeks aan klanten verkopen. Een aparte app gebruiken is dan niet meer nodig. CEO Mark Zuckerberg van Facebook ontvouwde deze week zijn plannen voor de komende tien jaar. Apple en Google zijn gewaarschuwd.

 
De koppen in Engelstalige media liegen er niet om. ‘Facebook’s new masterplan: kill other apps.’ (het publieke radiostation NPR) en ‘Facebook is playing a dangerous game with Apple’ (Business Insider UK).

Mark Zuckerberg houdt een indrukwekkende speech op het jaarlijkse ontwikkelaarscongres F8 in San Francisco. Deze keer is anders dan anders, want de Facebook CEO ontvouwt zijn plannen voor de komende tien jaar

 
Productcommunicatie
De CEO spreekt over nieuwe vormen van productcommunicatie, over connectivity, de opmars van artificial intelligence, en over virtual en augmented reality.

„Jullie hebben waarschijnlijk dagelijks interactie met bedrijven. En dat kan van grote betekenis zijn,” houdt Zuckerberg zijn gehoor voor. „Maar ik heb nog nooit iemand gehoord die graag een bedrijf belt. En niemand wil een aparte app installeren voor elke service of bedrijf waarmee je interactie hebt.”

 
Verkopen via het Messenger Platform
Zuckerberg ziet een andere manier van communiceren voor zich. „Wij vinden dat je een message naar een bedrijf moeten kunnen sturen net zoals je dat naar je vrienden doet. Je moet snel een antwoord krijgen. En het moet niet nodig zijn daar elke keer een nieuwe app voor te installeren.”

Hij gaat in op het nieuwe Messenger Platform. „Jullie (ontwikkelaars) kunnen chatbots bouwen voor de Messenger. Het is een eenvoudig platform en je kan gebruik maken van onze kunstmatige intelligentie. Daarmee kan je services bouwen waarmee bedrijven rechtstreeks gaan communiceren met consumenten.”

 
Artificial Intelligence
Chatbots - denk aan digitale assistenten, maar je kunt ze zo geavanceerd maken als je wilt  - zijn programma’s die op kunstmatige intelligentie draaien. De mogelijke antwoorden zijn voorgeprogrammeerd en dat gebeurt steeds beter. Het voordeel van bots is dat ze draaien op elk systeem – of het nu een iPhone of Android phone is.

Facebook heeft veel geïnvesteerd in Artificial Intelligence, waardoor chatbots steeds natuurlijker reageren. En als je er toch niet uitkomt, kun je chatten met een echte persoon bij een bedrijf.

 
Van bloemenzaak tot KLM
Zuckerberg gaat enkele voorbeelden langs. Zoals een bloemenzaak die je normaal moet bellen voor een boeket. Zo’n bestelling moet in de toekomst dus via de messenger gaan.

Een ander voorbeeld is nieuwszender CNN die al een menu in de messenger heeft ingebouwd. Als je als gebruiker een item over een bepaald onderwerp wilt zien, stuur je CNN een bericht. Het bedrijf stuurt dan informatie terug over het gewenste product dat je dan kunt bekijken.

Op het scherm achter Zuckerberg zijn enkele tientallen bedrijven te zien die al meedoen. Daarbij valt KLM op. Bij de luchtvaartmaatschappij kan je inchecken via de messenger.

 
Marketing met inzet van bots
De marketing van bedrijven gaat daarmee veranderen. Want bedrijven kunnen via de messenger goed persoonlijk contact met klanten onderhouden. Met de inzet van bots bij marketing is in het westen nog weinig ervaring opgedaan. Het meest genoemde voorbeeld komt uit Azië. WeChat begon als een gewone app, maar is uitgegroeid tot een platform waar miljoenen gebruikers producten bestellen en rekeningen betalen.

Marketing zal in de visie van Zuckerberg overigens steeds vaker gaan in de vorm van live video. De CEO wijst erop dat live video langer wordt bekeken dan een vooraf opgenomen clip en dat er gemiddeld tien keer zoveel reacties op komen.

 
Het einde van veel apps
Als de nieuwe aanpak van Facebook een succes wordt, kan dat desastreus uitpakken voor allerlei diensten, zoals news apps, online shopping sites of muziek streaming services, die overbodig worden als steeds meer interactie via de messenger gaat. Zelfs de Google zoekpagina zal bezoekers kwijtraken.

 
Spanning tussen Facebook en Apple
Het nieuwe Messenger Platform zorgt voor grote spanning met bedrijven als Apple. Het vervangen van apps is het laatste wat Apple wil. Dat zou betekenen dat de App Store aan de zijlijn komt te staan.

Maar Facebook is ook afhankelijk van Apple, omdat Facebook op iPhones draait. Zuckerberg zegt in zijn speech dat een deel van de apps gewoon blijft bestaan. Denk alleen al aan WhatsApp of Instagram, waar Facebook overigens zelf eigenaar van is. Als Zuckerberg met zijn Messenger te hard van stapel loopt ten koste van de App Store, kan Apple wel eens hard terugslaan.

De verwachting is dat chatbots op korte termijn apps niet volledig zullen vervangen, maar dat de twee naast elkaar zullen bestaan. Facebook trekt vijf jaar uit om het Messenger Platform tot een succes te laten uitgroeien.

