Candid. Platform
for growth.

Content Telegraaf VNDG nog niet voldoende

Content Telegraaf VNDG nog niet voldoende

Telegraaf VNDG wordt een belangrijk onderdeel van de strategie van TMG om van woord naar beeld te gaan. Het online videoplatform begon nog geen twee maanden geleden. Eerste indruk: pijlers als (Tele-)sport, entertainment (Privé) en Vrouw moeten een prominentere rol krijgen en videocontent is duur. De Belgen kunnen aan de bak.

 
Nu de Vlamingen van Mediahuis in samenwerking met de vermogende familie Van Puijenbroek definitief Telegraaf Media Groep (TMG) naar zich toe heeft getrokken, door het bod van 6 euro per aandeel gestand te doen, kan het mediaconcern gaan bouwen aan de toekomst. Bij de strategie van Mediahuis staan digitale- en videocontent en distributiekanalen voorop.  Telegraaf VNDG is de spil waar het om draait als het gaat om video.

 
Van woord naar beeld
Twee jaar geleden werd het platform min of meer al aangekondigd volgens de nieuwe 24/7-strategie van TMG, waarbij men “van woord naar beeld” gaat. De strategie werd overigens uitgestippeld onder de inmiddels vertrokken raad van bestuur, onder leiding van Geert-Jan van der Snoek. Op zich is de gedachte niet verkeerd. We kijken met zijn allen steeds meer video, vooral via YouTube overigens. Daarnaast is het ook een goede ambitie om het publiek dat dagelijks naar Telegraaf.nl gaat ook in video aan je te binden. TMG heeft met onder meer Vrouw, Privé en Telesport een aantal sterke pijlers die ook in video goed te exploiteren zijn. Verder mikt VNDG op een brede doelgroep van 18-55 jaar, “die bovenmodaal verdient en hard werkt”. Maar tussen het harde werken door is er vast wel tijd voor een paar streamstarts op het videoplatform.

 
Wat is er te zien?
Op 1 mei dit jaar begon Telegraaf VNDG officieel. Wat is er te zien? Allereerst nieuwsbulletins van vijf minuten, de eerste al in de zeer vroege ochtend, afwisselend gepresenteerd. Dat gebeurt op een vrij ouderwetse manier: met een man achter een desk die nieuwsfragmenten aan elkaar praat. De onderwerpen kun je overigens ook los bekijken. Daarnaast heeft Talpa TV (de tak die John de Mol enkele jaren geleden aan het Britse ITV verkocht) een flinke vinger in de pap. Van de afdeling Talpa Fictie komt bijvoorbeeld ‘Dagboek van een minnares’, met afleveringen van zo’n acht minuten. Strekking: een verveeld meisje verleidt een man met een midlifecrisis. Verder inspecteert men hotels, worden vervelende huisbazen en huurders aangepakt en heeft John van den Heuvel een prominente rol met ‘Van den Heuvel haalt recht. Daarbij jaagt de misdaadverslaggever oplichters op en gaat hij uiteraard verhaal halen. We zien hem ook in De Gouden Tip, over niet opgeloste (moord)zaken.

 
Best vermakelijke tv, maar niet origineel
Het is best vermakelijke ‘tv’ die niet al te lang duurt - allemaal short format, dus nooit meer dan een minuut of 10 - maar erg origineel is het niet. Dergelijke programma’s kom je ook op de gewone buis wel tegen. Bij hotelinspectie denk je aan Rob Geus of Herman den Blijker, bij het programma van Van den Heuvel zie je TROS Opgelicht voor je en een serie over een minnares is ook wel eens voorbijgekomen. Dan is er nog de realitysoap van Estavana Polman, ‘Estavana in het echt’. De handbalster en vriendin van voetballer Rafael van der Vaart geeft een kijkje in haar leven (en ze krijgt haar eerste kindje van hem). Een inmiddels vertrokken Telegraaf-baas vertelde twee jaar geleden dat Telegraaf online het beste scoorde met het nieuws over voetbalvrouw Sabia Boulahrouz (een ex van Rafael van der Vaart), dus misschien speelt dat mee in de keuze voor Estavana. Als je naar Telegraaf VNDG gaat, mis je vooral een beetje het overzicht én de pijlers. Want we willen toch sport en entertainment, zo blijkt uit de cijfers. De Telegraaf heeft een aantal bekende ‘koppen’ die dat ook op video aan de man kunnen brengen. Op die twee gebieden is De Telegraaf ijzersterk, maar men zou dat veel prominenter moeten presenteren op het platform. Wel blijft met name bij sport het probleem dat De Telegraaf niet over veel bewegend beeld kan beschikken. Sportrechten zijn duur en het is de vraag of ze daar in kunnen investeren momenteel.

 
Blijven investeren in video
Over duur gesproken: videocontent produceren is duur, ook al is het short format. Wil je steeds meer premium content bieden, en dat is wel het plan met VNDG, dan moet je blijven investeren. Nu weten we dat TMG geen heel diepe zakken meer heeft, met name door alle perikelen van de afgelopen jaren. De reorganisaties die er zijn geweest, de dure adviseurs en de recente kosten rond het traject van het openbaar bod van Mediahuis/VP Exploitatie en de procedures bij de Ondernemingskamer - maar liefst 5,3 miljoen euro! - hakken er in. Daarnaast weten we dat de opbrengsten aan printadvertenties de eerste vier maanden van dit jaar nog eens met 25 procent zijn gedaald. Er is dus veel werk te doen voor de nieuwe eigenaren. Met Telegraaf VNDG bewandelt TMG wel de goede weg, het is alleen jammer dat het videoplatform door alle onrust binnen het concern niet pakweg twee jaar eerder kon beginnen. De content die nu wordt aangeboden, is niet voldoende. Tijdens de openbare aandeelhoudersvergadering van begin juni maakte TMG de eerste cijfers van het platform bekend: 8,2 miljoen pageviews en 700.000 unieke bezoekers per maand. En director Mandy van der Wal gaf in een interview met Frank.news onlangs aan dat de bezoekers gemiddeld vijf à zes minuten op het platform blijven. ,,Dat vind ik al best lang”, voegde ze daar aan toe.

 
Conclusie: wisselwerking tussen VNDG en krant
Het publiek kan Telegraaf VNDG dus wel vinden, kunnen we voorzichtig concluderen. De vraag is wel of de prerolls niet al te veel afschikken. Zelfs voor korte nieuwsfragmenten zit reclame en zoals we weten is dat één van de grote ergernissen van de consument als het gaat om online advertenties. VNDG heeft niet één verdienmodel, er zijn er verschillende. Prerolls en midrolls, men is bezig met branded content cases en de abonnee kan op het premiumdeel van de site. Dan krijg je geen reclame en zie je bepaalde content ook eerder. Het zou goed zijn als TMG met name in dat laatste fors gaat investeren en veel meer de sterke assets en Telegraaf-merken in de spotlights gaat zetten. Er moet een grotere wisselwerking komen tussen krant en platform. Een grote primeur kun je ook een keer in video brengen en daarmee meer mensen naar Telegraaf VNDG trekken. De Telegraaf is altijd sterk geweest in nieuws. Daar zou het in online video nog veel meer gebruik van moeten maken. Hopelijk is daar onder Mediahuis meer ruimte voor.

Hoe vernieuwend is de zomerprogrammering van RTL?

Hoe vernieuwend is de zomerprogrammering van RTL?

RTL komt ook dit jaar met een speciale zomerprogrammering die bestaat uit een doorvertaling van RTL Late Night in RTL Summer Night en een extra late RTL Boulevard. Live tv is de trend en daar gaat RTL in mee. Maar waarom ineens zoveel interesse van de marktleider in een zomerprogrammering?

Jarenlang was het zo dat ergens in juni de luiken dichtgingen bij de publieke en commerciële omroepen en die bleven dan twee maanden gesloten. We zijn eraan gewend dat op de publieke omroep in juli de Tour de France te zien is en een maand later is Zomergasten een baken. Op de commerciële zenders zijn er voornamelijk herhalingen. Soms van succesformats, soms van programma’s die men nog had liggen. Of de bazen programmeren de hele avond CSI, de zoveelste Pirates of the Caribbean film en je moet niet gek opkijken als er soms een kerstfilm langskomt.

 
Live TV is de trend
Maar de trend is sinds kort live tv. De wereld staat in brand, er is genoeg om over te praten, van kabinetsformatie tot een dagelijks Trump-item en gesprekken over de vluchtelingenstroom. De deskundigen zijn ook niet allemaal twee maanden op vakantie en dus kan er de hele zomer met elkaar gepraat en gediscussieerd worden.
Natuurlijk speelt er meer. De programmabazen hebben het afgelopen tv-seizoen goed geëvalueerd en gezien dat er een dalende lijn is in de kijktijd. Er is een behoorlijke kaalslag bij de jonge doelgroepen, maar ook de voor adverteerders belangrijkste groep 20-49 vertoont een min. Vooral bij RTL4 was het afgelopen tv-jaar even alle zeilen bijzetten. Hoewel RTL met zijn zenders nog altijd marktleider is, zien we wel dat met name vlaggenschip RTL4 niet meer zo dominant is als voorheen. Media strategy director Henk Burgerhout van mediabureau Head to Head spreekt van verzadiging. ,,Na jarenlange dominantie van RTL4 is er dit jaar wat de klad in gekomen. Dat gaat altijd in golfbewegingen. Maar de zender is misschien wel toe aan wat vernieuwing.”

In mei kondigde RTL aan door te gaan met een late avondblok vol live tv. Vanaf 3 juli wordt RTL Late Night omgedoopt tot RTL Summer Night. Humberto Tan maakt dan iedere doordeweekse dag van 21:30 uur tot 23:00 uur plaats voor Beau van Erven Dorens. RTL Boulevard is er in de zomer zelfs twee keer per avond. Helemaal nieuw is het niet. Vorig jaar gingen RTL Late Night en RTL Boulevard ook al door tijdens de zomer. Programmabaas Erland Galjaard zegt er positieve ervaringen mee te hebben. Hij merkt dat hij het minder moet hebben van de hulpformats waar met name RTL4 bekend van is en dat actuele live tv ‘hot’ is. Mensen kijken volgens hem juist content uit liveprogramma’s veel meer terug op RTL XL. Reden te meer om daar verder in te investeren.

 
Me too beweging
Toch lijkt het wel een ‘me too beweging’ die RTL maakt, waar Galjaard voorheen toch eigenlijk de voorloper was met formats. Hij zag al eerder dat SBS 6 het in de zomer altijd lekker doet met het sterke live programmablok in de late avond dat bestaat uit Hart van Nederland en Shownieuws. Zij konden steevast rekenen op zo’n miljoen kijkers. Want ook op de camping en via de satelliet schakelen (oudere) Nederlandse kijkers gewoon in tijdens de zomer.

Hij heeft ook gezien dat de NPO met live tv blijft doorgaan. Zo is er een late avond show van Paul de Leeuw - die tot nu toe overigens magere kijkcijfers haalt - maar vooral is er de slimme zet om Eva Jinek de hele zomer haar late talkshow te laten doen. En Jinek heeft het momentum: zij zorgde er afgelopen winter voor dat de kijkcijfers van RTL Late Night een flinke klap kregen. ,,We luisteren naar de wens van de tv-kijker,’’ zegt Galjaard nadrukkelijk over de RTL-zomerprogrammering. Maar het lijkt er vooral ook op dat RTL niet meer achterover kan leunen in de zomer. Een paar jaar geleden kon dat nog wel, toen de advertentie-euro’s nog tegen de plinten klotsten. Maar die budgetten houden op lineaire tv gelijke tred met de daling van de kijktijd. De eerstekwartaalcijfers onderstrepen dat. In het eerste kwartaal daalde de omzet van RTL in Nederland met 5 miljoen euro tot 104 miljoen en dat is met name door teruglopende advertentie-inkomsten voor de traditionele tv-zenders van de groep.

De vraag is dus of RTL het wel echt voor de kijker doet. Burgerhout van Head to Head betwijfelt dat. ,,Aan het begin van het nieuwe tv-seizoen geef je als tv-exploitant bureaus en klanten garanties over marktaandelen en daarop kopen wij in. We weten dus ook al jaren dat van begin juni tot en met half augustus de zomerprogrammering ingaat en dan is er dan met al die herhalingen altijd een flinke dip is in de kijkcijfers. Als je dan met een nieuw programma komt, kun je een aardige uitschieter hebben. Daar lijkt RTL op in te spelen nu we weten dat de kijktijden teruglopen en in die lijn ook de adverteerdersbudgetten voor tv. Het lijkt me dus een puur economische stap die RTL zet met deze zomerprogrammering. Zo hoopt men extra reclame-inkomsten binnen te halen die ze het afgelopen jaar hebben gemist. Ze pleasen hiermee zichzelf en de adverteerder, maar niet per se de kijker.”

Consultants nemen reclamewereld over

Consultants nemen reclamewereld over

Sterke combinatie toch? Consumentenbureaus hebben de creativiteit om doelgroepen te bereiken en consultants de wereldwijde markten, de kennis en de onderbouwde researchmogelijkheden. De consultantwereld omarmt de creatieve industrie; grote consultancybureaus als Deloitte en Accenture kopen creatieve bureaus. Deze nieuwe concurrentie lijkt een nieuwe slag voor de reclamebureaubranche of is het juist een zegen?

 
Onlangs stipten we al vier grote gevaren voor reclamebureaus aan. Een van de feiten waar de bureaus en hun holdings mee moeten dealen, is dat er steeds meer concurrentie komt uit allerlei hoeken. Adverteerders, mediabureaus en ook exploitanten zetten zelf stappen. Ze weten dat ze tegenwoordig direct moeten anticiperen op wat de consument wil.

 
Consultants flirten met reclamebureaus
We kunnen daar nog wel een paar belangrijke spelers aan toevoegen: de grote managementconsultancyfirma’s als Deloitte, Accenture, KPMG, PwC en McKinsey, maar ook technologiebedrijven als IBM, Oracle en Adobe. Deze, op het eerste gezicht branchevreemde, partijen zijn de afgelopen jaren reclamebureaus begonnen, of hebben deze overgenomen. Ze hebben vooral naar bureaus gekeken die gespecialiseerd zijn in kennis over gebruikerservaringen, digitale marketing, design, web en mobiel. Daarmee concurreren ze nu met de grote jongens in de reclame-industrie, zoals het Britse WPP (bekend van bureaus als JWT en Ogilvy & Mather), de Amerikaanse holdings Omicom (TBWA en DDB), Interpublic (McCann) en het Franse Publicis (Leo Burnett). En dat gaat om miljarden. IBM acquireerde vorig jaar bijvoorbeeld het Amerikaanse creatieve bureau Resource/Ammirati over, Deloitte kocht Heat uit San Francisco en Accenture Karmarama, een groot creatief Brits bureau.