 
De eerste satelliet gaat de ruimte in
 Zuckerberg kondigt verder aan dat binnen enkele maanden de eerste satelliet van Facebook de ruimte in zal gaan. Want meer mensen moeten connected zijn met internet. De satelliet gaat mensen in het Afrika ten zuiden van de Sahara toegang tot internet geven. En Facebook heeft meer plannen voor ontwikkelingslanden. Het open platform Free Basics moet mensen in ontwikkelingslanden via internet toegang geven tot basisvoorzieningen als educatie en gezondheidszorg. Het open source programma werkt inmiddels in 37 landen, zoals Indonesië en Colombia.

 
Meest politieke speech ooit
De speech van Zuckerberg wordt gezien als de meest politieke die hij ooit heeft gehouden. Hij wil mensen verbinden en iedereen hoort daarbij. „We zijn één wereldwijde gemeenschap.” Hij onderstreept dat vluchtelingen welkom zijn. Hij ziet dat landen zich naar binnen keren. „Ik hoor angstige stemmen die muren willen bouwen. (...) Ik hoor stemmen die de vrijheid van mening willen aanpakken, die migratie willen tegengaan, handel reduceren en zelfs toegang tot internet willen belemmeren.”

 
Virtual reality maakt het leuk
De wereld moet ook leuk blijven. Bijvoorbeeld met virtual en augmented reality dat een flinke sprong gaat maken. Niet alleen kun je overal ter wereld met live video bijvoorbeeld een bruiloft volgen, je kunt het in je eigen kamer laten gebeuren, waardoor je het gevoel krijgt er echt bij te zijn.

Zuckerberg zet de zaal met 2.600 toehoorders op z’n kop als hij aankondigt dat iedereen met een virtual reality-headset naar huis zal gaan en een Samsung smartphone om die aan te sturen. Het is een les in verkopen. Want de beste marketing is nog altijd een gift.

 
Speech
De speech van Mark Zuckerberg is verdeeld over twee YouTube video’s terug te zien. Deel I gaat over de Messenger en hoe interactie met bedrijven gaat veranderen. Deel II gaat over connectivity en virtual reality.

 
Deel I

https://www.youtube.com/watch?v=STm_Lu1X3HY&annotation_id=annotation_54512661&feature=iv&src_vid=U8SXVlfh5k0

 
Deel II

https://www.youtube.com/watch?v=U8SXVlfh5k0&src_vid=STm_Lu1X3HY&annotation_id=annotation_953639967&feature=iv

 
 
Friday, 15 April 2016 | Written by Ralph Rozema

Sociaal KLM laat overstappers met local Amsterdam ontdekken

KLM werpt een opmerkelijke app in de strijd om de internationale concurrentie aan te gaan en profileert zich als social airline. Passagiers die overstappen op Schiphol maken via de app een afspraak om met een local de stad in te gaan. De treinreis en het eerste drankje in een Amsterdams café zijn gratis.

 
Het valt niet mee om te concurreren met maatschappijen als Emirates of Singapore Airlines die steeds meer luxe aanbieden. KLM kiest er niet voor nog luxer te zijn, maar wil reizigers een unieke ervaring geven. En daarom is er nu de app: KLM layover with a local.

 
Achtung! & Kraftwerk
Reclamebureau Achtung! & Kraftwerk in Amsterdam ontwierp de app. Het bureau gaf onlangs een presentatie tijdens het festival App-ril in Utrecht. Ruim tweederde van de KLM-reizigers stapt over op Schiphol. En wat is er dan leuker om even de stad in te kunnen. Turn your transfer into a trip! Schiphol is ideaal omdat het zo dicht bij Amsterdam ligt.

 
Hoe werkt het?
KLM-passagiers met tenminste zes uur overstaptijd op Schiphol kunnen via de app een counterpart ontmoeten die hen meeneemt de stad in. Gezellig naar een trendy café en sfeer proeven in Amsterdam (geen musea want daar zijn de wachttijden te lang).

De vrijwilligers die zich hebben aangemeld om reizigers op te vangen, zijn expats die in Amsterdam wonen of Nederlanders die bijvoorbeeld bezig zijn met een talencursus en willen oefenen. Zo hebben beide kanten er wat aan.

Geïnteresseerde passagiers moeten veertien dagen voor de vlucht via de app de afspraak regelen. De app zoekt bij de reiziger drie profielen van mensen met vergelijkbare interesses. De eerste Amsterdammer die reageert vangt de reiziger op. Is de passagier niet tevreden met de keuze, dan zoekt de app een ander.

De reiziger krijgt bij aankomst op Schiphol een treinkaartje dat de KLM heeft klaarliggen en een coupon voor het eerste drankje. In de toekomst gaat dat digitaal. Op het Centraal Station in Amsterdam ontmoeten de mensen elkaar. Daarna kunnen ze in een van de twintig deelnemende cafés kennismaken en de binnenstad ingaan.

 
Proef met drie nationaliteiten
In maart is een pilot van drie maanden van start gegaan. Drie buitenlandse nationaliteiten doen mee: Amerikanen, Canadezen en Italianen. „We willen zien hoe het met zulke verschillende groepen gaat,” zegt Daniël Sytsma, partner bij Achtung! & Kraftwerk. ,,Amerikanen zijn wellicht wat minder avontuurlijk dan Italianen en doen dan minder snel mee. We willen ook weten waar ze tegen aanlopen.”