Volgens het Amerikaanse communicatievakblad Advertising Age zijn in de top-10 van grootste reclamefirma’s wereldwijd inmiddels ook Accenture, PwC, IBM en Deloitte binnengekomen. Met stip. Samen zijn ze goed voor een ‘inkomen’ van 13,2 miljard dollar en staan ze net onder de traditionele top-5 bestaande uit WPP, Omnicom, Publicis Groupe, Interpublic and Dentsu. De namen van de bureaus die zij onder hun hoede hebben, we noemden al Ogilvy & Mather of Leo Burnett, stammen nog uit de tijd van de ‘mad men’ die hun bureaus nog naar zichzelf noemden. Dergelijke bureaus zagen de laatste jaren hun business afbrokkelen en de marketingbudgetten die ze toegeschoven kregen afnemen.

 
Wel nieuwe realiteit, niet verrassend
Het is de nieuwe realiteit, maar heel verrassend is het ook weer niet. In de disruptieve marketingbranche heerst er grote onrust. Een fenomeen als ad blockers en de trend van teruglopende traditionele tv-kijktijd betekenen dat je als adverteerder moeilijker de grote massa kunt bereiken. Ondertussen hebben de afgelopen jaren ontstane bedrijven als Uber en Airbnb merken kunnen bouwen zonder grote marketingbudgetten. Marketeers zien dus dat ze hun marketingstrategie moeten transformeren en meer moeten investeren in technologie en mobiel, om directer bij de consument te komen. Ze hebben schaalgrootte nodig en partners die direct inzichten kunnen bieden in data, analytics en resultaten uit klantenservice. Het gaat tegenwoordig om businessdoelstellingen in plaats van merkvraagstukken.

 
Marketeers staan open voor hulp consultants
Volgens een recent onderzoek van Forrester staan marketeers open voor de hulp van consultancy’s voor (digitale) marketing. Bijna driekwart omarmt de consultancy’s en 15 procent zegt zelfs dat deze partijen zeer welkom zijn. Een woordvoerder van Accenture legt in het artikel in Adage scherp uit hoe sterk de markt is veranderd. In 2009 begon de consultancy Accenture Interactive om grote en moeilijke wereldwijde digitale vraagstukken op te kunnen lossen. Daar kwam op een gegeven moment ook marketing bij, dus dat nam men ook op in de business.  ,,We zijn van het klassieke zenden van boodschappen naar interactie met de klant gegaan en daar worden merken nu op gebouwd. Van ervaringen met e-commerce tot hoe men consumenten in fysieke winkels het beste kan bedienen.”

De (traditionele) reclamebureaus en grote adviesfirma’s verschillen nogal in uitstraling en manier van werken. Ze komen elkaar bijvoorbeeld niet tegen in marketingpitches en het werk van de consultancy- of technologiebedrijven is eigenlijk minder zichtbaar of tastbaar. Maar ze werken in feite voor dezelfde klanten en daar kruisen ze elkaar dus wel. En waarom zou je als klant dan niet ook je marketingactiviteiten neerleggen bij PwC of Deloitte? Nu ze ook creativiteit in huis halen, lijkt er geen houden meer aan. Een ander voordeel is dat het al wereldwijde conglomeraten zijn en dus dat ze snel kunnen schakelen. Het is niet ondenkbaar dat er ook dit jaar weer acquisities zullen plaatsvinden van creatieve (digitale) bureaus.

 
Creativiteit combineren met data, research en analyse
Daar ligt nog steeds het voordeel voor de meer traditionele reclamebureaus: de creativiteit is een belangrijke asset. Die heeft altijd centraal gestaan in hun business. Maar bij de meer klassieke reclamebureaus staan de marges onder druk, waardoor ze moeilijker kunnen investeren in innovatie en nieuw talent. Toch zullen ze wel moeten. Het is voor deze bureaus hoog tijd dat ze creativiteit gaan combineren met inzichten uit data, research, analyse, CRM en digitale innovatie. Het zou logisch zijn als de grote communicatiebedrijven als WPP en Omnicom daar de komende tijd fors in gaan investeren. Een andere optie voor de toch niet onvermogende communicatienetwerken is dat ze eens informeren naar een samenwerking of misschien zelfs wel fusie met één van de consultancybedrijven of technologiefirma’s.

 

‘Ik ben hier om te vertellen dat Facebook liegt’

‘Ik ben hier om te vertellen dat Facebook liegt’

Facebook zou in Australië afgelopen maand adverteerders hebben geholpen met het targeten van kwetsbare tieners die op het sociale netwerk actief waren. Daarmee laaide de discussie rond ethiek en privacy weer op. Maar er komen nieuwe Europese wetten aan die goed nieuws zijn voor consumenten.

Sinds vorige week draait de film The Circle in de Nederlandse bios, naar de roman van Dave Eggers. Hoofdpersonage Mae Holland (Emma Watson) krijgt een baan bij The Circle, een soort Google en Facebook in één. Onder het motto ‘totale transparantie maakt de mens eerlijker en verantwoordelijker’ schendt het bedrijf op grote schaal de (digitale) privacy van mensen. De film is een vermakelijk niemendalletje, maar snijdt een onderwerp aan waar we allemaal steeds meer mee te maken hebben.

 
Privacy issue
In de film neemt het privacy issue groteske vormen aan, maar men zit niet eens zover af van de realiteit. Dat bewijst een Australisch rapport waaruit vorige maand bleek dat Facebook bedrijven daar hielp met het adverteren bij kwetsbare tieners die zich op het sociale netwerk bevonden. Een Australische krant pikte het op. Volgens het dagblad lokte Facebook adverteerders door kwetsbare tieners vanaf veertien jaar in kaart te brengen. Ze keken volgens het uitgelekte rapport naar berichten van die tieners die woorden als ‘onzeker’ ‘gestrest’ en ‘nutteloos’ gebruikten.

 
‘Bericht was misleidend’
Een woordvoerder van Facebook haastte zich te zeggen dat het bericht misleidend was. Want volgens hem kan het grootste sociale netwerk ter wereld dergelijke dingen technisch helemaal niet doen. ,,Wij hebben de tools niet om mensen te targeten op basis van hun emoties.’’ Maar in een stuk in de Britse krant The Guardian gaf Antonio Garcia-Martinez weerwoord. Hij was productmanager bij Facebook en had in de twee jaar dat hij er werkte de taak om data in geld om te zetten. Hij zorgde ervoor dat mensen advertenties te zien krijgen die gerelateerd waren aan de producten die ze net online besteld hadden. Verder schreef hij het boek Chaos Monkeys: Obscene Fortune and Random Failure in Silicon Valley.

 
‘Facebook liegt’
,,Ik ben hier om te vertellen dat Facebook liegt,’’ zo schrijft Garcia-Martinez. Hij legt uit dat het inderdaad best lastig is om data in een verdienmodel om te zetten, maar het kán wel. ,,Als je heel slim gebruikmaakt van machines en systemen, kan je met de juiste mix van leeftijd, geografie, tijdstip en muziek- en filmkeuzes veel bereiken.” Garcia-Martinez heeft het rapport niet ingezien en weet dat er bij Facebook niet letterlijk op emoties getarged wordt. Maar men biedt wel ‘psychometrische’ targeting aan, waarbij het doel is om een subgroep van het publiek te definiëren waarvan de adverteerder denkt dat deze vatbaar is voor zijn boodschap.

Volgens de ex-Facebook medewerker gaat het niet zozeer om de vraag of Facebook dergelijke dingen kan, maar gaat het om de ethiek. Moet Facebook er niet een soort moreel filter op zetten?, vraagt hij zich af. Hij denkt dat het niet zoveel uitmaakt wat Facebook allemaal met data doet, tenzij het publiek zich echt begint te roeren.
Zoals bijvoorbeeld bij discussie rond de uitslag van de presidentsverkiezingen van 8 november en de rol van Facebook en Google daarin bij het verspreiden van nepnieuws. Het ging toen vooral om berichten die de aanhang van Donald Trump aanspreken. Zelfs de zo onaantastbare topman Mark Zuckerberg ging vervolgens om en zei dat zijn sociale site voortaan mogelijk zou gaan waarschuwen voor fake news. Maar Garcia-Martinez denkt dat dit soort dingen ook snel weer overwaait en bij advertenties heeft Facebook bewijs dat het werkt, gezien de clickthrough rates.

De vraag is toch of Facebook nog lang door kan gaan op deze voet, althans in Europa. Google lag al eerder onder een vergrootglas - overigens nog zonder grote gevolgen - en nu lijkt ook Facebook aan de beurt. Dinsdag nog werd Facebook hier op de vingers getikt, omdat het volgens de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) handelt in strijd met de Nederlandse privacywetgeving. Het Amerikaanse concern zou zijn gebruikers onvoldoende informeren over wat het doet met persoonsgegevens, waarom het de gegevens verzamelt en met welk doel. Interessant in het kader van het voorgaande is dat ‘voor het verzamelen van bepaalde gevoelige gegevens’ (bijvoorbeeld gezondheid) geen toestemming is gevraagd.

 
Verzameling gegevens seksuele geaardheid mannen
De AP wijst ook nadrukkelijk naar de verzameling van gegevens over de seksuele geaardheid van mannen en naar speciaal op deze doelgroep gerichte advertenties. Dat is verboden. De AP denkt aan een boete als Facebook de Nederlandse wet blijft overtreden.
En er komt nog iets aan: over precies een jaar gaan er twee wetten in die van grote invloed kunnen worden op online advertising. De consument krijgt daarbij het recht op toegang. Dat betekent dat partijen die hun data voor commerciële doeleinden gebruiken, eerst toestemming moeten vragen aan ‘ons’. De consument krijgt ook het recht om vergeten te worden en kan makkelijker persoonlijke data laten verwijderen, maar ook aangeven dat het niet voor advertising mag worden gebruikt. Er komt dan ook een einde aan lange teksten met voorwaarden waar de consument toestemming moet geven.
Voor bedrijven wordt het datagebruik aan banden gelegd. Ze mogen alleen data hebben die nodig zijn om taken te kunnen uitvoeren. Dat klinkt nog een beetje vaag, maar kan grote consequenties hebben. Ze moeten ook een zogenaamde Data Protection Officer (DPO) gaan aanstellen als ze persoonlijke gegevens van 5000 personen of meer in het bezit hebben en gebruiken. Hier staat er meer over.

De nieuwe regels zijn niet alleen positief voor consumenten. Ook de uitgever van een site krijgt meer rechten. Een adverteerder moet aan zowel de consument als uitgever toestemming vragen om iets met data te mogen doen. Het wordt interessant om te zien hoe Facebook hier vanaf 2018 op in gaat spelen.

 

Uitgevers: hoe nu verder?

Uitgevers: hoe nu verder?

Dat de uitgeefwereld sinds meer dan een decennium te maken heeft met allerlei ‘uitdagingen’, is geen nieuws. Teruglopende printoplages, dalende advertentie-inkomsten, grotere concurrentie van digitale spelers en dalende tv-kijktijden. Veel publishers maakten grote slagen om mee te kunnen in het nieuwe tijdperk, maar er zijn nog veel uitgevers die het simpelweg niet weten. Dit zijn de twee grootste uitdagingen.

 
1. Je publiek nog steeds niet kennen
Hoe gek het ook klinkt, er zijn nog steeds veel uitgevers die in de achteruitkijkspiegel kijken om te proberen vooruit te komen. Ze zien nieuwe spelers  - online publishers als VICE, of innovatieve partijen als Blendle - eerder als gevaar voor hun eigen business dan als inspirerend voorbeeld. ,,We moeten iets met internet of nieuwe media.” Leuke zin die je misschien in 1995 nog hardop kon zeggen, toch zul je hem nog steeds wel eens ergens horen. En het frappante is: deze mensen zijn zelf ook mediagebruikers.
In Nederland is bijvoorbeeld de tijdschriftenbranche pas laat gaan inzien dat er digitaal en met events een enorme slag kon worden geslagen. Maar ondertussen hielden veel bladenmakers vast aan een - dunner wordend - blad en een site met daarop het nummer van de klantenservice en een PDF van het printnummer. Ook werd er hard gesaneerd op redactioneel vlak en daarom wordt menig tijdschrift tegenwoordig gemaakt met tweeëneenhalve stagiaire.
In Nederland zette het blad Linda - gelukkig - de toon van hoe je een tijdschriftmerk op verschillende manieren kunt exploiteren. Het team daar weet namelijk precies wie het publiek is, wat deze groep wil en ook wat men niet wil. Door online aan een platform te bouwen, met ook een videokanaal, door events te organiseren en door spin-offs te maken (L’Homo, Linda Meiden). Linda noemen als lichtend voorbeeld voor de tijdschriftenbranche een cliché? Misschien, maar er is nog niemand die het merk hier geëvenaard heeft.

In de traditionele tv-wereld zijn er spelers die nu pas een beetje wakker worden en beseffen dat nog maar een deel van de kijkers de beeldbuis om zeven uur aanzet en uitschakelt als men gaat slapen. Ze houden nog steeds vast aan de kijkcijfers van SKO en baseren daarop of ze wel of niet succesvol zijn met programmacontent. Maar ze kennen hun kijker eigenlijk helemaal niet zo goed. Want wie vertelt hen wie er daadwerkelijk naar het betreffende programma heeft gekeken en hoe intensief? Ziggo en KPN, maar ook Videoland en op grotere schaal Netflix kennen hun kijker wél precies en zullen daar ook op inspelen. Op sociale media als Twitter en Facebook laat het kijkpubliek zelf weten wat het van bepaalde programmacontent vindt. Ook die ‘kijkgegevens’ zouden eens meegenomen moeten worden.
Daarnaast wordt sommige programmacontent online beter bekeken dan lineair, omdat het daar misschien beter past, of omdat daar juist dat jongere publiek zit dat niet graag meer lineair kijkt. Ook daar wordt nog te weinig mee gedaan.

In de radiowereld bouwt het nieuw gevormde Talpa Radio niet voor niets aan een strategie waarbij het profielen gaat verzamelen. Velen luisteren nog naar FM-radio, maar zijn ondertussen ook interactief: geeft een like op de Facebookpagina of doe mee aan een prijsvraag. Zo leren ze de luisteraar echt kennen. Want een radio-onderzoek op basis van dagboekjes zegt vrij weinig. Elk zichzelf respecterende - Nederlandse - uitgever zorgt er anno nu dus voor dat hij weet wie zijn lezer, kijker, luisteraar, consument is. En zorgt er ook voor dat die bediend wordt met content waar deze om vraagt. Niet zelden is dat content met een lokale component.

 
 
2. Te grote focus op advertenties
Ook de advertentiemarkt is de afgelopen vijftien jaar sterk veranderd. Veel adverteerders vertrokken naar digitaal en daar leveren advertenties veel minder op dan de good old printadvertentie of de tv-GRP. De traditionele publishers en mediabedrijven hebben de afgelopen jaren online reclame massaal omarmd. Programmatic advertising brak door en was een extra handige manier om reclame uit te serveren. Maar ja, de automatisch startende banners of reclamevideo’s doen pijn aan je ogen. Het probleem met ‘programmatic’ is dat er vooral op prijs wordt gehandeld en nauwelijks op omgeving, of het door uitgevers nog veel gebezigde woord Umfeld.

Adverteerders zijn wakker geschud - daar heeft de adblocker discussie zeer aan bijgedragen - en keren zich af van programmatic als ze niet weten waar hun advertentie wordt uitgeserveerd (en dus niet de doelgroep bereiken). Daarom kiezen steeds meer merken voor contentmarketing, ook al moeten we nou niet meteen denken dat het dé gouden greep van nu is en het traditionele advertising gaat vervangen, zoals De Persgroeps Willem-Albert Bol in dit artikel al terecht adresseerde. Het voordeel van deze ontwikkeling is dat er een kwaliteitsdiscussie op gang is gekomen: betere advertenties leveren uiteindelijk meer op.

De tv-reclame is eveneens aan erosie onderhevig. Het op de massa schieten is voor steeds meer adverteerders passé (neem Adidas) en veel tv-reclames zijn vaak net zo stomvervelend als online banners. Gelukkig zijn er nog steeds adverteerders die prima merken kunnen bouwen met tv-reclame - neem supermarktketen Jumbo - maar dat zijn er niet veel meer. Cijfers van het afgelopen jaar wijzen uit dat de daling van de kijktijd én de daling van tv-bestedingen hand in hand gaan.
Het aloude “model” gebaseerd op SKO-cijfers vertoont steeds grotere scheuren, maar voor de traditionele tv-partijen werkt het nog steeds: ze halen nog altijd bakken met geld binnen dankzij de tv-GRP. Daarom hebben de grote tv-partijen nog altijd drie (NPO) of zelfs vijf (RTL en SBS) lineaire tv-zenders.
Maar ze vergeten, zoals Head to Heads Henk Burgerhout terecht zegt in dit artikel, dat het om de impact gaat en minder om het (massa)bereik.

 
Wat hebben uitgevers nodig?
Dit is een gegeven:
- De consument (de lezer, de kijker, de mediagebruiker) bepaalt.
- De consument wil kwaliteit van content, mediaomgeving en techniek (snelheid/gebruiksgemak).
- De consument zal dat laatste de komende jaren in nog grotere en snellere mate willen.
- De omzetten uit oude advertentiemodellen komen écht niet meer terug, de nieuwe advertentiemodellen leveren echter nog altijd minder op dan de oude.

 
Dit is ook een gegeven- Alles is tegenwoordig te meten. Elke klik en elke view.
- Er is een enorme bak met data die een enorme bak aan inzichten geeft.
- Publishers hebben veel meer kanalen tot hun beschikking dan vroeger en kunnen de mensen die ze willen bereiken ook daadwerkelijk bereiken. Eén op één indien gewenst (en dat geldt ook voor merken).

 
Wat is er nodig?- Het besef als uitgever dat je met kwalitatief sterke merken een vast en trouw publiek  (én nieuwe aanwas) trekt. Investeer dus in je merken en zorg dat je precies weet wat je publiek wil. Zorg dus voor een aantal goede data crunchers in je organisatie, maar ook voor een sterke redactie en productie.
- Samenwerking met andere publishers of partijen in de branche om je businessmodel(len) te versterken. Als je als publisher ergens minder goed in bent, kijk dan naar welke partij je daarin kan versterken.
- Zorg voor vernieuwing in marktcijfers: een nieuwe gezamenlijk bereikonderzoek van de lokale (media)partijen met de wérkelijke cijfers, aangevuld met (panel)onderzoeken naar impact
- En ook: één nationale currency, bijvoorbeeld afrekenen op cost per view.
- Tot slot: schiet daar wel een beetje mee op, het is inmiddels 2017.

 

4 Grote gevaren voor reclamebureaus

4 Grote gevaren voor reclamebureaus

Adverteerders en merken willen alles steeds sneller en goedkoper, of gaan het creatieve proces gewoon zelf uitvoeren. Daarnaast zijn er nog allerlei andere ‘spelers’ die gaan concurreren. Dit zijn de 4 grote gevaren voor reclamebureaus.

 
Eigenlijk wordt er al meer dan een decennium gepraat over onder druk staande reclamebureaus. In Nederland houdt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) de omzetcijfers van de bureaus zo goed en zo kwaad als het kan bij - ‘reclamebureaus en advertentiehandelaren’ – en pas in 2015 zag men voor het eerst na jaren van neergang weer eens omzetgroei. Maar in de razendsnel en continue veranderende markt blijven er veel gevaren voor reclamebureaus.

 
Dit zijn vier grote bedreigingen: 1: Het moet sneller   
‘Vroeger’ was het overzichtelijker: je had een paar massamedia, kreeg de opdracht van een klant om breed te schieten en een creatief team mocht zich een maand of langer opsluiten in een kamer. Daar rolde dan een creatieve campagne uit. ‘Vroeger’ was het ook heel normaal om voor die televisiecommercial naar een tropisch eiland te vliegen en daar een week lang met een flinke crew te vertoeven.
Nu heb je veel meer kanalen en daalt het bereik van massamedia. Zie de teloorgang van print en nu die van traditionele tv en de opkomst van sociale media en online videokanalen. Dat is een continue ontwikkeling. In Nederland kunnen merken vanaf nu gaan adverteren op Snapchat en wie weet welk kanaal over een half jaar hot is. Merken zijn ongeduldig en onrustig en eisen van bureaus dat ze al die platformen in het vizier hebben en daar een creatief plan voor hebben. En dat men direct op allerlei nieuws en actualiteiten in kan spelen. Want merken willen overal (live) aanwezig zijn.
Waar het de afgelopen jaren, zeker in de periode 2000-2010, de trend was dat het grote full-service bureau werd ontmanteld, wordt het nu weer opgetuigd. Want als je als reclamebureau wilt meetellen, dan moet je alle specialisten in huis hebben. Van datacrunchers, tot online videospecialisten, tot creatieven die nog een mooie printuiting kunnen bedenken.

 
2: Het moet goedkoper 
Het oude businessmodel van het reclamebureau gebaseerd op vele uren en lange contracten lijkt te verdwijnen. Verder moet je dus alle specialismen in huis hebben tegenwoordig, maar tegelijkertijd komen steeds meer nieuwe spelers in de branche die klein, snel en vaardig zijn. Zij hebben geen grote kantoren, werken vaak als zzp’er of huren mensen in.
De crisis heeft daarnaast de reclamewereld aardig in een wurggreep gehouden. Want klanten vroegen hun bureaus om meer te doen voor minder geld. Op deze manier kunnen bureaus niet investeren in innovatie en nieuw talent.

 
3: Adverteerders gaan het zelf doen 
Een trend die al een tijdje gaande is: merken halen creatie in huis. Steeds meer bedrijven hebben een eigen creatieve tak of design unit. Soms omdat ze werken met bureaus te duur vinden, vaak ook omdat ondernemingen zelf creativiteit centraal stellen in hun bedrijfsvoering. In Nederland zijn spijkerbroekenmerk G-Star en bierbrouwer Heineken daar een goed voorbeeld van. Merken willen – zoals eerder aangegeven – steeds sneller kunnen schakelen en inspringen op de actualiteit. Teams in huis kunnen dan meteen aan de slag.
Tekenend is dat het Brits-Nederlandse Unilever sinds vorig jaar zijn eigen creatieve cel heeft opgetuigd: U-Studio. Het gaat voor een groot deel om contentmakers die snel kunnen inspelen op de vraag van consumenten naar entertainment en praktische informatie.
Ook startups en opkomende bedrijven zijn op een heel andere manier georganiseerd en kiezen vaak niet eens voor traditionele reclamebureaus, of hebben zelfs niet eens een apart marketingbudget.

 
4: Mediabureaus en exploitanten gaan concurreren
In de huidige reclamelandschap zijn alle panelen verschoven. Omdat traditionele reclame meer naar de achtergrond verdwijnt, content-creatie steeds dominanter wordt en data en programmatic de boventoon lijken te gaan voeren, moeten bedrijven zichzelf opnieuw uitvinden of misschien zelfs wel herdefiniëren. Steeds meer mediabureaus zien dat ze ook creatieve- en reclameoplossingen kunnen bieden naast de advies- en inkoopfunctie die ze hebben. Het hele pakket bieden, heet dat. Er zijn al mediabureaus die meepitchen op creatieve projecten en die pitches ook echt winnen. Media-exploitanten zetten ondertussen eigen in-huis reclamebureaus op voor contentmarketing. Denk aan VICE, maar ook de Persgroep heeft een dergelijke tak.

 
De kracht van reclamebureaus 
De kracht van reclamebureaus ligt minder in. Die zouden niet kosten gedreven moeten zijn, maar cultuur, merken bouwen - dat kunnen reclamebureaus als geen ander -, ondernemerschap, lef en vooral creativiteit voorop moeten stellen in hun basisbeginselen.

 

4 Grote bedreigingen voor mediabureaus

4 Grote bedreigingen voor mediabureaus

Adverteerders die zelf hun weg naar de klant zoeken. Exploitanten die de middleman ertussen uit halen. Effectieve mediaplannen die door AI worden gemaakt. Het traditionele verdienmodel van mediabureaus komt steeds meer onder druk te staan. En daarmee hun voortbestaan.

 
Waar het bij veel traditionele mediabureaus nog om de lage marges en prijs gaat en verdienmodellen vaak nog ondoorzichtig zijn, vraagt de markt waarin content, consumentenconversaties en engagement dominant zijn om vernieuwing van het businessmodel.
Digitalisering an sich is niet de grootste bedreiging voor traditionele mediabureaus. Het zijn de ontwikkelingen die ermee gepaard gaan die rammelen aan hun verdienmodel. Het is een no-brainer dat je fors in digitaal moet investeren, wil je in de nabije toekomst meedoen.

 
Dit zijn vier grote bedreigingen voor (traditionele) mediabureaus:

1: Adverteerders en merken gaan het zelf doen
Programmatic buying – het automatisch inkopen van advertenties via softwareplatforms – is niet te stuiten en geldt straks voor alle mediumtypes. Dus ook print, radio en televisie. Vorig jaar namen grote concerns als Unilever en Netflix programmatic teams in huis om meer controle te houden op hun eigen data. Hoewel het voor kleinere adverteerders minder logisch is om programmatic buying zelf te gaan doen - het is arbeidsintensief en vergt een grote investering - is het een teken aan de wand dat bedrijven meer zelf de controle willen houden.
Daarnaast zijn adverteerders steeds meer contentgedreven en richten ze zich minder op massamedia. Daarmee komt het model van mediabureaus in de knel. Het is bijvoorbeeld een logische stap voor merken om eigen social teams in huis te hebben. Adverteerders als Nike en MasterCard realiseren zich dat ze niet echt bureaus nodig hebben om de dagelijkse stroom social posts te reguleren. Bovendien krijgen de merken bij een rechtstreekse benadering ook echt een dialoog met de consument.
Verder ontstaan er steeds meer disruptieve merken die trendsetters zijn en waarvan het traditionele advertentiemodel helemaal geen onderdeel is van hun business.

 
 
2: Exploitanten verenigen zich en gaan het zelf doen
In Nederland is dat nog steeds niet het geval, terwijl Google en Facebook de meeste advertentie-euro’s en dollars oprapen. Juist in een tijd dat ook hier consolidatie in de mediasector niet kan uitblijven, zou een zogenaamd sell-side platform (SSP) uitkomst bieden. Hier werd al eens een pleidooi gehouden voor een dergelijk platform. In Frankrijk bestaat er al wel één: www.laplacemedia.com. Daar doen alle premium publishers uit de wereld van tv, dag- en weekbladen en online mee: van Europe1 tot de publieke France Télevision, van le Figaro tot l’Equipe en van Marie Claire tot Elle. Het zorgt voor een betere en eerlijkere verdeling van de advertentiegelden. Goed nieuws voor mediabureaus is het niet: bij het ontstaan van een dergelijk platform wordt the middleman ertussenuit gehaald.

Ook Sanoma-SBS bewandelt deze weg door met onderzoeksbureau SAMR de BSR Quality Planner te lanceren. Met deze tool kunnen adverteerders en marketeers steeds beter zelf mediaplannen maken om de consument te bereiken.

 
 
3: Er ontstaan nieuwe, moderne, snellere spelers
Het is logisch dat de voortschrijdende technieken ook nieuwe soorten bureaus en bedrijven voortbrengt die sneller bewegen in de mediabranche. Het Deense Blackwood Seven is zo’n bureau. Inmiddels heeft het al de Amerikaanse markt betreden en deed het onder meer acquisities in Duitsland en Barcelona. De oprichters met achtergrond in marketing en IT geloven dat de traditionele mediabureaus hebben gefaald om aan de vraag van adverteerders te doen en willen marketing ‘opnieuw uitvinden’. Men belooft veel betere resultaten tegen lagere prijzen.
Men verbindt media buying software met algoritmes en zelfs artificial intelligence en zo ontstaan de meest effectieve mediaplannen. Men heeft daarvoor een model gebouwd waarin attributie, strategie en mediaboekingen samenkomen in een zelfserviceplatform voor adverteerders. Het klinkt ingewikkeld en dat zal het ook wel zijn, maar dit lijkt gezien de groei wereldwijd een erg interessant mediabureau om te volgen. Dat zullen de grote mediabureaunetwerken ook doen. En vervolgens proberen Blackwood Seven te acquireren.

 
 
4: Het traditionele beloningsmodel is eindig
Het traditionele beloningsmodel is eindig, maar nog steeds houden de mediabureaus er aan vast. Ze schieten zich daarmee uiteindelijk in eigen voet. Het gaat om de schimmige geldstromen, ondoorzichtige contracten, kortom, het gebrek aan transparantie. De Amerikaanse bureauwereld is vorig jaar wakker geschud met de publicatie van de ANA papers. Inmiddels is gebleken dat (Amerikaanse) adverteerders niet stilzitten en het model proberen te veranderen.
McDonald’s bracht vorig jaar in Amerika de reclamedollars onder bij communicatienetwerk Omnicom en wil samen het bureau van de toekomst bouwen waarin technologie, strategie en creatie samenkomen, aangestuurd door digitaal en data. Daarbij gaat men een ander beloningsmodel hanteren. De vergoeding die Omnicom krijgt wordt gelinkt aan de eigen performance van het merk, gebaseerd op cijfers als restaurantomzet, bezoekersaantallen en de financiële resultaten. Bureaus worden dus beloond op basis van performance en niet op basis van een fee.
Een ander voorbeeld: Procter & Gamble komt met een programma waarin men de mediabureaucontracten grondig gaat herzien, wil zorgen voor een standaard in online mediaonderzoek en het uitbannen van fraude en bots. Houden mediapartijen zich hier niet aan, dan gaat P&G ze niet meer betalen. Het moet van Procter & Gamble transparanter en efficiënter. Gezien het feit dat de grootste adverteerder ter wereld hier spreekt, zullen mediabureaus zich achter de oren moeten krabben.