 
Adweek ziet risico’s
Het Amerikaanse tijdschrift Adweek vindt het initiatief verrassend, maar ziet ook risico’s, omdat onbekenden bij elkaar komen in een ongecontroleerde setting. Wat als één van de betrokkenen te veel drinkt of agressief wordt? In het tijdperk van social media kan dat flink nadelig uitpakken voor het bedrijf, vindt Adweek.

Een risico is ook dat passagiers te lang blijven hangen en hun vlucht missen. Maar daar is over nagedacht. Zowel de reiziger als de Amsterdammer krijgen een bericht als het tijd wordt om weer terug te gaan. Bovendien heeft de app een hulpknop voor direct contact met KLM, mocht er een probleem zijn.

 
KLM, The Social Airline
„Het initiatief past in de strategie van KLM om het bedrijf als social airline te presenteren,” zegt Daniël Sytsma van Achtung! & Kraftwerk. Eerder kwam KLM al met ‘Meet and Seat’. Reizigers kunnen via social media persoonlijke informatie delen met medepassagiers en dan kiezen waar ze willen zitten.

De nieuwe app gaat een stap verder. De luchtvaartmaatschappij verwacht dat zowel de deelnemers als KLM als brand gaan profiteren.

https://www.youtube.com/watch?v=825xE9Il4Ws

 
Thursday, 14 April 2016 | Written by Ralph Rozema

Internet of Things rukt op: waarmee willen we connected zijn?

Online verbonden zijn met je apparaten thuis of met je auto: het kan en steeds meer consumenten willen het. Onderweg even je tv, koelkast of alarmsysteem checken. Techbedijf Cisco schat dat er in 2020 zo’n vijftig miljard apparaten online zijn.

 
Mindshare North America liet onderzoeken waarmee consumenten online verbonden willen zijn. Hoge scores in het survey zijn er voor de tv - 79 procent zegt online connected met de tv te willen zijn - en de auto (64 procent).

Driekwart van de mensen wil graag dat het alarmsysteem in huis online te bereiken is. En bijna de helft wil dat voor de koelkast. Bij kleine artikelen neemt de belangstelling snel af. Een vijfde van de ondervraagden is geïnteresseerd als gezondheids- en beautyproducten connected zouden zijn.

 
Bedenkingen
Consumenten hebben ook bedenkingen bij Internet of Things. Meer dan de helft zegt bezorgd te zijn dat bedrijven ongevraagd meekijken bij een aangeschaft product. Bedrijven kunnen steeds vaker online nagaan wanneer, hoe en en hoe vaak een apparaat of product wordt gebruikt. Dat gaat de meeste consumenten veel te ver.

Privacy moet voorop staan, erkent managing director Jeff Malmad bij Mindshare North America in een reactie. „Marketeers moeten waarborgen dat consumenten kunnen kiezen om wel of niet mee te doen bij connected ervaringen.”

 
2016 jaar van grote doorbraak
 Onderzoeksbureau Gartner ging na hoe bedrijven staan tegenover Internet-of-Things (IoT). Het bureau voorspelt dat 2016 het jaar van de grote doorbraak wordt. Het wereldwijde survey van Gartner wijst op een grote verschuiving. Tot nu toe was IoT vooral iets interns bij bedrijven: werknemers hadden online contact met eigen machines; nu wordt de consument steeds vaker online verbonden met apparaten.

„De investeringen voor IoT-ervaringen voor consumenten zullen dit jaar bijna verdubbelen,” zegt vice-president Jim Tully van Gartner. „IoT wordt daarmee een effectief wapen in de concurrentie tussen bedrijven.”

 
Mercedes en Ford
De autoindustrie is een van de voorlopers. Merken als Mercedes en Ford zitten bovenop Internet of Things, omdat ze de druk voelen van bedrijven als Google en Tesla. Google experimenteert met zelfrijdende auto’s en loopt met online technieken voorop. Mercedes en Ford kunnen het zich niet veroorloven achter te blijven.

Tesla presenteert zichzelf niet als autofabrikant, maar als een tech company. „Tesla komt een paar keer per jaar met software updates,” weet Macario Namie van techbedrijf Jasper/Cisco, dat werkt aan connected cars. „Ze presenteren zich als softwarebedrijf, dat toevallig de hardware van een auto als platform gebruikt. Dat is de richting die ook traditionele autofabrieken steeds meer op zullen gaan.”

 
Big data
 Whirlpool, onder meer bekend van wasmachines, werkt sinds begin dit jaar samen met IBM Watson aan online verbindingen met huishoudelijke apparaten. De big data die daar vandaan komen, worden opgeslagen in de IBM Cloud. Whirlpool krijgt zo een beter idee van problemen die spelen als hun apparaten worden gebruikt en hoe ze die kunnen oplossen.

„Data verkrijgen is cool, maar het gaat erom dat je daarmee komt tot oplossingen voor je bedrijf. Dat is wat we hier doen,” zegt Christopher O’Conner in Adweek. O’Conner is als IBM’s general manager voor Internet of Things nauw betrokken bij de samenwerking met Whirlpool.

 
Profits op lange termijn
 Techbedrijven zijn klaar voor Internet of Things, maar veel marketeers die het kunnen toepassen, aarzelen nog. Op de korte termijn verdien je je investeringen niet terug, vinden ze. Ze hebben een punt: de voordelen zie je pas op lange termijn, maar wie te lang wacht, ziet de concurrentie aan zich voorbij gaan.