Adverteerders zoeken steeds vaker alternatief voor tv-reclame

Adverteerders zoeken steeds vaker alternatief voor tv-reclame

Adidas stopt met tv-reclame. Niet erg, want ze adverteerden daar toch al niet veel, zeggen sommige experts. Maar tv-budgetten deels of helemaal terugtrekken is wel degelijk een trend. En dat kan hard gaan.

De beslissing van Adidas om te stoppen met tv-reclame haalde in Nederland zelfs de verschillende landelijke dagbladen. De beweegredenen voor Adidas zijn duidelijk: wij hebben jonge klanten en die kijken steeds minder tv. De Duitsers richten zich dan nu op sociale kanalen voor hun uitingen. Tv-exploitanten schrikken er misschien niet direct van, want hoe groot Adidas wereldwijd ook is als merk, op de traditionele buis is het slechts een kleine speler. Enkele tienduizenden euro’s besteedde Adidas vorig jaar aan tv-reclame, volgens cijfers van Nielsen. Vijf jaar geleden zat dat nog ruim boven de miljoen.

 
Zorgen makenMaar de tv-bedrijven moeten zich wel degelijk zorgen maken. Want voor de marketingwereld geldt: als er één schaap over de dam is… Het is geen geheim dat adverteerders elkaar scherp in de gaten houden. Gaat een groot merk bijvoorbeeld internationaal pitchen voor een nieuw mediabureau, dan volgen er meer. En dan hebben we een trend.
Dat geldt ook voor de tv-budgetten. Vorig jaar was dat al terug te zien in de Nederlandse tv-bestedingen. De top-25 van adverteerders deden veel minder op tv dan voorheen, becijferde de grootste tv-reclame inkoper GroupM al eens aan het einde van vorig jaar. Hoewel tv een belangrijke manier blijft voor adverteerders om een breed publiek te bereiken, zoeken ze steeds meer andere kanalen op. De reden: de dalende traditionele kijktijd in jonge doelgroepen, maar ook in de categorie 20-49 jaar.
Zo is de grootste adverteerder van Nederland nog altijd Unilever, maar dat bedrijf besteedde in 2016 maar liefst 28 procent minder op televisie dan het jaar ervoor. Daar staat overigens wel tegenover dat Unilever-concurrent Procter & Gamble (P&G) juist 64 procent meer budget over had voor tv. Maar dat kan een tijdelijke opleving zijn, want P&G bouwt dit decennium het tv-budget wereldwijd gestaag af.

 
Keuze voor andere kanalenBij elkaar opgeteld daalde de reguliere spotomzet – daar waar de tv-bedrijven nog het meeste geld mee verdienen – in Nederland in 2016 met 2 procent. Adverteerders kiezen – net als Adidas – steeds meer voor andere kanalen: uiteraard online (bijvoorbeeld social media en online video of contentmarketing), maar ook bioscoop. Want in de bios bereikt men wel de jonge klanten die geen zin hebben om ’s avonds hun tv aan te zetten.
Dat merkte ook RTL afgelopen jaar. Na jaren van groei kwam er in 2016 de klad in. De brutowinst daalde van 101 miljoen naar 85 miljoen euro, omdat er sprake was van een krimpende omzet uit tv-advertenties. RTL, maar bijvoorbeeld ook SBS, verhoogt daarom de tarieven voor adverteerders. Dat is niet logisch: er is minder vraag naar tv dan voorheen. De prijsstijgingen kunnen een averechts effect hebben, want adverteerders vinden tv dan te duur worden en gaan nog meer op zoek naar alternatieven. Volgende week weten we de kijktijd- en bestedingscijfers van het eerste kwartaal van dit jaar. Dan zal waarschijnlijk duidelijk worden dat de dalende tendensen doorzetten.

 

Franks Weekly: Rutte marketeer van de week, Snapchat de loser

Franks Weekly: Rutte marketeer van de week, Snapchat de loser

In Franks Weekly bespreken we de afgelopen marketing- en mediaweek in zeven features. Waar gaan maandag de gesprekken over bij de koffieautomaat, welke quotes inspireren en waarom maakt een tv-commercial indruk?

1. Het nieuws: De verkiezingen en de peilingen
Het verkiezingscircus is ten einde, de formatie kan beginnen. En de vraag blijft: hebben we nou iets aan die peilingen? Volgens de laatste eigen frank-peiling van Vostradamus zou de PVV verreweg de grootste partij worden en de VVD de nummer 2.
PvdA zou het beter doen dan in werkelijkheid. Maar nu de rook is opgetrokken is het de VVD die met 33 zetels verreweg de grootste is gebleken. Overigens zaten alle peilers er naast. Maurice de Hond – wiens voorspellingen nog altijd door elk medium wordt overgenomen – zat er zes zetels naast, net als Kantar TNS. EenVandaag zelfs negen zetels en Ipsos voorspelde nog het beste met 29. Wat kunnen we daar nou voor een conclusie uit trekken? Misschien toch dat zeggen wat je stemt anders is dan wat je daadwerkelijk gaat dóen.

 
2. Het filmpje: Doe nooit thuis je woordvoering
Iedereen heeft het gezien: Het filmpje waarin een deskundige wordt geïnterviewd over een kwestie met Zuid-Korea. Waar het over ging is totaal niet belangrijk. Want tijdens het gesprek komt een klein meisje vrolijk het beeld in gewandeld, gevolgd door haar nog kleinere broertje. De vrouw van de deskundige weet het uiteindelijk op te lossen, maar the damage is done. Daarvan leren we: doe nooit thuis een tv-interview, of doe de deur op slot.

 
https://www.youtube.com/watch?v=Mh4f9AYRCZY

 
3. De ‘persoon’:Mark Rutte
Hij zorgde met zijn positieve campagne voor winst van zijn partij bij de verkiezingen en zette Nederland ook in het buitenland weer op de kaart. ‘Europa’ haalde opgelucht adem dat in Nederland het populisme niet zegevierde en dat kwam groot in de verschillende media. Met steeds dat lachende hoofd van Rutte op foto’s. Onze premier is de marketeer van de week.

 
4. De quote:Adverteren op Snapchat werkt niet voor mij
Adage deed onderzoek onder 1.600 marketeers naar hun ervaringen met adverteren op Snapchat. Daaruit kwam naar voren dat het toch een beetje een hype lijkt op het bij jongeren populaire sociale medium. ,,Snapchat werkt niet voor mij. Ik krijg weinig return on investment,” was een van de bevindingen. Marketeers zijn meer geïnteresseerd in Instagram. Dat lijkt geen goed nieuws voor Snapchat, dat onlangs een beursgang maakte. Want Facebook-dochters Instagram en WhatsApp hebben nu ook functies als die van Snapchat en adverteerders zouden daar dus de voorkeur aan kunnen geven.

5. De Commercial: Pass the HeinzIn de briljante serie Mad Men over de reclamewereld in de jaren zestig pitcht het team van Don Draper voor Heinz ketchup. En weet niet te overtuigen met het creatieve idee. 'Nee' wordt nu 'ja' in werkelijkheid. Want Heinz heeft vijftig jaar na dato de campagne alsnog ‘goedgekeurd’.  Briljant. Pass the Heinz!

 
https://www.youtube.com/watch?v=iDzZg3OE3B8

 
 
6. Inspirerend: SXSWSouth by Southwest (SXSW) beleeft deze week een wereldwijde invasie. Het jaarlijkse festival in Austin, Texas is een grote inspiratiebron voor de creatieve en digitale industrie. Met sessies, keynotes en een hoop entertainment. Er is ook een grote delegatie Nederlanders en die hebben, vergelijkbaar met het Holland Heineken House op de Olympische Spelen, het New Dutch Wave Huis. Daar zijn vier dagen lang workshops, presentaties en paneldiscussies. SXSW zou op termijn wel eens het reclamefestival in Cannes kunnen vervangen als the place to be.

 
7. Het cijfer: 125.000
Oprichter René Frijters liet deze week weten bij Knab te vertrekken. In 2012 zette hij de bank nieuwe stijl op. Een bank zonder kantoren, met minimale overhead en gericht op behoeften en gemak in de markt die de grootbanken niet bieden. Met Aegon als investeerder. Verfrissend, zeker in een tijd dat traditionele banken door de crisis onder vuur kwamen te liggen. Na vijf jaar heeft Knab nu 125.000 klanten. Om break-even te draaien zijn er 200.000 nodig. De vraag is: is 125.000 nou veel? Consumenten wisselen toch minder snel van bank dan gedacht. Frijters gaat weg vanwege het bekende ‘verschil van inzicht’ in het te voeren beleid. Dat lijkt niet zo’n goed nieuws voor Knab. Frijters wist eerder succesvol beleggersmerk Alex op te zetten en is in feite het gezicht van Knab.

 
 

Franks Weekly: P&G’s boycot, TWBA\’s diversiteit en WPP’s angst

Franks Weekly: P&G’s boycot, TWBA\’s diversiteit en WPP’s angst

In Franks Weekly bespreken we de afgelopen marketing- en mediaweek. Waar gaan maandag de gesprekken over bij de koffieautomaat, welke quotes inspireren en waarom maakt een tv-commercial indruk?

1. Het nieuws: Snap naar de beurs
Snapchat is nu dan echt beursgenoteerd. Moederbedrijf Snap ging donderdag officieel naar de beurs met een prijs per aandeel van 24 dollar. De waarde van Snap is daarmee omgerekend 31 miljard euro.
Die beursgang is misschien net op tijd. Want Snap maakt nog helemaal geen winst. Wel ziet het de omzet de laatste kwartalen behoorlijk toenemen. Een beursgang moet er voor zorgen dat de 26-jarige topman Evan Spiegel c.s. straks verder kunnen investeren in het bedrijf.
Daarnaast ligt de concurrentie op de loer van Facebook. Want dat snoept met Instagram Stories aandeel af van Snapchat. Haar andere dochter Whatsapp komt eveneens met een vergelijkbare functie als waar Snapchat groot mee is geworden: foto’s en filmpjes naar je vrienden sturen die na een paar seconden weer verdwijnen. Snapchat moet dus gaan zorgen dat het interessant blijft voor de – met name jonge – gebruiker.
Amerikaanse adverteerders omarmen Snapchat in ieder geval wel en in Nederland is inmiddels een kantoor geopend om hier ook reclame te kunnen laten zien tussen de snaps.
De beursgang bewijst wel dat social platforms nog steeds enorm sexy zijn.

 
2. Het filmpje: Meer diversiteit in de marketing- en reclamebrancheHet is al enige tijd een issue in de reclamewereld: er moet meer diversiteit komen, want (oude) blanke mannen maken er in de top nog altijd de dienst uit. Het Amerikaanse bureau TBWA\ maakte rond de Black History Month een video waarin het donkere medewerkers portretteert. Het bureau wil bekijken hoe het voor hen is om te werken in de reclamebranche en waar ze tegenaan lopen. Een van hen zegt: ,,Toen iemand me vertelde dat diversiteit in onze branche nu een ‘trending topic’ is, raakte me dat. Dat hoort niet zo te zijn.” Een ander: ,,Het gaat veel breder dan geslacht of huidskleur. Het draait ook om diversiteit in gedachten en opinie.”

https://www.youtube.com/watch?v=5uLmcrzVHm4

 
3. De ‘persoon’:Marc Pritchard van Procter & Gamble
Topmarketeer Marc Pritchard van Procter & Gamble – top drie adverteerder wereldwijd – gooide in januari de knuppel in het hoenderhok. De digitale mediabranche moet actie ondernemen en minder ondoorzichtig worden. Want adverteerders willen nu eindelijk wel eens weten of er niets onderweg aan de strijkstok blijft hangen, terwijl zij vele dollars investeren in (online) reclame. Hij kwam met een programma waarin hij onder meer stelde dat P&G een grondige herziening gaat houden van mediabureaucontracten, er een standaard in online mediaonderzoek moet komen en de fraude en bots moeten worden uitgebannen. Houden mediapartijen zich hier niet aan, dan gaat P&G ze niet meer betalen. Men dacht dat het wel los zou lopen met zijn uitspraken, maar gisteren zette hij ze nog even kracht bij: ,,Dit is nog maar het begin.” En: ,,We sluiten de mediapartijen uit die zich niet aan onze regels houden, ook Snapchat en Facebook.”

 
4. De quote:“And the winner is…La La Land”  
Oh nee, toch niet. Maar het wil de laatste tijd niet zo lukken met Amerika an sich. Want hoe groot de nieuwe leider Amerika ook weer wil maken, er is een lange weg te gaan. Want als zelfs de prestigieuze Oscar-uitreiking in de soep loopt, is er iets aan de hand. Het was niet de schuld van de hoogbejaarde Warren Beatty, maar van een Twitterende accountant dat La La Land als ‘beste film’ werd aangewezen, terwijl dat ‘Moonlight’ moest zijn. Op sociale media leverde dat in ieder geval veel hilariteit op. En een doodsbedreiging voor de accountant. Want dat is óók 2017.

 
5. De Commercial: CDA doet een Calvé Pindakaasje
Hij ging redelijk viral deze week: de commercial van het CDA met een jonge Rutte, Wilders en Buma. Waarbij de eerste twee ruziën en de laatste tussenbeide komt en zegt dat hij premier wil worden. ,,Als je premier wilt worden, moet je wel het debat aandurven.” Een beetje gejat van Calvé Pindakaas en Evert van Benthem, die later boer en schaatser wilde worden. Maar dat allebei ook succesvol wérd. Of Buma premier gaat worden, is nog afwachten. Overigens ontstond er een kleine rel rondom de commercial omdat RTL meteen na de CDA-spot een VVD-spot uitzond waarin de partij riep: …Maar 40 jaar later is Mark Rutte minister-president.

 
https://www.youtube.com/watch?v=a6ky8Geryxc

 
https://www.youtube.com/watch?v=JcPdwCaYut8

 
6. Inspirerend:Coolblue
Met geweldige cijfers over 2016 blijft online retailer Coolblue een bedrijf om in de gaten te houden. De omzet groeide maar liefst 55 procent naar 857 miljoen euro en de verwachting is dat het dit jaar boven de miljard zal zijn: 1,2 miljard. Zo blijft Coolblue lekker investeren in nieuwe winkels - er zijn nu 300 webshops en zeven fysieke winkels in Nederland - én in nieuw personeel. Want dit jaar wordt werkgelegenheid gecreëerd voor 1500 mensen. Door voortdurend website, winkels en processen te verbeteren, is Coolblue de winnende retailer van dit decennium.

7. Het cijfer: 2,3
Met een winst voor belastingen van omgerekend 2,3 miljard euro behaalde WPP in 2016 een nieuw record. Het grootste communicatieconcern van de wereld is ook in Nederland actief met verschillende reclame- en mediabureaus. Het heeft de afgelopen jaren een grote slag geslagen in digitale media en daar profiteert het Britse netwerk nu van. Toch zijn er ook zorgen, meldt WPP. Want als Brits bedrijf weet je dat de Brexit er aankomt. Ook WPP weet nog niet precies wat het allemaal gaat betekenen voor de business. Maar ook de andere brandhaarden in de wereld zorgen ervoor dat WPP voorzichtig is met voorspellingen voor de komende periode.

Franks Weekly: Blokkers misstap, queen Jinek en Diesels Trump-attack

Franks Weekly: Blokkers misstap, queen Jinek en Diesels Trump-attack

In Franks Weekly bespreken we de afgelopen marketing- en mediaweek. Waar gaan maandag de gesprekken over bij de koffieautomaat, welke quotes inspireren en waarom maakt een tv-commercial indruk?

 
1. Het nieuws: Nieuwste Blokker nu al aangepast
Blokker begon vorig jaar een grote vernieuwingsoperatie, waarbij onder meer het winkelinterieur werd opgefrist. Men vroeg zich toen al af of de rigoureuze ingrepen niet te laat kwamen. Nog geen jaar later lijkt het erop dat Blokker zijn vernieuwingen ziet mislukken. Adformatie meldt dat de formule nu al weer wordt bijgesteld en marketingbaas Robert Bohemen zit ziek thuis. Dat betekent: hij komt waarschijnlijk niet meer terug. Het was de man die dure commercials liet schieten met Sarah Jessica Parker in de hoofdrol. Blokker gaat het assortiment nu weer deels terugbrengen naar vroeger met een aantal ‘iconen van vroeger’, zoals de pluistondeuse. Dat kwam uit een evaluatie waarbij zowel klanten als het eigen personeel is ondervraagd. Het lijkt een stap terug voor de geplaagde retailer en de vraag is of het hier om een neerwaartse spiraal gaat.

 
2. Het filmpje: Anti-Valentijn van Splendid
Stiekem weten we allemaal wel dat Valentijnsdag een puur commerciële aangelegenheid is die je wel kunt afdoen met een laffe doos Merci. Er verschenen deze week weer veel inhakers op de liefdesdag, waaronder ook een aantal anti-Valentijncommercials. Zo maakte Saatchi & Saatchi Tel Aviv een commercial waarin jongens en meisjes vertellen wat ze van elkaar vinden voor chocolademerk Splendid. En dat is niet positief. Dat is pure chocola die bitter smaakt. Je waardeert dit pas als je volwassen bent, luidt de pay-off. Dat geldt niet alleen voor de chocolade, maar ook voor de liefde.

https://www.youtube.com/watch?v=PDWcx0nZco8
3. De ‘persoon’: Eva Jinek
Het gaat niet goed met RTL4 in de late avond. Humberto Tan lijkt het kwijt met RTL Late Night. Het programma viel afgelopen week zelfs een keer uit de kijkcijfer top-25. Daar zijn ongetwijfeld veel oorzaken voor – zoals de promotiepraatjes uit de RTL-familie en de kritiekloze manier van interviewen –, maar het is vooral de bloedvorm van Eva Jinek. Na een voorzichtige start ontpopt zij zich de laatste weken als de winnares van de late avond op tv. Spraakmakende gasten schuiven aan – de premier zat er, maar ook Patricia Paay – en Eva durft wel een scherp interview te houden. Als je regelmatig meer dan een miljoen kijkers haalt, dan weet je dat je het goed doet.

 
4. De quote: ‘De VVD moet normaal doen’
Dat zei NPO-topvrouw Shula Rijxman afgelopen week toen ze vernam dat de VVD nog eens 300 miljoen euro wil bezuinigen op de publieke omroep. Ze vindt het bizar, want het is bijna de helft van het budget. Dan wordt de publieke omroep alleen nog voor de elite, schrijft ze in een column.  ,,De VVD is voor een kleine publieke omroep waarbij de slager, de verpleger en de bakker betalen voor de arts, de consultant en de advocaat. Doe normaal VVD, dacht ik vanochtend toen ik de krant las.” Shula zal dus in ieder geval niet op de VVD stemmen volgende maand.

 
5. De Commercial: Diesel anti-Trump commercial
Modemerk Diesel staat sinds de jaren negentig bekend om beroemde reclames en het past bij het fashionbedrijf om met een maatschappijkritische boodschap te komen. In samenwerking met het Amsterdamse bureau Anomaly maakte Diesel een commercial met een duidelijke anti-Trump-boodschap: make love, not walls. Het is de grootste internationale campagne ooit. Onder meer de beroemde fotograaf David LaChapelle werkt mee.

 
https://www.youtube.com/watch?v=COXx3YTNW1s
6. Inspirerend: Mediahuis verdient geld in een krimpmarkt
Het Vlaamse Mediahuis is niet alleen potentiële koper van de Telegraaf Media Groep, maar ook eigenaar van NRC. Afgelopen week kwam het uitgeefbedrijf met prima cijfers over 2016 naar buiten. Ook NRC blijkt het goed te doen. Het gaat goed met de abonnementenverkoop van de NRC. Het papieren abonnement daalde – want we weten dat dit een krimpmarkt is – met 5 procent. Maar de digitale verkoop steeg met 46 procent, waardoor de totale verkoop met 6 procent steeg. De combinatie van een digitaal abonnement doordeweeks en de papieren krant in het weekend – wanneer mensen even rustig kunnen bladeren – wordt steeds populairder, zegt men bij NRC. De totale betaalde oplages van de NRC-titels samen doen het goed, met een stijging van 6 procent. NRC (Handelsblad en Next) bewijst dus dat de abonnee wel degelijk wil betalen voor nieuwsmedia.

 
7. Het cijfer: 23
Het aantal vacatures voor communicatieprofessionals en marketeers is in het laatste kwartaal van 2016 gestegen met bijna een kwart: 23 procent. In totaal staan er maar liefst 28.900 vacatures open. Yacht meldt dit in zijn ‘Trends en ontwikkelingen over het vierde kwartaal van 2016’. Bedrijven zijn vooral op zoek naar managers en marketing- en communicatiebazen. Ook strategisch communicatieadviseurs en copywriters zijn gewild. In Amsterdam zoekt men het meeste personeel in die sector.

Welke reclame irriteert de Nederlander en waarom?

Welke reclame irriteert de Nederlander en waarom?

Ruim een derde van de Nederlanders staat negatief of zeer negatief tegenover reclame op de mobiel. Ook online advertenties zijn niet populair. Hoewel voor de meesten irritante reclame een reden is om een adblockers te gebruiken, wordt deze niet massaal geïnstalleerd. Dat blijkt uit panelonderzoek van Vostradamus in opdracht van frank.news.

 
Vostradamus ondervroeg 1050 personen over wat ze vinden van reclame die ze via verschillende media voorgeschoteld krijgen. Nu een meerderheid van de Nederlanders een groot deel van de dag op de smartphone zit, is het logisch dat mensen reclame die ze op het mobiele device te zien krijgen, het meest irritant vinden. Dat zien we ook terug in de cijfers. Uitingen op de mobiel zijn het minst populair van alle mediatypes, gevolgd door online advertising en radioreclame.

 
Mobiel
Reclames op de mobiel worden namelijk door 34,7 procent als negatief ervaren en 31,9 procent staat er zelfs ‘zeer negatief’ tegenover. Slechts 4,8 procent is positief over advertenties op mobiel. Online advertenties ervaart 30,7 procent als negatief en slechts 12,6 procent als positief. Bij andere media is de reclame-irritatie minder groot en zijn mensen over het algemeen ‘neutraal’.

 
Print en OHH meest positief
Verder valt op dat de groep die positief is over reclame op tv bijna net zo groot is als de groep die er negatief over is: 20 procent om 21,7 procent. Dat valt enigszins mee, maar kan ook komen doordat men gewend is aan reclameblokken op tv en gewoon wegzapt. Anderzijds is slechts 15,9 procent positief over radioreclame - waar men ook aan gewend is - en bijna een kwart negatief. Dat kan ook aan de kwaliteit van het gebodene liggen, maar dat is niet onderzocht. Het meest positief zijn de ondervraagden over advertenties in kranten en tijdschriften - 26,1 procent, tegenover 10,8 procent negatief - en buitenreclame: 25,5 procent om 11,2 procent.



Adblockers
Online en mobiele reclame zijn dus een grote irritatiefactor, maar toch heeft een minderheid een adblocker – waarmee advertenties voor de gebruiker worden geblokkeerd – geïnstalleerd of overweegt men dat te gaan doen. Een meerderheid, 62 procent, heeft van de adblocker gehoord, 22 procent maakt er gebruik van, 59 procent heeft er geen en 12 procent had er vroeger een. Van de ondervraagden zegt maar 15 procent te overwegen een adblocker te gaan gebruiken.





 
De meeste gebruikers hebben een adblocker op hun pc (56 procent) of laptop (63 procent).
De grootste reden om een adblocker te installeren is irritatie over opdringerige reclame (59 procent). Van de ondervraagden wil 17 procent niet dat adverteerders hen gaat volgen.





Online reclame skippen
Het is overduidelijk dat prerolls – reclamevideo’s die spelen vóór het filmpje dat je wilt zien – als zeer irritant worden ervaren. Het bleek al uit eerdere onderzoeken, onder meer van IAB uit 2015. Met de stelling ‘Ik skip altijd de reclame op YouTube zodra het kan’, is 44,5 procent het helemaal eens en 30,4 procent is het eens. Daarnaast vindt bijna twee derde (61 procent) van de respondenten advertenties die je niet kan wegklikken bijzonder storend. Ook reclames die zo groot zijn dat ze de website voor meer dan de helft afdekken zijn een doorn in het oog: 61,4 procent vindt dat. Verder hebben advertenties die met geluid starten en advertenties die persoonlijke data gebruiken een hoge irritatiefactor. Mislukte targeting wordt ook genoemd. ‘Advertenties die mij blijven achtervolgen terwijl ik het product of dienst al besteld/gekocht heb’, worden door meer dan de helft van de ondervraagden als zeer irritant ervaren.





Privacy
Mensen hechten ook aan privacy op internet: 41 procent is het daar (helemaal mee) eens. Meer dan een derde van de ondervraagden heeft het idee dat zijn of haar privacy online voortdurend in het geding is.
Het aantal mensen dat gepersonaliseerde reclame (specifiek op hem of haar gericht) minder storend vindt is gelijk aan het aantal dat zich er wel aan stoort (beide ruim 21 procent).

 
Begrip voor reclame
Toch is er ook begrip voor online reclame, want iets meer dan de helft is het eens met de stelling dat veel websites afhankelijk zijn van advertenties en een derde vindt dat reclame bij het internet hoort.
Men klikt ook nog wel eens op een advertentie: 28,3 procent doet dat. Bereidheid om te betalen om geen advertenties op internet te zien te krijgen is er nauwelijks. Slechts 9 procent is daartoe bereid, tegen 32,5 procent die dat niet wil.

Bemoedigend
Media strategy director Henk Burgerhout vindt de cijfers wel duidelijk: ,,Zoals ook met ‘normale’ reclame ergeren mensen zich wel vaak, maar is het ook weer niet de moeite waard om daar iets tegen te doen. En stiekem zal men toch ook wel nieuwsgierig zijn naar al die reclame, want je weet maar nooit of er toch een interessante commercial of advertentie tussen zit. ”Burgerhout heeft nog een bemoedigend woord voor adverteerders: ,,Vroeger ergerde 80 procent van de bevolking zich aan al die tv-wasmiddelenreclame, maar juist die merken werden het meeste gekocht.”

Frank’s Weekly: Lubach, normaal doen en Jumbo’s Loeki

Frank’s Weekly: Lubach, normaal doen en Jumbo’s Loeki

In Frank’s Weekly vatten we het belangrijkste nieuws van de afgelopen marketing- en mediaweek samen in zeven features. Waar gaan maandag de gesprekken over bij de koffieautomaat, welke quotes inspireren en waarom maakte een tv-commercial indruk?

 
1: Het nieuws: John de Mol biedt op De Telegraaf
Het leek er vorige week al op toen John de Mol zijn belang in Telegraaf Media Groep (TMG) vergrootte: die gaat zich vast bemoeien met de biedingsstrijd. En inderdaad, maandag werd bekend dat De Mol graag heel TMG inlijft met zijn holding Talpa. Of is het gewoon prijsopdrijving? Lees er hier meer over.

 
2: Het filmpje: Lubach stelt Nederland voor aan Trump
Een inkoppertje natuurlijk: Arjen Lubach maakte voor zijn Zondag met Lubach een hilarische video waarin hij Nederland voorstelt aan Trump. Het ging en gaat deze week miljoenen keren de wereld over. Al meer dan 50 miljoen views in de States zelf én instant fame voor Lee Towers en Ponypark Slagharen (“You can grab them by the pony”), dat ineens overspoeld wordt door bezoekers. Het filmpje leidde ook tot een petitie in de Verenigde Staten of Nederland inderdaad op de tweede plaats moet komen na Amerika.

https://www.youtube.com/watch?v=VCucYfFihKs

 
3: De persoon: de woordvoerder van Trump
Na de inauguratie van de 45e president van de Verenigde Staten, kunnen we nu elke dag nieuws over hem en zijn ‘administration’ verwachten. En er zelf maar een filter op zetten, of zo. Misschien te veel eer, maar de persoon van de week is toch wel
Sean Spicer, de woordvoerder van Trump. In één klap werd hij wereldberoemd. Ondanks foto's die lieten zien dat de inauguratie van Trump veel minder mensen op de been kreeg dan die van Obama, zei Spicer dat het de grootste opkomst ooit was, in tegenstelling tot wat de ‘liberal media’ meldde. Period. Op Twitter werd de hashtag #SpicerFacts trending. Bijvoorbeeld: ,,The Earth is flat. Period." #spicerfacts
4: De quote: “Doe normaal of ga weg”
De helft van het hoofd van het Nederlandse opperhoofd was te zien in een paginagrote advertentie in Telegraaf en AD (print inderdaad). Mark Rutte roept daarin op tot meer fatsoen: ,,normaal doen is de norm die we moeten uitdragen.” En anders ga je maar weg. Het kwam Rutte op massale kritiek te staan op sociale media, in de Tweede Kamer en op de buis. Politieke verslaggevers zien het als een verkiezingsstunt om eventuele PVV-stemmers een alternatief te bieden. Opvallend was de brief die rapper, schrijver en oud-leraar Massih Hutak schreef naar aanleiding van de boodschap van Rutte. Hij roept jongeren op te gaan stemmen. ,,Rutte valt het Nederland waar ik van houd aan, waar ik als vluchteling naartoe ben gekomen. Zure oude mensen vergeten nooit te stemmen (kijk naar Trump). Jonge invloedrijke mensen vergeten dat wel.”