 
Friday, 08 April 2016 | Written by Ralph Rozema

Het grote dilemma van Instagram CEO Kevin Systrom

Hij maakte arty foto’s in zijn studententijd  – een spannende schaduw in Chinatown, dat soort beelden – en is nu de baas van Instagram, het grootste sociale fotonetwerk ter wereld. Het moet om de foto’s blijven gaan, vindt CEO Kevin Systrom. Maar hij ligt onder vuur nu hij de tijdlijn gaat veranderen.  

 
Met meer dan 400 miljoen maandelijkse gebruikers, wordt Instagram steeds interessanter voor adverteerders. Een nieuw algoritme moet de volgorde van de foto’s die de gebruikers zien gaan veranderen: niet meer chronologisch, maar afgestemd op persoonlijke interesses van de gebruiker.

Marketeers noemen de stap onvermijdelijk om het medium voor adverteerders geschikter te maken. Veel gebruikers op Instagram zijn tegen het plan. Ze vrezen dat het ten koste van de creativiteit gaat.

Nederland telt ruim twee miljoen gebruikers. Het is sinds oktober 2015 mogelijk op Instagram  te adverteren. Maar in reacties vegen gebruikers vaak de vloer aan met advertenties als die visueel niet van zeer hoge kwaliteit zijn.

 
Dilemma
De rol van adverteerders werpt een dilemma op voor Systrom, die in april 2012 akkoord ging met de overname van Instagram door Facebook.

Een eerder plan om alle foto’s op Instagram beschikbaar te stellen voor adverteerders, stuitte op zoveel verzet dat het werd geschrapt. De Instagram CEO staat onder druk om adverteerders meer ruimte te geven, maar wil gebruikers voorop laten staan. Die missen nu posts van brands, maar ook van anderen die ze volgen.

Systrom is op zoek naar een middenweg. „Gemiddeld missen gebruikers 70 procent van hun posts in hun Instagram feed,” zegt hij in The New York Times. „Wat we willen is dat de 30 procent die je wel ziet, het best mogelijke is.”

 
Stanford University
Kevin Systrom ontmoet Mark Zuckerberg van Facebook tijdens zijn studie aan Stanford University. Zuckerberg vraagt hem dan om bij Facebook te komen werken, maar dat aanbod slaat hij af. Hij gaat stage lopen bij Odeo, de voorloper van Twitter, en werkt daarna twee jaar bij Google. Samen met studievriend Mike Krieger richt hij in 2010 Instagram op.

Kevin en Mike bedenken samen het even eenvoudige als revolutionaire concept voor Instagram als social netwerk. „In plaats van inchecken met een optionele foto, dachten wij: waarom nemen we niet een foto als uitgangspunt met een optionele check-in,” zegt Systrom.

Het is hem op het lijf geschreven. Fotografie is verweven met zijn leven, van de tijd dat hij voorzitter is van de fotoclub op zijn middelbare school tot de fotocursus die hij volgt in Florence in Italië.

 
De eerste Instagramfoto
Tijdens een vakantie in Mexico is er nog een moment dat grote invloed op de populariteit van de app zal hebben. Kevin is met zijn vriendin Nicole Schuetz (ze zijn begin dat jaar getrouwd) op het strand in Mexico. Zij zegt dat ze de app van hem niet zal gebruiken, omdat haar foto’s niet goed genoeg zijn, lang niet zo goed als die van een kennis die ze noemt. „Ja, maar hij gebruikt filters die de foto mooi maken,” weet Kevin. En zij antwoordt: „Wel, dan moeten jullie dus ook filters hebben bij je app.”

Terug in het hotel maakt Kevin zijn eerste filter, de X-pro II. Dat gebruikt hij bij een foto op het strand. Het wordt de eerste Instagram-foto: een zwerfhond met daarbij Nicole’s voet in beeld. Niet de mooiste foto, maar toch. Systrom gaat met meer filters aan de gang. Acht weken later is Instagram klaar om live te gaan. Dat gebeurt op 6 oktober 2010.

 
Twitter vist achter het net
Vanaf het begin is Instagram een hit. Binnen een dag heeft het netwerk 25.000 volgers. Dat is mede te danken aan publiciteit door mensen als Jack Dorsey, de Twitter CEO, met wie Systrom bij Odeo heeft samengewerkt.

Systrom weet investeerders aan te trekken, waardoor Instagram verder kan groeien. En dat valt ook anderen op. Dorsey van Twitter stelt voor om Instagram voor een bedrag van rond de 500 miljoen dollar over te nemen. Systrom overweegt het, maar zegt uiteindelijk nee, omdat hij zelfstandig wil blijven.

 
Een miljard dollar kan je niet afslaan
En dan komt Mark Zuckerberg van Facebook. „Zij kregen veel traffic van ons,” zegt Zuckerberg in het tijdschrift Vanity Fair. „Het leek mij dat we goed één bedrijf konden vormen.”

Zuckerberg ziet Instagram als een mooie aanvulling. Instagram is hip, elegant en bovenal ‘mobile-first’. Dat laatste is precies wat dan aan Facebook ontbreekt.