 
5: De Commercial: Jumbo wint de Gouden Loeki
Het is geen inspirerend lijstje, de tien commercials die het Nederlandse publiek had genomineerd voor de Gouden Loeki 2016. Het is de award van de Ster, de reclameverkoper van de publieke omroep. Een prijs dus voor de leukste, opvallendste of eigenlijk gewoon beste reclame van het jaar. Dat Jumbo er met de gezellige familie met Michiel de Ruyter als vader met maar liefst vier verschillende filmpjes is genomineerd, geeft de armoede goed aan. Uiteindelijk werd de kerstcommercial van de supermarktketen gisteravond bekroond met de Gouden Loeki 2016. Dat is overigens heel knap gedaan van het reclamebureau Alfred International. Maar ‘vroeger’ was Nederland bekend om zijn reclamefilmpjes die internationaal scoorden en dat is al lang niet meer zo. Hopelijk leggen creatieven en merken dit jaar de lat weer eens hoger.

https://www.youtube.com/watch?v=thuyscDJUvA

 
6: Inspirerend: de YouTube-school
Bas van Teylingen is een YouTube-school begonnen. Er staat interview met hem in Adformatie hierover. Voor 300 euro krijgen jongeren een aantal uur per week les over het grote online videoplatform. Van Teylingen wil de kinderen vooral leren over creativiteit – hoe draai ik een leuk filmpje in elkaar? – maar ook over de gevaren. ,,Sommige kinderen denken dat heftige, schokkende en negatieve video's het beste scoren. Op de Tube School leren we ze dat alles wat ze online plaatsen gevolgen heeft.”

 
7: Het cijfer: 1,7 miljard
Google meldt in zijn ‘Bad Ads Report’ dat het 1,7 miljard “slechte advertenties” heeft verwijderd vorig jaar. Dat is dubbel zo veel als het jaar ervoor. Het gaat hierbij dan om uitingen over bijvoorbeeld illegale producten en diensten. Zo werden bijvoorbeeld 68 miljoen advertenties verwijderd voor niet-goedgekeurde medicijnen en 17 miljoen over online gokken. Google heeft de richtlijnen nog eens aangescherpt en stuit dus op nog meer troep. De techgigant gaat ook complete websites aanpakken die misleiden met valse content, zoals nepnieuws.

Franks Weekly: Telegraaf, Stivoro en Janzen

Franks Weekly: Telegraaf, Stivoro en Janzen
In Franks Weekly bespreken we de afgelopen marketing- en mediaweek. Waar gaan maandag de gesprekken over bij de koffieautomaat, welke quotes inspireren en waarom maakt een tv-commercial indruk?
1. Het nieuws: foute Telegraafkop‘Kansloze asielplaag ongehinderd verder’. Deze kop zorgde afgelopen week voor veel ophef. Met name het woordje asielplaag zette bij veel mensen kwaad bloed, omdat de krant daarmee alle vluchtelingen over één kam zou scheren. Dat terwijl het stuk inhoudelijk hout sneed. De hashtag #StopXenofoobTelegraaf was lang trending op social media. Critici pleitten voor een boycot van adverteerders, want in zo’n krant wil je niet met je advertentie staan. Sommige Telegraaf-journalisten verontschuldigden zich voor de ongelukkige kop boven het artikel. De Volkskrant stookte het vuurtje nog even op met een artikel over de onrust die erover op de redactie zou zijn ontstaan. Maar De Telegraaf moet ook kranten verkopen in deze voor print moeilijke tijden en die missie is waarschijnlijk best geslaagd. Mediabureaubaas Ruud de Langen zei in een column in Broadcast Magazine dat adverteerders niet voor een boycot moeten kiezen. Dat is niet aan hen. ,,Adverteerders zijn niet verantwoordelijk voor journalistieke keuzes. Een adverteerder die ergens adverteert, kan het niet eens zijn met elke mening, elke column, elke kop die in een nieuwskanaal verschijnt. Als ze daar aan zouden beginnen, is dan het einde niet zoek?”

2. Het filmpje: antirookcampagne StivoroAntirookstichting Stivoro brengt in een nieuwe film op pijnlijke wijze de misstanden in de tabaksindustrie aan het licht. ,,Ik ben ongelukkig met mijn werk, net als de meesten hier trouwens, maar dat feit proberen we ontzettend te negeren”, zegt de manager van een tabaksfabriek bij een afscheidsfeestje van een collega. De korte film ‘Een doodnormale zaak’ vraagt aandacht voor de absurditeit van het bestaan van de tabaksindustrie. Het doel van de film is mensen wakker schudden over de werkwijze van de tabaksindustrie. ,,Een industrie die veel geld verdient aan een zeer verslavend en ziekmakend product, ten koste van 20.000 doden per jaar in Nederland. En ten koste van 100 nieuwe verslaafde kinderen per dag. Het roken van tabak is doodsoorzaak nummer 1 in Nederland.”

De film is hier te vinden: http://wefilm.nl/cases/the-tobacco-industrys-unknown-ugly-truth
3. De persoon: Chantal Janzen begint mediamerkJa, we hebben al jaren de Linda. en de Wendy. En binnenkort is er de Chantal. Maar dan anders. Chantal Janzen start een eigen mediamerk dat ze &C noemt. En dat spreek je uit als And See. Vanaf maart is er van alles rond &C: een maandelijks magazine, online platform, mobiele app en vanaf najaar 2017 ook nog eigen tv-programma's. Janzen wil daarbij ook de ruimte geven aan nieuw talent. Chantal Janzen slaagt ongetwijfeld, want zij is – veel meer dan Wendy van Dijk – de nieuwe Linda: alles wat ze doet, is een succes. Zingen, acteren en presenteren. En – ook niet onbelangrijk - ze heeft humor. Dit gaat slagen.

4. De quote: ,,Jullie zijn nepnieuws!”Natuurlijk kunnen we niet voorbij aan Donald Trump die, net voor zijn eerste officiële persconferentie nadat hij in november de verkiezingen had gewonnen, in de spotlights kwam met een vermeend schandaal rond zijn persoon. Amerikaanse media – CNN en Buzzfeed - hadden memo’s openbaar gemaakt, gebaseerd op anonieme Russische bronnen, met allerlei belastend materiaal over Trump. In zijn persconferentie riep Trump over een aantal media: ,,Jullie zijn nepnieuws!”. Deze media mochten dan ook geen vragen stellen aan de president-elect. CNN sloeg op social media terug met de vraag wat er dan ‘specifiek niet klopte aan het nieuws’. De zender vraagt het Trump-team alsnog te reageren.

5. De Commercial: Volkswagen en een hondDieren en reclame: een goede combinatie. Volkswagen kwam met een nieuwe commercial waarin we zien hoe een hond een plekje voorin de auto opeist. ‘Een nieuwe Volkswagen. Wie wil daar naar nou niet in zitten?’, is de vraag.

https://www.youtube.com/watch?v=NLaW9iHWoQY
6. Inspirerend: onafhankelijke mediabureaus verenigdOnze ‘baas’ Candid Group kondigde deze week aan het gerenommeerde Rotterdamse mediabureau Stroom over te nemen. Daarmee komen onafhankelijke mediabureaus in één groep en kunnen ze samen optrekken om nationale klanten meer aandacht te geven dan ze nu krijgen. De grote netwerkbureaus bedienen grote internationale klanten en dan sneeuwen de nationale merken regelmatig onder. Of zoals CEO Gérard Ghazarian zegt: ,,Je moet die Nederlands georiënteerde klanten een onafhankelijk alternatief bieden met een behoorlijk volume, anders vallen ze tussen wal en schip.”

7. Het cijfer: 55Het begint er steeds meer op te lijken dat de Belgen van Mediahuis de Hollandse Telegraaf Media Groep gaat overnemen. Afgelopen week deden ze samen met grootaandeelhouder VP Exploitatie een definitief bod en men heeft nu ‘onherroepelijke toezeggingen’ - irrevocable undertakings - ontvangen van een aantal andere TMG-aandeelhouders, waarmee een meerderheid van 55 procent het bod steunt. Dat is voor Mediahuis nog niet genoeg, want men wil het concern van de beurs halen. Daarvoor heeft men 95 procent nodig. Dat is nog een heel eind, zeker als je weet dat aandeelhouder Dasym van Frank Botman (die de portefeuille van John de Mol beheert) niet staat te springen om de deal.

Trollen verpesten Twitter

Trollen verpesten Twitter

Twitter is al enige tijd niet meer zo’n populair social medium. Adverteerders happen niet massaal toe en gebruikers vinden het minder leuk door het constante “getroll” en “gebash”. Dat lijkt momenteel het grootste probleem van Twitter.


Sinds half 2015 zit de klad erin bij Twitter, hoewel het gebruikersaantal nog wel stijgt. Ook de omzet vertoonde het afgelopen kwartaal nog wel een plus, maar onder de streep hield Twitter niets over. Sterker: het leed een verlies van meer dan 100 miljoen dollar. Het bedrijf staat zelfs te koop, maar ook dat proces verloopt moeizaam.

Facebook en Snapchat winnen de social-slag, Twitter kan de twee netwerken niet bijbenen. Het heeft vooral moeite om adverteerders blijvend aan zich te binden. Wereldwijd werd daarom afgelopen jaar gereorganiseerd, met name op verkoop- en marketingfuncties. Het betekende dat 9 procent van de banen verdween. Ook in Nederland werd het verkoopkantoor opgeheven en is BrandDeli – verkooporganisatie in Nederland voor onder meer de tv-bedrijven Discovery Networks, FOX en VIMN – vanaf dit jaar de partij die moet gaan zorgen voor meer advertenties op Twitter.

Het grootste probleem dat het social netwerk mogelijk heeft, is dat er te veel “trollen” het gebruik van Twitter onaangenaam maken. Hoewel men al regelmatig beterschap had beloofd, is daarvan nog weinig terechtgekomen. Uiteraard kan je zelf als gebruiker wel accounts blocken, muten en rapporteren. Ja, Twitter grijpt ook wel regelmatig in, zoals bij Breitbart-redacteur Milo Yiannopoulos, die Ghostbusters-acteur Leslie Jones had lastiggevallen. Zijn account werd permanent gesloten. Recent nog – afgelopen week – werd het account van Amerikaanse zakenman Martin Shkreli  tijdelijk on hold gezet nadat hij het op de jonge Amerikaanse Vogue-redacteur Lauren Ducca had  voorzien.

 
Anonieme lafbekjes
Het zijn wat voorbeelden die laten zien dat Twitter heus wel aan curatie doet, maar men zou wel een stapje harder mogen lopen. Veel vaste Twitter-gebruikers vinden het netwerk steeds minder leuk worden. Regelmatig wordt Twitter gebruikt voor scheldkanonnades, verwensingen, beledigingen en soms zelfs puur racistische uitlatingen. Vaak gebezigd in “Caps lock” en meestal door anonieme lafbekjes. Natuurlijk leent Twitter zich uitstekend voor een discussie in 140 tekens, het liefst ook op het scherpst van de snede. Maar veel te vaak - en dat zien we in Nederland met discussies rond Zwarte Piet en een “foute” kop in De Telegraaf -  vliegen discussies volledig uit de bocht. En je wilt als gebruiker niet voortdurend zelf accounts hoeven blocken, of rapporteren.

Als de Twitter-organisatie eens flink de bezem door het netwerk haalt, wordt het weer leuker om te gebruiken en zal het ook meer adverteerders aanspreken. Want Twitter is nog altijd een heel relevant medium, waar je vaak nieuws als eerste hoort en ook gewoon een aangenaam gesprek met iemand kan hebben.

Zo gaan we tv maken en kijken in 2017

Zo gaan we tv maken en kijken in 2017
Wat de printmarkt is overkomen, kon ook niet uitblijven in de tv-wereld: een grote verandering in consumentengedrag en de verregaande digitalisering. Het is een groot braakliggend terrein aan kansen. Vijf trends die de tv-wereld vanaf komend jaar gaan bepalen.
 
1. Nieuwe definitie van tv-kijkenTv is niet meer de ouderwetse kijkbuis waarop traditionele zenders hun voorgeprogrammeerde menu serveren. Het is veel breder geworden. 2017 is een mooi jaar om tv-kijken anders te definiëren. Want dat kan en doen we op verschillende manieren. Tv-kijken is óók programmacontent kijken via je mobiel, het is on demand kijken via Programma Gemist, Netflix, Amazon Prime en Videoland. Maar ook videocontent bekijken op YouTube. De consument bepaalt waar, hoe en wanneer hij/zij kijkt en daar moet de nog vrij traditioneel ingerichte tv-branche maar eens aan wennen.
Het betekent ook dat er een nieuwe marktstandaard moet komen om adverteerders een totaalpakket te bieden. De Stichting Kijkonderzoek SKO is al enige tijd bezig de reclamemarkt te voorzien van onderzoekscijfers, waarbij het online bereik, tv-bereik en gecombineerd nettobereik wil clusteren tot een totaalbereik. Hoe ver SKO daar nu mee is, is nog niet duidelijk.

 
2. Bundeling tv en social mediaDe gebundelde kracht van tv en social media is een logische trend. In de Verenigde Staten worden sportevents op Twitter nu al live gestreamd. Sanoma/SBS en NU.nl zetten de Champions League doelpunten op Twitter vlak nadat ze gescoord zijn. En zo zijn er nog talloze voorbeelden te bedenken.
Snapchat is voor tv-contentmakers het ultieme platform om de zo moeilijk te doorgronden millennial te bereiken. Denk aan sneak previews van televisiecontent of juist originele content, exclusief voor Snapchat. In Nederland begint Snapchat in januari met een op de Nederlandse markt gerichte advertentieverkooptak, terwijl tv-bedrijf BrandDeli de reclameverkoop voor Twitter gaat doen. Dat kan mooie combinaties rond tv en social media opleveren. Mogelijk dat ook Facebook stappen gaat maken in samenwerkingen met tv-zenders en producenten. Tot nu toe is dat platform wat minder “vriendelijk” op dat gebied.

 
3. Tv-content wordt kwalitatieverNetflix investeerde het afgelopen jaar voor een recordbedrag in het maken van exclusieve series en films. In 2017 gooien ze daar nog eens 800 miljoen dollar bovenop. Uiteindelijk wil de dienst voor 50 procent eigen content hebben. De kwaliteit wordt dankzij geavanceerde data - bij Netflix weet men precies wat de kijker wil - alleen maar beter. The Crown is het nieuwe pareltje. De serie over het leven van Queen Elisabeth kost per seizoen een slordige 120 miljoen euro en is daarmee tot nu toe de duurste Netflix-serie. De kijker die de serie al heeft gezien, ziet dat de kwaliteit van het scherm spat. Amazon Prime Video, dat inmiddels in Nederland te zien is, heeft ook grote ambities in het maken van eigen, unieke en hoogstaande content. Ondertussen kijken providers Ziggo en KPN naar goede formats.
De publieke omroep zou ook deze weg moeten bewandelen: minder uitgeven aan slappe formatjes met BN’ers en meer uitgeven aan drama, zoals De Zaak Menten en Als De Dijken Breken. Beide series konden rekenen op hoge kijkcijfers en een grote waardering. En wanneer begint NPO eens echt met “on demand only” programmacontent?

 
4. Merken beginnen eigen programma of zenderIn deze tijd van contentmarketing zijn er veel meer mogelijkheden voor merken om zich te laten zien. Laat ze wel wegblijven van gescripte series en geef goede journalisten en producenten de regie. Een voorbeeld: een luchtvaartmaatschappij zou een mooie reisdocumentaireserie kunnen maken die voor de gemiddelde kijker niet als reclame voelt. Natuurlijk bestaat dat al. “Vroeger” had je al ABN Amro TV. En de huidige voetbalclubs hebben al hun eigen tv-programma (denk aan Ajax TV en Feyenoord TV). Veel andere merken komen nu nog met een 30-secondenspot en vinden branded content nog een lastig verhaal. Toch zal deze ontwikkeling zich in 2017 verder doorzetten.

 
5. Programmatic en gepersonaliseerde tvProgrammatic tv komt eraan en in 2017 is die ontwikkeling niet meer te stuiten. De geautomatiseerde verkoop van reclamespots op televisie is volgens internationaal onderzoek in 2019 wereldwijd al goed voor 17 miljard dollar. De onderzoekers denken zelfs dat deze markt groter kan worden dan online video.
Met het inkopen op basis van data en techniek kunnen adverteerders hun spotjes veel gerichter op de kijker afstemmen, waar ze nu nog de grote massa proberen te bereiken en zich op de achterhaalde doelgroep 20-49 richten. Want in een huishouden zijn er verschillende kijkbehoeftes en daar zijn dus ook verschillende reclameboodschappen voor nodig. Ook Ster gaat zich nu richten op programmatic inkoop. Al is dat in eerste instantie nog digitaal, de eerste bewegingen zijn er.
Uiteindelijk zal dan ook echt de stap kunnen worden gemaakt naar addressable tv. Zo ontvang je niet alleen boodschappen die precies matchen met jouw interessegebied, maar krijg je ook gelijk een aanbieding van de bewuste adverteerder.

 

Franks Weekly: Strenge Dieuwke en rondjesdraaiende NS-baas

Franks Weekly: Strenge Dieuwke en rondjesdraaiende NS-baas

Franks Weekly bespreken we de afgelopen marketing- en mediaweek. Waar gaan maandag de gesprekken over bij de koffieautomaat, welke quotes inspireren en waarom maakt een tv-commercial indruk?

 
1. Het nieuws: Transparantie NPO
De publieke omroep maar weer eens. Staatssecretaris Sander Dekker heeft de NPO nog altijd in het vizier en deze keer gaat het om openheid. De bewindsman wil namelijk dat we met zijn allen precies kunnen zien hoe de geldstromen lopen in Hilversum. Hoeveel bedragen de topsalarissen, wat kosten de programma’s en wat betaalde men voor sportrechten? Voortaan kunnen politici het kabinet verzoeken om financiële details van de publieke omroepen openbaar te maken. Daarbij moet het verzoek wel relevant zijn. Bijvoorbeeld als men denkt dat er sprake is van geld over de balk smijten. Kamerleden mogen geen invloed uitoefenen op de programmering van de NPO. Voor dat laatste is topvrouw Shula Rijxman bang: straks wordt er getornd aan de journalistieke onafhankelijkheid van de publieke omroep. Rijxman heeft inmiddels een brief gestuurd naar Dekker waarin ze zich fel tegen de plannen verzet.
,,Het gevaar is dat er bijvoorbeeld aan de hand van kosteninformatie een politieke discussie ontstaat over de vraag of een bepaald programma te veel of te weinig heeft gekost, of dat het geld beter aan andere programma’s besteed had kunnen worden.”

Dekkers plannen met de publieke omroep waren tot nu toe geen groot succes. Mogelijk is dit zijn laatste stuiptrekking voordat er een nieuw kabinet is geformeerd, volgend jaar na de verkiezingen.

 
2. Het filmpje: NS-baas ketent zich vast aan windmolen
,,De NS verbruikt veel energie en dat is slecht voor het milieu.” Dat zegt president-directeur Roger van Boxtel in een filmpje dat de NS deze week live zette. En hij belooft beterschap. De Spoorwegen gaan komend jaar geheel over op windstroom. En daarom laat Van Boxtel zich aan de wiek van een windmolen vastbinden en ronddraaien. Ludiek is het zeker en het filmpje werd al meer dan 135.000 keer bekeken. Nu voortaan nog een betere copywriter, want Van Boxtel zegt op het einde: ,,Ik ben er ondersteboven van.”

 
https://www.youtube.com/watch?v=mpmN2S_frzg
3. De ‘persoon’: Carrie Fischer
In het jaar dat we afscheid moesten nemen van veel grote pop- en filmsterren overleed ook Carrie Fischer. Voor de filmfans vooral bekend als Princess Leia in Star Wars, voor de Hollywood-volgers ook fameus om haar humor en zelfspot, haar werk als “script doctor” en haar boeken. Pas 60 jaar.

Maar Fischer blijkt ook veel te zijn opgedoken in commercials. Begin dit jaar was ze nog als zichzelf te zien in een commercial van IBM
Tien jaar eerder zagen we haar in een reclame voor telecomprovider  Orange.Trieste bijkomstigheid van het overlijden van Fischer is dat de verkoop van de merchandise van Star Wars ineens een boost heeft gekregen. Vergelijkbaar met de platenverkoop van George Michael, David Bowie, Leonard Cohen en Prince. De consument is eigenlijk best voorspelbaar.

 
4. De quote: ‘Ik kan wel heel streng zijn’
Dieuwke Wynia liet zich interviewen door de Volkskrant. De eerder dit jaar bij DWDD vertrokken programmamaakster is met een tv-productiebedrijf begonnen en blikt terug. Natuurlijk komt terecht ook even haar bitchy imago aan bod. Is ze echt zo’n heks op de redactie? Ze ontkent niet dat ze hard kan zijn tegen collega’s. ,,Ik kan wel heel streng zijn. Als iemand er echt overstuur van is, is dat natuurlijk niet goed. Dat gebeurde weleens en dan moet je dat even uitpraten. Maar het is ook niet zo gek dat het gebeurt, want je speelt elke dag een wedstrijd in een vol stadion. De druk is hoog. De een kan daar beter tegen dan de ander.”

Blijkbaar hebben ze de teugels nu wat laten vieren op de DWDD-redactie na haar vertrek. Dieuwke geeft de nog zittende crew in ieder geval een lichte trap na. ,,Soms zie ik nu wel een onderwerp voorbijkomen waarbij ik denk: ik weet niet of ik dat had gedaan.”

 
5. De Commercial: Coca-Cola’s Chinese Nieuwjaar
Er zijn veel kerstcommercials, die rond het nieuwe jaar zijn wat schaarser. Een gemiste kans eigenlijk, want met een positieve nieuwjaarsboodschap val je als merk waarschijnlijk meer op dan tussen alle kerstreclames.
We konden er toch nog één vinden. Coca-Cola maakte een reclame voor het Chinese Nieuwjaar, later in januari. Thema is de onbreekbare band met je familie en de hoofdrol is voor een eenzame sneeuwpop. Ook de Chinezen gooien het dus op de pathos, waardoor het allemaal toch weer veel weg heeft van een kerstreclame. Gemaakt door bureau McCann Shanghai.

 
6. Inspirerend: Snapchat naar Nederland
Als de geruchten allemaal kloppen komt Snapchat volgend jaar - zelfs al in januari - naar Nederland om daar zijn eerste kantoor te openen. Snapchat is het snelst groeiende sociale netwerk ter wereld en wil graag plaatselijk met adverteerders in zee. Dat is goed nieuws voor de Nederlandse advertentiebranche en ook voor de creativiteit. Want samen met Snapchat moeten er toch veel creatieve campagnes te bedenken zijn, speciaal gericht op die moeilijk te vangen doelgroep: de millennials.

 
7. Het cijfer: 3
Tot slot de tv-kijktijd. Een van de grotere ontwikkelingen van dit jaar: de traditionele tv-kijker haakt af, lineaire televisie is minder populair en in 2016 was die daling wel erg groot. Maar volgens Stichting Kijkonderzoek SKO zit de gemiddelde Nederlander nog steeds ruim 3 uur per dag voor de traditionele buis, ondanks de vele mediakeuzes die hij heeft. De gemiddelde kijktijd was dit jaar 182 minuten, een daling van gemiddeld 4,2 procent. De afname is volgens SKO daarmee iets minder sterk dan in 2015. Gezien de alarmerende berichten van dit jaar rond de kijktijden, geloven wij deze uitspraak niet.

Méér mediaconcentratie in 2017

Méér mediaconcentratie in 2017

In de Nederlandse mediabranche is er maar één weg: samensmelting en samenwerken om het hoofd te bieden aan de grote Amerikaanse techbedrijven die een groot deel van de reclamemarkt in handen hebben. In de dagbladen- en radiosector zien we de bewegingen al, de tv-branche is straks ook aan de beurt.

 
ABN Amro kwam vorige week met een rapport waarin het heftige cijfers presenteerde: In de Verenigde Staten ging begin dit jaar van elke ‘nieuwe’ dollar die werd besteed aan online advertenties, 85 procent naar Google en/of Facebook. Zij hebben een voorsprong op het gebied van data-analyse, het gericht inzetten van advertenties en de meetbaarheid van advertenties. Ook de naamsbekendheid en het enorme bereik van deze platforms zijn in hun voordeel.

Eigenlijk zijn de cijfers ook weer niet zo verrassend. Publishers merken het namelijk dagelijks. Ook hier pakken - met name - Google en Facebook een groot deel van de advertentiemarkt online. En aangezien er in 2018 volgens ABN Amro 2 miljard van de totale advertentiemarkt van 3,5 miljard euro in Nederland naar ‘digitaal’ gaat, moeten uitgevers hard nadenken over hoe ze de strijd aan moeten gaan met de twee techreuzen. Ja, ze werken ook wel samen met deze partijen, maar het is toch vooral een gevecht. Zolang ‘Brussel’ de macht van Google en Facebook nog niet aan banden heeft gelegd, blijft het advertentiegeld daar met grote bakken binnenstromen.

 
Combinatiepakketten aanbieden is een oplossing
Wat kunnen de Nederlandse spelers doen om te concurreren? ABN Amro meldt in het rapport dat de traditionele spelers moeten inzetten op klantloyaliteit, verticale markten, mobiel en integrale dienstverlening. Zet in op meerdere kanalen en biedt adverteerders combinatiepakketten, is één van de adviezen. En richt je op verticale markten, is een andere tip. Dan maak je een verdiepingsslag die Google en Facebook niet maken. Neem vergelijkingssites met zoekfuncties op specifieke sectoren. Zo kun je online advertenties aantrekken.

Het andere antwoord is concentratie en samenwerking. Ook al vinden de grote Nederlandse mediapartijen dat vaak lastig - één gezamenlijk groot bereiksonderzoek kwam het afgelopen decennium ook maar moeizaam van de grond - het is wel de enige weg.

 
Mediaconcentratie zet door
Dit jaar konden we al een aantal bewegingen zien. Zo werd in januari al aangekondigd dat de radiozenders van 538Groep (Talpa) en Sky Radio Group (van het Telegraaf-concern) in 2017 één worden, waarbij het ook één groot salesapparaat krijgt dat de spotmarkt moet bedienen. Het is de allereerste grote fusie in het radiolandschap en het zou niet vreemd zijn als er meer zouden volgen. Want ook de nog steeds groeiende zender Qmusic (onderdeel van het Persgroep-concern) kan wel een partner gebruiken op de reclamemarkt. Wellicht dat zelfs Ster (publieke omroep) kan aanhaken.

Een ander voorbeeld van mediaconcentratie dat we dit jaar hebben gezien, is nog vers: vorige week kondigde het Vlaamse Mediahuis aan Telegraaf Media Groep (TMG) te willen overnemen. Als alles doorgaat, ontstaan er dan twee grote partijen op de dagbladenmarkt, de Persgroep en Mediahuis, die samen 90 procent in handen hebben. De twee grote partijen kunnen samen zorgen voor enorme slagkracht rond de drukkerijen, maar ook in sales. Daardoor kunnen ze zich concentreren op investeringen in goede producten.

 
Concentraties in de tv-markt
De televisiemarkt moet in 2017 ook die kant op. De dalende kijktijden en druk op de reclamesales hielden de tv-industrie dit jaar in een wurggreep. Het moet de bestaande partijen (RTL, SBS) in die branche aan het denken hebben gezet. Zij moeten het nu nog heel erg hebben van de GRP’s, maar zien ook dat het publiek steeds meer voor on demand en online kiest. Niet alleen is dus een goede online videostrategie nodig, maar ook moet men sterk gaan kijken naar samenwerking. Bovenin de markt gebeurt dat al, want volgend jaar vloeien Ziggo en Vodafone in Nederland samen. In Amerika zien we die beweging op nog grotere schaal, want AT&T wil daar Time Warner overnemen.

Ziggo en Vodafone hebben samen een groot digitaal bereik en vele abonnees. Hoewel Ziggo zelf content produceert, zouden ze nog een grote contentpartner kunnen gebruiken die aanhaakt. Dan komt al snel RTL in beeld, dat al de sales doet voor het succesvolle Ziggo Sport. Het is zomaar even een gedachte die niet onrealistisch is.

Een in Nederland succesvol mediabedrijf zal op meer paarden moeten wedden. Zo zullen de in Nederland grote mediaconglomeraten als Sanoma/SBS, Telegraaf Media Groep, de Persgroep en RTL over de eigen schutting heen kijken. Een mooi voorbeeld op de reclamemarkt is het nog jonge BrandDeli, dat niet alleen de tv-zenders van Discovery, VIMN (MTV, Comedy Central) en FOX (zoals FOX Sports Eredivisie) samen heeft gebracht in één saleshuis, maar ook de sales gaat doen voor VICELAND (de tv-zender van VICE), digitaal met influencersplatform Makers Channel en - zoals deze week bekend werd - ook Twitter in Nederland aan zich heeft gebonden. Een typisch staaltje concentratie én samenwerking.

Op die manier moeten mediawaakhonden ook naar de bewegingen kijken. Het gaat er niet om of twee grote (Belgische) partijen straks te veel macht zouden hebben op de dagbladenmarkt. Laat ze eerst eens kijken of ze Google en Facebook wat minder ruimte kunnen geven. Het belangrijkste is nu dat Nederlandse media levensvatbaar moeten zijn.