Als Systrom bij hem thuis in Palo Alto komt, biedt Zuckerberg een bedrag van een miljard dollar. Instagram is op dat moment een bedrijfje met dertien werknemers. Systrom overlegt met zijn partner Krieger en binnen een paar dagen is de deal rond. Een belangrijke overweging is dat Instagram een eigen lijn kan blijven volgen.

 
Van Taylor Swift tot The New York Times
De gebruikers van Instagram zijn overwegend jong: veel tieners en twintigers. Celebrities als Taylor Swift hebben tientallen miljoenen volgers. Maar ook professionele fotografen gebruiken de app om hun werk te tonen. En gevestigde media nemen foto’s over. Zoals The New York Times, die met vierkante foto’s van Instagram begin vorig jaar de sneeuwstorm in New York liet zien.

Het succes maakt dat Systrom bedachtzaam is met veranderingen, zoals een nieuwe tijdlijn. ,,Als we iets goed doen met ons bedrijf is het dat we een grote verandering langzaam en bewust uitvoeren. We doen dat samen met onze community,” zegt hij. ,,Het is niet zo dat mensen morgen wakker worden en een ander Instagram vinden.”

 
De paus sluit zich aan
Te zien aan zijn eigen Instagram-account is Systrom veel op reis. Hij post selfies met celebrities. In februari zie je hem op audiëntie bij de paus. „We spraken over de kracht van beeld om mensen van verschillende culturen en talen bij elkaar te brengen,” schrijft hij op zijn Instagram post. Het bezoek blijft niet zonder vervolg: in maart opent de paus een account op Instagram. Binnen een dag heeft hij 570.000 volgers.

 
Bedrijven die de wereld veranderen
Het is een prestatie om een bedrijf met zoveel volgers in goede banen te leiden. In de krant The Telegraph geeft Systrom in een interview iets van zijn geheim als CEO prijs. Ik combineer een technische en sociale kant, vertelt hij. „Ik ben bedreigend genoeg omdat ik programma’s kan coderen en sociaal genoeg om ons bedrijf te verkopen.”

„We leren terwijl we verder komen,” zegt hij in hetzelfde interview. „En, by the way, terwijl we dat doen, maken we bedrijven die de wereld veranderen.”
Wednesday, 06 April 2016 | Written by Ralph Rozema

Hoe Trump de eerste social media president kan worden

Donald Trump is de ‘king of social media’. Hij gebruikt ze niet alleen effectief, hij herschrijft ze en zet ze volledig naar zijn hand. Van Facebook, Instagram, Snapchat tot Twitter: Trump is er de baas. Hoe krijgt hij dat voor elkaar? En wordt hij de eerste sociale media president?
 
Ruim 1,9 miljoen uur hebben Amerikanen in de eerste helft van maart besteed aan het bekijken van content van Trump op social media. Bij Hillary Clinton was dat nog geen derde daarvan, zo’n 630 duizend uur. De cijfers komen van social mediabureau SocialFlow.

„Het is voor het eerst in de verkiezingsrace dat social media de uitslag kunnen bepalen,” zegt SocialFlow CEO Jim Anderson. „En Trump laat zien dat hij als een showman de conversatie kan domineren.”

 
Trump als entertainer
Trump veegt de vloer aan met personen en met etnische groeperingen. „In het oude systeem zou dat stemmers afschrikken. Maar op social media als Twitter zijn zulke aanvallen geen probleem,” zegt analist Van Jones van CNN. „Sterker nog, je krijgt er meestal meer volgers door. Veel meer zelfs.”

Jones verwachtte dat Trump zijn entertainment-kant achter zich zou laten, over de muur heen zou stappen en de politiek serieus zou benaderen. „Niets bleek minder waar. Trump bleef zoals hij was. Hij trok het politieke establishment over de muur heen naar zijn eigen domein.”

De online strateeg achter de social media-campagne van Trump is de 29-jarige Justin McConney. Hij stimuleert Trump om zijn aanhangers te geven wat ze willen: controversiële content. Hoe meer het provoceert, hoe beter.

 
Conversie in stemmen
Het draait allemaal om conversie: social media-activiteit vertaalt zich in aantal stemmen bij de verkiezingen, stelt analist Alan Rosenblatt in SocialMediaToday. Net zoals bij mensen thuis langsgaan of een kind een aai over de bol geven, leidt actie op social media tot stemmen. Trump wordt soms verweten dat hij weinig campagnevrijwilligers heeft die huizen langsgaan, maar maakt dat ruimschoots goed op social media.

 
Trump als merk
Het merk Trump staat als een huis. Hij kan zich daardoor veel permitteren. „Ik kan midden op Fifth Avenue staan en iemand doodschieten zonder kiezers te verliezen,” zegt hij. En zo gaat hij maar door. Elke keer als je denkt dat Trump nu echt te ver gaat, komt hij ermee weg. Tot dusver, in elk geval.

Trump begon zijn campagne in juni vorig jaar met een niets ontziend en aanstootgevend statement: ‘Mexicaanse immigranten zijn verkrachters’. Door die opmerking en de heftige reacties daarop, stond Trump ineens in de schijnwerpers van de media.

Velen vielen Trump aan. Maar medestanders kregen niet alleen oog voor de Trump-campagne, maar ook voor elkaar. Ze begonnen zichzelf te organiseren in een virtuele community, die de steun voor Trump aanwakkerde.