Franks Weekly: De Belgjes, een Hollandse hoax en Denzel   

Franks Weekly: De Belgjes, een Hollandse hoax en Denzel   

In Franks Weekly vatten we het belangrijkste nieuws van de afgelopen marketing- en mediaweek samen in zeven features. Waar gaan maandag de gesprekken over bij de koffieautomaat, welke quotes inspireren en waarom maakte een tv-commercial indruk?

 
  1. Het nieuws:Mediahuis doet bod op TMG


    Willen we meer of minder Belgen op de dagbladenmarkt? Dat is wel de vraag van deze week nu het Vlaamse Mediahuis een bod heeft gedaan op Telegraaf Media Groep. Het verraste velen, maar heel onlogisch is het niet. Er is een consolideringsslag gaande in deze markt van teruglopende advertentie-inkomsten en men zoekt schaalvergroting, ook voor drukvoordelen.
    Mediahuis is al eigenaar van NRC Media en De Limburger in Nederland en zou met TMG zijn positie in Nederland dus verder willen versterken.
    Als alles doorgaat dan zijn er twee grote Belgische krantenconcerns die de Nederlandse markt domineren: de Persgroep en Mediahuis. Slechts Het Financieele Dagblad en noordelijke uitgever NDC zijn dan nog Hollands. Bij De Telegraaf - dat straks dus misschien opgeslokt wordt - verzuchtte men al: blijft er dan niets Nederlands?Of het echt doorgaat, is nog even de vraag. Mediahuis biedt 243 miljoen, 50 procent meer dan de huidige waarde. De koers van TMG is flink gekelderd de afgelopen jaren. Het bedrijf voert reorganisatie op reorganisatie door. Mediahuis wil optrekken met de grootste aandeelhouder van TMG, de familie Van Puijenbroek, die momenteel een belang van 41,3 procent heeft in het mediabedrijf. Het betekent onder meer dat ze Dasym van investeerder Frank Botman - met 22 procent ook een grote aandeelhouder  - zullen passeren. Hij beheert het vermogen van John de Mol en was de afgelopen jaren stiekem achter de schermen bezig aan een masterplan met TMG. De kans is groot dat hij gaat dwarsliggen. Interesting times, zo vlak voor de kerst.
  2. Het filmpje: NPO schrapt woord ‘Kerst’ uit filmpje


    NPO heeft een sfeervol filmpje gemaakt voor de feestdagen. Onder het motto ‘december vier je samen’ hebben veel publieke omroepcoryfeeën het gezellig samen. Maar er is al weer een relletje uitgebroken, want NPO heeft ervoor gekozen het woordje Kerst te schrappen uit het filmpje. Om de minderheden in ons land tegemoet te komen, is de lezing.
    De reacties op sociale media - en uiteraard zitten daar wat politieke (splinter)partijen tussen - kunnen natuurlijk niet uitblijven. De strekking: na Zwarte Piet verliezen we nu ook ‘kerst’ als woord. En ‘De NPO is toch van ons samen?’ NPO-baas Shula Rijxman lag al eerder onder vuur, omdat de NPO te veel grachtengordel en te weinig het gewone volk is.


    https://www.youtube.com/watch?v=z5JDhe3kxuU

     
  3. De ‘persoon’:Denzel Washington


    In tijden van grote treurnis, hebben we gelukkig altijd nog Denzel Washington voor een beetje duiding. Hij reageert tijdens een event rond zijn nieuwe film Fences op de hele fake news kwestie. ,,Als je geen krant leest ben je onvoldoende geïnformeerd. Als je de krant wel leest ben je verkeerd geïnformeerd.” Hij hekelt de haast en onzorgvuldigheid van ‘de media’. Het gaat er volgens hem tegenwoordig niet om of het nieuws waar is, als je maar de eerste bent. ,,Dus jullie hebben een enorme verantwoordelijkheid”, zegt hij tegen de betreffende journaliste. ,,Probeer niet de eerste met het nieuws te zijn, maar vertel de waarheid.”
    Washington had eerder dit jaar ook last van nepnieuws toen werd gesuggereerd dat hij niet langer de Democratische presidentskandidate Hillary Clinton zou steunen en was overgestapt naar kamp-Trump.


    https://www.youtube.com/watch?v=KrE1ZvldiFE
 

  1. De quote:‘De Ster kan meer op de advertentiemarkt dan gedacht’


    Dat zegt de nieuwe Ster-baas Frank Volmer in een interview met Adformatie. Blijkbaar is de Ster al die jaren voor zijn komst vooral online voorzichtig geweest rond reclameverkoop. De perceptie rond Ster is dat je als salesapparaat van de publieke omroep aan strenge regels gebonden bent. Maar dat is volgens de ex-Telegraaf baas helemaal niet zo. ,,Het grappige is dat de meeste mensen die ik spreek over die regels beginnen: we mogen en kunnen dit niet. Maar in de afgelopen drie maanden ben ik juist bezig geweest met de vraag: hoezo dan niet?’’ Ster gaat binnenkort daarom onder meer beginnen met programmatic verkoop.
 

  1. De Commercial: The Good Life Agency 
    Er kwam begin deze week in het nieuws dat reclameman Fred Moolhuijsen met The Good Life Agency zou komen, een bureau dat diensten levert om ‘gewone’ mensen succesvol(ler) te laten lijken. De lancering van The Good Life Agency trok met een promotiefilmpje veel aandacht. Op sociale media vroeg men zich al af of dit niet gewoon een hoax zou zijn.
    En dat blijkt inderdaad zo te zijn, weten we sinds vandaag. Het imagobureau is niet echt, maar een sociaal experiment voor de nieuwe SIRE campagne ‘Voor wie doe jij het eigenlijk?’. Doel van het experiment was om te kijken hoe ver mensen gaan voor een succesvol(ler) imago en tegelijk om een maatschappelijk debat los te maken over het toenemende streven naar perfectie. Lucy van der Helm, directeur SIRE, legt uit: ,,De campagne laat mensen stilstaan bij de vraag of je bepaalde keuzes maakt omdat je daar zelf gelukkig van wordt of om hiermee aan verwachtingen van anderen te voldoen. Perfectie lijkt tegenwoordig de norm. Gewoon goed is niet goed genoeg meer.”
 

  1. Inspirerend:LINDA.


    We hebben het in deze rubriek wel heel vaak over LINDA.. Ook deze week weer. Maar terecht. Het is voor ‘bladenmakers’, of beter tijdschriftenuitgevers, elk jaar weer het meest inspirerende voorbeeld van hoe je bladen moet maken in deze tijd. En dat werd donderdagavond ook weer duidelijk tijdens de uitreiking van de Mercurs, de jaarlijkse magazineprijzenslag. Linda. won als Mediamerk van het Jaar, een nieuwe categorie bij de Mercurs. En het won ook in de categorie Merkinnovatie van het Jaar voor LINDA.TV. Daar kunnen veel andere makers van magazines zich aan optrekken.
 

  1. Het cijfer:2 miljard


    ABN Amro verwacht dat de online advertentiemarkt in Nederland volgend jaar de helft van de totale reclamemarkt beslaat. In 2018 neemt het de horde van 2 miljard euro. Volgens ABN Amro is de totale reclamemarkt 3,5 miljard euro groot. Een kwart van die online advertising gaat naar mobiel. Grote zorg voor alle lokale publishers is dat bijna al het geld naar Google en Facebook gaat.
    In de Verenigde Staten ging begin dit jaar van elke ‘nieuwe’ dollar die werd besteed aan online advertenties, 85 procent naar Google en/of Facebook. Zij hebben een voorsprong op het gebied van data-analyse, het gericht inzetten van advertenties en de meetbaarheid van advertenties. Ook de naamsbekendheid en het enorme bereik van deze platforms zijn in hun voordeel. Volgens de bank moeten traditionele spelers zich richten op een multimediale strategie en op verticals, in de vorm van vergelijkingssites met zoekfuncties op specifieke sectoren.

Franks Weekly: het knullige Coolblue, graaiende Giel en Bens bordjeprik

Franks Weekly: het knullige Coolblue, graaiende Giel en Bens bordjeprik

In Franks Weekly vatten we het belangrijkste nieuws van de afgelopen marketing- en mediaweek samen in zeven features. Waar gaan maandag de gesprekken over bij de koffieautomaat, welke quotes inspireren en waarom maakte een tv-commercial indruk?

 
1: Het nieuws: Elsevier naar New Skool Media
Eigenlijk nieuws van eind vorige week, maar het ijlt nog wel een beetje na. Want het is niet niks als een uitgever van magazines in deze tijd nog gelooft in een opinietitel als Elsevier. New Skool Media is heel succesvol terwijl Elsevier de afgelopen jaren steeds minder relevant was als titel, opinie valt er immers online genoeg te vinden. Vorige week werd duidelijk dat Elsevier definitief overgaat naar NSM, mét 104 man personeel. Daartussen zitten een heleboel journalistieke dino’s, maar samen met de mede-redactieleden hebben zij wel gevochten voor het behoud van de naam Elsevier en gewonnen. Eigenaar RELX (‘don’t do it’) wilde namelijk bij verkoop van de titel de naam Elsevier zelf binnenshuis houden. ,,In het akkoord tussen partijen én de redactie is vastgelegd dat het tijdschrift de komende acht jaar Elsevier Weekblad kan blijven heten. Verder is afgesproken dat het blad, indien de redactie dat wenst, daarna de titel EW kan voeren,’’ meldt de redactie op de eigen site. New Skool Media is met het kopen van Elsevier in één klap echt de grootste publieksbladenuitgever.

 
2: Het filmpje: Coolblue komt weer met Sintfilmpje
Winnende webwinkel Coolblue zocht opnieuw de samenwerking met Sinterklaas. In een nieuwe video zien we directeur Pieter Zwart - briljante naam trouwens in het licht van de hele discussie rond de knecht van de Sint - de goedheiligman rondleiden. De oude baas loopt namelijk stage bij Coolblue en wil graag meer pepernoten in de dozen en bij de klantenservice mogen ze wel eens meer liedjes zingen. Eigenlijk zeggen we het maar eerlijk: het is een beetje knullig filmpje, maar Coolblue komt er ongetwijfeld mee weg. Vorig jaar bracht men het spannender. In een e-mail van Zwart werd de suggestie gewekt dat zijn Coolblue wel eens overgenomen zou kunnen worden. Maar het bleek dat Sinterklaas de ‘koper’ was en de valuta pepernoten.

 
https://www.youtube.com/watch?v=_OJUUuUPKPA
3: De persoon: Giel Beelen
Zijn onhandige ‘grap’ afgelopen maand over Sylvana, het einde van zijn radioshow en deze week ophef over zijn salaris. Dj Giel Beelen blijft in het nieuws. De verontwaardiging over salarissen van publieke omroep presentatoren laaide weer eens op toen uitlekte dat Beelen per jaar 565 duizend euro zou vangen - net iets minder dan bijvoorbeeld vriend Matthijs van Nieuwkerk. Drie jaar geleden lekte al eens uit dat Beelens salaris boven de vier ton uit zou komen. Nu werden er Kamervragen over gesteld aan staatssecretaris Sander Dekker (Media). Ook al komt de discussie al enige jaren terug in de media, in deze tijd dat de publieke omroep moet bezuinigen op programmabudgetten is het volgens velen niet meer te verantwoorden dat publieke-omroepgezichten zo veel salaris vangen. En daarachter hoort natuurlijk de uitspraak: ‘van onze belastingcenten’.
BNN-VARA – de werkgever van Giel – kwam woensdag met een verklaring dat “bij veranderde werkzaamheden van de dj het betaalde bedrag zo snel als mogelijk wordt aangepast”. Nog een tip overigens voor wie het leuk vindt om uit te zoeken: tel de salarissen van al die dure dj’s bij NPO Radio 2 eens bij elkaar op. Je zal schrikken.

 
4: De quote: ‘Ik heb de opdracht gekregen dat wij dat niet in ontvangst nemen.’
Bovenstaande is een quote van de receptionist (!) van het bedrijf Healthy People. De producent van zogenaamd gezonde vruchtensappen liet de woordvoering over aan deze receptionist nadat de kritische organisatie Foodwatch het pak met daarin blauwe bosbes en framboos had uitgeroepen tot het meest misleidende product van 2016. Want die vruchten zitten nauwelijks in het Healthy People drankje. Wel een heleboel suiker. De prijs is het ‘Gouden Windei’. Een vertegenwoordiger van Foodwatch wilde de prijs gaan overhandigen, maar stuitte op een dichte deur en een receptionist die de opdracht had gegeven de crisiswoordvoering te doen. Geen beste beurt dus voor deze sappenproducent.

Video: Sprookjes in de supermarkt
 5: De Commercial: Bordjeprik met bellende tafelgenoten
Het is een van de grootste ergernissen van deze tijd: een tafelgenoot in een restaurant die meer aandacht heeft voor zijn smartphone dan voor jou. Ben hield een onderzoek en 80 procent van de ondervraagden blijkt het bloedirritant te vinden. Daarom bedacht de telecomprovider #Bordjeprik. Het principe: terwijl je tafelgenoot aan het bellen of appen is, eet jij gewoon zijn of haar bord leeg. Hilariteit alom, want er zitten ‘echte mensen’ in de reclame.

 
https://www.youtube.com/watch?v=HobSd4Z6EJk

 
6: Inspirerend: de Mannequin challenge
Het is al een tijdje aan de gang en verspreidt zich als een olievlek op sociale media: de mannequin challenge. Wereldwijd maken mensen filmpjes van een situatie uit waarin ze in een bepaalde positie ‘bevriezen’ en een tijd lang bewegingsloos in een bepaalde pose blijven staan. We hebben dus met z’n allen een nieuwe Ice Bucket Challenge gevonden. Dat inspireert uiteraard ook merken. Want over de Ice Bucket Challenge gesproken: de Belgische ALS vereniging en bureau Publicis Brussel maakten een campagne waarin mensen in een laboratorium ‘bevriezen’. Op het einde zien we een ALS patiënt stilstaan, terwijl iedereen om hem heen weer gaat bewegen. ,,Every day is a Mannequin Challenge for ALS patients”, staat er op het bord dat hij vasthoudt.

Video: ALS Liga Mannequin challenge
 7: Het cijfer: derden
Goed, niet echt een getal, het gaat hier om derde partijen. Vanaf januari 2018 kunnen deze derden namelijk meekijken met je bankgegevens, volgens een bericht in Trouw. Of het nu de hoogte van je loon is, of de aankopen die je gedaan hebt: door nieuwe Europese regels wordt dit allemaal zichtbaar. Banken zijn door die regels zelfs verplicht die betaalgegevens te verkopen. Dus reken dan maar vast op een stroom aan aanbiedingen die je in je mail of via andere digitale wegen tot je krijgt. Er zitten wel wat haken en ogen aan: die derde partijen moeten een vergunning hebben voor het opvragen van de gegevens én de klant moet er toestemming voor geven. Dat laatste is een geruststellende gedachte.