 
Mexicaanse muur
Later provoceert Trump met zijn opmerking om een muur langs de grens met Mexico te bouwen. De inwoners van het buurland zijn furieus. Maar een klein deel van de Mexicaanse immigranten in de VS steunt Trump. Ze waarderen het dat hij zich afzet tegen de politieke elite en verwachten dat hij voor banen zorgt. Het is de vraag of Trump zijn plan gaat intrekken als hij president zou worden.

Trump’s strategie is om de media te shockeren. De provocaties werken door in de traditionele media en op social media, schrijft Joel Simon in vaktijdschrift Columbia Journalism Review. Traditionele media nemen over wat Trump op social media zegt. Zijn aanhangers verspreiden en vergroten in social media alles wat hij op tv of in de krant zegt.

 
Slimme hashtags
Op social media als Facebook, Instagram of Twitter doet Trump het uitstekend. Op Twitter heeft hij 7,2 miljoen volgers tegenover de 5,8 miljoen twitteraars die Hillary Clinton volgen.

Trump is aanvallender, Hillary Clinton politiek meer inhoudelijk. Na de aanslagen in Brussel twittert Clinton dat, hoe erg het ook is, moslims welkom blijven in VS. Trump hoont ‘incompetent Clinton’ weg met haar idee van ‘open grenzen’, maar blijft op de vlakte hoe het dan wel moet worden geregeld.

Trump’s volgers bedenken slimme hashtags voor hem, meer dan bij andere kandidaten gebeurt, mogelijk omdat Trump hun tweets vaak verder verspreidt door ze te retweeten.

 
Teddybeer met tanden
Op fotosite Instagram is Trump niet weg te slaan. Hij heeft er meer dan een miljoen volgers, waarmee hij Clinton ruimschoots achter zich laat. Er zijn shots van Trump met celebrities, van zijn familie, maar ook – en daar onderscheidt Trump zich in – van ‘wilde’, niet geregisseerde momenten.

We zien Trump op campagne een tirade afgeven. Het is ongecensureerd, soms vulgair, in elk geval ongepolijst en authentiek. „Instagram was de Teddybeer onder de social media. Donald Trump heeft de Teddybeer tanden gegeven,” zegt mediaprofessor Kerric Harvey van George Washington University in het blad Wire.

 
Privévliegtuig
Je ziet Trump met zijn vrouw of als hij golf speelt. Een foto van de Trump Tower in hartje Manhattan. Dat is zoals iedereen het doet. Maar dan is er die andere kant van Trump waarmee hij scoort. Trump die uitvaart tegen tv-presentatrice Megyn Kelly. Trump in zijn privévliegtuig waarin de veiligheidsgordels met 24 karaats goud zijn afgewerkt. „Mensen kunnen geen genoeg krijgen van dat vliegtuig,” zegt zijn digital campaign manager Justin McConney.

Als je Trump vergelijkt met andere presidentskandidaten, zie je hoe gecontroleerd de foto’s van anderen zijn, op het saaie af. Zelfs de altijd optimistische foto’s van Hillary Clinton moeten het afleggen tegen de chaotische werkelijkheid die Trump neerzet.

 
De nieuwe regels van het spel
„Elke keer als we denken dat het voorbij is met Trump, blijkt hij er nog sterker uit te komen,”  zegt Van Jones van CNN. „Trump schaft de regels niet af. Hij speelt het spel met nieuwe regels.”

Er is een doorgaande lijn in de geschiedenis te zien als je de Amerikaanse presidenten langsgaat. John F. Kennedy was de eerste televisiepresident. Alleen Ronald Reagan, met zijn achtergrond als filmacteur, versloeg hem daarin. Zijn charismatische verschijning op tv gaf hem de bijnaam ‘The Great Communicator’.

 
Social media president
Obama was de eerste president die internet volwaardig inzette. Hij voerde campagne met email, online video, big data en een beetje social media, waarmee hij het spel veranderde.

Al die winnende strategieën kwamen destijds onder een spervuur van kritiek te liggen. Kennedy, Reagan en Obama werden niet goed begrepen, hun strategie werd onderschat.

Trump kan de eerste social media president worden. Ook zijn strategie wordt niet altijd begrepen en roept weerstand op. Maar hij zou er wel eens heel ver mee kunnen komen.
Friday, 25 March 2016 | Written by Ralph Rozema

Adobe kan consument van pc naar tablet of smartphone volgen

Adobe heeft een slimme manier gevonden om consumenten te volgen als ze wisselen tussen pc, tablet of smartphone. Klanten worden dan niet meer lastig gevallen met advertenties van dingen die ze net met een ander apparaat hebben gekocht. Bovendien krijgen ze boodschappen die op de persoon zijn afgestemd. Volgens Adobe willen de klanten dat zelf.

 
Een voorbeeld: je zoekt op je tablet naar een vlucht voor je vakantie, maar je boekt ‘m uiteindelijk op je desktop. Dan kan het gebeuren dat je op je tablet achtervolgd blijft worden door advertenties van de luchtvaartmaatschappij, die denkt dat je de vlucht nog niet hebt geboekt. Het zijn zulke advertenties die mensen aanzetten om adblockers te installeren.

 
Marketing Cloud
 De praktijk is nu dat advertenties toegespitst worden op een bepaald apparaat en niet op de eigenaar daarvan. Google en Facebook doen al langer aan cross-device tracking: mensen volgen als ze naar ander apparaat gaan.

De marketeers die werken met de Adobe Marketing Cloud konden dat tot dusver niet. Bedrijven gebruiken cookies of IP-adressen om online gedrag van consumenten in kaart te brengen en advertenties op de persoon af te stemmen. Maar dat blijft gokken, want je weet nooit zeker wie er achter een pc of tablet zit.

Adobe lanceert nu de ‘cross device co-op’ waarmee marketeers via de Marketing Cloud consumenten van apparaat naar apparaat kunnen volgen. Adobe verwacht 1,2 miljard pc’s, tablets en smartphones met elkaar te kunnen linken. Bedrijven die werken met de Marketing Cloud kunnen er hun voordeel mee doen.

 
Informatie koppelen
 Het is de bedoeling dat marketeers informatie over het online gedrag van hun klanten gaan delen met Adobe. Door die informatie te koppelen wordt duidelijk aan welk apparaat een consument zit. De klanten blijven anoniem, want de informatie wordt gecodeerd verstuurd.

Bedrijven gaan dus alleen links tussen een pc, tablet of smartphone delen en niet andere data zoals een emailadres of telefoonnummer van een klant. Adobe benadrukt dat de deelnemende marketeers aan de cloud niet onderling gegevens gaan uitwisselen.

Het systeem is samen met de Amerikaanse denktank Future of Privacy Forum ontworpen en gaat eerst in de VS van start. Het is nog onduidelijk of het ook aan de privacy-regels van de Europese Unie voldoet. Die regels voor het uitwisselen van gegevens tussen de EU en de VS zijn streng en daar zal Adobe rekening mee moeten houden.

 
Millennials switchen het meest
 Volgens Adobe willen de klanten het zelf. Uit een eigen survey blijkt dat 85 procent van de consumenten een voorkeur heeft voor gepersonaliseerde content, zoals advertenties die op persoonlijke interesses zijn afgestemd.

Bijna acht van de tien gebruikers van een smartphone, tablet of desktop switcht tijdens een activiteit; bij Millennials ligt dat zelfs op 90 procent. Tweederde van de bezitters zegt het irritant te vinden als de apparaten niet zijn gesynchroniseerd.

 
De marketeers ondervraagd
Adobe ondervroeg ook marketeers. Meer dan de helft van hen vindt dat gepersonaliseerde marketing moeilijk is toe te passen omdat er zoveel media online zijn (55 procent) en door de angst bij consumenten om informatie over zichzelf prijs te geven (60 procent).

Opvallend is dat een overgrote meerderheid van de digitale marketeers zegt dat hun eigen bedrijven ‘effectief’ zijn als het gaat om gepersonaliseerde marketing (93 procent). Minder dan tweederde van de consumenten vindt dat marketeers effectief zijn in het tonen van interessante ads (63 procent).

Voor meer informatie:  GetPersonalReport van Adobe.
Wednesday, 23 March 2016 | Written by Ralph Rozema

Uber CEO is op zijn best in de War Room

Hij is de ‘rebel hero’ van Silicon Valley. Zijn apps zijn wereldwijd disruptive. Uber CEO Travis Kalanick wil in elke stad ter wereld winnen. „Transport moet net zo vanzelfsprekend worden als stromend water,” vat hij zijn missie samen. Hij is vastbesloten met zijn apps de wereld te veranderen.

 
Met zijn twee eerdere startups loopt het niet goed af. In Nederland wordt dan op je neergekeken, in Amerika heb je geleerd van je fouten. Travis Kalanick stort zich op zijn nieuwe start-up Uber en trekt miljoenen aan investeringen aan.

Kalanick heeft een drive om mensen te overtuigen met zijn bedrijf mee te doen. Hij is zo geworden omdat het twee keer is misgegaan,” zegt een oud-medewerker. Uber is inmiddels actief in bijna vierhonderd steden in meer dan zestig landen. Geregeld zijn er berichten over nieuwe apps en veroveringen verspreid over de wereld: van Vietnam, India, Mexico tot Zuid-Afrika.

 
In Parijs in de sneeuw
Met zijn vriend Garrett Camp staat hij in 2008 in de sneeuw in Parijs. Ze komen van een congres en er is geen taxi te bekennen. Het is afzien in de sneeuw. De twee zweren het probleem op te zullen lossen met een revolutionaire app. Het is het oorsprongverhaal van Uber.

Het begin verloopt in werkelijkheid iets anders. Het is Camp die met het idee komt een taxibedrijf te beginnen, maar Kalanick ziet er aanvankelijk weinig in. Uiteindelijk beginnen ze in 2010 in San Francisco eerst een kleine limousine-service. Om die luxe voor iedereen toegankelijk te maken,” zegt Kalanick later.

 
Programma vol bugs
De app is in het begin een grote puinhoop. Het programma zit vol bugs en soms worden alle taxi’s naar precies hetzelfde punt in de stad gestuurd.

Het duurt niet lang voor de gemeente San Francisco de dienst als oneerlijke concurrentie verbiedt. Kalanick krijgt wat hij wil: de kans om te vechten. Hij heeft het over een ‘principled confrontation’, een patroon dat in bijna elk land waar hij begint, zal terugkomen.

Kalanick schrapt het woord ‘taxi’ uit de naam van de app en trekt zich verder weinig van de gemeente aan. Ubercab wordt Uber. Hij legt de gemeente uit dat Uber geen taxibedrijf is, maar een ‘technologiedienst voor onafhankelijke chauffeurs’ en komt ermee weg. Iedereen kan voor de dienst zijn eigen auto gebruiken. Uber haalt investeringen binnen en breidt snel uit, eerst in de VS, dan naar Europa.

 
De War Room
De Uber CEO is op zijn best in de War Room, op de bovenste verdieping van het pand in hartje San Francisco. Kalanick en zijn team bedenken hier de strategieën om concurrenten aan te pakken, met lastige overheden om te gaan en soms zelfs om chauffeurs in het gareel te houden.

De Amerikaanse concurrerent Lyft wordt enige tijd aangepakt met fake klanten – aangeduid als Brand Ambassadors - die chauffeurs moeten overtuigen om voor Uber te gaan werken. Om het de concurrent nog lastiger te maken, verlaagt Uber de tarieven voor de eigen chauffeurs, die daarover not amused zijn.

 
Auto’s zonder bestuurder
In een interview laat Kalanick zich ontvallen dat chauffeurs straks helemaal niet meer nodig zijn als auto’s zonder bestuurder rijden. Daarmee drijft hij zijn chauffeurs nog verder tegen hem in. Hij twittert dat het tot 2035 niet zover zal komen, maar de schade is dan al aangericht.

Kalanick erkent dat communicatie niet zijn sterkste kant is. Ik kom uit de computerwereld. Mijn go-go is om iets te coderen en een grootse app uit te brengen waar mensen veel aan hebben.”

Maar hij staat erom bekend prettig in de omgang te zijn in kleine kring.Hij kan een sfeer van vertrouwen oproepen en het gevoel geven dat we de wereld aankunnen,” zegt een oud-medewerker.

 
Vechtersinstinct
In de buitenwereld komt zijn vechtinstinct naar voren. Kalanick zegt dat hij niet zal stoppen totdat hij in alle steden ter wereld heeft gewonnen. Protesten in Europa negeert hij zoveel mogelijk. Als het echt niet anders kan, zoals in Amsterdam, werkt Uber alleen met chauffeurs met taxivergunning. Dat moet dan maar voorlopig. Uber gaat met overheden in gesprek om de regels minder streng te krijgen.

Om de lobby naar de overheid te stroomlijnen trekt hij een topadviseur van president Obama aan. David Plouffe leidde Obama’s verkiezingscampagne in 2008. Het is tekenend dat Kalanick invloedrijke mensen aan zich weet te binden.

Plouffe twijfelde niet. Ik ben het oneens met het idee dat Uber een imagoprobleem heeft. Als je een disrupter bent, dan gaan een boel mensen pijlen op je schieten.” Hij vindt dat overheden er belang bij hebben dat mensen auto’s delen en het verkeer in steden minder vaak vast staat.

 
Een miljard verlies in China
Ubers huidige grootste project is China. Kalanick vertelde vorige maand dat zijn bedrijf een miljard dollar per jaar verliest in China. We hebben een krachtige concurrent die in geen enkele stad winst maakt. Ze kopen hun marktaandeel. Ik had gehoopt dat de wereld anders in elkaar zou zitten.”

De Chinese concurrent Didi Kuaidi opereert in vierhonderd steden. Uber China zit in veertig steden en verwacht dat dit jaar uit te breiden naar honderd. Kalanick zegt Didi Kuaidi uiteindelijk te zullen verslaan door op een slimme manier de uitgaven te beperken.

 
One-tap economy
 Uiteindelijk gaat het Kalanick breder om onze economie als geheel te hervormen. We gaan naar een ‘one-tap economy’, zoals hij het noemt. Eén tap op je smartphone moet voldoende zijn om een dienst of product te verkrijgen.

Bij Uber stijgt het aantal apps snel. Per land, maar ook per dienst. De nieuwe apps vallen onder de veelzeggende naam UberEverything. In de VS kun je bij Uber al maaltijden en medicijnen bestellen of een maatje regelen voor carpooling. „Als we een auto in vijf minuten kunnen regelen, kunnen we je wat dan ook in vijf minuten brengen,” zegt de CEO.

Kalanick en zijn team bedenken het allemaal gaandeweg. Critici vinden soms dat een visie ontbreekt, maar daar heeft hij wel een antwoord op. „Dit is nieuw terrein, we zien mist op de snelweg hangen. Maar door interessante problemen op te lossen, kom je op onverwachte plekken.”

 
Violiste van Silicon Valley
 Travis Kalanick woont samen met Gabi Holzwarth, die bekend staat als de ‘violiste van Silicon Valley’. Ze speelde ooit een duet met rapper Snoop Dogg en treedt op bij events van grote techbedrijven als Samsung, LinkedIn en Google.

Eigenlijk is Kalanick getrouwd met zijn bedrijf. Op de vraag of hij Uber ooit zou verkopen, antwoordde hij: Stel je voor dat je gelukkig getrouwd bent en je wordt gevraagd wie je volgende vrouw zal zijn. Daar ga je natuurlijk niet op in. En zo is het maar net met Uber.”
Thursday, 17 March 2016 | Written by Ralph Rozema

Be Candid,
it’s contagious.

Candidness is the quality of speaking with
honesty and authenticity. Our Candid editorial
team shares stories that matter on media, data,
marketing, creativeness and technology.

Our Candid editorial team
creates stories that matter.